Automatismen en ingesleten denkpatronen.

Automatismen en ingesleten denkpatronen.

 

Elk mens heeft behoefte aan een basis, een gevoel van gemoedsrust en zekerheid, symbolisch vertegenwoordigd door het element aarde. Automatismen(handelend) en ingesleten denkpatronen helpen daarbij omdat het dan niet nodig is telkens of zelfs doorlopend het denken in te schakelen. Automatismen en ingesleten patronen zijn qua functie en vorm te vergelijken met (zeker)weten.

Het denken als creatief instrument zoekt naar zaken die nog onzeker of nog niet gemanifesteerd schijnen zijn, ervaringen, uitdagingen, maar ook angsten, vaak gebaseerd op eerdere en/of doorgegeven ervaringen, om ze te ordenen, dus vorm te geven. Het verstoort echter als ongevraagde afleiding maar al te vaak het elementaire zijnsgevoel: de vreugde dat het leven goed is, de vrede en liefde dat alles op zijn plaats en tijd is en een gemeenschappelijk doel heeft. Denken kan dus ook een storend instrument zijn, in die zin dat het vaak een eigen leven schijnt te leiden.

Dit lijkt een paradox, het denken wil vorm geven aan al wat is (beleven) door de aandacht te richten op een deel van al wat is en tegelijk verstoort het door het richten van aandacht de ervaring van het geheel van al wat is. Het verschil ligt in dat wat is in ongemanifesteerde vorm, waarbij alles nog mogelijk is, en dat wat is in gemanifesteerde vorm oftewel de illusie van de levensdroom, waarmee je via je zintuigen met je eigen programmaties wordt geconfronteerd. De waarnemer echter bepaalt of en waar de aandacht op gericht wordt! Door je te identificeren met de waarnemer in je wordt het denken jouw instrument in plaats van dat jij een instrument van het denken wordt. Dit maakt het mogelijk om je belevingswereld te veranderen.

Wat als de kwaliteit van het ongemanifesteerde juist het ongemanifesteerde is? Dat er altijd teruggegaan kan worden naar het ongevormde? Een grote kans op verandering! Gratie! Een nieuwe creatie! Dit betekent dat er elk moment een Genesis, een nieuw begin, schoon schip gemaakt kan worden. Dit is de essentie van het loslaten en het begin van het zoeken naar een nieuwe balans in denken en zijn.

Als peuter leer je automatismen en denkpatronen aan via je ouders, gezien als een soort goden, door ze in alles na te doen, dat vinden we leuk en doen we intu´tief omdat we ze als een deel van onszelf ervaren. Het denken begint als de goden niet zo goddelijk blijken te zijn. Het denken heeft zijn oorzaak in twijfel (een soort erfzonde) die vaak pas veel later omgezet kan worden in onvoorwaardelijk zelfvertrouwen. Ook in de puberteit moet er maar al te vaak gedacht worden. Op school was het al begonnen als een spelletje om allerlei gefingeerde problemen op te lossen, maar nu ook privÚ. Alle normen en waarden, de automatismen en denkpatronen overgenomen vanuit het ouderlijk huis moeten overwogen worden om ze in harmonie te brengen met de dagelijkse ervaringen met leeftijdsgenoten, uit de media, pc-spellen, ontluikende seksualiteit, cultuurverschillen, ervaringen die toch een vaak heel ander en/of groter wereldbeeld met zich mee brengen. Doel van dit denken is om een nieuwe rust, nieuwe automatismen en denkpatronen te creŰren, aangepast aan en gericht op de (buiten)wereld zoals men die op dat moment ervaart. Een denkende wereld.

Met deze set patronen leeft men, met enige bijstellingen, een paar decennia waarna blijkt dat er toch iets dwars zit wat niet helemaal klopt, dromen die alsmaar niet uitkomen, vechten tegen de bierkaai, je erbij neerleggen dat het nu eenmaal zo is, en ....eigenlijk klopt die buitenwereld helemaal niet met je eigen oorspronkelijke zelfbeeld! Het blijkt nu steeds meer dat je word geleefd in plaats van dat je je eigen doelen en levensinrichting kan bepalen. Tijd voor een fundamentele verandering! De gerichtheid op de buitenwereld zwakt af en binnen- en buitenwereld worden nu met elkaar vergeleken. Na enige tijd valt het kwartje; Ze hangen wel met elkaar samen, maar het is niet mijn noodlot dat de buitenwereld mij be´nvloed, het is een keuze wat ik binnen laat komen, helpt het mij of haalt het me naar beneden? Met wie ga ik om, waar richt ik mijn aandacht op? Mijn keuzemogelijkheid werkt ook naar buiten; het is mijn zaak dat mijn onschuldige, kinderlijke en goddelijke binnenwereld de buitenwereld be´nvloed en niet mijn oude verdedigingsmechanisme, het geharde en starre ego wat alle pijnlijke risicoĺs bij voorbaat wil uitsluiten! En het is niet alleen mijn zaak, mijn hele omgeving fleurt op! Even een draai van 180 graden! En dan al die ingesleten patronen weer loslaten? Ja, alleen als ze je afleiden van wie je bent! Niet allemaal, kijk goed naar de implicaties, er zitten er ook bij die uiteindelijk alleen maar jezelf in de grootste zin dienen!

Tijd voor nieuwe denkpatronen en automatismen? Ja, maar dan ook om ze weer onmiddellijk los te laten als ze het doel; rust en kalmte om het elementaire zijnsgevoel te kunnen ervaren, niet meer dienen! Vertrouwen op intu´tie, ingevingen van het hogere of diepere zelf, je eigen kracht en inzicht om het creatieve denken toe te laten en los te laten op de juiste tijd, is uiteindelijk de verbinding voor deze illusionaire dualiteit tussen zijn en doen. Alles om weer te leren zijn die je bent, altijd al was, en zult zijn; Een Ún uniek, schepper(-ing) naar Gods gelijkenis zoals God een schepper(-ing) is naar Jouw gelijkenis.

 

Peter