HOME

 

FAMILIE BREMER (Oosterpoort Buurt, Groningen)

Kopen op de lat was heel gewoon [1]
Henk Werk, IJmuiden
 
Nanno Klaas Bremer (links) en schoonzoon Jan Mannes (rechts). Stadhuis Groningen, 13 mei 1950. Foto: Steenmeijer, Groningen.
 

Vanuit hun huisje aan de Meeuwederweg keken overgrootouders Johannes Wilhelmus Joosten en Margrietha Groen uit op de Martenstraat waar van 1900 tot 1922 Nanno Klaas Bremer, volgens het bevolkingsregister van beroep stadsreiniger, op nummer 3 woonde met zijn gezin. De mank lopende Nanno Klaas had zeven zusters waaronder Frouke - de moeder van grootvader Hindrik Werk - die als kermisreizigster het grootste deel van haar leven op een schip woonde, en Christina die in de Lodewijkstraat woonde. Christina was getrouwd met Albert Mast, die net als zijn zwager zijn boterham als stadsreiniger verdiende. Nanno Klaas Bremer was in 1916 getuige bij het huwelijk van opa en oma 'Spoor' [2] en noemde zich bij die gelegenheid winkelier. In 1922 kocht hij ook als winkelier voor ƒ 11.250,- van voerman Drewes Groeneveld "Eene burgerbehuizing, met erf stallingen en open grond, staande en gelegen aan de Meeuwerderweg nummer 26". Volgens kleinzoon en naamgenoot Nanno Klaas Mannes hadden Nanno Klaas Bremer en zijn vrouw in de Martenstraat reeds een kruidenierszaak. Wegens onverenigbaarheid van functies met zijn ambt als stadsreiniger mocht Nanno Klaas Bremer zich echter niet daadwerkelijk met de verkoop van kruidenierswaren bemoeien.

Zoals in die tijd gebruikelijk was lagen alle kruidenierswaren onverpakt opgeslagen in blikken trommels en houten laden en had de winkel tevens de fuctie van sociale ontmoetingsplaats. Snel even naar de supermarkt was er niet bij. Alle waren werden afgewogen in puntzakken, suiker in witte de overige kruidenierswaren in bruine "puut'n". Ook het kopen op de lat was heel gewoon. [3] Zelfs klandizie van buiten de Oosterpoort kwam om die reden op de winkel af, omdat concurrentie zoals coŲperatie De Toekomst boter bij de vis verlangde. Vanaf 1 januari 1931, toen Nanno Klaas Bremer op 60-jarige leeftijd met pensioen ging als stadsreiniger, mocht hij zich officieel winkelier gaan noemen. Zijn vrouw, waar de zaak feitelijk op dreef, werd in het bevolkingsregister als winkelierster geschrapt. Nadat dochter Eltje in 1933 overleed, werd haar bijna eenjarige zoon Nanno Klaas opgenomen in het gezin van zijn grootouders en door hen liefdevol grootgebracht. Oudere Oosterpoorters kennen hem dan ook niet anders dan bij de achternaam van zijn grootouders. Als jongeman haalde hij op de fiets de boodschappenboekjes op en bracht de bestelde boodschappen weg. Niet op een bakfiets met een rieten mand voorop, de karakteristieke manier in die tijd, maar op een gewoon rijwiel met fietstassen. Dat 'oral history' (gesproken geschiedenis) zo zijn haken en ogen heeft blijkt uit het feit dat Nanno Klaas zijn grootmoeder als "heel netjes" beschrijft, waarmee hij vooral de 'nette' kamer bedoelt, terwijl een oudere Oosterpoorter zich haar daarentegen herinnert als "rommelig", wat weer slaat op de winkel waar grootvader Nanno Klaas af en toe de boel op zijn manier opruimde.

De toonbank bestond uit een granieten bovenblad dat rustte op een vurenhouten opbouw. Om het uiterlijk te verfraaien werd de voorkant okergeel geschilderd en na droging met een lichtbruine verflaag bedekt. In de natte verf werd met kurk een afwisselend patroon van dos en quartier [4] houtnerven aangebracht. Onder de toonbank hing een zinken vat met raapolie, die per maatje van 0,1 liter werd verkocht. De tinnen maatjes hingen aan de binnenkant van het vat aan haakjes. Periodiek werden de maatjes - sommige winkeliers hadden een dubbele bodem aangebracht - en de koperen gewichten geijkt. Volgens kleinzoon Nanno Klaas Mannes [5], in het werkzame leven meubelmaker, verkochten zijn grootouders niet alleen kruidenierswaren maar ook groenten en aardappelen, stof om schorten van te maken, steengoed, glaswerk, sierlijke snuisterijen en speelgoed. Op zaterdag was de winkel tot 's avonds tien uur open. Zondag was weliswaar een rustdag, maar via de achterdeur werd sterke drank clandestien - in de volksmond 'van onder de toonbank' - verkocht. Voor de Tweede Wereldoorlog stond de winkel bekend als 'water- en vuurwinkel' omdat ook heet water en gloeiende kooltjes voor de aanmaak van de kachel werden verkocht.

Wanneer Nanno Klaas Bremer in 1951 op 81-jarige leeftijd overlijdt in de armen van zijn kleinzoon, zijn vrouw Hillechiena en zijn dochters Eltje en Trientje zijn hem dan al voorgegaan, blijft de ongehuwd gebleven Coba alleen achter. [6] Coba wordt beschreven als opgeruimd, opgewekt en vrolijk van aard. Zij miste echter de zakelijkheid om de winkel overeind te houden, hetgeen al snel zou leiden tot de verkoop van winkel en huis. Op 29 april 1953 werd dan ook ten overstaan van notaris meester Geert Ritzema de "winkelbehuizing met erf en grond" overgedragen aan Dirk Bos wonende te Wirdum. De 47-jarige Coba kwam in de kost bij de familie Spieker op het inmiddels gesloopte adres Nieuwstraat 11. Om in haar onderhoud te kunnen voorzien ging zij onder andere de hervormde kerk aan de Oosterweg, waarvan ze meelevend lid was, de kruidenierszaak van Wollerich aan de Tuinstraat en meubelzaak Kamphuis aan de Oosterstraat schoonmaken. De laatste jaren van haar leven woonde Coba buiten de Oosterpoort. Eerst op de hoek van de Kleine Appelstraat en de Nieuwe Kijk in 't Jatstraat, waar een kruidenierswinkel was gevestigd, waarna zij verhuisde naar de Nebo-flat (verzorgingsflat) aan de Paterswoldseweg.

Toen het pand van de familie Bremer aan de Meeuwerderweg in 1953 werd verkocht was het grondoppervlak met 52 m≤ geslonken. Nanno Klaas Bremer had namelijk twee keer, in 1927 en in 1930, een strook grond tegen 25 cent aan de gemeente Groningen afgestaan. Dit op basis van een raadsbesluit uit 1912 en met de bedoeling deze stroken grond "te zijner tijd bij de openbare straat te voegen." De voormalige eigenaar bleef verantwoordelijk voor beheer en onderhoud en kreeg het recht op vruchtgebruik voor maximaal 25 jaar. Haast had de gemeente Groningen blijkbaar niet om de Meeuwerderweg en de Duikerstraat te verbreden.

Anno 2008 is de Kop van de Oosterpoort onherkenbaar veranderd. Het begin van de Meeuwerderweg was maart 1997 na sloop van woningen, magazijnen en de voormalige panden van de meubelzaak Vos een kale vlakte tussen de nog niet gesloopte panden van bakkerij Wolters en fotozaak Vaszlovszky, het voormalige pand van Nanno Klaas Bremer. Vaszlovszky hield de nieuwbouwplannen - parkeergarage, 75 woningen en 1800 m≤ winkelruimte - nog lang tegen. April 1999 werd met de bouw begonnen. Twee jaar later keerde de fotozaak van Vaszlovszky op dezelfde plek in een nieuw pand terug.

Genealogie Bremer Groningen

I. Jan Pieter Bremer, zeeman. Trouwde Mietje van Oeters.
Uit dit huwelijk:
I.1 Hendrik Joseph Leopold Bremer, volgt II.
# # # # #
II. Hendrik Joseph Leopold Bremer, geboren Oostende 1788 (ca.), overleden Groningen 5 april 1863, arbeider, sjouwer. Trouwde Groningen 17 maart 1844 Joanna Kok, gedoopt Groningen 8 juli 1794, overleden Groningen (RK Armenhuis) 10 oktober 1877, koopvrouw. Dochter van Joannes Kok en Catharina Christiaans.
Volgens huwelijksakte: "[...] dewelke onder eede heeft verklaard, dat hij sedert het jaar achttienhonderd en negentien te Groningen is woonachtig, dat hij is zoon van Jan Pieter Bremer, in leven van beroep zeeman, en van Mietje van Oeters, beide overleden, dat hij is geboren te Ostende in het jaar zeventienhonderd en acht en tachtig, zonder de juiste datum te kunnen opgeven, en dat hij herhaaldelijk pogingen heeft aangewend om van zijne geboorte een bewijs te bekomen, doch daarin niet heeft kunnen slagen."
Gewettigd bij huwelijk:
II.1 Johannes Hendrik Soce Leopol Bremer, volgt IIIa.
II.2 Geertje Bremer, geboren Groningen 29 september 1833, overleden Groningen 16 juli 1911, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), wolspinster. Trouwde Groningen 30 september 1855 Folkert Folkers, geboren Groningen 8 februari 1829, overleden Groningen 6 maart 1911, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), arbeider, orgelman, putgraver. Zoon van Lucas Folkers en Hilke Johanna Harsmans.
II.3 Hindrik Bremer, volgt IIIb.
Voor het huwelijk overleden:
Mietje Kok, geboren Groningen 10 september 1825, overleden Assen (in het huis van voerman Wicher Lamberts) 8 november 1829.
Christiaan Kok, geboren Groningen 20 november 1828, overleden Assen (in het huis van voerman Wicher Lamberts) 4 november 1829.
Alida Kok (tweeling met Hindrik Bremer), geboren Groningen 25 april 1836, overleden Groningen 15 mei 1836.
# # # # #
IIIa. Johannes Hendrik Soce Leopol Bremer, geboren Groningen 28 januari 1822, overleden Groningen 21 januari 1890, touwslagersknecht, muzikant, koopman, arbeider, mattenmaker, venter. Trouwde (1) Groningen 2 juli 1848 Alberdina Gerrits van der Heide Gerrits, geboren Groningen 1 maart 1820, overleden 29 februari 1868. Dochter van Jan Gerrits en Klara Katrina Lasson.
Het lijdt geen twijfel dat Hendrik Joseph Leopold Bremer (II) de natuurlijke vader is van Johannes Hendrik Soce Leopol Bremer (IIIa). Niet alleen hun beider voornamen Hendrik en Leopol(d) wijzen in die richting, maar in de geboorteakte worden de voornamen Johannes Hendrik Soce Leopol ook nog eens gevolgd door Bremer.
Uit dit huwelijk:
IIIa.1 Hendrik Soce Leopol Bremer, geboren Groningen 30 april 1849, overleden 15 juni 1875 op SS Prins Meyander onderweg van Atjeh naar Batavia, arbeider, fuselier bij het Koninklijk Nederlands (Oost-)Indische Leger (KNIL). Met ingang van 19 december 1871 vrijwillig dienstverband KNIL voor zes jaar met ƒ 30,- handgeld.
IIIa.2 Johannes Hendrik Soce Leopol Bremer, geboren Groningen 16 mei 1851, overleden Groningen 26 september 1855.
IIIa.3 Albertus Bremer, geboren Groningen 16 november 1854, overleden Groningen 29 oktober 1855.
IIIa.4 Clara Bremer, geboren Groningen 24 november 1856, dienstmeid. Trouwde Hendrikus Anthonius van der Beek, geboren Delft 9 juni 1861, schaalknecht, spoorwegbeambte.
IIIa.5 Johannes Bremer, geboren Groningen 14 mei 1861, overleden 23 november 1864.
IIIa.6 Alberdina Bremer, geboren Groningen 26 juli 1864, overleden Groningen 5 juni 1866.
Trouwde (2) Groningen 20 september 1868 Jantje van der Werff, geboren Leek 8 december 1831, overleden Groningen 17 oktober 1871, weduwe van Gerardus Heidelberg, naaister. Dochter van Willem Sjirks van der Werff en Neeltje Reijntjes.
Uit dit huwelijk:
IIIa.7 Johannes Hendrik Soce Leopol Bremer, geboren Groningen 1 juli 1869, overleden Groningen 6 november 1871.
Trouwde (3) Groningen 14 april 1872 Saaktje Cazemier, geboren Leek 5 oktober 1839, overleden Groningen 31 december 1911, arbeidster. Dochter van Sikko Staal Cazemier en Jeltje Jans Middel.
Uit dit huwelijk:
IIIa.8 Hindrik Bremer, geboren Groningen 14 september 1873, overleden Groningen 14 november 1873.
IIIa.9 Hinderika Bremer, geboren Groningen 26 september 1874, overleden Delft 29 maart 1958, begraven Delft (Jaffa) 1 april 1958, winkelierster. Trouwde Delft 14 december 1898 Adrianus Petrus Prooper, geboren Delft 19 juli 1873, overleden Delft 12 augustus 1918, houtzager, winkelier. Zoon van Govert Johannes Prooper en Jannetje Goester.
IIIa.10 Geertruida Bremer, geboren Groningen 10 februari 1878, overleden Groningen 10 maart 1878.
IIIa.11 Geertruida Bremer, geboren Groningen 8 oktober 1879, overleden Amsterdam 2 januari 1953. Trouwde Amsterdam 28 april 1915 Mozes Schellevis, geboren Amsterdam 28 mei 1874, overleden Amsterdam 1 september 1923, weduwnaar van Heintje Wertheim, los werkman, havenarbeider, koetsier. Zoon van Hartog Salomon Schellevis en Judic Engelsman. Uit dit huwelijk geen nakomelingen.
# # # # #
IIIb. Hindrik Bremer, geboren Groningen 25 april 1836, overleden Groningen 16 november 1900, voermansknecht, arbeider, koopman, trok met een hondenkar als marskramer door de provincie Groningen. Trouwde Groningen 17 augustus 1856 Trientje Bronsdijk, geboren Groningen 7 augustus 1835, overleden Groningen 6 december 1920, koopvrouw, winkelierster. Dochter van Jan Dirks Bronsdijk en Trientje (Jans) Barendorp.
Uit dit huwelijk:
IIIb.1 Johanna Bremer, geboren Groningen 9 september 1857, overleden Groningen 22 juni 1866.
IIIb.2 Frouke Bremer, geboren Groningen 9 april 1860, overleden 18 januari 1941, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats). Trouwde Groningen 4 december 1887 Hendrik Werk, geboren Delfzijl 16 oktober 1862, overleden Groningen 2 september 1945, begraven Groningen 7 september 1945 (Zuiderbegraafplaats), (kermis)reiziger, arbeider, koopman, vlinteklopper, schipper, venter. Zoon van Hendrik Werk en Clara Tuntelaar.
IIIb.3 Hinderkien Bremer, geboren Groningen 31 augustus 1862, overleden Groningen 2 juli 1898. Trouwde Winschoten 6 december 1883 Franciscus Jansen, geboren Groningen 4 augustus 1858, overleden Groningen 21 november 1898, koopman. Zoon van Franciscus Jansen en Lammechien Kost.
IIIb.4 Trientje Bremer, geboren Groningen 24 januari 1865, overleden Groningen 20 januari 1876.
IIIb.5 Johanna Bremer, geboren Groningen 13 september 1867, overleden Groningen 7 februar1 1927, zonder beroep. Trouwde Groningen 10 juli 1887 Henderikus Geilen, geboren Groningen 26 augustus 1860, overleden Groningen 5 maart 1918, arbeider. Zoon van Josephus Christoph Geilen en Sabina Jacoba School Harms.
IIIb.6 Nanno Klaas Bremer, volgt IVa.
IIIb.7 Christina Bremer, geboren Groningen 1 november 1872, overleden Groningen 27 oktober 1941, begraven Groningen (Zuiderbegraafplaats) 31 oktober 1941. Trouwde Groningen 3 december 1893 Albertus Bernardus Mast, geboren Groningen 9 december 1871, overleden Zaandam 24 maart 1955, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), arbeider, werkman. Zoon van Nicolaas Mast en Johanna Alberts.
IIIb.8 Folkert Bremer, geboren Groningen 6 oktober 1875, overleden Groningen 22 juli 1876.
IIIb.9 Trientje Bremer, geboren Groningen 30 november 1877, overleden Groningen 9 januari 1934, logementhoudster. Trouwde Groningen 18 april 1897 Meine de Groot, geboren Woltersum (Ten Boer) 3 februari 1873, overleden Groningen 27 oktober 1937, schoenmaker, arbeider, werkman, logementhouder. Zoon van Fokke Wybes de Groot en Berber Keuning.
# # # # #
IVa. Nanno Klaas Bremer, geboren Groningen 3 februari 1870, overleden Groningen 13 maart 1951, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), reiziger, arbeider, koopman, winkelier, stadsreiniger, kruidenier. Trouwde Groningen 1 april 1894 Hillechiena Nobbe, geboren Groningen 19 juli 1871, overleden Groningen 7 mei 1944, begraven Groningen (Zuiderbegraafplaats) 11 mei 1944. Dochter van Jan Nobbe en Eltje Westra.
Uit dit huwelijk:
IVa.1 Hendrik Bremer, geboren Groningen 14 juni 1894, overleden aan tuberculose Groningen 4 juni 1918, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), handelsreiziger. Met Hendrik is de familie Bremer in Groningen in mannelijke lijn uitgestorven.
IVa.2 Eltje Bremer, geboren Groningen 24 november 1895, overleden Groningen 10 november 1933, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats). Trouwde Groningen 4 september 1919 Jan Mannes, geboren Haren 25 december 1893, overleden Groningen 2 maart 1967, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), groentenkweker. Zoon van Harmannus Mannus en Hendrikje Menses. Uit dit huwelijk Harmannus, Hillechiena (* 1927 - † 1927), Hillechiena (* 1929 - † 2009) en Nanno Klaas Mannes.
IVa.3 Trientje Bremer, geboren Groningen 24 mei 1898, overleden in het kraambed Groningen 7 augustus 1941, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats). Trouwde Groningen 17 februari 1927 Willem Quist, geboren Groningen 24 maart 1898, overleden als gevolg van een auto-ongeluk Ermelo 28 januari 1953, begraven te Groningen (Zuiderbegraafplaats), kantoorbediende, koopman, bezorger reclamefolders (had een reclamebureau en deed onder andere de pauzereclames in de bioscoop), inkoper filmindustrie. Zoon van Adriaan Quist en Lammechien Talens (de 'arme' tak van Talens verf- en inktfabriek). Uit dit huwelijk Adriaan Nanno Klaas, Henderika Martha en Quirina Trientje Jacoba Quist.
IVa.4 Jacoba Bremer, geboren Groningen 1 januari 1906, overleden Groningen 1 januari 1991, gecremeerd Groningen 4 januari 1991, hulp in de huishouding.

Noten

[1] Tekstgedeelten zijn eerder gepubliceerd in:

Henk Werk, Kopen op de lat was heel gewoon, buurtkrant De Oosterpoorter, oktober 1997, jaargang 8 nr. 8, blz. 15 en 17; november 1997, jaargang 8 nr.9, blz. 17.

[2] De auteur noemde zijn grootouders Hindrik Werk en Anna Joosten zo omdat zij in de Verlengde Lodewijkstraat aan het spoor woonden.
[3] Kopen op de lat, kopen op de pof: synoniemen voor kopen op krediet.
[4] Termen die betrekking hebben op de manier van zagen. Dos: een stam in de lengte (in planken) verzagen waardoor een vlamtekening wordt verkregen. Quartier of kwartiershout: een stam overdwars verzagen. Bij eikenhout krijg je bijvoorbeeld een typische tekening met spiegels. Bron: Interfederaal Houtvoorlichtingscentrum, BelgiŽ.
[5] Nanno Klaas Mannes, zoon van Eltje Bremer (IVa.2) en Jan Mannes. Onderweg voor een interview met hem verliep onze kennismaking nogal opmerkelijk. Bijna gelijktijdig parkeerden wij op maandag 24 augustus 1998 onze auto’s in de Brinklaan te Groningen. Nanno Klaas Mannes stapte uit de auto met twee Groninger koeken onder de arm. Op mijn opmerking "wat lekkers bij de koffie?" antwoordde hij dat een van beide koeken voor een gast uit IJmuiden was bestemd. Met die gast had hij wat goed te maken (een brief die voor mij was bestemd en nooit bereikt heeft had hij gestuurd naar Leimuiden). Hilariteit en het ijs was onmiddellijk gebroken. Was mijn cadeau toeval of niet? Ik nam een cactus mee, niet wetende dat Nanno Klaas dol is op dergelijke planten, hetgeen de vensterbanken in de huiskamer duidelijk demonstreerden.
[6] Nanno Klaas Bremer, Hillechiena Nobbe en zoon Hendrik zijn bijgezet in het familiegraf op de Zuiderbegraafplaats te Groningen. Het graf is slechts te herkennen aan het opschrift FAMILIE BREMER.

Heeft U vragen? Mist U informatie of heeft U tips? Deponeer ze in mijn elektronische brievenbus.

Nieuwe pagina: 10 augustus 2007. Voor het laatst bijgewerkt: 7 september 2010.

Copyright © Henk Werk Overname van afbeeldingen en gehele of gedeeltelijke overname van artikelen is alleen toegestaan na schriftelijke toestemming.