Ouders Nicky keren Heibloem de rug toe


HEIBLOEM - De ouders van de vier jaar geleden vermoorde Nicky Verstappen verhuizen uit Heibloem, omdat ze de vijandige houding van veel dorpelingen niet langer kunnen verdragen. De ouders vinden de stilte ondraaglijk. Ze voelen zich genegeerd door een grote groep bewoners. Over Nicky wordt niet openlijk gesproken, medeleven heeft het jeugdwerk na de begrafenis nooit getoond. Nicky verdween op 10 augustus 1998 van het jeugdkamp van de Brunssumerheide en werd een dag later dood en vermoedelijk misbruikt teruggevonden op de hei. ,,Het is niet meer leefbaar. Mensen groeten je niet meer. Alsof wij wat misdaan hebben'', zeggen Berthie en Peter Verstappen

Weg van de akelige stilte in Heibloem


Claire van Dyck

HEIBLOEM - Alsof het stilzwijgen rond de moord op de elfjarige Nicky Verstappen in augustus 1998 voor even wordt doorbroken. Heibloem praat dan nog steeds niet openlijk over de dood van Nicky, maar het liedje Vlinder van Rowwen Hze dringt onzichtbaar toch binnen. Berthie Verstappen: ?Een paar woorden, die ons gevoel zo treffend weergeven. Dat doet goed. Zeker op dit moment. Het onderzoek ligt stop, er zijn geen aanwijzingen. Het liedje zorgt ervoor dat 't blijft leven en onze Nick niet wordt vergeten.'' Geknakt door het stilzwijgen in het dorp, waar over de vermoorde Nicky Verstappen niet openlijk wordt gepraat, vertrekken de ouders uit Heibloem. Of, zoals Rowwen Hze het in het lied Vlinder -over Nicky- zingt: een dorp dat een geheim bewaart.Aangegrepen door het verdriet van de ouders, verwoord in een interview in deze krant, componeerde zanger en tekstschrijver Jack Poels het liedje Vlinder. Hij vond de woorden voor hun gevoel. In de coupletten worden heden en verleden verweven. Van die heldere nacht op jeugdkamp op de Brunssumerhei, waar Nicky verdween en dood werd teruggevonden, naar de huiskamer van Berthie en Peter Verstappen, waar altijd een kaarsje naast een foto van Nicky brandt, en het zwijgzame dorp waar bijna niemand zijn medeleven uitspreekt.

Vlinder leet te slaope op de hei - enne lange droem di naam 'm mei - d'r waas genne wind, genne nacht - allien mar deze daag - en 'n groete moan die alles zaag.

,,De tekst, en dan die muziek erbij, dat doet je wat. Het is een prachtig lied. Voor het eerst sinds Nicky dood is, draaien we weer muziek. We konden geen muziek meer horen, alles herinnerde ons aan toen Nicky er nog was. We krijgen evengoed steeds een brok in de keel, maar het doet goed. We zijn blij dat het vlinder is genoemd. Iedereen in de omgeving weet dat het over Nicky gaat. De vlinder is het symbool, Femke tekende er een voor op het bidprentje van haar broer.''

,,Het was volle maan, die nacht. Onze ouders hebben daarover een tekst gemaakt, die op de gedenksteen in de Brunssumerheide staat.'' '..Levenloos gevonden, hoe kan het bestaan. Als ze kon spreken, vertelde het ons de maan'. ''

Elke boem en elke stroek stiet stil - 'n wolk drieft dreigend - alsof ze zegge wil - ik halt de woarheid teage - zolang als 't meej lukt - tot 't moment dat alles oape brukt.

,,Je durft het bijna niet meer te hopen, en stiekem doe je het toch. Misschien maakt dit liedje ergens bij iemand iets los. Hopelijk zit het liedje iedere dag in zijn hoofd en gaat hij praten. Zodat we weten wat er met onze Nick is gebeurd.''

,,Dat ene zinnetje: Ik hou de waarheid tegen. Zo voelen we het. Hoe kan het dat niemand op het kamp iets heeft gehoord, heeft gezien? Zo'n bang ventje als onze Nick gaat niet alleen de tent uit en de hei op. Waarom blijft het zo akelig stil?'' Zoveel vragen en geen antwoorden. Berthie en Peter Verstappen worstelen er nog iedere dag mee.

De beklemmende stilte in het amper achthonderd zielen tellende dorpje, sterkt hen in hun overtuiging dat mensen van het Jeugdwerk meer moeten weten. Het Jeugdwerk Heibloem kwam met een kind minder terug van zomerkamp. Maar er klonken geen woorden van afschuw, van woede, ontreddering of troost. Emoties werden na de begrafenis niet meer getoond. ,,Over Nicky wordt gezwegen, sinds de politie in Heibloem mensen is gaan verhoren. Behalve twee leiders, is nooit iemand van de kampleiding hier binnengeweest uit medeleven. Waarom?'', vragen Berthie en Peter. Een vraag waarop het antwoord uitblijft. Het Jeugdwerk heeft er nooit op willen reageren.

,,Geen kaartje, geen arm om de schouder. Een keer per jaar een bloemetje op het graf, dat is alles. Sommige mensen weten niet wat ze moeten zeggen tegen je, maar dit is anders. Je wordt genegeerd, mensen groeten je niet meer. Alsof wij wat misdaan hebben. Over Nicky wordt gezwegen. De meeste mensen worden er liever niet meer aan herinnerd. Ze vinden het al erg genoeg voor het Jeugdwerk dat er een monument bij de kerk staat, dat ze er iedere keer op wijst.''

Urgens giet d'n telefoen - 't klinkt anders, harder dan gewoen - d'n hond leupt weg, heej dreid zich um - nar boete en 'ie staart - nar 'n durp dat 'n geheim bewaart.

,,Alles is anders dan gewoon, toen Nicky er nog was. Maar het gaat allemaal door. We hebben Jack Poels voor het liedje uitkwam, nooit gesproken, en toch geeft hij ons gevoel weer. Dat is heel bijzonder. En dan die laatste zin.'' Peter en Berthie zwijgen. De kilte, de stilte in Heibloem is onverdraaglijk geworden. Het laatste restje weerstand geknakt. ,,We gaan hier weg. We hebben lang gedacht, we laten ons niet wegjagen. Maar het is niet leefbaar. We hebben nog een paar vrienden, maar verder zijn we buitengesloten. We horen er niet bij.''

Ze verhuizen, zo snel ze een huis kunnen vinden, naar Meijel. ,,Femke zit er op voetbal. We worden er gewoon aangesproken. Mensen groeten je en maken een praatje. Het zijn maar kleine dingen, maar dat is in Heibloem niet meer mogelijk. Zelfs op het monument tegen zinloos geweld en ter ere van Nicky zit een smet.'' De gemeente stond plaatsing op gemeentegrond niet toe, uit angst dat het monument het dorp zou splijten. Het kwam er toch, op de grond van de kerk.

,,Dit dorp draagt een geheim, of het nu met de dood van Nicky heeft te maken of niet. Over het verleden wordt niet gepraat. Er is te veel gebeurd'', zegt Peter. Het zedenverleden van diverse bewoners loopt als een rode draad door het hele dorp heen, daar is Peter, die er is opgegroeid, van overtuigd.

,,We voelen ons niet meer veilig hier. We hebben een fijn huis, maar leven tussen vier muren. We komen niet meer in het dorp.'' Ze stonden eerder op het punt te verhuizen, maar konden het niet. ,,Onze Nick ligt hier begraven. Dan moet je hem achterlaten. Maar in ons hart is hij altijd bij ons. We willen hem niet overplaatsen, dat menneke moet met rust worden gelaten. Het is een klein, rustig kerkhof. Waar je een moment kunt uitzoeken dat je er alleen bent. Dus laten we hem hier.''

donderdag 10 april 2003