De Te Voorschijn Komende Kosmos

door Patrizia Norelli-Bachelet ©

" De mensheid ondergaat momenteel een evolutionaire crisis waarin een keuze van haar lotsbestemming verborgen ligt ."
Sri Aurobindo


 

De malaise (dal, gevoel van onbehagen) waarin onze beschaving zich bevindt, is niet het resultaat van een onvoorspelbare ontwikkeling. Integendeel, het is het logische en voorspelbare resultaat van duizenden jaren van gedeeltelijke en ondoeltreffende spirituele inzichten en onvolledige filosofische stellingen. Deze zijn altijd de voortstuwende kracht achter de evolutie van hogere mentale vormen geweest. Zodus, als onze beschaving momenteel op een kritiek punt is gekomen, moeten we de oorzaak van het verval niet zoeken in het wereldlijke of in het wetenschappelijke domein. We moeten dàtgene ontdekken wat vormgeeft aan de meer uiterlijke en materiele patronen die de toestand van  leven op deze planeet bepalen en dat in de dimensie van het bestaan ontbroken heeft

 Vanaf het ogenblik dat de wortel van het probleem in zijn ware gebied van oorzaak gelocaliseerd is, moet onvermijdelijk een verandering in die sfeer worden gebracht vooraleer de meer uiterlijke niveau’s kunnen worden beinvloed. Dus als we de grondoorzaak van het verval in dat meer essentiele gebied kunnen vaststellen, dan wordt onze taak om een verandering in het individu en maatschappij te brengen en om een nieuwe wereldorde op Aarde te vestigen grotendeels vereenvoudigd.

 Inderdaad, de kern van het probleem bestaat hierin : wijzen, heiligen, yogis, filosofen, en wijze mannen en vrouwen hebben gedurende duizenden jaren het doel van geboorte op deze planeet uitgelegd als een simpele doortocht naar een werkelijkheid voorbij niet enkel onze planetaire geboorteplaats maar volledig weg uit onze kosmische dimensie. De richting die onze beschaving is ingeslagen kan daarom rechtstreeks met dit feit in verband gebracht worden. De invloed die een dergelijke visie heeft uitgeoefend is verwoestend – want het heeft de planeet en zijn vele samenlevingsvormen tot op de rand van de totale ondergang gebracht.

 Deze ontwikkeling kunnen we een samenzwering van de spirituele elite die geleidelijk aan alles op aarde onder haar macht heeft gekregen, noemen,  terwijl ze gedurende de laatste duizenden jaren haar invloedrijke tentakels heeft verspreid via religie en filosofische systemen en momenteel via wetenschappelijke politieke en socio-ekonomische systemen haar macht laat gelden. Deze laatsten kunnen zonder uitzondering de bron van hun inspiratie terugvinden in één of andere geestelijke of filosofische leer. Zelfs de meest materiele ideologieen die blijkbaar de hogere werkelijkheid van het bestaan ontkennen en zich volledig op de fysieke dimensie concentreren, hebben dit als reactie op deze meer metafysische leringen gedaan.

Vele diepzinnige denkers in de wereld zijn tot de vaststelling gekomen dat alleen een spirituele renaissance onze beschaving kan redden. Zij denken dat er alleen een echte verandering kan komen als we een ander bewustzijn bereiken dat geworteld is in een hoger visie. Dat mag wel waar zijn, maar wat niet beseft wordt is dat de huidige chaos een rechtstreeks resultaat is van onze mystieke en geestelijke waarnemingen uit het verleden. Er zijn twee aspecten aan deze ontwikkeling. De ene is de richting die spiritualiteit in het Westen insloeg, die zich baseerde op een zekere vorm van ontkenning van leven ; de andere is de Oosterse gerichtheid, evenzeer op haar eigen manier een ontkenning van leven.

 In het Westen ontwikkelde zich door afwijzing en lijden een zekere kracht. Gelovigen werden aangemoedigd het lijden te aanvaarden als een weg tot God en als het middel tot een hemel voorbij het leven. Het leven op Aarde werd inderdaad bekeken als een gevang en als val van de ziel. Verlossing, door ontkenning van het leven, kon alleen komen door een hiernamaals, in een soort transcendente Hemel. Het uiteindelijke resultaat van deze ontkenning waren de materiele filosofieen en politieke ideologieen die het Westen aan de wereld heeft gegeven. Momenteel is er op de planeet een duidelijke splitsing, waarbij de Westerse beschaving zich duidelijk en vastberaden achter wat in spirituele kringen het « materiele bewustzijn » wordt genoemd, heeft opgesteld

 Evenzeer het resultaat van haar spiritualiteit, vinden we in het Oosten echter een gelijkaardige ontkenning van het leven.  Interessant genoeg nam deze ontkenning bezit van het bewustzijn van wijzen uit het oosten rond ongeveer dezelfde tijd als dat een gelijkaardige ontkenning bij hun westerse tegenhangers plaatsvond. Rond het einde van het eerste millenium ging Indische spiritualiteit de kant van een zoektocht naar bovenaardsheid op: zonder omwegen verkondigden de toen geldende filosofieen dat alle schepping van materie een "illusie" was, een misleidende sluier die zoekers moesten doorbreken om het onveranderlijke, onbeweegelijke en statische Brahman te kunnen bereiken; of een Zelf verstoken van alle relaties in dit materiele spinnenweb of weefsel van tijd en ruimte.

 Zodus rond ongeveer dezelfde periode in de geschiedenis werden de pijlers van onze beschaving stevig bepaald door de stempel van bovenaardsheid en ontkenning van leven en van de eigen waarheids-essentie van de planeet en doel als een evoluerende soort. Dit conditioneerde alles. Deze ontkenning kleurde al onze waarnemingen en gaf geleidelijk aan vorm aan elk patroon of structuur die we voor ons individueel en collectief leven ontwikkelden. En dat waar we vandaag mee geconfronteerd worden, is eenvoudigweg de uiteindelijke weergave of het toppunt van deze verloochening en ontkenning van leven. Het menselijk wezen heeft deze formule van ontkenning tot het uiterste gedreven: Dat wat werd beschouwd als het hoogste spirituele evenwicht werd naar het materiele rijk overgedragen, of naar het toneel waarop alle idealen of meer hemelse ideeen van de mensheid worden uitgewerkt; met het voorspelbare resultaat dat de wetenschap nu het ras heeft voorzien van de elementaire krachten voor haar eigen vernietiging. Indien het enige doel van het leven erin bestaat om het op een of andere manier te ontvluchten en nooit meer terug te keren, dan is het volledig gerechtvaardigd dat we als uiteindelijke en definitieve "oplossing" een manier zoeken om deze springplank-basis te vernietigen.

 Het is belangrijk om duidelijk in te zien dat de wortel van dit probleem rechtstreeks verband houdt met de religieuze dogma's en spirituele visies die sinds mensenheugenis ons leven hebben geconditioneerd. Spiritualiteit is geen statische uitdrukking. Het is in gelijke mate geëvolueerd met de materiele evolutie. In feite

is er maar EEN evolutie, één principe dat door middel van de ontelbare vormen waaruit onze wereld bestaat evolueert. Dit "bewustzijn" heeft twee facetten, materieel en spiritueel. Maar beiden beantwoorden aan dezelfde energie en drijfveer.

 Het is bijgevolg ontoereikend te veronderstellen dat de uiteindelijke oplossing ligt in de spiritualiteit die we vandaag kennen ofwel in het materialisme, met zijn eigen manier van ontkenning van leven. Inderdaad hebben zulke pogingen constant gefaald. Spiritualiteit kan enkel oude oplossingen aanreiken die grotendeels zelf de oorzaak van het verval waren. Op dezelfde manier zijn materiele oplossingen gevangenen van dezelfde tekortkomingen; en als we zo doorgaan, zullen zij ons naar de totale vernietiging voeren met het doel het drama van de ontkenning van het leven uit te werken dat spiritualiteit constant in de ene of de andere vorm heeft omhelsd, in de één of andere gedaante.

 In een poging om de kern van het probleem te begrijpen en om te ontdekken vanuit welke bron zowel wetenschap als spiritualiteit hun stuwende kracht ontvangen, is het voor een correcte inschatting van de situatie noodzakelijk het probleem diepgaand te onderzoeken. Daarom is het noodzakelijk dat wat zich achter het spel van krachten bevindt waar te nemen; en op die manier moeten we tot een meer verrrijkend begrip van het proces van evolutie komen. Dit zal ons een betere holistische inschatting geven van de conditie van het hoogste instrument waarvan de natuur in dienst van de evolutie van de soort met de bedoeling deze opwaartse beweging naar betere vormen van bewustzijn en leven teweeg te brengen, gebruik maakt: het menselijke mentale wezen.

 Want dit is het duidelijke en vaststaande doel van de evolutie. Dit is het voortbrengen van steeds perfectere vormen om meer complexe en vernuftige netwerken en patronen van gestructureerde energie die meer harmonieuze toestanden van bewustzijn kunnen uitdrukken, te creëren. Ons huidige fase is slechts een stap op de weg van evolutie, alhoewel het een beslissende is. We hebben een belangrijk keerpunt in de evolutie bereikt. Er is de keuze : Voor ons ligt een totaal nieuwe manier van leven en bijgevolg een nieuwe wereldorde. Hiervoor moet er zich een verfijnder instrument manifesteren. En dit is het belangrijkste brandpunt van de huidige crisis. We bevinden ons in het ontwikkelingsproces van een menselijk instrument dat in staat is om de hogere kosmische krachten die in het leven en de materie op deze planeet spelen te verdragen, zonder de destructieve instorting van energieën te moeten ervaren of te moeten zwichten voor oude vluchtwegen met hun voorbijgestreefde oplossingen en methoden die de wereld tot nog toe heeft gekend.

 In zijn huidige toestand wentelt het menselijk instrument rondom een leegte. In het centrum bevindt zich een ‘zwart gat ‘ waarin energieen ineenzakken, instorten, ontbinden; onmiddellijk verval en dood met zich meebrengend. En het is uit deze toestand van het instrument, met behulp waarvan het menselijk bewustzijn de onbekende realiteit waarneemt, dat het beeld van een wereld van chaos en ineenstorting ontstaat en bijgevolg de waarneming dat verlossing, van welke orde of onder gelijk welke gedaante, voorbij dit materieel universum ligt en bovenal voorbij of weg van deze beklagingswaardige planeet Aarde. De boze geest van het drama werd gezien als zijnde de zintuigen, dewelke wijzen bekeken als de beperkende factor die de realiteit vervormt en die op één of andere manier van het lichaam losgekoppeld en afzonderlijk kan ervaren worden, vrij van onze fysieke organen en waarneming en bijgevolg teruggetrokken van de materiele schepping, van waaruit en waarin deze zintuigen zich hebben ontwikkeld. Op die manier werden wegen bedacht om de zoeker van het fysieke, zinnelijke instrument dat beperkt is door zijn eigen schijnbaar niet-transformeerbare gebreken te bevrijden

 Om het nog duidelijker te verwoorden, dergelijke projecties en waarnemingen van onze toestand zijn het logische resultaat van een soort uit-evenwicht, maar dan om geheel andere redenen dan deze die door huidige religies, mystieke en spirituele verklaringen worden gegeven. Het menselijke wezen bezit een spil of draaipunt van zijn lichamelijk instrument weg van het centrum, met als gevolg een vervorming van de waarneming van onze wereld ; maar die, paradoxaal, veroorzaakt wordt door de waarneming zelf. Het is bijgevolg noodzakelijk dat we om deze manier van waarneming te kunnen veranderen deze as van bestaan verplaatsen tegelijk – in de soort – en de evolutie toestaan ons naar een nieuwe en hogere bestemming te voeren.

 Het menselijk instrument is als intrinsiek deel van het zonnestelsel en van de universele harmonie zoals elk ander mikrokosmisch of makrokosmisch lichaam gestructureerde energie. Het menselijk wezen heeft ook zijn ‘as’ waaromheen het individuele gestel georganiseerd is en waardoor een afzonderlijke entiteit kan bestaan en zichzelf zonder verstrooiing in stand kan houden, bijdragend tot deze prachtige vertoning van veelheid binnen eenheid, die de sleutel van onze materiele wereld is. Maar omdat we tot nu toe enkel een overgangssoort zijn, alhoewel evoluerend naar een hogere vorm, moedigt de huidige ‘as’, die ontstaan is in overeemstemming met bepaalde evolutionaire wetten, en zijn positie binnen het lichaam atavisme aan (willen ontsnappen uit het leven, weg van de aarde) als de enige en meest belangrijke kracht van de soort.

 Wijzen, filosofen, zieners, mystici hebben door de eeuwen heen naar verschillende middelen of wegen gezocht om deze conditie te veranderen. In de plaats van de inertie van atavisme (willen ontsnappen uit het leven, weg van de aarde) hebben ze een hoger doel proberen te vestigen. Maar de gebrekkige conditie van het instrument waarmee de waarneming wordt gedaan, verschafte enkel een gedeeltelijk inzicht in het probleem; en bijgevolg leidden de technieken bedacht om het menselijk wezen van deze limiterende werking te bevrijden niet tot het definitieve resultaat en brachten ze niets bij om de condities op de planeet op gelijk welke manier te veranderen. Geleidelijk aan werden de zaken erger, tot uiteindelijk al diegenen die op een of andere manier bij dit probleem waren betrokken, zich bewust van de de ernst van de toestand tot een dramatische impasse kwamen. In de veronderstelling dat het blijkbaar onmogelijk was dit evolutionaire determinisme te veranderen, boden alle spirituele en religieuze wegen manieren aan om aan de 'kronkels van dit verderfelijke vlees' als de enige weg naar verlossing te ontsnappen, en de opheffing van het bewustzijn te zoeken in een transcendent Voorbij of een nirvana van leegte. Niet alleen heeft dit niets bijgedragen om de condities van de Aarde te veranderen, het heeft de taak om de oplossing te vinden ingewikkelder gemaakt. En uiteindelijk vinden we onszelf als een soort oog in oog met een mogelijke ondergang..

 Laat ons de subtiele manieren waarop deze gedachte van hopeloosheid tot in het denken is doorgedrongen van die filosofen waarvan men zou verwachten dat zij een ander standpunt innemen, hoofdzakelijk omdat zij onvermoeibaar bezig zijn met de taak om mannen en vrouwen manieren voor een beter leven aan te leren. Maar een beter leven, waar ? Als het hier op deze planeet is, dan moeten de zwakke punten van deze visies naar voren gebracht worden, die zullen dienen om het feit aan te tonen dat op basis van juist dergelijke afwijkende visies de menselijke conditie is wat ze is en niet moet hopen op verandering. Beter gezegd, de conditie wordt nog erger of verwarrender.

 Om dit te illustreren kunnen we een bewering citeren van één vande meest vooraanstaande denkers van onze tijden, wijlen J. Krishnamurti:

 'Waarheid kan niet exact zijn. Wat kan gemeten worden is geen waarheid.' (Notitieboek van Krishnamurti, Harper & Row, 1976, p.24)

Deze verklaring bezit zeker aantrekkingskracht voor al diegenen die ontgoocheld zijn in het leven en het lichaam en in het materiele universum waarvan (tijd)maat de meest opvallende eigenschap is, en die achtereenvolgens het doel van hun speurtocht in een of andere buitengewone kosmische hemel of transcendent Voorbij hebben geplaatst. Want wat beweert Krishnamurti in werkelijkheid ?

 Eenvoudig dit: de hogere werkelijkheid is niet van deze wereld, meetbaar in tijd en ruimte, en gelijk welke poging om de waarheid binnen dit materiele (meetbare) universum te vinden is vruchteloos. Bijgevolg is deze bewering of verklaring een ontkenning van leven en moedigt ze een totaal verdeeld bewustzijn aan (zeker niet de bedoeling van zijn leringen en inspanningen aan de oppervlakte), waarbij waarheid BUITEN tijd en ruimte en bijgevolg voorbij onze wereld bestaat. God, de opperste Werkelijkheid, of Waarheid kan niet, volgens Krishnamurti, gevonden worden in wat meetbaar is.

 Het zijn dit soort van veronderstellingen die ons tot het punt van een reusachtige evolutionaire crisis gebracht hebben. En het is bedroevend dat het mensen zijn die in het bijzonder bekommerd zijn om het spirituele welzijn van de mensheid die het meest tot deze situatie hebben bijgdragen, ofwel door de gelovigen aan te sporen om juist en rechtvaardig te leven – maar enkel voor het doel om de ‘hemel’ na de dood te bereiken; of anders op een meer subtiele en vaak onwetende manier, zoals in het geval van Krishnamurti, het beeld van een ontransformeerbare, onverlosbare materiele schepping te versterken, waarin de ziel en geest van het menselijke wezen gevallen is en waaruit één of andere ontsnappingsmethode moet ontstaan met de bedoeling de waarheid in zijn transcendente, oorspronkelijke en onaangetaste zuiverheid te leren kennen.

 Krishnamurti levert ons nog een andere voorbeeld, daar waar men het niet zou verwachten, van de manier waarop deze visie de intelligentia heeft doordrongen. Twee boeken zijn verschenen met kopies van zijn conversaties met de fysicus David Bohm. Het is interessant vast te stellen dat Krishnamurti er in slaagt om Bohm, een fysicus en dus iemand die tot in het uiterste geoefend is in de kunst van Meten, te overtuigen van zijn visie van een kleurloze leegte, waarin tijd een illusie is en er geen sprake is van wording.  Een deel van hun conversatie zal volstaan om de aard van het probleem te illustreren:

 JK: Ik vraag u als fysicus, is dit universum gebaseerd op tijd ?

DB: Ik zou zeggen van niet, maar zie je, de algemene weg ...

JK: Dat is alles xat ik nodig heb. Je antwoord neen ! En kunnen de hersenen (het brein), dat zich in de tijd heeft ontwikkeld ... ?

DB: Wel, heeft het zich in tijd ontwikkeld ? Beter gezegd, het is verstrikt geraakt of vastgelopen in tijd. Omdat het brein deel is van het universum, waarvan we zeggen dat het niet op tijd gebaseerd is.

JK: Ik ga akkoord.

DB: Het denken heeft het brein doen verstrikken of vastlopen  in tijd.

 JK: Juist. Kan deze verstrikking ontward worden, bevrijd, zodat het universum de geest is ? Volg je ? Als het universum niet op tijd is gebaseerd, kan de geest, die in tijd is verstrikt geraakt, zichzelf bevrijden en zo het universum worden ?

 En wat verder in de conversatie maakt Krishnamurit de volgende onthullende bewering:

 ‘... om vrij te zijn van wording ? Dat is de kern. Wording stoppen ... Natuurlijk, er is enkel volledige veiligheid in het niets ! (het niet zijn, de leegte)’ (The Ending of Time, Harper & Row, 1985.)

 Dit is duidelijk de waarneming die moet veranderen als hoe dan ook een nieuwe soort en een nieuwe wereldorde op een veilige manier hun plaats willen kunnen vinden op deze planeet waarvoor ze bestemd zijn. Dit vraagt een complete herinstelling van ‘onze lens waarmee we zien’, inderdaad ons ‘meetinstrument’, waarbij de Aarde niet centraal komt te staan als één of andere eeuwige, onverbeterlijke Hel ons opgedrongen door een straffende Schepper, maar eerder een planeet die ten dienste staat van een nobel doel in de kosmische orde. Dit doel is om voortdurend te evolueren naar hogere en betere levensvormen. Momenteel verkeert het menselijke wezen in een overgang naar een nieuwe toestand. De mislukking of instorting die we rond ons zien, inclusief de wonderen van de technologie die de mensheid in het leven heeft geroepen, is een teken dat er een nieuwe orde aan het ontstaan is. De spil van het menselijke instrument wordt aangemoedigd om zich te verschuiven naar een hoger draaipunt, waarbij het huidige atavisme ((willen ontsnappen uit het leven, weg van de aarde) niet langer een star kruis is waaraan we als ras genageld zijn. Integendeel, de nieuwe soort wordt van deze dwingende energie bevrijd en begint aan een meer bewuste deelname in deze grote vertoning van Wording waardoor een nieuw instrument wordt gesmeed. Maar opdat dit zou kunnen gebeuren, moet de richting van onze zoektocht en het doel dat hieruit voortkomt, gebaseerd op een echte nieuwe waarneming van een hogere realiteit van bestaan, verschoven worden. De richting van de zoektocht  moet ophouden met bovenaards te zijn, het doet er niet toe hoe gecamoufleert dit mag zijn, zoals met het voorbeeld hierboven wordt geillustreerd. Het antwoord ligt hier, op Aarde, in het lichaam – maar getransformeerd door de kracht van een nieuwe kwaliteit van waarneming.

 Hoe wordt dit bereikt ? De nieuwe as is niet van metafysische aard. Het is een draaipunt of spil die ontstaat in overeenstemming met exacte evolutionaire wetten die zich ontwikkelen in tijd. Door op een specifieke manier met tijd te werken is het mogelijk om het bewustzijn rondom een hoger draaipunt of spil, en uiteindelijk ook het fysieke wezen, te herstructureren. Dit kan niet worden verwezenlijkt terwijl religies en de oude spiritualiteit het proces blokkeren door de nadruk te leggen op de metafysische ervaring die het menselijke wezen van elke vorm van betekenisvol spiritueel en materieel contact met de fysieke wereld loskoppelen, en bijgevolg hem daarin van elke verantwoordelijheid ontslaan. Volgens deze nu voorbijgestreefde wegen was het doel van het leven hoedanook eruit te onstnappen, om ofwel voor  iemands zonden boete te doen en de hemel te bereiken, ofwel om karma uit te werken en daardoor bevrijd te worden van wedergeboorte op deze beklagingswaardige planeet.  Het was onmogelijk om het evolutionaire patroon temidden van een dergelijke toestand te veranderen, voor zover de waarheid achter de middelen om dit tot stand te kunnen brengen werd genegeerd, in het bijzonder  een bewust werken met tijd en de rol die deze speelden om een hogere werkelijkheid te bereiken.

 In de nieuwe wereld zijn in de visie zowel het wezen en de wording geharmoniseerd. Daarom beschrijft Sri Aurobindo de keuze van lotsbestemming waarmee het mensdom op dit punt van crisis oog in oog staat, als een accepteren en insluiten juist van de wording, als het middel om de ultieme apotheose te bereiken, een evolutionaire sprong naar een totaal nieuwe status:

 De betekenis van ons bestaan hier bepaald onze lotsbestemming: dat lostsbestemming iets is dat reeds in onszelf als een noodzaak en potentiele mogelijkheden, de noodzaak van het geheim van ons wezen en te voorschijn komende realiteit, een waarheid van zijn potentiele vermogens die uitgewerkt wordt; beide, alhowel nog niet gerealiseed, zijn in wat  reeds gemanifesteerd is impliciet aanwezig. Als er een Wezen is dat wordt, een Realiteit van bestaan die zichzelf in Tijd ontvouwt, wat dit wezen, deze realiteit in het geheim is, is wat we moeten worden, en zo is worden de zin van ons leven. (The Life Divine, Hoofdstuk 28.)

Terwijl het oude in een toestand van verval is en begint in elkaar te storten, is er tegelijkertijd een werk om een nieuwe soort te ontwikkelen bezig. Het proces brengt wel het leggen van de juiste funderingen met zich mee. Dat is, een nieuwe ‘blauwdruk’ waarvan de lijnen getrokken worden door tijd, de kracht van evolutie voor de dracht van elke nieuwe vorm, is zich aan het ontwikkelen.

 De nieuwe ‘blauwdruk’ die momenteel tot stand komt is een patroon van harmonie. Inderdaad, de inspirator is het meest nabije, meest complete patroon van harmonie die we kunnen waarnemen en waarvan we intrinsiek deel uitmaken. Het is ons zonnestelsel – gezien door een nieuw oog en door een volledig nieuw instrument van waarneming en meting. Deze blauwdruk van een een nieuwe aard van bewustzijn zal de basis van een nieuwe wereldorde vormen. De uitkomst is een planetaire samenleving, geinspireerd in zijn bestuur door de waarachtige harmonie van ons Systeem en in het bijzonder gebaseerd is op een visie die de Aarde ziet en accepteert als de plek waarop deze progressie voorbestemd is zich te voltrekken.

 Maar in deze evolutionaire sprong staat de vraag voorop naar het beoogde doel van de evolutie; en bijgevolg het beoogde doel van onze planetaire geboortegrond binnen het schema van de kosmische orde. Voor zover dat alle spiritualiteit het leven in deze kosmos voorstelt als een val en verlossing in de vorm van een Voorbij, niet evoluerend en statisch, is het duidelijk dat zolang we ons voor oplossingen voor onze huidige toestand van verval blijven wenden tot de oude spiritualiteit, we dit verval zelf mee helpen opbouwen.  De dramatische verschuiving die vereist is, is de volledige herinstelling van de lens waarmee we voor de evolutie van de Aarde uitgerust zijn, en het daaruit voortvloeiende bewustzijn dat een volledig nieuwe richting aan onze waarneming geeft.  We houden ermee op te weigeren te erkennen dat het leven en de materiele schepping kanalen zijn voor expressie van het hoogste principe van waarhei. Integendeel, we zien deze als instrumenten op Aarde van wat Sri Aurobindo het ‘goddelijke leven’ genoemd heeft.

 Er bestaat een beproefde methode om deze blauwdruk op te stellen. Het gebruikt tijd als de creatieve kracht voor deze revolutionaire activiteit. Door middel van een specifieke kennis van de mechanica van ons zonnestesel en het verband van de planetaire harmonie met tijd, zoals het op Aarde en in het menselijk lichaam wordt ervaren, wordt er een verschuiving in de aard van het bewustzijn van de individuele beoefenaar teweeggebracht, waardoor er in het lichaam een nieuw draaipunt of spil wordt gevestigd, niet langer de gevangene van atavistische drijfveren maar beantwoordend aan een  hoger doel. Op die basis vestigt zich binnenin het individu en de maatschappij een waarachtige nieuwe harmonie. Er is niet langer een ineenstorting van energieën maar eerder manifesteert er zich als een nucleaire verbinding een soort van mini-zonnestelsel van waaruit nieuwe invloeden te voorschijn komen. Geleidelijk aan verzamelen deze zich en breiden uit en trekken in de invloedssfeer van het nieuwe Systeem een steeds wijdere kring; totdat uiteindelijk de gehele planeet het verblijf van deze hogere planetaire samenleving wordt. 

 Wat ontstaat is daarom noch een nieuwe spiritualiteit noch een nieuwe wetenschap of materiele ideologie. Het is iets voorbij al deze gekende methodes maar dat op een wonderbaarlijke manier alle uitdrukkingswijzen van de geest, leven, en materie in een schitterende daad van synthese harmoniseert en integreert. De waarheid van onze wereld is een prachtige menigvuldigheid, uitdrukking van een verfijnde verscheidenheid. Maar deze grote verscheidenheid wordt in stand gehouden en ondersteund door een kracht van integratie en komt voort uit een gebied van eenheid, net zoals ons zonnestelsel een uitdrukking is van een verheven menigvuldige harmonie binnen een eenheid die alles tot één geheel maakt.

 Dit is een proces van evolutie dat aandacht heeft voor zowel het wezen als de wording. Het streeft er bijgevolg niet naar om de kosmische harmonie die zijn oorsprong in tijd heeft en het instrument is van Wording te verwijderen. Integendeel, het evolueert met de medewerking van die wetten. Zodus juichen we Ilya Prigogine toe wanneer hij verklaart: ‘Ik wil de evolutie der dingen voelen. Ik geloof niet in transcendentie, maar in het verankerd zijn in een realiteit die tijdelijk is.’ (OMNI, Mei, 1983.)

 Het beslissend keerpunt wordt voor het observerende oog van de mensheid weerspiegeld in de ontplooiing van dit zelfde zonnestelsel. Gedurende de voorbije honderden jaren hebben we het Systeem met drie planeten zien

toenemen. Terwijl over diezelfde periode, gelijktijdig met deze expansie, het bewustzijn van de soort en de toestand van onze beschaving opmerkelijke veranderingen hebben ondergaan. Gedurende deze periode heeft er zich een nooit geziene versnelling in de evolutie van het bewustzijn ingezet, in het bijzonder versterkt in onze eeuw. Maar wat er nu vereist is, wat Sri Aurobindo die ‘keuze van lotsbestemming’ genoemd heeft, is een bewuste medewerking met dit proces. Voorafgaand aan dit kritieke moment werd het menselijk wezen op een onbewuste manier op de toppen van de golven der evolutie meegevoerd. Maar nu met de geboorte van een nieuw bewustzijn en soort, met een ander evenwicht, gecentreerd rondom de hogere spil (as) van het wezen, ontstaat de mogelijkheid dat we bewust deelnemen aan dit proces, geleid door de harmonie van diezelfde kosmos waarin we wonen en vol eerbied voor staan; een toegepaste kosmologie, niet terug één van speculatieve (theoretische) aard.

 Temidden van de chaos zien we dat er een sublieme kosmos te voorschijn komt. Het leven ervan is onafhankelijk van de het oude in wiens midden hetzich bevindt. Het komt te voorschijn terwijl het oude vergaat, onbezoedeld door de sombere suggesties van doelloosheid die de atmosfeer van deze stervende wereld bederven. Het komt te voorschijn omdat de condities ervoor bepaald worden door hogere wetten en is daarom iets onvermijdelijk in de geschiedenis van de tijd van onze planeet; net zoals het huidige mentale wezen een onvermijdelijke en noodzakelijke omstandigheid was, een stap op de weg maar niets meer dan dat, en dat op een nobele manier zijn rol in de evolutie van bewustzijn heeft gespeeld.  De fundamenten van deze nieuwe en hogere soort worden stevig gelegd in de laag die onvernietigbaar is. Maar niet teruggetrokken van de materiele schepping. Integendeel, deze nieuwe fundamenten zijn stevig in de materie geworteld en vormen de basis van een nieuw soort en samenleving.

  

Patrizia-Norelli Bachelet