LUTHERSE NOTITIES

december 20004


Laatste losse eindjes...



De Evangelisch-Lutherse Synode knoopte, tijdens de afsluiting van de 200e zitting op 10 en 11 december, de laatste losse eindjes af. Er waren nog enkele verslagen van commissies uit de oude situatie ter goedkeuring of ter kennisneming blijven liggen.

 

De uitgestelde behandeling vond plaats op basis van de kerkorde van de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden. Sinds 1 mei is de Evangelisch-Lutherse Synode onderdeel van de Protestantse Kerk in Nederland.

De volgende punten kwamen ondermeer aan de orde:

Verslag van de werkzaamheden van de Synodale Commissie: In het verslag laat eerste secretaris dr. H. van der Meer ondermeer de gebeurtenissen rond de kerkvereniging en de maanden daarna, tot 1 mei, de revue passeren. Een passage in zijn verslag gaat over het ‘Convenant van Alblasserdam’. Dit stuk is een uiterste handreiking, die de hervormde synode, voorafgaand aan de fusiedatum van 1 mei 2004, gaf aan dertig bezwaarde hervormde gemeenten, die dreigden niet deel te nemen aan de PKN.
In het convenant staat dat deze gemeenten niet zonder meer de Augsburgse Confessie en Lutherse Kleine en Grote Catechismus onderschrijven en dat ze de Leuenberger Konkordie en de Barmer Thesen verwerpen. Deze geschriften vormen mede de basis van de Protestantse Kerk in Nederland.
Ds. C.F.G.E. Hallewas noemde het convenant ‘een vreselijke uitglijder’ van de hervormde synode. “De Leuenberger Konkordie is mede ondertekend door de hervormde synode. Hoe kan men dit accepteren?” Hij vreesde dat het convenant een slechte ‘hypotheek’ onder de toekomst van de PKN is.
Ds. I. Fritz had begrip voor de woorden van ds. Hallewas. Ze stelde echter: “Als wij als lutheranen dwars waren gaan liggen, dan was dat een ramp geworden.” Het convenant was de enige mogelijkheid om de gemeenten binnen boord te houden. De hervormde moderamenleden hadden haar de verzekering gegeven dat het convenant na de vereniging geen betekenis meer zou hebben.

Staat der Kerk: Evenals vorig jaar hebben de evangelisch-lutherse gemeenten de Staat der Kerk (het overzicht van de ontwikkeling van de ledentallen, de aantal sacramentsbedieningen e.d.) slecht ingevuld. H. Leker, als lid van de Synodale Commissie betrokken bij de samenstelling, zei: “Het is een nog raarder stuk geworden dan vorig jaar. De gegevens worden gewoon niet ingevuld. We moeten uitgaan van aannames.” Oud-bureausecretaris T. Albers is bezig met een eigen onderzoek op basis van de voorhanden ledenbestanden bij de SMRA en de SILA. Hij hoopt de gegevens binnenkort rond te hebben. Bij de eerste zitting van de nieuwe synode, in juni volgend jaar, zullen de juiste gegevens er naar verwachting wel zijn.

Evangelisch-Luthers Seminarium: Het ELS maakt nu deel uit van de predikantsopleiding van de PKN. Het ELS is ondergebracht bij de subfaculteit theologie van de Rijksuniversiteit Utrecht. Kerkelijk hoogleraar prof. Dr. M. Barnard deelde mee dat het ELS bezig is met het leggen van internationale contacten. Ten gevolge van een studiereis van kerkelijk hoogleraar prof. Dr. K. Zwanepol zijn er contacten ontstaan met Amerikaanse theologische faculteiten. Deze contacten kunnen nuttig zijn voor een breder zicht op de lutherse traditie. Ook zullen contacten worden gelegd met faculteiten in Zuid-Afrika, vanwege het bedrijven van theologie in de Afrikaanse context.

Luthers Buitencentrum Kasteel Hoekelum: De exploitatie van het Luthers Buitencentrum baart zorgen. Door de economische recessie en het wegvallen van de lutherse diaconieweken is er sprake van een tekort over 2003. De beheerder verwacht overigens over 2004 een gunstiger resultaat. Het bestuur van ‘Hoekelum’ vindt dat de lutheranen moeten nadenken over de toekomst van hun buitencentrum: “Moet Hoekelum eigenlijk wel blijven?”, was de uitdagend vraag die Hoekelum-bestuurslid mevrouw F. Hafkamp stelde. De voorzitter van de Stichting Vrienden van Hoekelum, K.Bodlaender, kon meedelen dat de Stichting Melanchton aan lutherse gemeenten een subsidie van 75 procent van de kosten geeft, als zij met een groep Hoekelum bezoeken. Mevrouw Hafkamp hoopt op een positieve uitkomst van gesprekken met de Synodale Commissie over ‘Hoekelum’.

Synodeverkiezingen in februari
De verkiezingen voor een nieuwe synode zullen in de gemeenten in februari 2005 plaats vinden. Dat is een maand later dan normaal. De reden hiervoor is dat er weinig kandidaten werden aangedragen vanuit de gemeenten. De Synodale Commissie heeft zelf ook mensen benaderd om zich kandidaat te stellen. Uiteindelijk is er een lijst met 29 kandidaten niet-predikanten en 15 kandidaten predikanten opgesteld. De nieuwe synode zal bestaan uit 24 niet-predikanten en 12 predikanten. Voor synodepresident mevr. Ds. I. Fritz was het duidelijk dat er de komende vier jaar een besluit moet worden genomen over een verkleining van de synode. De eerste zitting van de nieuwe synode is op 3 en 4 juni 2005.

Dr. Norbert Denecke gast namens VELKD
Als afgevaardigde van de Verenigde Evangelisch-Lutherse Kerk in Duitsland (VELKD) was dr. Norbert Denecke als gast aanwezig tijdens de synodezitting. Bij de VELKD coördineert hij de contacten met andere kerken in Europa. Daarnaast is hij secretaris van het Duitse Nationale Comité van de Lutherse Wereld Federatie. Dit comité coördineert de contacten van de Duitse lutherse kerken met de LWF. Dr. Denecke is de opvolger van ds. mevr. Käthe Mahn. Zij ging vorig jaar met emiritaat en was een geregelde gast tijdens synodezittingen.
Dr. Denecke berichtte over de versterkte samenwerking tussen de VELKD en de Evangelische Kerk in Duitsland (EKD). In de EKD werken alle protestantse kerken in Duitsland samen. De VELKD en de EKD zullen in 2007 samengaan, waarbij de VELKD naast de eigen identiteit, ook een eigen structuur zal behouden.

Evangelisch-Lutherse Synode krijgt andere functie
Na het inwerking treden van de kerkorde en de ordinanties van de Protestantse Kerk in Nederland op 1 mei 2004 heeft de Evangelisch-Lutherse Synode een andere rol gekregen. Het is niet meer het bestuursorgaan van de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden. Want die kerk is immers opgegaan in de PKN. Er vond daarom op 18 september een beraadsdag plaats, waarop synodeleden met elkaar van gedachten wisselden over de nieuwe rol. Het resultaat van die dag was een heldere beleidsnotitie die op 11 december door de Synode werd besproken.
De rol van de Evangelisch-Lutherse Synode zal in de toekomst vooral liggen op het terrein van adviseren, begeleiden, verzorgen, versterken van de onderlinge contacten en het bevorderen van integratie van evangelisch-lutherse gemeenten in de PKN.
De synode heeft echter ook een taak (vastgelegd in de kerkorde) voor de PKN als geheel. Het gaat daarbij om adviseren, het bevorderen van integratie en het inbrengen van de lutherse traditie. De beleidsnotitie vermeldt dat de synode zich daarbij vooral moet richten op de accenten: liturgie en kerkmuziek; lutherse theologie; Nederlandse lutherse kerkgeschiedenis, kerkelijke organisaties vanuit lutherse perspectief; oecumene: de wereldwijde tafel- en kanselgemeenschap, in gemeenschap met de lidkerken van de LWF en ook met andere kerken en kerkgenootschappen. De PKN is lid van de Lutherse Wereldfederatie geworden.
Scheidend synodelid mr. T. R. Seinstra vond dat de evangelisch-lutherse synode niet te bescheiden moet zijn over de eigen rol in de PKN: “Wij moeten het lutherse zout in de PKN-pap worden”, stelde hij. Hij vroeg zich af: “Hoe blijft het lutheranisme de PKN grondvesten?”, daarmee wijzend op de grote taak, die er ligt om de PKN een luthers gehalte te geven.
Drs. M.H.H. de Weerd wees ook op de brede taak. Hij vond de beleidsnotitie een eerste aanzet. “Het is een inleidende fase van een beleidsontwikkeling”, stelde hij. Ds. T.K. van Dam hoopte dat het enthousiasme, waarmee op de beraadsdag over de toekomst was gesproken, ook in de verdere beleidsontwikkeling zal blijven doorklinken. Ze drong aan op snelheid bij het formuleren van het vervolg op de notitie. “Het tempo van twee synodezittingen per jaar is hiervoor te laag”.
Ds. H. Mudde wees er op dat lutheranen niet alleen hun eigen traditie in de PKN moeten inbrengen en versterken, maar ook oog moeten hebben voor de rijkdom van de calvinistische traditie. Hij pleitte voor bescheidenheid in het aantal doelen dat gehaald moet worden. “We moeten niet alles willen.” Drs. A. van der Meij pleitte voor een sterker accent op vernieuwing in zowel kerk als theologie.
De Synodale Commissie zal de voorstellen voor het vervolg van de beleidsnotitie verder uitwerken. Uiteindelijk zal er een beleidsplan voor de komende synodeperiode uit moeten komen.

Rapport over geweld naar Generale Synode PKN
Het rapport ‘Kerken zeggen NEE als het gaat om geweld tegen vrouwen’ van de Lutherse Wereld Federatie zal door de Evangelisch-Lutherse Synode ter bespreking worden aangeboden aan de Generale Synode van de Protestantse Kerk in Nederland. Het rapport zal vergezeld worden van een gespreksbrochure, die gebruikt kan worden in de gemeenten.
De bespreking van het rapport werd ingeleid door mevr. Ds. C. Hübner. Zij is vertegenwoordiger voor West-Europa van WICAS (Women in Church and Society), een onderdeel van de LWF. In het rapport worden verschillende vormen van geweld tegen vrouwen (en kinderen) aan de orde gesteld. Ook worden de oorzaken besproken. Die liggen onder meer ook in bepaalde opvattingen over de bijbel en de rol die de vrouw daarin speelt.
Ds. D.Th. Strasser vond dit laatste een uitdaging om in te brengen in het geloofsgesprek, dat er in het kader van de Protestantse Kerk in Nederland moet plaats vinden. “Wij vinden dat de Schriftopvatting dynamisch moet zijn. Dit is een heikel punt. We kunnen er echter niet omheen. Er staat veel op het spel.”
De nog uit te brengen gespreksbrochure zal zowel landelijk als plaatselijk mogelijkheden bieden. Mevr. A. Brandsma, die zich namens de PKN met vrouwenzaken bezig houdt, pleitte voor het bespreken van de problematiek van geweld met groepen binnen en buiten de kerk. “Het dient ook een onderdeel van het interreligieuze gesprek te zijn. Islamitische vrouwenorganisaties hebben ook interesse in dat gesprek. Maar ook met humanisten moeten we het gesprek aangaan.”

Brochure ‘Lutherse spiritualiteit’ gepresenteerd
Er is in evangelisch-lutherse gemeenten veel interesse in het verdiepen van de kennis van de eigen traditie. Dat bleek tijdens een telefonische enquête, die de Commissie Gemeentetoerusting in 2002 hield. Het Evangelisch-Lutherse Seminarium ontwikkelde daarop de cursus ‘Lutherse sporen in theologie en kerk’. Deze cursus wordt inmiddels op negen plaatsen gegeven en er doen inmiddels zo’n 140 mensen aan mee. Om het gesprek over lutherse identiteit nog verder te versterken heeft de samensteller van de cursus ‘Lutherse sporen”, ds. mevr. A. Groeneveld, samen met ds. mevr. M. van der Meij-Seinstra van de Commissie Gemeentetoerusting, een brochure uitgebracht, onder de titel ‘Lutherse spiritualiteit’. In de brochure worden zaken als kerklied en eredienst, doop en avondmaal, ambt en kerk, behandeld. De brochure is voor individueel gebruik, maar is ook nuttig voor een gespreksgroep. De brochure is gratis. Voor een bestelling van meerdere exemplaren hoeven alleen de portokosten worden betaald. De brochure kan worden besteld bij de Stichting Lutherse Uitgeverij en Boekhandel, p.a. Lutherse Burgwal 7, 2512 CB Den Haag, tel. 070-3648094, e-mail: slubdenhaag@hetnet.nl

Afscheid mr. T.R. Seinstra
De Evangelisch-Lutherse Synode nam afscheid van een van haar zeer ervaren leden: mr. T. R. Seinstra. Hij heeft aangegeven geen deel te willen uitmaken van de nieuwe synode. Na 36 jaar synodelidmaatschap vindt hij het welletjes. Seinstra was vele jaren 1e secretaris van de Synodale Commissie. Vooral om zijn juridische en bestuurlijke kennis betekende hij veel voor de Evangelisch-Lutherse Kerk in het Koninkrijk der Nederlanden. Met name in de laatste fase naar de vereniging. “Uw inzet was een hele grote”, zei synodepresident ds. mevr. I. Fritz in een dankwoord. “Uw redevoeringen in de synode waren altijd duidelijk, uitdagend en richtinggevend.”
Zij hoopte dat de kennis van mr. Seinstra voor de nieuwe synode niet verloren zal gaan. Zij kondigde de instelling van een deskundigenpool van mensen uit lutherse kring aan. “U hoort daar zeker bij”, stelde ds. Fritz.

Samenstelling: Jibbo Poppen

Reageren: jibbo@planet.nl