Uitwerkingen schriftelijk examen HAVO Natuurkunde 2001 1e tijdvak nieuwe en oude stijl

Algemene opmerking:

In dit onderstaand antwoordmodel zijn de meest voor de hand liggend antwoorden opgenomen. Andere antwoorden kunnen, mits goed geformuleerd, dus ook punten scoren. Bij een aantal vragen is ook een deelscore te behalen. In onderstaand antwoordmodel is voor elke vraag de maximum score vermeld. Er kunnen aan deze uitwerkingen geen rechten worden ontleend.


De schaallengte van dit examen is 86 de normeringsfactor N ligt tussen de 0,8 en 1,3. (neem voorlopig maar 1)

Opgave 1 Rolweerstand

5p  1

Crol = 0,012; g = 9,81 m/s2

Frol = Crol x m x g = 0,11772 x m

dus als m = 1000kg -> Frol = 1,2 .102 N

2p  2

Crol = Frol / mg = Frol / Fz = [N] / [N] = 1

3p  3

Band wordt minder ingedrukt --> Crol wordt kleiner --> Frol kleiner --> som Fw kleiner

energieverlies (Fw x s) ook kleiner.

benzine verbruik dus kleiner.

2p  4

in het algemeen is de rolweerstand rechtevenredig met het gewicht van de auto.

Een laag gewicht, dus een geringe massa, is sowieso aantrekkelijk omdat er zo vaak geremd en opnieuw versneld moet worden.

Opgave 2 Hartfoto's

3p  5

4319K --> 0-1e + 4320Ca

5p  6

2 uur = 7200 s

1,2 MBq = 1,2.106 Beta-deeltjes per s.

830 KeV = 830.103 x 1,6.10-19 = 1,328.10-13 J

0,80 x 1,2.106 x 7200 x 1,328.10-13 J = 9,18.10-4 J

9,18.10-4 / 0,280 = 3,3.10-3 J/kg

3p  7

66/22 = 3 halveringstijden

0,53 = 0,125 = 12,5% is over

100 - 12,5% = 87,5% is vervallen.

4p  8

Voordeel; gamma-fotonen hebben een lagere energie (135 i.p.v. 619 KeV), dus minder schade in het lichaam per foton.

Nadeel; Grotere halveringstijd (72 uur i.p.v. 22) Het lichaam wordt langer belast door straling.

Opgave 3 Ontdooitransformator

3p  9

Vp = 230V; Ns = 4; Vs = 6,0V

Vp/Vs = Np / Ns --> 230 / 6,0 = Np / 4

Np = 230 x 4 /6,0 = 153,333 = 1,5.102

3p  10

P = V x I = I2 x R; dus P is rechtevenredig met R. Rleiding is groter dan Rkabel ->

Er wordt in de leiding meer warmte ontwikkeld.

4p  11

m = 0,12 kg; 334 kJ nodig per kg.

Dus 0,12 x 334.103 = 4,008.104 J nodig

0,70 x 400 W = 280 W = 280 J/s

4,008.104 / 280 = 143 s

3p  12

De soortelijke weerstand is bij koper kleiner dan bij aluminium.

V = constant --> I is dan groter --> P is groter. Er komt meer wamrte vrij.

Opgave 4 Onderzoek aan een lichtsensor

2p  13

Verlichtingssterkte neeemt toe bij een kleinere afstand. Volgens de grafiek wordt de weerstand dan ook kleiner.

3p  14

RLDR = constant (bijv. 300 Ohm)

Vbron = constant Deze wordt verdeeld over de 2 weerstanden, over de grootste weerstand staat de grootste spanning (V = I x R); I = overal gelijk.)

500 Ohm

3p  15

Richtingscoëfficiënt = 1 V /(700 - 200) lux = 1 / 500 = 2,0.10-3 V/lux

3p  16

Door voor elk filter(rood, blauw en geel) steeds weer opnieuw het doorgelaten licht m.b.v. de meter op de zelfde sterkte in te stellen is het mogelijk het verband tussen kleur en spanning van de sensor te bepalen.

Opgave 5 Mistral

5p  17

b = f = 8,0 cm

in de foto heeft de pijl een lengte van 4,5 cm. Op het negatief: 4,4 / 3 = 1,47 cm

N= 1,47 / 600 = 2,44.10-3

N = b/v

dus 2,44.10-3 = 8,0 cm / v --> v = 8,0cm / 2,44.10-3 = 33 m

3p  18

Fmpz = mv2 / r = 1,5 x m x g

m is weg te delen. r = 6,0 m; g = 9,81 m/s2

v2 = 1,5 x 9,81 x 6,0 = 88,29

v = ÷(88,29) = 9,4 m / s

3p  19

Fres = Fz + Fn = Fmpz

Opgave 6 Stadionverlichting

4p  20

Uit de grafiek: I = 130% van eindwaarde

U = 40% van eindwaarde

Eindvermogen = 1800 W = P = U x I

0,40 x 1,30 x 1800 = 9,4.102 W

3p  21

Stadionlampen: 84 lumen / W x 1800 W = 151200 lumen per lamp

228 x 151200 = 34473600 lumen

gloeilamp: 14 lumen / W x 100W = 1400 lumen

34473600 / 1400 = 2,5.104 gloeilampen

3p  22

zichtbaar licht tussen 380 en 750 nm

kwartsglas absorbeert pas onder de 250 nm!

Gewoon glas onder de 400 nm

conclusie: gewoon glas

Opgave 7 Erasmusbrug

3p  23

Fz = mg = 16 x 2,75.105 N = 4,4.106 N    4,4.106 / 9,81 = 4,5.105 kg

4p  24

De sppankracht in tui B is het grootst (3,7 cm t.o.v. 2,4 cm)

3p  25

l = 344 m = 0,5 labda

labda = 688 m

f = 0,60 Hz

v = f x labda = 0,60 x 688 = 4,1.102 m/s

4p  26

Wegdaek: D Uz = mgDh = 1560.103 x 9,81 x 28 = 4,285.108 J

contragewicht: D Uz = 1050.103 x 9,81 x -11 = -1,133.108 J

Dus de som van de D Uz = 3,152.108 J

P = E / t = 3,152.108 / 120 = 2,6.106 W