Gewonnen graan

 

Het rijpend graan in aren nog verdoken

en wachtend op de sikkelslag,

als dan zijn stengels zijn doorbroken,

eindigt de warmte van een zomerdag.

 

De meester die de korrels heeft geschonken

uit liefde van zijn diepst gemoed

in recht getrokken voren die verzonken

al wachtend voor zijn schuifelende voet.

 

Maar wat al eeuwen werd voorspeld

ging menig korrel ook verloren,

verwaaiend uit het onbedekte veld,

waren ze niet tot oogsten uitverkoren.

 

Zo ook de rotsgrond aan de andere zijde,

die koest’rend in de zonnegloed,

het sterven van het graan niet kan vermijden,

hoe goed die warmte anders doet.

 

Gij broeder, volg het zesde pad

dat naar het westen is gebogen

en doe uw werken in de stad

dat al naar uw vermogen.