7
oktober 1949:
Ontstaan DDR met geldige grondwet.
1950:
Regering,
Walter Ulbricht.
1953:
Overlijden Stalin.
17 juni 1953:
Volksopstand.
1954:
Chroesjtsjov neemt leiding SU over.
1955:
Toetreden tot Warschaupact.
17 december
1956 - 1966:
Pasjes Akkoord.
Januari - augustus 1968:
Praagse lente.
1971:
Regering,
Erich Honecker
1973:
Economische crisis.
1989:
Einde DDR, na val Berlijnse muur in November.
Wilhelm
Pieck werd de president van de eerste regering van Oost-Duitsland. Deze
werd gevormd op 12 oktober. Otto Grotewohl was een belangrijke leider
binnen de politiek van de SED. De SED vormde een grote meerderheid in de
politiek. Van de 17 ministers leverde de SED er 8, waaronder
belangrijkste zoals Binnenlandse Zaken, Onderwijs, Justitie en
Planologie. Dit kwam doordat de macht was overgedragen aan de SED. Deze
leidinggevende rol werd door alle partijen en maatschappelijke
organisaties geaccepteerd.
De SED volgde de richtlijnen van het communistische Rusland
Pieck bleef echter niet lang de president. Deze rol werd al snel overgenomen door Ulbricht. En later door Honecker. De politiek en economie zijn dan ook in te delen in twee verschillende tijdperken. Deze zullen we nu gaan bekijken.
Walter Ulbricht: ‘Einholen und Überholen (1949-1971)
Het tijdperk van Ulbricht begon vrijwel meteen met het oprichten van de
Stasi. Dit omdat het zonder de Stasi onmogelijk zou zijn om het
politieke systeem in stand te houden. De Stasi is de binnenlandse
veiligheidsorganisatie (geheime dienst) van de DDR, die door middel van
een groot verspreid netwerk van agenten en informanten in staat was
controle uit te oefenen op alle aftakkingen van de Oost-Duitse
samenleving. De dienst bestond uit circa 100000 vaste medewerkers en een
nog groter aantal, aanhangers. De Stasi maakte deel uit van het
Ministeruim für Staatssicherheit.
De Stasi had het doel om afwijkingen van de
communistische ideologie op te sporen en tegen vijandig -negatieve
groepen in de DDR, op te treden. Iedereen tegen wie enige verdenking
bestond, werd geobserveerd en afgeluisterd.
De Stasi vervolgde vooral de dissidenten. Het waren vooral
intellectuelen en kunstenaars die zich afzette tegen het SED-regime.
Deze dissidenten werden in de gevangenis gestopt, het land uitgezet of
zelfs verbannen naar bijvoorbeeld Siberië, zodat ze geen enkel contact
meer konden hebben met de buitenwereld. Niet alleen de dissidenten
werden vervolgt en in de gaten gehouden. Iedereen waarvan werd gedacht
dat ze een bedreiging vormden voor de DDR werd in de gaten gehouden.
De
organisaties en de dissidenten zelf probeerden op alle mogelijke
manieren uit de handen van de Stasi te blijven. Zo veranderden ze de
naam van hun organisatie om de aandacht niet al te veel op zich te
richten. Maar toch werden er in de loop der jaren steeds meer mensen
opgepakt en het land uit gezet. De Stasi kon steeds machtiger worden
door de grote toename van onder andere verklikkers. Zelfs echtgenoten
verrieden elkaar.
De grootste angst van de heersende socialistische partij in de DDR waren
kritieken van de eigen arbeiders, studenten en intellectuelen. Die
kritieken zouden immers het falen van het socialistische systeem
betekenen en daarom
probeerde de partij meest vooraanstaande critici in te
lijven in de eigen partij, de Stasi of het leger. Gevolg was dat mensen
het systeem van binnenuit wilden gaan veranderen het geen een enorme
bedreiging begon te vormen voor het systeem waardoor al snel werd
teruggegrepen naar gewelddadige praktijken om mensen van gedachten te
laten veranderen.
Tijdens
het bestaan van de DDR heeft deze constant geprobeerd de BRD te
overtreffen op zowel politiek als economisch gebied. Op economisch
gebied hoopte de regering dat te bereiken door veel te investeren. Deze
investeringen zouden een groei veroorzaken dat de BRD zou worden
ingehaald (Einholen) en uiteindelijk overtroffen (überholen) zou
worden.