ZIGZAGZINE #26, structuur #8: Een complex netwerk 1, de betrekkelijkheid van het absolute

  ^  
 

Inleiding

Op zoek naar het meest geschikte gezichtspunt om de beweegredenen achter de emoties en persoonlijke waarden die op het menselijk handelen en denken inwerken in het vizier te krijgen, wil ik nu speciaal kijken naar de relaties tussen het proces en zijn deelprocessen, zowel binnenin een proces als tussen processen onderling. Voor het proces mens en zijn deelprocessen, zoals het bewegen van een hand of het proces van een enkele cel in een spier, neem ik ook nu meestal mezelf als voorbeeld, dat geeft me toch meer recht van spreken. Ik bevind mij sinds mijn geboorte in relatie met allerhande processen in de wereld; niet alleen in biologische relatie, maar ook in intellectuele, emotionele en intu´tieve relaties met processen die op een of andere manier voor mijn ontwikkeling, of voor die van iemand of iets in mijn omgeving, relevant kunnen zijn. De wereld zelf is, van mij uit gezien, een proces.

Na in mijn zoektocht tot nu toe de onderdelen van het proces - grotendeels abstracties - te hebben onderzocht ga ik nu op weg naar het systeem als geheel en de relaties die het samenhoudt, zijn coherentie. Geleidelijk zouden we in een meer herkenbare wereld terecht moeten komen, zal de abstractie structuur krijgen en daarmee een meer concrete vorm.

Maar eerst wat argumenten en wat geschiedenis.
 

  ^  
 

De situatie, het proces als systeem

Een procesvorm die de pretentie heeft de basisstructuur te zijn van alle dingen moet wel een duidelijk en logisch georganiseerd geheel zijn [ bron ]. Vanuit die constatering heb ik al sinds de eerste delen van deze lijn gewerkt. Ik maak geen onderscheid tussen open of gesloten systemen en niet tussen natuurlijke en door de mens gecreŰerde systemen. Omdat een organisme, een levend open systeem, het meest gecompliceerde lijkt te zijn neem ik dat vaak als gezichtspunt. Niet omdat het belangrijker zou zijn [ noot ].

Koppelingen naar
structuur #6/2 over een proces als systeem,
structuur #16/5 over procesreeksen.
 

Paradoxen, het spel met het absolute

"Een systeem kan nooit volledig zijn". Deze uitspraak is een consequentie en een sterke vereenvoudiging van de 'stelling van G÷del' of de 'Onvolledigheidsstelling'. Die zegt dat we van binnenuit een formeel stelsel of systeem nooit zijn grenzen kunnen kennen. Het is een wiskundige stelling over onbewijsbaarheid van uitspraken die de grenzen van een systeem overschrijden, zoals paradoxen graag niveaus verwarren.  Ze verheldert ook het belangrijke verschil tussen waarheid en bewijs. Kurt G÷del kwam tot deze stelling in antwoord op de vraag wat er mis was met de idee dat een stelsel, zoals dat van de gehele getallen, volledig zou kunnen worden beschreven [ noot ]. Ik neem de vrijheid om de stelling van G÷del toe te passen op processen. Laat ik eens wat voorbeelden noemen.
In het begin, toen ik met ZZZine begon, heb ik gezocht naar een antwoord op de vraag wat de zin is van mijn leven. Ik heb ontdekt dat ik dat antwoord pas echt zal weten als ik op mijn leven terug kan zien, maar ik moet wel dood zijn om dat te doen. De perfectionering zal ik meemaken, maar ik zal nooit in staat zijn er op terug te kijken. Ik kan mijn doel dus helemaal niet kennen, het is een gegeven feit en zolang ik in het proces zit kan ik wel wat veronderstellen, maar niets bewijzen. Laat ik dat vergelijken met de situatie dat ik een brief geschreven heb (een subproces dat ik zelf heb gegenereerd). Ik ken de brief van binnen en van buiten. Naar aanleiding van de brief en over de zin ervan zou ik mijn hele leven wel boeken kunnen blijven schrijven. Niveau brief: het is mogelijk om aan te tonen dat b.v. de ene zin nodig is om een andere te begrijpen. Niveau Rini: het is mogelijk om aan te tonen dat de brief of zinnen daaruit bepaalde consequenties voor mij hebben gehad. Niveau mijn hele leven: het is voor mij niet mogelijk om aan te tonen in hoeverre de brief aan de realisering van mijn doel in het leven heeft bijgedragen.
Of de uitspraak van een mens 'God bestaat' waar is is een stelling die binnen het systeem wereld niet bewijsbaar is. Iedereen is vrij om te geloven dat het waar is.
Of de uitspraak van een Kretenzer 'Alle Kretenzers zijn leugenaars' waar is is een stelling die binnen het systeem van alle Kretenzers niet te bewijzen is. Ieder is vrij om het te geloven maar aan te raden is dat niet.
Of Whitehead's uitspraak 'Alles in de wereld is proces' waar is is een stelling die binnen het systeem wereld niet bewijsbaar is. Ik ben echter zo vrij om hem toch te geloven, om dezelfde praktische reden waarom ik geloof dat kwantum deeltjes processen zijn, namelijk omdat het proces een betere beschrijving van de wereld mogelijk maakt dan voordien het geval was.
Om zulke conclusies te kunnen trekken zou G÷del ze eerst hebben omgezet in G÷delgetallen. Die methode was zijn ontdekking.
Zowel de grens van het alomvattend systeem 'wereld' als de grens met de kleinste systemen hoef ik niet nader te beschrijven. Ik heb ze in deel 19 van deze lijn aangeduid.

Koppeling naar
structuur #19/6 over uiterste grenzen.
 

Co÷rdinatie en de betrekkelijkheid van extremen

In deel 23 van deze lijn heb ik dankbaar gebruik gemaakt van de idee van een Extensief ContinuŘm  [ noot ]. Whitehead, denkend vanuit het onbegrensde, stelde dat er in het EC een oneindig en onbegrensd potentieel is en dat er ordening is. Het proces kiest daaruit potentialiteiten. Anders dan Whitehead echter, ben ik van mening dat onze vierdimensionale wereld van processen, uit dat continuŘm, een vaste set potentialiteiten put die op een individuele manier geco÷rdineerd worden door middel van verbindingen. Zou de wereld een andere combinatie hebben kunnen kiezen dan zou dat een heel andere wereld hebben opgeleverd. Zou elk proces vrij zijn om een andere combinatie te kiezen, zoals hij heeft geopperd, dan zou het onmogelijk zijn de overeenkomsten achter de verschillen in dieren en dingen te herkennen en iedere vorm van herhaling van processen zou onmogelijk zijn. Hoe dan ook, de conclusie die ik trek is dat ons proces 'wereld' berust op een vast aantal van welbepaalde potentialiteiten, naast de vier dimensies voor ruimte en tijd, in unieke co÷rdinatie door hun verbindingen, transformerend gedurende hun voortgang.
Uit het feit dat er co÷rdinatie is concludeer ik dat toeval niet bestaat.

Uitgaande van het perspectief dat mijn locatie binnen de grenzen van de wereld mij biedt, zal ik dat gestructureerde geheel nu in potentialiteiten, verbindingen en geco÷rdineerde ontwikkelingsgang proberen systematisch te beschrijven. Ik begin met de potentialiteiten.

Koppeling naar
structuur #23 over wereldbeelden en het Extensieve ContinuŘm.
 

  ^  
 

Potentialiteiten, de bouwstenen  van het proces

In de vorige zine heb ik al een summier overzicht gegeven van de componenten waaruit het proces is opgebouwd. Daar zijn een locatie in ruimte en tijd, een binnenwereld met een eigen ruimtetijdsysteem, een buitenwereld met zijn ruimtetijdsysteem, en dan zijn daar ook de fasen, de kleuringen en de capaciteiten of functies.
Als we willen proberen het proces te begrijpen moeten we dat doen door overeenkomsten en verschillen te zoeken en die onderbrengen in begrippen. De reeks karakteriserende begrippen of symbolen bestaat uit contrasten met hun tegendelen. Zij brengen samenhang in de onderdelen van de structuur. Dezelfde reeks van begrippen komt steeds weer terug in de verschillende lagen van de structuur. Deze terugkerende potentialiteiten voor eigenschappen van processen geeft onderlinge herkenbaarheid. In hun volgorde zit de intrinsieke dynamiek van het proces verborgen. Zij stuwen de voortgang. Als structurele tegendelen moeten de afzonderlijke begrippen polair worden ge´nterpreteerd. De contrasten en hun tegendelen heb ik eerder (in structuur #5 en #5x) behandeld maar ik geef hier, samen met de andere delen, een totaaloverzicht van de componenten.
 

 
contrastnaam  omschrijving  fase  functie  kleuring  aspect 

de pool van
 
het  ik:
trivialiteit  impuls / nog zonder betekenis   1  activering  initiŰrend conjunct 
grootheid  aandacht, herken ik dit?   2  referentie  volhardend  halfsxt.ut 
 
stroming  verschil, betekenis, kennis   3  overdracht  wisselend  sextiel.ut 
duurzaamheid  binding / vaste voet / thuis   4  emot.basis  standvastig vierkant.ut 
 
afscheiding  het ego / creativiteit / zich tonen   5  zelfsturing  toetsend  driehk.ut 
samengaan  mogelijk / analyse / resultaat   6  analyseer  dienstbaar  inconj.ut 

de pool van
 
de/het ander(e):
goed + 
trivialiteit
hulp / alternatief aantrekken   7  aanpassing  uitnodigend  oppositie 
slecht + 
grootheid 
afwijzing / keuze / macht  8  verwijder  kernachtig  inconj.in 
 
vreugde + 
stroming 
geloven / idealiseren / uitbreiden   9  interpreteer  grensverkennend  driehk.in 
verdriet + 
duurzaamheid 
volmaaktheid /angst /  begrenzen  10  consistentie  afgrenzend  vierkant.in 
 
noodzaak + 
afscheiding 
accepteren / gemeenschap 11  samenleving  grensbevestigend  sextiel.in 
vrijheid + 
samengaan 
opberging / onbewust / loslaten  12  integreer  grensoplossend  halfsxt.in 
 

Tabel van de samenstellende delen.
De paren van contrasten laten zich in zodanige volgorde plaatsen dat ze - in de cirkel van het proces - ook paren van tegendelen vormen. Ik probeer hier te laten zien hoe potentialiteiten (de contrasten / tegendelen) in de werkwijze van de fasen, de functies, de kleuringen en tevens in de werkwijze van de aspectverbindingen voorkomen. Doordat zij met elkaar op verschillende manieren en niveaus verbonden zijn is het karakter van een potentialiteit aanvankelijk een persoonlijke aanleg. Door voortgang in de tijd (die noodzakelijkerwijs in relatie met zijn veranderlijke omgevingscontext plaats vindt) kan deze aanleg zich geleidelijk tot een eigenschap met een zeer persoonlijk karakter ontwikkelen.
Extra tabellen, aangevuld met geluids- en lichtfrequenties.

Koppelingen naar
structuur #23/7 lijst van componenten,
structuur #26/8x tabellen van basisbegrippen,
overzicht basiselementen van processen 1: het netwerk van relaties,
structuur #16/5 over contrasten en tegendelen,
structuur #16/5x tabellen van contrasten en tegendelen,
het universeel organisme: ontwikkeling van de wereld van ruimtetijd & kwanta.
 

  ^  
 

Verbindingen, het eigenlijke van het proces

Ik stel hier dat het eigene van een proces in zijn relaties is vervat. De relaties bepalen de eenmalige eigenheid van het proces. Relaties of verbindingen zijn inherent aan processen in ruimte en tijd. Zo is materie een proces van samenklontering van processen en een gesprek evenzeer. Maar wat wordt nu precies door relaties verbonden? Ik zei al eerder dat potentialiteiten verbonden zijn, maar mogelijkheden komen in verschillende vormen voor, zoals werkterreinen, werkvormen, gereedschappen of functies. Bovendien dragen sommige relaties zelf een bepaalde potentialiteit. Ik doel op de aspecten tussen de functies. Mogelijk ontdekken we in de loop van de zoektocht nog andere relaties in het netwerk.
De karakteristieke eigenschappen van een proces ontwikkelen zich met behulp van de relaties waarmee het proces verbindingen onderhoudt tussen zijn potentialiteiten en uit de aard en kwaliteit van die relaties.

Relaties verbinden zowel functies met een fase en met zijn kleuring als functies in onderling aspect met een of meer andere functies en vormen zo vaak uiterst ingewikkelde combinaties; polariteitsrelaties, bijvoorbeeld, voegen een eis tot nuancering van de betrokken functies of fasen toe.
Relaties kunnen, net als functies, fasen en kleuringen, beschouwd worden als frequenties en concentraties. Naar mijn mening werken ze zoals ik denk dat frequenties en concentraties werken, gehoorzamen ze aan dezelfde natuurkundige wetten. De relaties voegen aan een bepaald gegeven een ander gegeven met andere frequentie toe en de verbonden eigenschappen interfereren. Dit kan niet alleen tot verschillen in kleur, maat en temperatuur leiden, maar ook tot vergroving of verfijning, verzwakking, versoepeling, transparantie, tot verwarring, of rust, etc.
Dan zijn er nog de relaties met de omgeving in de voortgang van de tijd. De verbondenheid van mij met het geheel is, bij uitbreiding, de verbondenheid van alles met alles. De relaties tussen proces en wereld maken ontwikkeling van proces en wereld mogelijk.
 

Drie families of groepen van relaties

Zoekend naar de soorten verbindingen van processen verdeel ik ze eerst in drie families van relaties die ik in volgorde van toenemende complexiteit presenteer:

  1. De ene relatie tussen de wereld of het proces 'wereld' en het ene proces. Deze relatie zou ik van buiten de wereld moeten bekijken, als dat mogelijk was. De relatie bestaat tussen enerzijds het proces wereld en anderzijds de processen die het genereert, de sub- en deelprocessen. De relatie van de wereld met de processen is polair in die zin dat zij samen hun gegeven functie trachten te realiseren. In de relatie ligt wederzijds een behoefte aan co÷rdinatie besloten.
     
    Ik noem dit de - universele relatie -
      
  2. De relaties besloten in een proces zijn of verankerd in haar structuur of komen voort uit haar gegeven functie met de initiŰle voorwaarden die daarin zijn vastgelegd.
    1. Structurele relaties zijn:
      • de relatie van eenheid, van de cyclus van het proces,
      • de relatie van co÷rdinerende voortgang door de herhaling van het proces in een steeds veranderende omgeving, impliceert het vasthouden van ervaring en terugkoppeling,
      • relaties van polaire dynamiek,
        1. tussen de binnenwereld met de eigen ruimtetijd en de ruimtetijd in de buitenwereld,
        2. tussen polen van ruimte en van tijd,
      • relaties van energie,
        1. tussen de elementen onderling,
        2. tussen de hoedanigheden onderling,
      • relaties van verwantschap tussen de onderdelen van de groepen van fasen, kleuringen en potentialiteiten.
    2. Functionele relaties zijn:
      • de relatie van het patroon, deze combinatie van de reeks van werkgebieden met de reeks van werkwijzen is inmiddels welbekend,
      • relaties van uitingsvorm, dat zijn de relaties tussen het patroon en de functies,
      • relaties van aspectering die op verschillende manieren de potentialiteiten verbinden binnen de structuur. Door hun onderlinge relaties interfereren functies en wordt de aard van een potentialiteit gemodificeerd, versterkt of verzwakt, wordt variatie of nuancering aangebracht in het patroon en in de uitingsvorm van de functies. Zij vormen het werkmateriaal van het zich ontwikkelende proces,
      • relaties van verweving, waarbij de functies over en weer voor elkaar op verschillende gebieden actief kunnen zijn.

    Ik noem deze relaties de - interne relaties -

  3. De relaties van een proces met andere processen bestaan uit relaties tussen gebeurtenissen met verschillend standpunt in ruimte en tijd. Het kunnen processen zijn die parallel in de tijd verlopen, medeprocessen als het ware. De medeprocessen kunnen we of afzonderlijk bekijken of als een geheel zien: de belevingswereld of de geest van de tijd. Het kunnen ook specifieke gebeurtenissen zijn die zich op een later moment afspelen of eerder zijn begonnen, zich dichtbij bevinden of zich elders afspelen. In de kern zijn dit de relaties tussen de karakteristieken van het eigen co÷rdinatenstelsel en de karakteristieken van andere co÷rdinatenstelsels (met andere stelsels worden ook alle herhalingen van het proces bedoeld) m.a.w. het gaat allemaal over de voortgang van stelsels in ruimte en tijd. In hun fysieke, intellectuele, instinctieve en introspectieve karakteristieken zijn alle stelsels per definitie enigermate verschillend.
    Ik beschrijf deze relaties of vanuit mijzelf of vanuit een standpunt dat buiten de betrokken processen is gelegen.
    Het zijn de relaties van actuele wisselwerking tussen twee (of meer) co÷rdinatenstelsels waarin de belevingswerelden vorm krijgen.
     
    Ik noem deze relaties de - externe relaties -

Deze drie groepen zal ik in de volgende delen een voor een verder uitwerken.
 

  ^  
 

Het proces in de voortgang van de tijd

Een proces, een systeem met zijn onderdelen en relaties, kan niet beschreven worden tenzij in relatie met een omsluitend systeem, waaruit het is voortgekomen, met behulp waarvan het zich ontwikkelt en waarbinnen het in interactie met andere systemen zijn taken vervult.
Ik heb al vaak de woorden ontwikkelingsproces, wordingsproces en leer- of groeiproces gebruikt. De ene term klinkt meer menselijk dan de andere, maar waar het om gaat is dat om het even welk proces zich ontwikkelt op weg naar zijn doel. Ontwikkeling betekent voortgang in ruimte en tijd. Overigens betekent voortgang in de ruimte niet dat een rots zich zou verplaatsen, wel dat hij geleidelijk van vorm verandert. Ontwikkeling en voortgang houden voor het proces net zo goed weerstand en tegenslag in als succes. Ontwikkeling gaat voort tot het einde, met de nadruk op tot; een proces, als systeem, kan de voltooiing immers niet meemaken.
Zich ontwikkelen op weg naar het eigen doel. De vraag die hier kan worden gesteld is of een doel ten eigen bate werkt of juist in het belang van iemand of iets anders. In alle gevallen is een doel in het belang van de wereld als geheel. Het belang voor het proces zelf ligt in het beleven van genoegen, in het voldoen aan het doel. Alles wat het proces doet en ervaart, inclusief weerstanden, tegenslagen en omwegen, is daarop gericht.

De ontwikkeling van gecompliceerde processen als die van dieren en planten is bijzonder. Ze vertoont - in het algemeen gesproken, ik ben geen bioloog - een stapsgewijze ontwikkeling. De eigenschappen van de soort worden via genen doorgegeven. Ook recentere informatie kan daarin vastliggen. Bij de bevruchting komen eicel en zaadcel samen en verenigen zich de genen van de ouders. Hier ligt duidelijk het begin van een nieuw proces.
De eicel begint zich te ontwikkelen, eventueel in de baarmoeder, tot het jonge dier uit het ei komt of geboren wordt en aan de verdere ontwikkeling als zelfstandig wezen kan beginnen. Bij de ontwikkeling van een rups via cocon tot vlinder kunnen we een extra fase waarnemen. Bij planten zien we iets vergelijkbaars, het zaadje brengt veelal enige tijd onder de grond door voor het aan zijn ontwikkeling als nieuwe afzonderlijke plant begint. Zowel bij dier als plant is er een duidelijk begin van een bedoelde relatie met de wereld.
Als proces gezien is dit een ingewikkelde maar duidelijke zaak. Bij de bevruchting begint een nieuw samengesteld proces in de dieren- of plantenfamilie. Het is allereerst de vraag of het zich zelfs maar tot een zelfstandige relatie met de wereld zal gaan ontwikkelen. Bij iedere grotere stap die ik hierboven heb opgesomd (en er zijn natuurlijk miljarden kleinere stappen) begint een nieuw proces met een eigen doel. Het oorspronkelijke proces dat begon bij de bevruchting heeft ten doel de soort en de familie voort te doen leven. Het latere proces, dat een duidelijk beginpunt heeft van zijn relatie met de wereld, heeft de ontwikkeling ten doel van het proces met zijn individuele voortgang en historie. Het kan ten doel hebben de soort nieuwe impulsen te geven en zich beter aan te passen aan de omstandigheden. Beide processen hebben een exact standpunt in ruimte en tijd en zijn wezenlijk uniek. Op het moment in zijn voortgang dat het doel is bereikt, valt het samengestelde proces uiteen in de kleinst mogelijke processen.
 

Voortgang en recursie

Aan het fenomeen ontwikkeling zit een opmerkelijke kant. Voortgang en geleidelijke ontwikkeling berusten op herhaling, een nieuwe cyclus, wel met enig verschil, want het is immers altijd een ander (sub)proces en ook de omgeving is geen moment hetzelfde. Herhaling kan uit de hand lopen, juist omdat het tot een passief automatisme neigt.
De meeste dieren en planten worden gegeten en juist daardoor blijven de soorten gezond. Het evenwicht tussen eter en voedsel wordt in stand gehouden door het mechanisme dat, als het aantal roofdieren of planteneters in een gebied te veel toeneemt, het voedsel vermindert, waarop zij honger moeten lijden en hun aantal af zal nemen. Daarna kan het voedsel zich herstellen en ontstaat een nieuw voorlopig evenwicht. De aarde heeft natuurlijk ook een passend regelmechanisme voor het geval dat het evenwicht op grotere schaal wordt verstoord. Mensen hebben passieve recursie, routine, nodig maar het kan tot extremiteiten leiden. Als zoiets verstard raakt kunnen we ontsporen en verwikkeld raken in vormen van verslaving die letterlijk diepe sporen achterlaten. Een co÷rdinerend proces, het juridisch systeem of het ecologisch systeem waar we toe behoren, zal ontsporingen bijsturen of iets anders proberen.

Er zijn twee manieren om als individu met voor(ui)tgang om te gaan:

  • passieve recursie toepassen, je laten drijven op de stroom en dromen van geluk.
    Het is leven in de toekomst. Het stuur ligt bij de omgeving.
  • actieve recursie toepassen, op een hoger niveau naar een oplossing zoeken en zelf in de actualiteit je vooruitgang gaan co÷rdineren.
    Dat is een proces van je voorzichtig losmaken van gestuurd worden door je omgeving en tegen de vraag aanlopen "Wat wil ik dan wel?". Het betekent tijd maken om je eigen leven aandacht te geven, om alert te zijn op hoe je omgaat met invloeden van buitenaf. Geleidelijk kun je dan ander gedrag ontwikkelen en door je toe te leggen op zelf-co÷rdinatie misschien ontdekken wat jouw eigen weg is.

Om de stap tussen verwikkelen en ontwikkelen te kunnen maken moet aan enige voorwaarden worden voldaan. Dat onderwerp komt later nog ter sprake.
 

Voortgang in een altijd vluchtige omgeving

Een proces creŰert zichzelf een eigen omgeving door alles vanuit zijn functie te bezien. Dat heeft vooral gevolgen voor wat het in die omgeving opmerkt, hoe het de mogelijkheden van en reactie uit de omgeving interpreteert, kortom hoe hij kleurt, hoort, verwachtingen koestert, tijd en ruimte inschat. Op zijn beurt ervaart de omgeving het proces en reageert erop.
De omgeving in het algemeen volgt intussen als proces zijn eigen ontwikkeling, daarmee bedoel ik dat de omgeving, of wij het opmerken of niet, groeit en verschillen vertoont. Of wij ze waarnemen of niet, de omgeving biedt het individuele proces mogelijkheden, maar die zijn niet constant. Een proces mag zijn eigen omgeving creŰren, het doet dat op basis van wat aanwezig is en hoe het zich aanbiedt. Wat wij gewoonlijk de geest van de tijd noemen vertoont variaties en wisselt geleidelijk. Het weer en de plaatselijke politiek heeft een effect op ons, een oorlog en wraak heeft zijn uitwerking op ons net als een vriendelijkheid of een wijze beslissing. Wat het effect zal zijn en hoe diep het de ontvanger raakt hangt grotendeels af van de ontvanger.

Deze onderwerpen zullen later in de behandeling van de relaties terugkomen.

Koppeling naar
structuur #16/5 over klonen en individualiteit.
 

  ^  
 

Het vervolg

Nu kan ik verder gaan met de bespreking van de drie onderdelen van het netwerk. Dus nu volgt de eerste groep, de universele relatie.
 

  ^  

Addendum: