Statines
Allereerst zijn er de 'statines', die bekend staan onder namen als simvastine (Zocor®), pravastine (Selektine®), fluvastine(Lescol® en Canef®), atorvastatine (Lipitor®) en cerivastatine (Lipobay®).
Statines behoren tot de sterkste middelen om het cholesterol in het bloed te verlagen. Ze remmen de aanmaak van cholesterol door de lever via beïnvloeding van de receptoren. Ook verlagen zij het triglyceridengehalte enigszins.
Van Zocor® en Selektine® is bewezen dat ze een hartaanval kunnen uitstellen.
Vitamines
Naast het verlagen van cholesterol is ook het verlagen van oxycholesterol belangrijk. Helaas zijn oxycholesterol en homocysteïne nog niet echt bekend, terwijl er drie jaar geleden al vele waarschuwingen zijn gegeven en men nog steeds om dieper onderzoek vraagt.
Uit onderzoek was gebleken dat de vitamines C en E een verlagende functie hebben voor het oxycholesterol. Ook antioxydanten hebben een positief effect op het oxycholesterolgehalte.
Vitamine B is er in drie varianten die alledrie het homocysteïnegehalte verlagen: foliumzuur, vitamine B6 en vitamine B12. Vooral foliumzuur blijkt meer te kunnen dan werd verwacht. Daarnaast is er nicotinezuur, een vorm van vitamine B, die ook licht het cholesterolgehalte kan verlagen. Nicotinezuur is verkrijgbaar als acipimox (Nedios®).
|
|
Fibraten
Fibraten vormen de derde groep. Zij remmen de productie van vetrijke deeltjes, die als "olietankertjes" in de omloop komen en die naast triglyceriden ook cholesterol bevatten. Het triglyceridengehalte daalt maar ook de vorming van LDL wordt beperkt. De fibraten zijn bekend onder namen als bezafibraat (Bezalip®), genfibrozil (Lopid®) en ciprofibraat (Modalim®).
Harsen
De vierde groep wordt gevormd door de harsen. Ze staan bekend als colestyramine (Questran®) en colestipol (Colestid®). Hars bindt de gal in het maag-darmkanaal en verlaat dan het lichaam. Als reactie daarop ontstaat in de lever een soort "cholesterolhonger". Die wordt gestild doordat de lever meer cholesterol uit het bloed gaat halen.
Plantensterolen
Plantensterolen zijn niet als medicijn verkrijgbaar, maar worden steeds vaker verwerkt in voedingsmiddelen. Ze remmen de opname van cholesterol in de darm. De cholesterol uit de voeding blijft in de darm en verdwijnt met de ontlasting. Ook remmen plantensterolen de heropname van cholesterol dat door de lever is opgebouwd uit verzadigde vetten. Dit cholesterol wordt via de gal uitgescheiden in de darm, maar kan daar opnieuw in het lichaam opgenomen. Plantensterolen verhinderen dit. Gevolg is dat de lever meer receptoren voor (LDL) cholesterol gaat maken, waardoor de hoeveelheid circulerend cholesterol in het bloed daalt.
|