Het geweldige van Christus wederkomst voor de gemeente (Lukas 17: 20-37)
Preek afkomstig van Ds. E. van der Linde van de
Christelijk Gereformeerde Kerk te Almelo.
Liturgie:
Ps. 63: 1 n.b.
Ps. 63: 2, 3 n.b.
Ps. 119: 23
Ps. 16: 3, 6
Ps. 98: 2, 4
Ps. 17: 4, 8
Schriftlezing: Lukas 17: 20 - 37
1 Tes. 4: 13 - 18
Beste
Lezer;
Vol
verwachting?
Vol verwachting blijf ik uitzien
Tot de dag eens dagen zal
Dat de Heiland op de wolken
Weerkomt met bazuingeschal.
Ik hoor me als kleine jongen dat nog zingen in de kerk waar ik uit kom. Een evangelische
gemeente met een sterke invloed van de Maranatha-beweging.
Toch vond ik het altijd wat apart om dit lied te zingen. Achteraf bezien
begrijp ik dat wat beter. De gepassioneerde woorden stemden nl.
niet overeen met het wat matte zingen. De glans van het verlangen van de
dichter was enigszins gestold in het ritueel van het zingen.
Of was het nog wat anders?
Zich schuldig voelen
Er zijn veel christenen die zich schuldig voelen omdat ze nog niet zo verlangen
naar de komst van de Here Jezus. Natuurlijk is dat
verlangen er wel bij mensen die in hun persoonlijk leven en werk soms zoveel
tegenstand en vijandschap ervaren van andere mensen. Ook kan de gezondheid van
een mens zo sterk verminderd zijn, dat hij onthecht aan dit leven en zich er
helemaal op richt en verlangt om naar God toe te gaan.
Maar als ik me niet vergis, beleeft de christelijke gemeente dat vandaag als
geheel niet zo. We zeggen dan, vooral in gesprek met zgn. Maranatha-christenen:
Het zou wel zo moeten zijn,……… maar we zitten zo aan het leven vast, hč! Je
hebt van die Zoeklicht-toogdagen waar echt het moeten
verlangen naar Christus' Wederkomst erin gepompt wordt.
Mijn vraag is: Moet dat? Is het verkeerd wanneer je niet vol verwachting
uitziet naar die Dag der dagen?
Ik zeg vanmorgen: Nee, want zoveel verandert er niet voor de kerk met Christus'
wederkomst: Hij is nu al met ons tot aan het einde der wereld, zegt de Here Jezus in Mat. 28: 20. Of zoals staat in Lukas 17: 21 'het Koninkrijk van God is bij u'.
We moeten niet doen alsof het eigenlijke leven pas begint bij de Wederkomst van
Christus. Alsof dit leven van nul en generlei waarde
is. Integendeel. Juist in dit leven vallen de beslissingen voor later. Wie
gelooft heeft het eeuwige leven, nu al. Wie niet gelooft is reeds
veroordeeld, nu al.
De Here van de toekomst
Waar het dus om gaat is de Here Jezus kennen, dienen
en liefhebben. Hij is de Here niet alleen van het Koninkrijk dat komt, maar ook van het Koninkrijk dat er nu
al onder ons is. Overal waar mensen hun hart openstellen voor het evangelie van
Jezus Christus neemt het leven een geweldige wending. Waar de Heilige Geest
harten verandert, dáár is het Koninkrijk van God. En wat wij dan als christenen
in de gemeente of onder vrienden of in de gezinnen mogen beleven, is zo kostbaar
en zo waardevol, want het Koninkrijk van God is onder ons, of in ons. Je kunt
toch als christen enorm genieten van het leven, van de christelijke gemeente -
al is deze nog onvolmaakt - van al het goede dat God ons geeft.
En zeker, als wij die geloven overlijden, zullen wij naar God toe gaan, maar
Christus heeft het mogelijk gemaakt dat God nú al bij ons is. Dáár is Gods
Koninkrijk waar Hij is, de Verlosser en Here van ons
leven. Als we ons door Hem laten leiden. Als Zijn liefde onder ons woont. Als
we samen bidden, zingen, de Bijbel bestuderen, zoeken naar Gods plan met ons
individuele leven, gezinsleven en gemeentelijke leven.
De toekomst van de Here
Waarom dan toch bezig met de Wederkomst van de Here
Jezus?
Ik noem een paar dingen:
- Omdat de Bijbel daar heel veel over zegt, we hebben vanmorgen slechts 2 van
de tientallen plaatsen gelezen.
- Omdat we vragen hebben over onze overledenen en hoe het verder met hen is aan
de andere kant van het graf. In 1 Tes. 4 komt Paulus te praten over de wederkomst van Christus vanwege
hen die ontslapen zijn.
- Omdat de zonde die op deze wereld is, ons parten speelt, we verlangen eens
zonder zonde te zijn.
- Omdat deze wereld zucht, Rom. 8 zegt: in barensnood is, vanwege de
verwachting van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
- Omdat we de voortekenen zien van het oordeel van God.
Gods oordeel
Om van dat laatste nog wat meer te zeggen: Wie wordt niet getroffen door
berichten van aardbevingen. Bijvoorbeeld de aardbeving die een tijdje geleden
Turkije trof. Beelden op de TV. Verhalen in de kranten. Verschrikkelijk! De
ellende is niet te overzien.
Het luide geschreeuw van mensen om hun doden. De bijna onmogelijke taak van de
hulpverleners. Wat een angst en gevoelens van onmacht zullen die mensen hebben
ondergaan. Het lijkt wel een oordeel.
Hoe moet je dit nu zien? Heeft God hier de hand in? De Bijbel spreekt van
aardbevingen en oorlogen die moeten gebeuren
en voorafgaan aan de wederkomst van de Here Jezus. De
schepping en de geschiedenis van de volken zal dan hier, dan daar uitbreken in
geweld en dood. Orkanen en aardbevingen, maar ook oorlogen. Het zijn
voortekenen van de verschrikking van het oordeel van God dat
komt.
Bekeer je!
Wat moeten wij doen? Helpen natuurlijk, om de nood enigszins te verlichten.
Maar tegelijkertijd beseffen dat er een sterke waarschuwing van uit moet gaan
naar ons en naar allen nl. deze: ‘Mensen bekeer je
tot God en dien Hem, want Hij komt om de wereld te oordelen!’
Hij komt om de aard' te richten, de wereld in gerechtigheid.
En hoe!
Vers 24 zegt: 'Want gelijk de bliksem flitst en van de ene kant des hemels tot
de andere kant licht, zo zal de Zoon des mensen wezen op zijn dag.'
Die wederkomst zal a. geweldig imponerend zijn, zoals
de bliksem indruk maakt, iets bedreigends heeft, ja dodelijk is voor wie erdoor
getroffen wordt, zo is Christus' wederkomst. En die wederkomst zal b. iedereen op de wereld treffen, zoals de bliksem flitst
van de ene kant van de hemel tot de andere kant. Of zoals Openbaringen 1: 7
zegt: 'Zie, Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien, ook zij, die Hem
hebben doorstoken.' Er zal dan geen tijd meer zijn voor nadenken, berouw en
herstel van verhoudingen.
Eerst moest Jezus Zelf lijden
Daarom is er nu, voordat dit alles gebeurt, de prediking van het Evangelie. En
waar gaat het om in deze prediking? Om de eerste komst van Jezus Christus. Het
viel me op dat in vers 25 van Lukas 17 het woordje
'eerst' staat: 'Maar eerst moet Hij veel lijden en verworpen worden door dit
geslacht.' Dat moet eerst. Zonder Christus' eerste komst geen Wederkomst.
Zonder Zijn komen als kind in de kribbe en zonder Zijn gaan aan het kruis van Golgotha geen Evangelie. Heel de wereldgeschiedenis balt
samen in Zijn eerste komen. In het O.T. kom je nogal eens tegen de uitdrukking:
'En het geschiedde'. Dat zijn allemaal stapjes op weg naar het grote gebeuren
van het komen van de Zoon van God naar deze aarde.
Om de kerk als bruid te werven kwam Hij ten hemel af.
Hij was 't die door Zijn sterven aan haar het leven
gaf.
Al het onrecht op deze wereld vindt zijn dieptepunt in de veroordeling van
Jezus, de rechtvaardige, de zondeloze. Al de zonde van Gods volk uit het O.T.,
uit het N.T., uit het verleden, uit het heden, in de toekomst, wordt daar
gelegd op de Man van Smarten, vertrouwd met ziekte.
Hij draagt die loden last de hof van Getsemané uit,
langs de aardse Romeinse rechter, die met de handen in het haar staat, de
kruisheuvel op, de drie uren dikke duisternis in. De Here
Jezus Zelf ging daarmee staan in het oordeel van God. Hij droeg het voor u, jou
en mij. Hij deed dat om u en mij te bewaren op de grote dag. Voor ieder die in
Jezus gelooft en Hem dient als Heer is er ontkoming
op die grote dag van het oordeel.
De vraag is: Geloof ik dat?
Is de Here Jezus mijn Zaligmaker, die voor mij HET
oordeel onderging op Golgotha, zodat ik niet in HET
grote oordeel zou komen?
Weet ik van het reddende Evangelie en leef ik ernaar?
Maar allen die het Evangelie van de verlossing in de wind slaan, zullen
omkomen. Alle rampen die we dagelijks horen, alle oorlogen, hongersnoden en
aardbevingen zijn hier voorbodes van. De Here Jezus
zegt in Luk. 17: Het zijn voortekenen van de komst van de Here.
Kijk er eens naar op deze manier! Dit zal eerst gebeuren en dan zal Hij komen
om te oordelen de levende en de doden. De gelovigen zal Hij tot zich nemen vlak
voor het oordeel losbrandt, maar de ongelovigen zullen omkomen in de
verschrikkingen van Gods toorn.
De vraag is: Geloof ik ook dat?
Dat wie niet gelooft al veroordeeld is? Dan loop ik met de dood in mijn lichaam
rond! Dan kan ik wel van alles doen om zo lang mogelijk te blijven leven - en
pogingen daartoe - van klonen, genetische manipulatie tot misbruik van
stamcellen van foetussen - hebben iets van een geforceerde poging om dit
'veroordeeld zijn' te omzeilen, maar het zal niet lukken. Er is maar één
uitweg: Jezus Christus. Hij is de Here van de
toekomst. Er is alleen toekomst met Hem.
Wanneer komt de Here Jezus?
Het is een vraag van alle tijd: Wanneer komt dat Koninkrijk van God? Dat vragen
tegenstanders van het Evangelie. We lazen in Lucas
17: 20 dat Farizeeën die vraag stellen. Voor hun is
het niet een echte vraag, maar een vraag die bedoeld is om de Here Jezus in verlegenheid te brengen.
Zo kan die vraag ons ook gesteld worden, om ons in verlegenheid te brengen.
Waar hebben jullie het als kerk toch over! Het duurt nu al 2000 jaar!
We zien in Lukas 17 dat de Here
Jezus wel reageert op zijn tegenstanders, maar Hij praat even later alleen nog
maar met zijn discipelen. Die vertelt Hij alle ins en
outs.
De vraag: wanneer komt dat Koninkrijk van God? wordt echter ook gesteld binnen
de kerk. Wanneer we denken aan onze geliefden die zijn overleden, net als in 1 Tes. 4. Daar treffen we een hele
andere toon aan, nl een bemoedigende, vertroostende
toon: 'Wij willen u niet onkundig laten, broeders, wat betreft hen, die
ontslapen, opdat gij niet bedroefd zijt, zoals de
andere mensen, die geen hoop hebben. Want indien wij geloven, dat Jezus
gestorven en opgestaan is, zal God ook zo hen, die ontslapen zijn, door Jezus wederbrengen met Hem.'
De Bijbel geeft ons heel wat gegevens aangaande de Wederkomst van de Here Jezus. En daar moeten we goed mee omgaan. Heel
duidelijk staat in Lukas 17: 20: 'Het Koninkrijk Gods
komt niet zo, dat het te berekenen is'. Het is van alle tijden dat mensen dat
wel doen, data prikken, zelfs bij elkaar komen in afwachting van het uur U, met
de teleurstelling van dien, vervolgens er een draai aan geven en zich eruit
proberen te redden.
De Here Jezus zegt: niet doen! Ik geef je aanwijzingen,
opdat jullie alert blijven, niet vreemd opkijken van de rampen die er gebeuren
in de wereld en vooral blijven volharden in het geloof. En vergeet niet dat één
dag bij de Here is als duizend jaar en duizend jaar
als één dag (2 Petrus 3:8) Nu het derde
millennium aangebroken is, is de Here God bij wijze
van spreken bezig aan zijn derde dag. Voor ons duurt het al gigantisch lang
sinds de komst van Christus, maar voor God is het als de dag van gisteren.
De antichrist
Naast de genoemde tekenen van de eindtijd is als belangrijk signaal voor de
komst van de Here Jezus te noemen de antichrist.
Daarover spreekt de apostel Paulus in zijn brieven
aan de gemeente van Tessalonica. U weet dat hij in
deze gemeente werd geconfronteerd met gemeenteleden die allerlei tekenen menen
te zien van dingen die wijzen op een spoedige komst van de Here
Jezus. Sommige gemeenteleden hebben hun baan al opgezegd, want werken zou toch
geen zin meer hebben. (2 Thes. 3: 5, 6) Maar Paulus wijst hen erop dat de tekenen hen bedriegen. Wel is
er in die tijd veel normloosheid en verlies van waarden ,
maar volgens Paulus moet eerst nog de mens
verschijnen in wie die normloosheid en waardeloosheid zich wereldwijd ten volle
zal manifesteren. Hij noemt die persoon: de mens der wetteloosheid.
Ook Johannes noemt in zijn brief de antichrist (1
Joh. 2: 22). Dit woord betekent letterlijk 'de Tegen-Christus'.
Dus in heel zijn optreden zal die persoon het woord en werk van Christus willen
afbreken. Je kunt het woord antichrist ook vertalen met 'in plaats van
Christus'. Hij zal de plaats van Christus voor zich opeisen. Grote wonderen zal
hij doen. Veel mensen zullen hem verafgoden.
Hitler was zo’n soort
figuur. Hij liet zich bejubelen met 'Heil Hitler',
terwijl hij intussen plannen maakte om de Joden, Gods oude verbondsvolk, uit te
moorden. Wat liet hij miljoenen mensen voor zich sterven.
Maar Hitler was slechts een jaar of 10 aan de macht
en beheerste slechts de halve wereld. De antichrist, die de verpersoonlijking
zal zijn van de duivel, zal wereldwijd actief zijn, maar gelukkig niet zo lang.
De grote verdrukking
Als die persoon, die antichrist er is, zal het voor de christenen bijna niet
uit te houden zijn. Wij hebben dan geen leven. Ieder die voor de Naam van Jezus
uitkomt, zal ontzettend verlangen naar Jezus’ komst, want het leven zal benauwd
zijn. De Bijbel noemt dit de grote verdrukking. De Here
Jezus verwijst naar die tijd als Hij zegt in Lukas
17: 22: 'Er zullen dagen komen, dat gij zult begeren
een van de dagen van de Zoon des mensen te zien en gij die niet zult zien.'
Wat zal het verlangen dan groot zijn. Wat zal het dan gebeden
en gesmeekt worden: ‘Here komt spoedig’.
En in zo’n tijd grijpen mensen alles aan wat hoop
geeft. In die tijd zal het dan ook klinken. Hier is de Christus. Nee, daar!
'Maar, zegt de Here Jezus, reageer daar maar niet op.
Want Christus zal bij Zijn komst wereldwijd openbaar zijn. Zoals de bliksem
flitst van het ene eind tot het andere eind van de hemel, zo zal de komst van
Christus zijn’. In één moment zal Hij vol overmacht op het wereldtoneel
verschijnen. Dat valt het doek voor de antichristen en alle antichristenen met
hem. Zijn komst zal een einde maken aan het grote lijden waar alle christenen
in verkeren.
Hoe is het nu?
Leven wij nu in de tijd van de grote verdrukking? Ik ben geneigd daar 'Nee' op
te zeggen. Evenals Paulus dat deed naar de Thessalonicenzen. Dat zou dan ook inhouden dat we geen
spoedige terugkomst van de Here Jezus hebben te
verwachten.
Maar ik weet het ook niet goed.
Dat hangt samen met de volgende zaken.
- Ten eerste is er wereldwijd een enorme vervolging van de kerk. Als ik zou
leven in Noord-Korea als christen: dan zou ik zuchten tot God: hoe lang duurt
deze grote verdrukking nog? In Saudi-Arabië zitten
vele christelijke gastarbeiders gevangen omwille van hun geloof. In Mexico
worden christen-indianen gedood door de dorpshoofden.
In Colombia hebben de drugsbaronnen het speciaal gemunt op predikanten. En zo
kun je wel doorgaan. Zou dit niet de grote verdrukking zijn?
- Ten tweede is de doorgaande oproep in de Bijbel: Gij dan, jij daar: wees
bereid, want op een uur, dat je het niet verwacht, komt de Zoon des mensen!
(Luk. 12: 40).
Als een dief in de nacht
Christus komt als een dief in de nacht (2 Petrus 3: 10). Veel mensen zullen
zich nergens van bewust zijn. Ze rekenen er totaal niet op. Niets in de
schepping of de geschiedenis zal daarop wijzen. Oorlogen, vulkaanuitbarstingen
en orkanen zijn van alle tijden, toch?
Het leven zal zijn gewone gang hebben. Men zal eten en drinken en trouwen en
verkopen en kopen en planten en bouwen net als in de dagen van Noach en Lot, zegt Lukas 17: 27,
28. Noach en Lot hebben ook een oordeel van God
meegemaakt over deze wereld. Noach en Lot waren er op
voorbereid door te luisteren naar de stem van God. We kennen de geschiedenis.
God had de mensen gewaarschuwd, maar alleen Noach nam
die waarschuwing serieus. En dat geldt ook voor Lot. Maar voor hun tijdgenoten
kwam het oordeel totaal uit de lucht vallen. Het overviel hen als een dief in
de nacht.
Dat moet ons alert maken. Er is eerder het gevaar aan Gods oordeelsdag voorbij
te gaan, dan die dag te serieus te nemen.
De komst van de Here Jezus
Daar komt nog iets bij. In de Bijbel treft ons toch telkens het
verwachtingsvolle van de kerk. Of die kerk nu leeft in een tijd van welvaart of
in een tijd van hongersnood, of we nu op een hoogtepunt zitten in ons geloof of
in een dieptepunt, bedroefd zijn of blij, wanneer er gesproken wordt over de
komst van de Here Jezus dan wordt het toch van binnen
warm. Dat kan niet anders. Of er is iets heel erg mis met ons geloof.
We treffen dat sterk aan in 1 Tes. 4: 15. In dit stuk
gaat het over de 'parousia', de 'komst' des Heren.
Dat woord 'parousie' werd ook gebruikt voor de
feestelijke intocht van de koning in de stad. Herauten kondigden dan met luide
stem aan: de koning komt, gaat uit hem tegemoet! En ze bliezen dan op de
bazuinen, die gaven een indringend geluid als het blazen van schepen tijdens de
mist op hun scheepshoorn. En veel mensen liepen dan uit om de koning in te
halen.
Welnu, als koning Jezus komt, dan zal Hij ook Zijn feestelijke intocht houden.
Ook Zijn komst wordt aangekondigd door hemelse herauten, zegt vers 16,
aartsengelen, de belangrijkste engelen zullen uitgaan en hun bazuinen zullen
klinken over heel de aarde. En dat zal gelovigen als muziek in de oren klinken.
Ze zullen in een flits weten: Jezus komt! We gaan Hem tegemoet!
Maar ieder op zijn beurt, zegt 1 Tes. 4. Eerst zullen
de gestorven gelovigen opstaan uit de doden en dan zullen zij samen met de
levende gelovigen opgenomen worden in de feestelijke stoet, de Here Jezus tegemoet in de lucht. We zullen Hem bejubelen
als de Overwinnaar over dood, duivel, graf en zonde, als Rechter over hemel en
aarde, als de Redder van mijn ziel.
Dan vindt er ook het oordeel plaats. Openbingen 20
schrijft daar heel indringend over. Daar hebben we het een volgende keer over.
Voor nu moet duidelijk zijn: 1 Tes. 4 en Lukas 17 hebben het over precies dezelfde tijd. De Here Jezus komt niet twee keer terug, er is niet eerst
sprake van de zgn. 'Opname der gemeente', terwijl dan op aarde de grote
verdrukking is, Israël een zendingsvolk wordt en het 1000-jarig vrederijk er
is. Al schrijven Lukas en Paulus
er anders over, de ene meer mondiaal appellerend, de ander troostend vanuit de
gelovigen: het is dezelfde alleswendende en geschiedenis-beeindigende komst van de Here
Jezus Christus.
Ben je klaar?
De belangrijkste vraag is dan 'Ben je klaar?' Dat heeft alles te maken met wat
de Here Jezus zegt over wat je niet moet doen als het
oordeel komt: "Wie op die dag op het dak van zijn huis zal zijn, terwijl
zijn huisraad in huis is, ga niet naar beneden om het te halen.' (vers 31)
Als je op het kantoor bent, moet je niet snel naar huis gaan om te redden, wat
je kunt redden. Als je buiten de was ophangt, moet je
niet snel nog wat uit huis trachten mee te nemen.
Dat ben je wel geneigd te doen, zeker bij calamiteiten. Wat deden die mensen in
Turkije b.v. met de aardbeving? Ieder die zelf aan het gevaar van zijn instortende
huis is ontsnapt, probeert er binnen te gaan om zijn kinderen en familie en
vrienden te redden en daarna ook zijn papieren en kostbaarheden.
Waarom mogen wij dat van de Here Jezus niet doen bij
Zijn Terugkeer?
Als je oplet, gemeente, dan zie je dat het hier om twee dingen gaat. Daarmee
sluit ik af.
Het eerste is: het gaat er hier niet om hoe je zult reageren op het oordeel,
maar hoe je houding is naar je bezit. Hoe zit je in elkaar! Wie is je God: de Here, of zijn dat je bezittingen? Ben je een mens die
probeert met alles wat hij heeft, zijn leven te redden, of heb je je leven - tijdens dit leven - al verloren en heb je je laten redden door Christus.
Het tweede is: op het moment van Jezus' wederkomst is er totaal geen tijd meer
om iets te doen. Iets verkeerds of iets goeds. Wij zullen totaal verrast zijn.
'Twee mensen liggen te slapen, de een zal aangenomen en de
ander zal achtergelaten worden.' (vers 34) Kan de scheiding scherper? En daarom
de vraag: Hoe ben jij?
Ga je mee met Christus, of word je achtergelaten?
Geloof je, of niet?
Leef je van Gods genade of voor eigen rekening?
Is er de verwachting:
Hij komt, Hij komt om d' aard' te richten,
De wereld in gerechtigheid.
Eens wordt alles nieuw en komen we thuis.
Wat een uitzicht, Bruidsgemeente!
Zo zullen wij altijd met de Here wezen, zegt 1 Tes. 4.
Eeuwig Hem ten eigendom!
Maranatha!!
Amen.