1949:
Begin regering Adenauer.
18 april 1951:
Oprichting EGKS.
1955:
- Hallstein-doctrine
- EEG
- BRD lid van de NAVO
13 augustus 1961
Bouw Berlijnse Muur.
1962:
Spiegel affaire.
1963:
- Regering Erhard
- Elyseé verdrag
- Pasjes akkoord
1966:
Regering Kiesinger.
1969:
Regering Brandt,
Neue Ostpolitik
1970:
- Baader-Meinhoff
groep/RAF opgericht.
- Oder-Neisse linie
erkend.
1973:
- Oliecrisis
- Regering Schmidt
- Guillaume affaire
1982:
Regering Kohl
1988:
Europese Economische markt
9 november 1989:
Val Berlijnse Muur
Baader-Meinhof groep / Rote Armee Fraktion (RAF).
De Baader-Meinhof groep ontstond in de jaren ’60, tijdens de studentenprotesten. Er waren toen vier jonge studenten die meteen na de aanslag op Dutschke een duidelijk alarmsein wilde geven. Dit waren Gudrun Ensslin, Andreas Baader, Thorwald Proll en Horst Söhnlein. In april 1968 staken ze een brandje in een warenhuis in Frankrijk om te protesteren tegen de verkoop van oorlogsspeelgoed. In de herfst van dat jaar werd elk van hen tot drie jaar gevangenisstraf veroordeeld. De 25-jarige Baader werd na een eerdere ontsnapping waarna hij weer gearresteerd was, tenslotte met wapengeweld uit zijn cel in Berlijn bevrijd. De journaliste Ulrike Meinhof stond onder ernstige verdenking aan Baader zijn ontsnapping meegewerkt te hebben. De schietpartij van april 1970 in Berlijn-Dahlem zorgde voor grote opschudding in de BRD. Er was een nieuwe groep ontstaan: De Baader-Meinhof groep. Dit was de naam van de groep in het beginstadium, later noemde de groep zichzelf de Rote Armee Fraktion.
Het doel van de RAF was om door middel van geweld onderdelen van het machtsapparaat van de staat te vernietigen, systematisch buiten werking te stellen, de mythe van de onkwetsbaarheid van het systeem te verwoesten en een revolutie tegen de ‘fascisten’ te ontketenen. In 1971 en 1972 pleegden de leden van de RAF velen aanslagen en overvallen, maar in de zomer van 1972 was het terrorisme voorlopig gestopt omdat de harde kern van de beweging gearresteerd was.
Het hoogtepunt van het RAF-terreur was in de herfst van 1977. De voorzitter van de Duitse werkgeversorganisaties Hanns-Martin Schleyer werd toen door de Rote Armee Fraktion ontvoerd. De eis van de ontvoerders was het vrijlaten van verscheidene sympathisanten in Duitse gevangenissen. Schmidt was hier niet toe bereid. Er werd een grootscheepse zoekactie naar Schleyer in touw gezet.
