Gezondheid

Lekker eten voor peuters


Alles over lekker eten voor je kind

Eten moet elk kind van elke leeftijd. Maar wat? Hoeveel? En wanneer? Het antwoord op al die vragen heeft Groter Groeien voor je op een rijtje gezet.

Van 0 tot 6 maanden

Wordt het de borst...
Tijdens de eerste maanden van zijn leven krijgt je kind alleen borst- of flesvoeding. Borstvoeding bevat alle stoffen die je kind nodig heeft. Je kind drinkt zoveel als hij wil. Je moet rekenen op zes tot acht voedingen per dag Er gaat eigenlijk niets boven borstvoeding. Het bevat alles wat je baby nodig heelt, heeft altijd de juiste samenstelling en bevat antistoffen die je kind behoeden tegen allerlei infectieziekten. Je moet je kind alleen apart vitamine K en D toedienen. Van vitamine K moet je de eerste drie maanden 25 microgram per dag geven Het bevordert de bloedstolling. Na drie maanden maken bacteriën in de darmen het zelf voldoende aan. Vitamine D heeft je kind vanaf de tweede week nodig voor de bouw van zijn botten en gebit Elke dag 10 tot 15 microgram is voldoende. 

...of kies je voor de fles?
Bij de samenstelling van flesvoeding is geprobeerd de kwaliteit van borstvoeding zoveel mogelijk te evenaren Ook flesvoeding bevat alle voedingsstoffen die een kind nodig heeft Bovendien zitten de extra vitamine D en K al toegevoegd. Hoeveel flesvoeding een pasgeboren baby nodig heeft, hangt af van zijn of haar gewicht Hel consultatiebureau gaat uit van minimaal 150 ml per kilo lichaamsgewicht. De eerste tijd kun je de voeding in zes tot acht voedingen verspreid over de dag en nacht geven. Dal komt meestal neer op om de drie a vier uur. 's Nachts kun je er een langere penode lussen laten Je kind laat wel merken of en wanneer hij weer voeding nodig heeft. 

Krijgt hij wel genoeg?
Prille ouders weten niet altijd goed of hun kind wel genoeg eet. Met borstvoeding kun je niet zien hoeveel je kind drinkt. Geef je de Fles, dan merk je dat je kind niet altijd de Fles leegdrinkt. Dan slaan de zorgen toe. Maar je kunt aan een paar dingen merken of je kind genot g eet. Heeft hij vijl of zes goed natte luiers per dag en groeit hij voldoende, dan eet hij genoeg. Ben je dan nog niet gerustgesteld, ga dan even langs het consultatiebureau of de huisarts. En dan ...krampjes
Rond de tweede of derde week kan je kind last krijgen van buikpijn. Dat komt doordat de spijsvertering dan op gang komt. Je baby moet nog wennen aan de voeding en krijgt daar darmkrampjes van. Meestal verdwijnen de krampjes na drie tot zes maanden Rond die tijd is het darmkanaal 'rijp'. Ondertussen kan je kind wel af en toe hevige buikpijn hebben Wegnemen kun je de pijn niet, maar een warme doek, of een  warm badje geven verlichting. Ook helpt het om je kind dicht tegen je aan te houden. En je baby goed rechtop houden bij het voeden kan ook veel kramp voorkomen. Kramp kan ook veroorzaakt worden door een allergie voor bijvoorbeeld koemelkeiwit. Dat komt echter maar bij zo'n vier procent van alle  baby's voor En meestal hebben allergische kinderen nog meer klachten. Als je je daarover zorgen maakt, ga ook dan naar het consultatiebureau of de huisarts. 

Wil je kind niet eten? Er geen drama van maken werkt nog het beste!

De eerste bijvoeding
Omstreeks de zesde maand heeft je kind niet meer genoeg aan zijn voeding. Hij is toe aan zijn eerste bijvoeding. Dat is niet zo gek, want hij groeit enorm in het eerste jaar. Daarvoor heeft hij veel energie en voedingsstoffen nodig. Sommige baby's - bijvoorbeeld hele flinke - zijn al voor hun zesde maand aan bijvoeding toe. Zij mogen vanaf de vierde maand fruit, groente O rijstebloem. Ga nooit op eigen houtje met bijvoeding experimenteren: overleg altijd eerst op het consultatiebureau of met je huisarts. En onthoud: hoe langer je wacht met bijvoeding, hoe minder kans je kind heeft op darmkrampen als gevolg van mogelijke allergieën. Als je bijvoeding gaat geven, begin dan met groente. In vruchten zitten meer stoffen waar baby's overgevoelig voor kunnen zijn. Kies om te beginnen groentesoorten waar zo min rnogelijk nitraat in zit. Bijvoorbeeld: worteltjes, witlof, bloemkool en sperziebonen. Kook de groente en pureer haar. Gebruik geen zout. Je kunt ook gerust voor potjesvoeding kiezen. Die bevat genoeg voedingsstoffen. Dat geldt ook voor diepvries- en blikgroenten. Een groot voordeel van diepvriesgroenten boven blikvoeding is hel feit dat er veel minder zout m zit.. s Geef de bijvoeding na de fles- of borstvoeding. Doe dat ma een plastic lepeltje, zodat je kind leen te happen. De eerste keren zal hij niet meer dan een paar lepeltjes eten. Hij moet wennen aan de smaak. Gaat het goed dan met de groentehapjes, dan kun je beginnen met de fruithapjes. Kies bijvoorbeeld voor appels, bananen, meloen, perziken, kiwi, peren of aardbeien. Schil ze, haal de pitjes eruit en pureer ze. Suiker toevoegen is niet nodig. 
 Van 6 tot 12 maanden

Steeds een hapje meer
In deze periode gaat een kind geleidelijk steeds meer soorten voedingsmiddelen eten. Aan het eind van zijn eerste levensjaar kan hij al bijna met de rest van het gezin mee-eten. Probeer steeds kleine hoeveelheden van iets nieuws uit. Bedenk wel dat bijna alle smaken nieuw zijn voor een kind, dus stop niet gelijk als hij een vies gezicht trekt en zijn eerste hapje aardappel uitspuugt. Probeer het na een paar dagen opnieuw. 
Vanaf de zesde maand kun je je kind m plaats van flesvoeding beter opvolgmelk geven. Ook hieraan zijn ijzer en vitamine D toegevoegd. Glutenbevattende granen en bindmiddelen zoals beschuit han een kind nu verdragen. Gluten zijn eiwitten die voorkomen in tarwe, haver, rogge en gerst. Een kind dat jonger is dan zes maanden kan gluten nog niet verteren. Er zijn dan ook voor die penode veel glutenvrije meelsoorten. 
Aardappelen, rijst en pasta kun je nu ook gaan uitproberen. Meng om te beginnen een beetje ervan door het favoriete groentehapje. Dat went wat makkelijker. Vlees, vis, ei of kip mag een kind nu ook hebben. Maar om te beginnen niet meer dan een halve eetlepel. Kook of stoom hel zonder zout en kruiden en maal het zeer fijn. Geleidelijk kun je het vlees steeds grover malen. Vlees heeft een kind nog niet echt nodig als hij per dag een halve liter opvolgmelk drinkt, want dat bevat voldoende eiwit en ijzer. Je kunt er dus mee wachten tot de tiende maand. 

Liever geen vlees
Wil je je kind geen vlees te eten geven, dan kun je nu beginnen met vleesvervangers. Geschikt zijn gezeefde peulvruchten, tahoe, produkten met rogge, haver of gerst. Tempeh kan en kind nog niet verdragen, omdat het hele sojabonen bevat. Seitan bevat te veel zout. Jonge kaas of kwark zijn ook geschikt als vleesvervangers, maar bevatten met genoeg IJzer. Dus kun je ze beter niet vaker dan e keer per week geven. Met noten kun je rond de tiende maand beginnen: hak ze wel erg fijn. 

Van fijngemalen naar steeds wat grover
Vanaf de achtste maand kan een kind wit- en lichtbruinbrood eten. Ook met tussendoortjes als crackers, soepstengels, rijstewafels, cornflakes en kinderkoekjes kun je beginnen. Ook kun je melk proberen. Niet elk kind verdraagt het al: dat merk je echter snel genoeg. De voeding hoeft niet meer fijngemalen te worden. Laat de stukjes steeds iets groter. Rond de twaalfde maand kan een peuter donker bruinbrood, ontbijtgranen en volle melkprodukten eten. De opvolgmelk is dan niet meer nodig. Wel moet je je kind dan vitamine D-tabletjes geven. 


 Van 1 tot 2 jaar

Let op het zout!
Een peuter van een jaar kan al gezellig mee-eten met het gezin: afgezien van de hoeveelheid zout. Een kind heeft al dat zout niet nodig. Het is handig om zout arm te koken en pas meer zout op het eten te strooien als het op je eigen bord ligt. Dan hoef je maar een keer te koken. Drie rnaaltijden per dag zijn genoeg, als een kind tenminste een paar keer per dag een hapje of een drankje tussendoor krijgt. 3e moet denken aan pakweg vier keer tussendoortjes per dag. Eet je kind nog niet veel begin dan met vijf kleinere maaltijden in plaats van drie. Dat worden er vanzelf uiteindelijk wel drie. 

Je peuter groeit niet meer zo snel!
Peuters van een tot anderhalf jaar eten minder dan baby's. Ze drinken nog altijd wel veel. De behoefte aan voeding is doodgewoon minder, omdat een peuter minder hard groeit. Een baby verdrievoudigt zijn gewicht in het eerste jaar: van 3,5 kilo naar 10 kilo! In zijn tweede jaar groeit een kind gemiddeld nog maar 2 kilo.  Als een peuter veel zoete drankjes krijgt, zoals vruchtenyoghurtdrankjes en siroop, is hij vaak bij het avondeten al verzadigd. In die zoete drankjes zitten veel koolhydraten die erg goed vullen. Daarom kun je die zoete drankjes; beter vervangen door (kruidenthee Of verdunde drankjes. Ook kun je een uur voor het eten beter niets meer geven. Vervang in elk geval de Fles door een beker, die in een keer leeggedronken wordt. Serveer ook minder tussendoortjes. Wil je kind ‘s avonds niet eten, dwing hem dan niet. Dat roept veel spanningen op. Schep een klein beetje op zijn bord. Dat is te overzien en wil hij vaak wel opeten. Veel kinderen gaan pas weer meer eten als ze naar de basisschool gaan. 

Het dagmenu van een peuter
Hoewel het ene kind meer eet dan het andere}el staat wel vast wat een kind van een tot twee jaar ongeveer per dag nodig heeft. 
· Een halve tot een hele liter drinken waarvan 2 of 3 bekertjes melk of melkprodukten 
· 1 tot 3 sneden brood met margarine of halvarine, 1/2 plak kaas 
· 1/2 plak vleeswaren 50 gram gaar vlees, of even veel vleesvervangers 
· 1 of 2 aardappelen, of 1 of 2 lepels pasta of rijst, 2 lepels groente, 15 gram boter of margarine voor de warme maaltijd 
· 1 of 2 porties fuit 


Van 2 tot 4 jaar

Pas op voor de eetstrijd!
Kinderen van 2 tot 4 jaar hebben dezelfde voedingstoffen nodig als peuters, in iets grotere hoeveelheden. Een kleuter heeft bijvoorbeeld 4 bekertjes melkprodukten nodig, een hele plak kaas, 2 aardappelen, 3 tot 4 boterhammen en 30 gram boter of margarine. 
Rondom deze leeftijd kan een kind de ooit zo gezellige maaltijd veranderen  in een dagelijks drama Hij weigert namelijk zijn bord leeg te eten. Hij heeft het magische woord nee' leren kennen. Zo kan het avondeten uitlopen op een ware machtsstrijd, de befaamde ‘eetstrijd'. Probeer je niet te druk te maken. N geer de resolute weigering van je kind zo veel mogelijk. Geef hem elke avond zijn bordje eten en haal het weg als jullie ook k klaar zijn. Ook al heeft hij weinig of n niets Gegeten! Echt, het gaat bij de meeste kinderen vanzelf over. Ze gaan wel weer eten als ze zien dat het allemaal niets uithaalt. Zo lang je kind er gezond uitziet, goed groeit en levendig is, is er niets aan de hand. Ben je toch bang dat hij; niet genoeg eet, houd dan eens bij wat hij op een dag allemaal verorbert. Meestal valt dat reuze mee. Blijft je kind weigeren te eten en denk je dat hij niet meer groeit, ga dan naar het consultatiebureau of de huisarts. 

Peuterdiarree
Alle kinderen tussen de zes maanden en vier jaar kunnen last krijgen van peuterdiarree: waterdunne ontlasting met onverteerbare delen. De oorzaak is een tekort aan vet en vezels. Of een teveel aan appel- of perensap. De oplossing ligt voor de hand geef je kind wat meer vet, zodat de darmen langzamer gaan werken. Dus: zoveel mogelijk volle melkprodukten. Zorg ook voor voldoende vezels in de voeding, want die binden het vocht waardoor de ontlasting steviger wordt. Vezels zitten in bruinbrood, aardappelen, groenten en fruit. Let er ook op dat je kind op een dag niet meer dan 2 bekertjes appel- of perensap drinkt Zorg er wel voor dat hij voldoende vocht binnenkrijgt Houdt de diarree langer dan een paar dagen aan (bij een baby langer dan een dag) of komt het vaak voor, ga dan naar de huisarts. Vooral bij zeer jonge kinderen kan diarree leiden tot uitdroging. Let altijd goed op of je kind levendig blijft. Wordt hij suf en wil hij niet meer drinken, ga dan zo snel mogelijk naar de huisarts. 



MINERALEN
Kalk heeft je kind nodig voor de opbouw en het in stand houden van zijn botten en voor een goede bloedstolling. Kalk zit in alle zuivelprodukten zoals melk en yoghurt, in peulvruchten, sojaprodukten, noten, groente en gedroogd fruit. 
IJzer is belangrijk voor de stofwisseling en zorgt voor het transport van zuurstof in het bloed. Krijgt je kind te weinig dan kan dat tot bloedarmoede leiden. IJzer zit in vlees, ei, sojaprodukten, groente, peulvruchten, appelstroop, gedroogd fruit, noten, zilvervliesrijst en grove graanprodukten. 
Fluoride heeft je kind nodig voor de opbouw en bescherming van zijn gebit. Fluoride zit in graanprodukten, bananen, spinazie, asperges en zeevis. A1 vanaf de geboorte kan een kind extra fluoride, in druppeltjes of pilletjes, goed gebruiken. 
 

V ITAMINEN
Moedermelk en flesvoeding bevatten ruim voldoende van de meeste vitamines. Alleen vitamine D en K moet een baby extra krijgen. 

Vitamine A bevordert de groei en is nodig voor een gezonde huid en goede ogen. Het zit in melk- en melkprodukten, rnargarine, vlees, vette vis en eieren. 

Vitamine B is onmisbaar voor een goede stofwisseling en het zenuwstelsel. Het zit m melk- en melkprodukten, eieren, vlees, vis, graanprodukten en groente. 

Vitamine C zorgt voor een goede weerstand. Het zit in groente, fruit en aardappelen. 
 

Vitamine D is nodig voor de opbouw van het gebit en de botten. Het zit in melk- en melkprodukten, margarine, vis en vlees. 

Vitamine K is van groot belang voor de bloedstolling. Het zit in groene groente, kool en lever. 
 

Niet vergeten:

tanden poetsen
In vrijwel alle voeding zit suiker, dat schadelijk is voor het melkgebit. Goed en regelmatig tandenpoetsen is van groot belang! Door minstens twee keer per dag twee minuten goed te poetsen, verwijder je schadelijke tandplak en etensresten. Kinderen tot negen jaar kunnen zelf nog niet goed hun tanden schoonmaken. Het is daarom belangrijk dat je - ook als ze zelf hun tanden poetsen - een keer per dag hun gebit napoetst. Doe dat liefst 's avonds voor het slapen gaan. Zodra de eerste tandjes bij je kind zijn doorgekomen, kun je beginnen met poetsen. Doe dat met een klein, zacht borsteltje en wat water. Vanaf een jaar kun je poetsen met speciale peutertandpasta. 
1. Begin beneden met de binnenkant van de kiezen 
2. Poets dan de buitenkant 
3. Poets de kauwvlakken van de kiezen 
4. Nu zijn de boventanden en -kiezen  aan de beurt. Poets daarvan eerst de binnenkant 
5. Vervolgens poets je de buitenkant 
6. Eindig met de kauwvlakken van de kiezen.