Wachten
Ze kwamen al
hollend van de duinen,
hun moeder was ze echt niet kwijt.
Het zand stoof
hoger naar de hemel,
ver weg trok de vloedlijn haar
grenzen aan hun gelach.
De moeder wacht op
licht;
ze hebben het niet meegenomen;
ze waren slechts maar even op het strand
met broodjes goed verpakt
in cellofaan verweven.
Zij bleef de moeder
voor het raam.
Gaan ze naar huis ?
Het duin bedekt de einder.
Ze spelen met het
niets
en hopen op de dag
te arriveren.
Waar moeder wacht,
staat tijd een poosje stil.
Zo zijn de uren in
het zand bedolven.
Ze kwamen hollend
van de duinen af.
20-7-2004