Marskramerpad

 Stroe – Apeldoorn

18 – 01 – 2004                    

Ik schrijf in dit hoofdje van deze dag Stroe – Hoenderlo, maar alles werkt me tegen om dat te bereiken. De weersberichten beloven me vandaag dat ik 15 mm regen over me heen gestort krijg. De trein heeft 10 minuten vertraging, waardoor ik de aansluitende bus nooit zal halen. Op het ernaast gelegen perron staat de trein naar Amersfoort op punt van vertrek. Nu kiezen. Ik spring. Na 10 minuten sta ik in Amersfoort. Bus 102 staat op punt van vertrek, maar ik moet voor mijn einddoel nog een half uurtje wachten. Volgens de planning begin ik om 11.24 aan mijn wandeling door de regen. “Man waar begin je aan?”, zegt een stemmetje in me. Mischa en Jan Paul komen vandaag terug uit Brazilië. Mijn wandelshot moet toch wel erg verslavend werken. Zelfs als ik tegen gewerkt word. Nu zit ik in de bus 10.13. Nog een dik uur te gaan. Het regent nog steeds. Hoeveel mm is er al gevallen en hoeveel heb ik nog te goed?

Yvonne Hontelé beantwoordt mijn mailtje uitgebreid. Ik heb haar website met de wandeling naar Santiago de Compostella uitgelezen. Wat openhartig schrijft ze. Haar intieme gedachten geeft ze prijs. Zo open! En dan schrijft ze voorzichtig te zijn in het aangaan van relaties. Ze brak haar wandeling af. Het lezen is voor me weer een inspiratie om ”mijn 100 dagen” mooi aan te kleden en te publiceren. Wandelen is verslavend.

 http://home.hetnet.nl/~yhontele/index.html

11.15 Stroe, de drie Musketiers. Ik moet me eerst omhullen in mijn regenpak. Dan op weg. Het eerste bankje bij het viaduct even een korte lunchpauze en even bijblijven. Wilgenkatjes zijn mijn eerste lentebode. Net voor een prachtig begraasde heide – omheind. Als ik wat verder het berasterde stuk verlaat kan je zien dat het begrazen werkt. Gelijk weer pijpestrootje12.30 Een volgend bankje bij een splitsing. Ik hou mijn geplastificeerde topo-kaart boven mijn papieren geheugen, anders kan ik niet schrijven. Mijn ogen smullen het landschap af. Heerlijk al die vertrouwde herkenningspunten, soorten heide, mossen, levermossen en vooral korstmossen. Toch mijn mossenkennis nog maar eens ophalen bij Leo.

Het vastgelegde stuifzand is geaccidenteerd met Eikenhakhout. Ook de rust keert weer terug. 13.00 Het vervilte pad is spekglad van de algen. Ik viel net bijna gestrekt en loop nu behoedzaam. Het miezert nog steeds. Wat een prachtige zandbak en zo groot, mooie forten, jeneverbessen. Juist die plekken waar het zand net vastgelegd wordt met buntgras en mossen. Vlekken met oranje kapselende mossen. Ook korstmossen – o.a Cladonia floerkeana – heidelucifer. Ook  varkenspootjes - Cladonia zopfi. Mijn “stuifzandlaatje” wordt weer opengetrokken. Met de namen kan ik er net naast zitten, maar het staat op dezelfde bladzijde.

Jeneverbessen hebben altijd iets magisch, witte wieven. Ook dat zit tussen m’n oren, want op afstand zouden het ook coniferen kunnen zijn en die vind ik lelijk.

Het gestippelde rondje over het stuifzand op de kaart is niet gemarkeerd, maar ik kan me redelijk oriënteren. Dus ik denk het pad met markering zo te kunnen oppakken. Helaas, ik denk bij het satellietvolggebouw gekomen te zijn. Door de regen kan ik amper door m’n bril kijken. Ook mijn wandelgidsje wordt drijfnat. Dus het kompas erbij. Nu is het echt vervelend geen overzichtskaart te hebben.

Als je van de kaart uit de gids loopt, ben je echt van de kaart. Ik mik op een bosweg met auto’s. De eerste zet me op het spoor naar de bewoonde wereld. Ook letterlijk, want ik volg het verdiept in het landschap liggende spoor. De omgeving heeft daar niet onder te leiden. Een mooi open heidelandschap met bosranden. Ik loop niet meer op het marskramerpad, maar wat geeft dat, het is hier overal mooi. De bossen zijn afwisselend met een mooie ondergroei.  Het Loobos en ook van de boswachterij het Loo.

Als ik trimmers tegenkom vraag ik ze de weg naar de bewoonde wereld. Ze wijzen me de route naar de autoweg waar een bushalte moet zijn naar Apeldoorn. Zo’n 20 minuten lopen. Na een kwartiertje stopt een auto die vraagt of ik mee wil rijden. Hij wil me wel naar het station brengen. Het zijn de trimmers. Dat is weer even een heerlijke opkikker, na de regen en verdwalen. Al is het onderweg zijn mijn doel en maakt het eigenlijk niet zoveel uit dat ik verkeerd gelopen ben. Het was mooi!

In Apeldoorn houden de spoorbomen me tegen waardoor ik de nog stilstaande trein niet kan halen. Een half uurtje wachten. Als ik Hanny bel hoor ik dat Mischa en Jan Paul 5 uur vertraging hebben en vanavond rond 9 pas thuis kunnen zijn. Dan ben ik er allang.

vervolg wandeling terug index marskramerpad      terug naar wandelinken