Onderstaand schema (dat groter te maken is, als u erop klikt) brengt de waardekringloop in beeld, die het gevolg is van de bedrijvigheid van een productiebedrijf of een handelsonderneming. Dit schema geeft niet de complete onderneming weer, omdat de kosten van ondersteunende functies, zoals onderhoud en organisatie, er niet in tot uiting komen. De rubrieken van het grootboekrekeningschema zijn zo gekozen, dat ze deze kringloop volgen.
Onderaan staan de liquide middelen, waarmee het allemaal begint, en waarin het uiteindelijk eindigt. Daarvan worden grondstoffen betaald, die bij leveranciers (crediteuren) besteld zijn.
De geleverde materialen worden in het grondstoffenmagazijn opgeslagen. De magazijnvoorraden worden gebruikt door de productieafdeling. Grondstoffen en halffabrikaten vindt men terug in het eindproduct, hulpstoffen worden vernietigd door het gebruik
Arbeiders, (die ook uit de liquide middelen worden betaald,) maken eindproducten met behulp van werkuren, machines, gereedschappen en materialen. De directe kosten van de fabricage zijn gemakkelijk te volgen aan de hand van magazijnafgiftebonnen, machinerapporten en werkbriefjes. De indirecte kosten moeten op de één of andere wijze aan het gereed product worden toegerekend om de vervaardigingprijs vast te kunnen stellen.
Het gereed product wordt in het verkoopmagazijn opgeslagen om te worden verkocht. In het verkoopmagazijn kunnen ook handelsproducten aanwezig zijn, die elders zijn geproduceerd en ook voor verkoop bestemd zijn. Dat wordt aangeduid met de rechtstreekse lijn van 'inkoopleveringen' naar 'gereed product'. De 'voorraad gereed product en handelsgoederen' wordt gewaardeerd tegen vervaardigingkosten respectievelijk inkoopkosten.
De goederen worden aan de klant geleverd tegen een winstgevende prijs. Het verschil tussen verkoopprijs en verkrijgingprijs noemt men 'marge' of ook wel 'brutowinst'. Als van deze brutowinst de overige (niet toegerekende) bedrijfskosten worden afgetrokken, resteert de nettowinst.
Voor de verkochte en geleverde goederen wordt geld geïnd, al dan niet nadat aan de klanten facturen zijn uitgereikt (debiteuren). Wanbetalers moeten worden afgeschreven. Hiermee is de cirkel rond.
