Waterloo Boy




In 1911 komt de Waterloo Gasoline Engine Company met de eerste Waterloo Boy op de markt. Na veel geŰxperimenteer is het eindelijk gelukt een betrouwbare tractor te ontwikkelen, die zowel goedkoop, als eenvoudig qua bediening en onderhoud was. Hierdoor was de tractor ideaal voor de boeren van dat moment, die nog weinig ervaring met dergelijke machines hadden.

Een Ertl 1:16 model van de Waterloo Boy
 
De Waterloo Boys worden gekenmerkt door verschillende interessante mechanische kenmerken, zoals een versnellingsbak die aan de linkerkant van de motor is gesitueerd in plaats van ervoor of erachter. De versnellingsbak was bovendien alleen aan de motor gekoppeld als de tractor reed. Bij gebruik van de drijfriem was de versnelling losgekoppeld. De riemschijf werd direct vanaf de krukas aangedreven. De Waterloo Boy's zijn uitgerust met een water gekoelde, horizontale 2-cylinder motor op petroleum.

Enkele modellen van de Waterloo Boy worden in Engeland onder de naam Overtime uitgebracht. In 1918 wordt de Waterloo Gasoline Engine Company overgenomen door Deere & Company voor 2,1 miljoen dollar. Na de overname gaat Deere & Co. voorlopig door met de produktie van de Waterloo Boy. Pas in 1923 wordt de opvolger van de Waterloo Boy, de John Deere D, op de markt gebracht. Van de Waterloo Boy worden verschillende modellen en stijlen uitgebracht. Naast de belangrijkste produktiemodellen, de L,R en N, betreft het voornamelijk experimentele modellen, die niet of nauwelijks verkocht worden.

De Waterloo Boy modellen met enkele karakteristieken
  TP/ P L/ LA/ C H R N A/ B/ C
alg. Ra-d Re-l Rm
jaren 1911/ 1913 1913- 1914   1914- 1919       1917- 1924 1919/ 1921/ 1922
aantal   29 (L+LA)   9310       21392 7/ 7/ 12
gewicht (kg)   1350 2925 2790       2782  
cilinders 4 2 2 2       2 2
boring (mm) 137,5 150 175   137,5 150 162,5 162,5 162,5
slag (mm) 150 150 175   175 175 175 175 175
slagvolume (cm3) 8909 5301 8418   5197 6185 7259 7259 7259
vermogen (pk)   15 25   20 24 24 25  
versnellingen vooruit 2 2 (3,6 en 4,8 km/h) 2 (3,6 en 4,8 km/h) 1       2 (3,6 en 4,8 km/h)  
versnellingen achteruit 1 1 1 1       1 (2,8 km/h)  


TP/P
De eerste Waterloo Boy tractor is van het model TP en is bedoeld voor grotere bedrijven. De tractor kon een vier-scharen-ploeg trekken. In 1913 komt er een versie uit met rupsbanden, die aangeduid wordt met de namen Sure Grip, Never Slip en Model P. Deze tractoren zijn de enige Waterloo Boy modellen met 4 cilinders. Alle andere modellen hebben 2 cilinders. De 4-takt motor is L-vormig, diagonaal geplaatst en watergekoeld.

Naar tabel

L/LA, C en H
In 1913 en 1914 wordt er een Waterloo Boy voor de kleine bedrijven uitgebracht: de Waterloo Boy Model L. Deze 15 pk tractor kon een 2-scharen-ploeg trekken. In totaal werden er van dit model 29 exemplaren verkocht. Onder de naam Model C werd een variant van de L uitgebracht met vier-wiel-aandrijving. Een iets zwaarder model van 25 pk werd onder de naam Model H geproduceerd.

Naar tabel

Waterloo Boy Model R stijl G. Karakteriserend voor de R zijn de radiateur die rechts op het frame is bevestigd, het aandrijfrad van het achterwiel dat een duidelijk kleinere diameter heeft dan het achterwiel zelf en de kleine diameter brandstoftank. In dit geval bestaat de brandstoftank uit twee compartimenten: (voor de bestuurder) rechts een kleine met benzine en links een grotere met petroleum. Dit systeem werd gebruikt in koude gebieden, waar starten op petroleum problemen gaf.
R
Gedurende 1914 ontwerpt de Waterloo Gasoline Engine Company een nieuwe Waterloo Boy: Model R. Van dit model worden er in totaal 13 versies uitgebracht, namelijk de stijlen A tot en met M. Elke stijl brengt een (of meer) kleine of grote verandering met zich mee. Hierdoor is er eigenlijk niet te spreken van 'een' Model R. Toch zijn er een aantal kenmerken die gebruikt kunnen worden om het model te herkennen en te onderscheiden van het volgende model.

De Model R Waterloo Boy is met bijna 10.000 verkochte exemplaren eigenlijk het eerste grote commerciele succes. Dit ondanks het feit dat de Model R maar 1 versnelling vooruit had, wat een stap terug in de ontwikkeling (b)lijkt.

Voor de eerste model R stijlen wordt dezelfde L-vormige motor gebruikt als bij de L, waarbij het vermogen wordt opgeschroefd tot 20 pk. Vanaf stijl H wordt deze motor vervangen door een 2-cilinder, side-by-side motor van 25 pk. Deze motorstijl blijft de standaard stijl voor de Waterloo Boy en andere John Deere tractoren voor de volgende 64 jaar.

Naar tabel

Bovenaanzicht Waterloo Boy Model N van 1922 (bron: Ron Rumberger). Karakteriserend voor de N zijn de radiateur die links op het frame is bevestigd en de dikke smalle brandstoftank.
 
N
In 1917 werd de Waterloo Boy Model N ge´ntroduceerd. Dit model had net als model L weer 2 versnellingen vooruit. In eerste instantie bestond de stuurinrichting van de N nog uit een trommel met kettingen. In 1920 werd dit systeem vervangen door een stuurstang. Daarnaast vonden er nog een aantal veranderingen plaats: de brandstoftank werd hoger geplaatst en er kwam een geklonken frame.

In 1924, na de introductie van de John Deere D, werden de laatste 93 Waterloo Boy Model N's gemaakt om de nog aanwezige onderdelen op te maken. Ondanks de populariteit van de Model N, waarvan in totaal meer dan 20 duizend exemplaren werden verkocht, konden deze laatste tractoren slechts met grote moeite verkocht worden.

Naar tabel

A, B en C
Voor de ontwikkeling van de eerste zelf-ontworpen tractor, sloeg Deere & Co. met de Waterloo Boy aan het experimenteren. Een belangrijkste probleem bij de Model N-en was de aandrijving, die veel slijtage vertoonde door modder en stof. Na enkele experimenten werd besloten om een gesloten oliebad te gebruiken. Dit systeem werd nog tot 1953 gebruikt bij de John Deere D en de GP. In 1919 en 1920 werden er 7 experimentele Stijl A's (of 'Bathtub's') gebouwd met de eerste versie van deze 'oliebad-aandrijving'. Vervolgens werden er in 1921 zeven Stijl B's gebouwd met een aangepaste Fordson-stijl motor (met toestemming van Ford Motor Company). Tenslotte werden er in 1922 12 Stijl C's gebouwd met alle verbeteringen die in de Model A en B waren uitgetest, maar met de originele Waterloo Boy 6.50x7.00 inch motor, die echter wel opgewaardeerd was tot 800 rpm. Uiteindelijk volgde er een Stijl D, waarvan het tweede exemplaar het eerste produktiemodel van de Model D werd.

Naar tabel

Links het achterwiel van een Model R, rechts van een Model N. Het verschil in diameter van het aandrijfrad is duidelijk te zien.
 
Verschil Model R en Model N
Van de Waterloo Boy Model R en Model N zijn verreweg de meeste exemplaren verkocht. Alhoewel er binnen deze modellen veel verschillen voorkomen, zijn er toch een aantal onderdelen waarop de modellen zijn te onderscheiden. De Model R's hebben meestal de radiator aan de rechterkant van een smalle, horizontale brandstoftank zitten. Bij de Model N zit de radiator aan de linkerkant van een brede(re) brandstoftank. Dit komt overigens ook al voor bij Model R stijl H tractoren. De radiator bleek aan de rechterkant een groot deel van het zicht van de bestuurder weg te nemen. Aan de linkerkant was dit een minder groot probleem. Sommige Model R's hebben een verticale, ronde brandstoftank.

Het aandrijfrad op de achterwielen van een Model R heeft een kleinere diameter als het wiel zelf. Bij de Model N is deze diameter vrijwel gelijk.


Top  
 
Document bijgewerkt op: door BPB