ZIGZAGZINE #23, structuur #7: Het proces van binnenuit bekeken:
inleiding tot de interne werking van het proces

  ^  
 

Inleiding: samenhang van componenten

In het vorige nummer heb ik voornamelijk in algemene zin naar processen gekeken. Vanaf het begin heb ik ervoor gekozen om het proces vanuit mijn eigen oogpunt te bekijken en daaruit, op basis van gezond verstand en algemene filosofische begrippen, algemene conclusies te trekken. Dat zal ik ook nu proberen te doen. Deze keer zal ik aandacht besteden aan de essentie van het individuele proces, aan de componenten die in hun interne samenhang de eenmaligheid of uniciteit van dat proces bepalen. Ik begin te zoeken vanuit mijn beleving van het proces omdat dat in mijn situatie de enige mogelijkheid is. Voorbeelden dus, uit het leven gegrepen.
 

  ^  
 

Het eenmalig proces in het grote verband

Eerder, in nummer 6 van de structuurlijn, heb ik in 'de samenhang van processen' de uitspraak gedaan dat processen altijd een doel meekrijgen, en op andere plaatsen dat processen functie zijn van de omgeving. Het is tijd om deze stellingen beter te onderbouwen.

Toen ik, een paar weken geleden in een documentaire, de eerste maanden van een vijfling min of meer kon volgen was ik geboeid. De babies werden na de geboorte alle vijf direct in couveuses geplaatst omdat ze, met ongeveer twee pond, erg klein waren bij de geboorte. Twee van de babies hadden meer medische verzorging nodig dan de andere maar overigens werden zij volgens een strikt schema - wat wil je anders - gelijkelijk verzorgd en vertroeteld. De dokter verklaarde met nadruk dat ze alle vijf tegelijk waren geboren. Vermoedelijk had de geboorte via een keizersnede plaats gehad.
In het ziekenhuis al werd hun oudere zusje bij de verzorging betrokken. Na verloop van ongeveer een half jaar was de diversiteit van de babies duidelijk zichtbaar, wat kort na de geboorte - gezien hun gewicht - moeilijk kon worden vastgesteld. De een was actief, een ander rustig, nog een ander heel aandachtig, een vierde nieuwsgierig en de laatste tevreden lachend.

Er gaat altijd voorbereiding vooraf aan het begin van een proces. Daarmee wil ik vooral zeggen dat de voorbereiding geen deel is van dat proces. Het is zelf een proces met een eigen begin en eigen doel. Enkele voorbeelden ter verduidelijking:
De voorbereiding van een geboorte, en zeker die van een vijfling, vergt meer dan dat twee ouders zich negen maanden voorbereiden op de uitbreiding van hun gezin. Veel meer mensen zijn betrokken: de families, vrienden, de maatschappij die zorgt voor verlof, verzekering en verzorging, de medische verzorgers. Ook de materiŰle omgeving die wordt aangepast, de informatie voor de naamgeving, de drukker van de geboortekaartjes, de afspraken die moeten worden gemaakt rond allerlei consequenties en de genetische investering is onmisbaar. Dan moet het geboorteproces nog door de baby in gang worden gezet, moet de moeder meewerken en moet het hart van de baby zich aanpassen.
Voordat iemand iets via de telefoon of een gsm tegen iemand anders kan beginnen te zeggen is er heel wat gebeurd: er is het besluit genomen te bellen om te informeren naar de gezondheidstoestand van een familielid, of om een afspraak te maken over de reparatie van een deurslot, of om met een vriend bij te praten. Ik hoef niet in detail te treden over dat wat er in technisch opzicht bij te pas komt voordat aan de andere kant de telefoon begint te rinkelen. Het proces dat iemand wilde beginnen kan pas van start gaan als de andere partij de hoorn opneemt en de juiste verbinding is bevestigd.
Bij de voorbereiding van de oprichting van een staat, een organisatie, een bedrijf, van de aanloop tot een oorlog, een bevrijding zijn, net als bij een telefoongesprek, velen betrokken. In verstandelijke en in materiŰle zin is de voorbereiding vaak ingewikkeld. Het gaat vooraf aan het werkelijke moment van het begin van het betreffende proces, het gaat vooraf aan de vaststelling dat direct betrokkenen akkoord zijn en dat het kan beginnen.

Dit leidt tot de conclusie dat het begin van een proces de bevestiging en de aanvaarding is van een overeenkomst tussen de omgeving, beter nog, tussen de wereld en het nieuwe proces. De overeenkomst is gebaseerd op drie feiten: samenwerking, de uitvoering door beide partijen en de aanwezigheid van een bepaald doel.
De samenwerking omvat ook reacties - die zelfs tegenwerking zou kunnen zijn - vanuit de wereld, ze duurt zolang het proces duurt en het doel is altijd aanwezig. Het doel kan vaag lijken, zoals bij een telefoongesprek om bij te praten, het  kan zelfs het niet bereiken van de opzet zijn. Als aan het eind van een proces het geen 'nut' lijkt te hebben gehad dan nog is het proces zinvol geweest.
Het wordt nu duidelijk dat de omgeving in feite de hele wereld is geworden; de hele wereld biedt voors en tegens en bevat andere belangen en invloeden die ook hun rol spelen. Het voorbereidend proces en het voorbereide proces zijn beide leerprocessen. Het zijn leerprocessen zowel voor de processen zelf als voor de wereld die er in investeert door ze voort te brengen en bij de ontwikkeling betrokken te blijven door samen te werken tot de betreffende doelen zijn bereikt.


Koppeling naar:
over de samenhang van processen en over functies - structuur #19/6.
 

  ^  
 

Intermezzo: 3 wereldbeelden achter psychologische modellen

Ter vergelijking plaats ik drie schema's naast elkaar: het behavioristische psychologisch model, Jung's psychologie en mijn wereldbeeld waaruit natuurlijkerwijs theoretische modellen kunnen volgen: drie verschillende opvattingen over de situering van de mens binnen een grotere eenheid.
 

Wereldbeeld 1.
fig. 1 genetisch modelspaceToelichting: Behavioristisch psychologisch  model, gebaseerd op het geboren worden als een 'schone lei'. De eigen omgeving, of meer recent ook met invloed van de genen, programmeert daarop alle menselijke gedragingen.
We zijn opgesloten binnen de ruimte-tijd doos. De driehoek binnen de doos stelt de totale som van de menselijke psyche voor. Buiten de doos is de onbekende leegte. Deze heeft geen direct effect op de menselijke psyche omdat die veilig en wel is opgeborgen in de doos van ruimte-tijd werkelijkheid. Bijgevolg is het niet van belang wat de onbekende leegte wel of niet zou kunnen bevatten - het wordt beschouwd als niet van invloed op menselijke ontwikkeling of groei te zijn.
 
Wereldbeeld 2.
fig. 2 Jung's modelspaceToelichting: Jung's model, gebaseerd op archetypes en een 'collectief onbewuste'. De archetypes zijn de inherente aanleg die vanaf de geboorte vastligt in de menselijke geest.
Ook hier weer een doos die de ruimte-tijd werkelijkheid voorstelt. Daarbuiten bevindt zich het 'collectief onbewuste'. De menselijke psyche wordt hier voorgesteld door een gedeeld vierkant dat voor een helft in de ruimte-tijd werkelijkheid en de andere helft in het onbewuste ligt. Archetypes houden zich gewoonlijk op buiten de ruimte-tijd doos en zij be´nvloeden ons vanuit het uitgestrekte 'onbewuste'.
In dit model grijpen de archetypes diep in in de menselijke ontwikkeling en in de menselijke psyche.
 
Wereldbeeld 3.
fig. 3 Proces modelspaceToelichting: Mijn beeld van de wereld gaat uit van de idee dat alles wat bestaat proces is, eenmalige processen die zich in en met de wereld ontwikkelen. Daaruit volgt dat alles gelijkwaardig is, dat voortdurende stroming en onbestendigheid inherent is aan ontwikkeling en dat saamhorigheid voortvloeit uit gedeelde verantwoordelijkheid voor alles. Dit wereldbeeld lijkt mij een natuurlijke basis te bieden voor een overtuigende psychologie (of economie, grondwet zelfs).
Hier wordt de ruimte-tijd werkelijkheid, een cyclisch leerproces, voorgesteld door een open cirkel. De kleine cirkel stelt de 'singuliere' processen voor die zich binnen de 4-dimensionale werkelijkheid bevinden. De cirkels staan in verbinding met elkaar en met een veld, het 'extensive continuum'. De paren van kleine streepjes duiden (kwantum)processen aan waarlangs overdracht van informatie met het veld verloopt.
Het veld zou potenties bevatten.
 
  ^  
 

Het moment van beginnen, een samenwerkingsovereenkomst

In sommige gevallen is het achteraf moeilijk vast te stellen wanneer het proces werkelijk begonnen is. Het begin van een oorlog, van de aankoop van een huis, van de oprichting van een bedrijf of een staat vaststellen is vaak niet zo eenvoudig. Het lijkt vooral een interpretatieprobleem. Een ding is zeker: het moment dat een proces start valt samen met het begin van de uitvoering van zijn overeenkomst met de wereld. Deze conclusie volgt logisch uit het voorgaande. Toch lijkt het eenvoudiger dan het is. De consequentie is dat het niet alleen baby's zijn die samen met de omgeving de tijd en plaats van het begin van hun leven kiezen. Dan moet het zo zijn dat elk proces samen met de omgeving zijn beginnen kiest. Dit roept om voorbeelden. Enkele herinneringen komen hier van pas.

Dat ene moment van beginnen

Allereerst valt het mij vaak op dat dingen, die ik voor een bepaalde tijd had gepland, niet dan door kunnen gaan maar wel op een ander moment. Geschikte voorbeelden zijn  telefoongesprekken. Ik heb wel eens een aantal telefoontjes gepland die ik die ochtend, voor ik boodschappen zou gaan doen, af wilde werken. Vreemd was dat alles mis liep: de een nam niet op, bij de ander was de persoon die ik wilde spreken niet thuis, een derde belde mij voor ik de kans kreeg, en zo voort. Later, het kan ook de volgende dag zijn geweest, liep alles van een leien dakje. Een ervan was intussen niet meer nodig, de tweede had me kort na mijn eerste poging zelf gebeld en de overige gaven die keer geen problemen.
In een ander geval bleek, na de ondertekening van de stukken voor de notaris, dat de sleutel van het pandje dat ik had gekocht niet beschikbaar was. Het was pas de volgende dag dat alles in orde kwam. Welk van de twee momenten met heel verschillend karakter het begin was van het proces en het karakter van mijn gebruik beschrijft is onduidelijk. Het eerste moet beschrijven dat er zich een obstructie voordoet, het tweede dat de eigendomsoverdracht is afgerond.

Een 'snede' in ruimte en tijd

Als ik probeer me het ruimte-tijdcontinuŘm van de wereld voor te stellen dan zou dat een grote kaartenbak of een worst zijn die alle gebeurtenissen op de wereld bevat. De co÷rdinatenstelsels zouden dan filmbeeldjes of plakjes worst zijn zonder enige dikte die je afzonderlijk zou kunnen bekijken.
Het is gewoon niet mogelijk om ruimte en tijd te scheiden, ruimte in plakjes te snijden in de hoop tijd te vinden of de tijd op te delen. Het zijn vergelijkingen die mank gaan. Het zijn typisch deterministische beelden [ noot ]. De 'snede' moet integendeel juist een verbinding voorstellen, namelijk het plaatje van plaats en tijd van de overeenkomst tussen de buitenwereld en zijn daar en toen nieuw ge´nitiŰerde proces.

Dat je als een van een vijfling wordt geboren kan niets veranderen aan het feit dat voor elk van de vijf babies de andere vier delen zijn van zijn buitenwereld en dat elk een eigen eenmalig co÷rdinatenstelsel heeft.
Als ik zeg dat het co÷rdinatenstelsel van een proces informatie bevat die de karakteristieke eigenschappen en relatie met de wereld van dat proces beschrijft, grijp ik weer eens terug op een constatering van Einstein. Hij maakte onderscheid tussen dat stelsel en het co÷rdinatenstelsel van de wereld waar hij zijn trein liet rijden. Hij kon zo het proces van het vallen van een steen beschrijven. Door vanuit twee gezichtspunten naar datzelfde proces te kijken, afwisselend vanuit een van de twee settingen, kon hij de verschillen in ruimte en tijd vaststellen.
Ik ga ervan uit dat een co÷rdinatenstelsel per definitie een momentopname is ergens in het ruimte-tijdcontinuŘm van de wereld, als een virtuele 'snede', en dat een proces, het mijne net als dat van ieder ander, een eigen continuŘm van ruimte en tijd meekrijgt dat verbonden is en blijft met het continuŘm van de wereld [ noot ].

Koppelingen naar:
elementen van het menselijk systeem - structuur #6/2,
unieke co÷rdinatenstelsels - structuur #9/3.

Mens, dier, plant, ding, idee of enige andere gebeurtenis

Bij een exact gegeven tijd en plaats van beginnen van een proces beschrijven de co÷rdinaten de eigenschappen van de samenwerkingsovereenkomst. Ze beschrijven de eigenschappen die het proces ter beschikking heeft om de buitenwereld te benaderen, daarop te reageren en zijn deel van de overeenkomst na te komen. De co÷rdinaten van het beginnen beschrijven niet of het proces een mens is of de eigendom van een huis, wel de innerlijke en uiterlijke kenmerken van het proces. De vraag is hoe de informatie te lezen.
Omdat de benadering van de omgeving van een mens zo duidelijk zichtbaar en zo karakteristiek is heb ik destijds besloten mijn zoektocht vergezeld te doen gaan van een reeks beschrijvingen van beginpatronen. Daarin heb ik geleidelijk ook andere componenten verwerkt. Tot op heden heb ik in dat verband nog niet over uiterlijke kenmerken van de mensen met bepaalde beginpatronen gesproken. Dat zou ik kunnen doen, maar dan wel rekening houdend met andere factoren die daarbij een rol spelen. Dat zal in de volgende delen van deze serie wel een plaats vinden. Het past zo te zien het best binnen het kader van de innerlijke samenhang van een proces.

Koppeling naar:
het overzicht van de patronenlijn.
 

  ^  
 

Een proces van binnenuit bekeken

Net als iedereen beschik ik over mijn absoluut eigen innerlijke motieven, mijn eigen ritme en mijn persoonlijke reflectievermogen, om maar iets te noemen. Voor een proces, voor mij, vormt dat karakteristiek eigene een geheel met de buitenwereld. Hoe zit dat?
Ik ga eerst proberen een proces te beschrijven vanuit mijn optiek als menselijk proces.
 

'Ik zit in een leunstoel. Ik merk op dat mijn lichaam ontspannnen is. Ik luister even naar de muziek die de radio laat horen en merk dan ook het geluid in mijn oren van het ritmisch ruisen van mijn bloed en van de zacht grommende stad op de achtergrond. Ik kijk naar de dingen in de kamer waar het licht op valt en van weerkaatst. Naar gelang de afstand waarop ik focus verschaffen de dingen mij een ruimtelijk houvast en de geluiden een relatie in de tijd. Ik zit in mijn stoel en zie een stuk van mijn bril, de poten links en rechts, een stukje van mijn neus en wangen en de kleren van de voorkant van mijn lichaam. Mijn armen, knieŰn en voeten kan ik zien. Mijn zintuigen zijn blijkbaar actief hoewel mijn tastzin, reuk en smaak niet veel hebben te melden. Mijn hersenen zijn, terwijl ik de indrukken binnenkrijg, ze verwerk en dit overdenk, op een rustige manier actief.
Ik heb een prettig gevoel, ik voel mij op mijn gemak. Die emoties ervaar ik als reactie op de geluiden, het licht, de kleuren om mij heen en op het zien (en horen) van mezelf in deze vertrouwde omgeving. Die innerlijke beroering, die reactie op de schoonheid of de vertrouwdheid van vormen, contrasten, proporties, klanken ervaar ik diep vanbinnen waar ik adem. Mijn adem draagt en beweegt mijn herinneren, mijn innerlijke kennen, schouwen, vragen en luisteren, aftasten, proeven, ruiken en innerlijk weten. Ik voel en ken mijzelf als deel van de dingen en gebeurtenissen om mij heen, en omgekeerd voel ik de betrokkenheid van de dingen. Ik voel en herken in mijzelf de zin en de waarde van mijn ervaringen en van mijn zijn.'
 
Na de beschrijving van mijn reacties (in de eerste zinnen van de tweede alinea hierboven) had ik op kunnen houden, maar ik denk dat mijn zoektocht juist met innerlijk kennen en innerlijk ervaren is begonnen. Dit, lijkt mij, moet het materiaal leveren dat de belangrijke vragen oproept en dat de antwoorden daarop moet geven. Wat doe ik hier? Waarom ik? Zou een ander hier precies hetzelfde ervaren? Waarom weet ik dat het antwoord op deze laatste vraag nee is?
Om mijn innerlijke beroering en dit tastend kennen te kunnen analyseren moet ik een stap terugdoen en mijn intellect inschakelen dat niet bij het ervaren van emoties en innerlijk weten betrokken is geweest op de manier zoals dat bij het verwerken van zintuiglijke waarnemingen en spierbewegingen mogelijk is. Dat is voor mijn verstand een andere dan de gebruikelijke bron van informatie. Dat vereist bewust herinneren, herleven, herbezinnen, herkennen, herdenken.

De beschrijving valt uiteen in twee stukken. Het eerste stuk is mijn fysieke aanwezigheid in een omgeving, die aanleiding geeft tot mijn intellectuele activiteit in de taal van mijn omgeving. Het tweede stuk is mijn innerlijke beroering, het rustig ervaren van die omgeving, de aanleiding tot innerlijke beschouwing. Laatstgenoemde, die introspectie, opent het gebied dat de zin van mijn aanwezigheid en activiteit omvat, en de bijdrage van de wisselwerking met de wereld aan die zin.
De twee stukken van de beschrijving van mijn zitten zijn dus in werkelijkheid twee maal twee groepen:
De beide eerste groepen, fysieke aanwezigheid en intellectuele activiteit, zijn praktisch en bewust, gericht op mijn wisselwerking met processen in de buitenwereld. Zij beschrijven ruimte en tijd in termen van de wereld; mijn weg vinden en richting ontwikkelen. Hoe het werkt.
De beide laatste groepen, mijn innerlijke beroering en innerlijk beschouwen, zijn intu´tief en onbewust en bestaan uit de wisselwerking van mijn eigenheid met de wereld en de tijdgeest. Het verwerken van herinneringen aan gebeurtenissen en emoties maakt ze verstandelijk meer inzichtelijk en bewust. De laatste twee groepen beschrijven de innerlijke (wereld van) ruimte en tijd in termen van de eigenheid zoals ik, en alleen ik, verbondenheid ontdek en stabiliteit ontwikkel in mijzelf. Wie en wat ik ben.
De eerste twee groepen en de laatste twee groepen lopen parallel: fysieke en mentale of relationele aspecten, ruimte- en tijdsaspecten dus, worden afgewisseld zowel in de betrekking met de buitenwereld als met de innerlijke wereld.
Het grote verschil is de aard van bewustzijn.

Een co÷rdinatenstelsel beschrijft de manier waarop een eenmalig proces met zijn twee ruimte-tijdsystemen omgaat.
 

  ^  
 

Samenvatting: de lijst van componenten

Nu zie ik een proces voor mij dat voortvloeit uit een samenwerkingsovereenkomst die twee ruimte-tijdsystemen hebben gesloten. Dat proces zou gekarakteriseerd worden door een co÷rdinatenstelsel, dat per definitie een eenmalige gebeurtenis beschrijft. Een co÷rdinatenstelsel van een proces zou informatie bevatten die pertinent is voor de overeenkomst die het gesloten heeft met de wereld. Ik verwacht de capaciteiten aan te treffen die zijn gegeven om de functie te vervullen.

De lijst van basiselementen omvat inmiddels:

  1. het punt in ruimte en tijd van het begin van de samenwerkingsovereenkomst;
  2. het eigen ruimte-tijdsysteem, de binnenwereld van het proces daar en toen en
  3. het ruimte-tijdsysteem, de buitenwereld van het proces daar en toen, waartussen de overeenkomst is gesloten;

voorts de volgende componenten van de samenwerkingsovereenkomst die al bekend waren:

  1. de fasen van het proces, eerder besproken in deel 2 van de structuurlijn,
  2. het fenomeen filter of kleuring, eerder besproken in deel 2 van de patronenlijn,
  3. de capaciteiten of functies, eerder besproken in deel 3 van de structuurlijn.

Dit was de voorbereiding op de vraag naar de samenhang van relaties binnen een proces. Ik ben uitgegaan van de vragen: Wat valt er binnen een proces te relateren? De samenhang in verbindingen tussen wat?
De vraag welke betekenis vrijheid en waarheid kunnen hebben in een gezamenlijk bepaalbare en onbestendige wereld zal, naar ik hoop, op den duur ook meer aan duidelijkheid winnen.

Koppelingen naar:
de fasen van het proces - structuur #6/2,
over het begrip ruimte en tijd en extra dimensies - structuur #9/3,
over filters of kleuring - patroon #5/8.
de wereld van ruimte en tijd, kleuring, co÷rdinaten, kaarten - structuur #13/4.