Bij verwijzing naar deze website in digitale of schriftelijke publicaties, graag een correcte bronvermelding: Willie Damen van de Mosselaer
De aktes zijn gescand te zien op BHIC, scans Sint Oedenrode. (Noteer inventaris- en folionummer)
Oud Rechterlijk Archief Sint Oedenrode Inventaris 171 periode 22 october 1714 - 2 juni 1717
Inventaris 171 jaar 1714 folio 1 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Pauwels Wonders metter doot ontruimpt ende achergelaten heeft ende is die voorschreven Pouwels sonder wettige geboorte naer te laten binnen de stadt van 's-Hertogenbosch in september 1714 deeser werelt comen te overlijden. Eerstelijck de helft in een huijs ende hoff gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Wofswinckel, neffens erfve de eene sijde de gemeente, de ander sijde als boven. Item de helft in een huijs, hof als hopvelt aen malcanderen gelegen binnen Sint Oedenrode ter plaetse Ollant. Neffens erfve de eene sijde de weduwe Gerit Stans Molemakers, de andere sijde Ariaen Kerckhof.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 4 So sullen de drij meerderjarige kijndere van wijle Johan van de Sande met name Lambert, Ariaentie ende Jan Wellens als in huwelijck hebbende Elisabeth van de Sande, openbaerlijck ende voor alle man vercoopen eenen schoonen ende wel gelegen hoijbeempt gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse inden Diependael, neffens erfve de eene sijde Jan de Vroom met meer andere, de andere seijde ende eene eijnde de gemijnte, de andere eijnde de riviere de Dommel. Gekocht door Jan Peeter Maes.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 9 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Jan van de Hurck metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke voorschreven Jan Jacobs van den Hurck den 4e december seventien hondert en veertien binnen de vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naar te laten deeser werelt is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 11 Soo heeft de heer Johannis Ignatius van Eeckart als last en procuratie hebbende van de heer Gerardus van de Eeckart sijne Oom, in gerechte verpachtinge uijt gegeven aen Cornelis Daendels van Rijsinge een huijs, hof ende schuer, mitsgaders hoij, weij ende teullant ende dat in sulcke groot ende voegen soo als Wouter Peeter Wouters dat tegenwoordigh in sijne gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen desen vrijheijt Sint Oedenrode onder den hoeck van Ollant. Lambert Dircx Schoenmakers is zijn borger.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 15 De heer Dederick Adolphus van Boninghuijse, heeren van Walbeeck ende Twiststede, als man ende momboir van vrouwe Maria Beatrix de Jeger ende den Canonick Sellekaerts als momboir van de vier onmondige kijnderen van wijle de heer Hendrick Carel de Baussele ende verwekt bij wijle vrouwe Maria Catharina de Jeger, als eenige erfgenaemen van wijle de heer Johan Charel de Jeger. Welcke hebben verclaert te lauderen ende approbeeren alsulcken cessie ofte transport van capitale van renten tot Brussel etc.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 17 Akte over het testament van wijlen de heer Johan Carel de Jeger ende vrouwe Maria van Erp aen hunne dochter Maria Catharina de Jeger. Verder genoemd in deze akte de heer Sellekarts, de hoeve op Varenhoudt ende het adelijck huijs met de goedere gelegen tot Sint Oedenrode.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 19 De heer Dederick Adolphus van Boninghuijse als in huwelijk hebbende Maria Catharina de Jeger ende de heer Sellkarts canonick tot Diest als momboir over de vier minderjarige kijnderen van wijle Hendrik de Boussel. Die welcke verclaerde volmachtigh te maken soo als sij doende bij deesen, Johannis Schoonhoven secretaris der voorschreven vrijheijt, omme te vercoopen ende te vesten de gruijt soo van Roij, Liempt, Schijndel, Son ende Breugel, oock omme te veste de graaf Lambertus van Berlo assidant van de heer Fagel den Wolffswinkelse molen met den aencleve van dien.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 21 Taxatie van de naer gelatene goederen die de weduwe wijlen van de heer Hendrick Pennecamp metter doot ontruijmt ende naergelaten heeft. Ende is die voorschreven juffrouw Pennecamp sonder wettige geboorte naer te laten binne de stadt 's-Hertogenbosch 714 is comen te overlijden. O.a. de helft in een huijs, hof ende den Calverdries met het teullant daer bij gelegen met een heijvelt gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inde Eversche. De eene sijde de gemijne straet, de ander sijde Ariaen Gielens, met meer andere.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 26 Jan ende Jan Peeter, Jenneken ende Marie gesusters ende broeders kijnderen van wijlen Jan van de Loo de Jonge veweckt bij deselve ende bij wijle Cathalijn Martens Sanders. Die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van goederen haer bij versterf van haere ouders erffelijck aengecomen. Aan Peeter van de Loo o.a. een huijs, backhuijs verckenskoij ende den hof met het teullant daeraen gelegen tot den veursten middel cant toe. Gelegen binnen deesen vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inden Veursten Bosch, neffens erfve de eene sijde de Graef van Tildonck, de andere sijde Jan an de Loo den mede condivident, de eene eijnde de gemeijne straet, de andere eijnde Jan Handrick van Herentum cum suis. De schuer als pertstal die tegenwoordigh bijt huijs sijn staende sal mogen blijve staen tot toecomede oist over een jaer, mits dat de selve als dan van plaets sal moeten geruijmpt werden als wanneer het den voornoemde Peeter dat believe sal ende sal deselve schuer oock over het lant van Peeter voorschreven mogen gedreven worden naer Pieternel Tijsse Versantvoort huijs toe. Aan Marie van de Loo een huijs, schuer, hof ende het teullant daer aen gelegen ter plaetse opt Varenhout, waervan de andere helft is competerende de weduwe Hendrick Gerits de Cuijper. Neffens erfve de eene sijde de erffenamen mijnheer Jeger, de andere sijde Lambert Peeter van Dinter, de eene eijnde Lambert Habracke, de ander eijnde de gemeijne straet. Aan Jan van de Loo de jonge o.a. een huijsplaets ende het teullant daer bij gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse opt Schoor. Neffens erfve de eene sijde ende eene eijnde Huijbert Lambert Dircx, de andere sijde ende de andere eijnde de gemeene straet.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 36 De tafel van de Heilige Geest van Megen sal verpachten eene hoeve lants gelegen in de vrijheijt van Sint Oedenrode ter plaetse genoemt In den Bosch met alle daer toe behoorende landerijen, beemden, euselen en heggen. De hoeve bestaende in woonhuijs, schuer, schaapskoije en wagenhuijs. De hoeve bewoont werdende bij Thomas Jan Thomas van de Morselaer, opnieuw verpacht aan Thomas Jan Thomas van de Morselaer. Wouter Maes ende Gerart Tomisse van de Mosselaer sijne borge. Ook genoemd in deze akte Jan Frans Reuvers als getrouwt hebbende Maria Hendrick Rossums, Peeter van Dinter tot Breugel. Den oude hoevenaer Thomas Janssen van den Mosselaer en sijnen broeder Hendrick Janssen van den Morselaer. Jan van Raessen.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 44 Soo wierdt ten beurden gebracht de erfve gebruijckt werdende bij Matijs Gerit Dielen. Gemijnt bij den selve Matijs Gerit Dielen. Cornelis van de Oever en Gerart Tijsse Gerit Dielen sijne borge.
Inventaris 171 jaar 1714 folio 46 Soo sal Willem Cranen ende Dielis de Roij als gelasten soo als sij verclaarde van Lutgardis Sijmons weduwe Gerit de Roij vercoopen, (haer bij testament van Gerit de Roij haere man saliger gegeve wesende van 16 julij 1696) een huijs ende hof aen malcander gelegen ter plaetse in de Aude Vrijheijt, neffens erfve de eene sijde Jacob van de Hage, de andere sijde het Kerckstraatje, de eene eijnde de gemeene straet, de ander eijnde den Burchgraef. Gekocht door Catharina Cranen weduwe wijlen Jan Claes Hoofmans, tot behoeve van Jan de Vroom.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 51 Soo heeft Jan Oers van Heretum in gerechte verpachtinge uijtgegeve aen Rombout Jan Tijsse van Breugel een huijs, schuer, backhuijs met het teullant, weijlant daer bij gehoorende, soo ende gelijk Jan Willem Teunis tegenwoordigh in sijn gebruijck is hebbende. Gelegen ter plaetse Vressel.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 54 Soo sal den heer Diederick Adolphus van Bonninghuijse, de heer Dionisius Sellekarts canonick van Sint Sulpitius tot Diest in qualiteit als mombor van vier onmondige kijnderen van wijle de heer Hendrik Boussel verpachten, een hoeve, bestaende in huijs, schuer, schop als verckenskoij met het teul weij als hoijlant daer bij gehoorende. Soo ende gelijck de weduwe Jan Habrake dat tegenwoordich van voorschreven heere in haere gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen Sint Oedenrode ter plaetse int Varenhout. Gepacht door Ariaen van de Wijdeven.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 60 Verpachting van de grote ende klijne wagen. Gepacht door Jacobus Hombergh.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 67 Soo heeft de weduwe Ariaen Pauwelse in gerechte verpachting uijtgegeven aan Jan Janssens van de Laeck, een huijs, hof, teul ende weijlant. Soo ende gelijck Emont Cluijtmans dat tegenwoordigh van de weduwe voorschreven in gebruijck is hebbende. Uijtgenomen het veurste van de hof tot de haese nootehegh toekomt de verhuerdersse aen haer selve ende verder niet. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode, ter plaetse aen de heij.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 70 Willem Cranen als rentmeester van de heer Macxmiliaen Joseph Viscond de Audenaerde, grave van Tildonck etc. in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Jan Jansse van de Loo de jongen, o.a. een hoeve, bestaende in huijsinge, schuer, hof ende bogart, mitsagaders teul, weij ende hoijlant in sulcken groote ende voegen soo ende gelijck Seger Ariaens dat tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 75 Aanbestelt het collecteeren der hoore ende besaijde mergen, het slach ende de bieren, wijnen als brandewijnen van jaeren 1714, aan Johannis van Herentum de jonge.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 78 Soo heeft Jan Jansse van de Loo de jonge, als mede mondelinghe lasthebbende van Jenneke ende Marie van de Loo sijne susters in gerechte verpachtinge uijtgegeven aan Peeter Lambers van Heijde, o.a. een huijs ende teullant met de cante daer bij gehoorende, soo ende gelijck de weduwe Jacob van der Palen dat van de voorschreven van Loo in haer gebruick is heeft gehad. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inden Veursten Bosch.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 81 Soo heeft Hijbert Lambert Jan Dircx in gerechte verachtinge uijtgegeven aen Willem Janssen van der Velde, een huijs, hof, schuer ende schop, hetgeene Peeter Lamers van der Heijde tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnne deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse opt Schoor. De verpachter reserveert de helft van het fruijt dat in den bogert sal comen te wassen, de eene kersboom reserveert de verhuerder tot sijn behoef.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 85 Huwelijkse voorwaerden. Ariaan Coppens bruijdegom geassisteert met Jan Janse Kemps sijne schoonvader ende Elisabeth Nijnens weduwe wijlen meester Casper van de Broeck, tegenwoordige bruijt en Antoni van Deursen tot haere vercoore momboir.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 86 Soo heeft Bendert Vlijmincx in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Jan Ariaens de slachter een erfve, bestaende in huijs, schuer, schop, teul, hoij ende weijlanden, in sulcke groote ende voege soo ende gelijck Willem Peeters dat tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Broeck onder den gehuchte van Bosch. De verpachter reserveert de hellichte vant fruijt dat inden Bogart sal comen te wasschen.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 90 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke den heer Johan gebooren Baron van Leefdael in sijn leven heeren van Deurne en Liessel metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft, sonder wettige geboorte naer te laten. O.a. een huijs, hof met het teullant daer aen gelegen ter plaatse op de Coeveringh.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 93 Wouter Jan Pasmans woonende tot Beeck als vader en vocht vant onmundich kint genaempt Anneke verweckt bij wijle Marie Teunis Pennincx sijne geweesene huijsvrouw, Jacob Teunis Pennincx, Huijbert Lambert Dircx als man ende momboir van Cathalijn Teunis Pennincx ende Anthoni Roijackers als man ende momboir van Jenneke Tonis Pennincx. Die welcke verclaerde met malcander aengegaen te hebben een erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvicheijt van haer vader als grootvader erffelijck aengecomen. O.a. aan Toni Roijackers, een huijs ende de helft van de hof met het aangelach, de ander helft van de hof als aengelach is te deel gevallen Huijbert Lambert Jan Dircx den mede condivident, gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse opt schoor. Neffen erfve bijde de sijde ende eene eijnde den voorschreven Huijbert Lambert Jan Dircx, de andere ijnde de gemijne straet. O.a. eenen hoijbeempt genaempt den Hoeve beempt groot een kar hoijgewasch, gelegen tot Son, neffens erfve de eene sijde Huijbert Lambert Jan Dircx, de ander sijde Peeter Jacobs van de Mosselaer.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 102 Taxatie van de naer gelatene goedere die welcke Peeternel Cornelisse van der Hage metterdoot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke voorschreven Peternel op den vier en twintichste januarije seventien hondert vijfftien binnen de vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naer te laten deser werelt is comen te overlijden. O.a. de helft in een huijs, hof met het aengelegen lant. Gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse In de Haegh, de eene sijde Jan Kemps, de andere sijde de weduwe Michiel van Lieshout. Jenneke Cornelisse van der Hage eender erfgenaem.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 108 Soo geeft Jan Handrick Vogels hem selve fort en sterck makende voor Jenneke Handrick Vogels sijne suster in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Dirck Dirck Peeter, een erve bestaende in huijs, schuer, teul, hoij ende weijlanden. In sulcke grote ende voegen soo ende gelijck Jan Luijcas Mercx dat tegenwoordic in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aende Nensselse Brugh.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 112 Soo heeft Pauwels Jan Pauwels in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Jan Luijcas Mercx een erf, bestaende in huijs, hof, hoij, weij als teullant. In sulcke groote ende voege soo ende gelijck hij Pauwels Jan Pauwels dat tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Eulkens Ven.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 115 Testament van Jacob van der Hage ende Judick Janssen van Hirtum sijne tegenwoordige huijsvrouwe (gewesen huijsvrouw van Gerart Heijmans van der Wiel). Niet bij name genoemd: haar voorkint verwekt bij Gerardt Heijmans van de Wiel.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 117 Inventaris van erf meublen die welcke Gerit Heijmans van de Wiel ende Judig van Herentum te samen hebben toebehoort ende alsoo den voorschreven van de Wiel is comen te overlijden des selfs weduwe wederom getrouwt sijnde met Jacob van de Hage, soo sijn deselve meubelen ingebragt ende daer mede sijn huijshoudende. Soo heeft de voorschreven Judig van Heretum die siek te bedde leggende, gemaeck dese staet ende inventaris soo als hiernaer is volgende. O.a. een koets met een veere bed met twee veeren kussens en een hoofdpeuluw, twee greune dekens, de gardijnen met den omloop, het schouwkleet, een laekenscherm, negen houten stoelen met twee biese stoelen, een toeslaende tafel, de spiegel, de kapstock, het eetens bloxen, den bruijnen block, de winkel de houtere schael met de kopere schael, de gewichten, een lepelhuijsken, veertien tinne lepels, eene swarte mantel een bruijne stoffe schort, een koijen rock, een kalemincken stick lijf, ses silveren knoopen, eenen gouwen rinck van haeren eersten man, en een gouwe cruijs, eenen silveren trouwpenninck, 't lijnwaet dat tot de vrouw haer lijf is behoorende sullen beijde de meijskens moeten deelen te weeten van de eerste en 2 bedde, 't silver eijser en een silvere rinck met 7 groffe stenen, de falie.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 120 Soo sal Cristina Peeter Tijsse van Breugel in gerechte verpachting uijtgeve aen Pauwels Janse een huijsken ende achterhuijs, hof, teul, hoij ende weijlant met het teulland daerbij gelegen. In sulcke groote ende voegen soo ende gelijck sij verpachteresse dat tegenwoordich in haer gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Vressel.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 122 Alsoo questie ende verschille stonde te gerijsen tusschen de erffgenamen ende kinderen van wijlen Johan van de Sande ende Anthonisken Kempts ter ander sijde, geassisteert met Dirick Brodde hare vercooren momboir in desen geweesene dienstmeijt van den voorschreven van de Sande. Over ende ter saike van hare huere als andersints. Soo tot laste van des selfs kinderen soo in hare prive of in qualiteit als erffgenamen van de voorschreven van de Sande heeft te pretendeeren.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 124 Verklaring door Peeter Molemakers president ende Peeter van Gestel medecine docter en schepen deser vrijheijt, dat Jan Gerits gweesene soldaet onder de compagniet van den Capiteijn de Sienne, alhier woonaghtich ende noch int leven is, dogh dat den selve blint aen sijn ooge is, ofte wel weijnich daer mede can sien.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 125 Alsoo den heer Hendrik Walrave Gagie, toebehoorende een hoeve gelegen tot Breugel, tegenwoordich gebruijckt werdende bij Jan Jaspers ende de selve inde kerstdage 1714 mondelinch is opgeseijt. De hoeve is opnieuw verhuert geworden aen Jan Jaspers. De pachter zal o.a. tot sijne lasten de stijlen als andersints gesoncken sijnde, sal moeten doen opwinden en daer blocken onder brengen naer den eijsch.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 130 Taxatie van de naar gelatene goederen die welcke Maria Dirk Molemakers metter doot ontruimpt ende naergelaten heeft. Welcke voorschreven Maria sonder wettige geboorte naer te laten binnen den dorpe van Barlo hertogh is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 131 Peeter Molemakers president, Peeter van Gestel medecine docter ende Rogier van Deursen schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode, quartiere van Peelandt meijerije der stadt 's-Hertogenbosch, verclaeren dat Arnoldus de Roij meester orloijsie maker, woonende binnen de vrijheijt van Oerschot. Onsen oirlogiens omtrent de twintich jaeren, een jaer of twee onbegrepen min ofte meer, soo opde Eerschotse als onder Sint Oedenkercke jaerlijcx voor een seckeren prijs heeft onderhouden ende nogh is doende in alle nootsackelijcke reparatie ende alle nieuwe wercke die van tijt tot tijt daer aen gevallen sijn loffelijck gemaekt. Alnogh heeft den voorschreven meester gemaekt eenen nieuwe vergulde wijser, datter hier in Peelant soo geene te vinden is van schoonste aende oirlogie tot Eerschodt, die wel omtrent de twintich voeten aende tooren op een ander plaets alswaer den auden heeft gestaen hooger gebracht. Item heeft den voorschreven meester gemackt een nieuwe Canie in de groote klock int jaer seventien hondert twalf. Welcke klock omtrent is swaer tusschen de (een gedeelte is niet ingevuld) duijsent pont, welcke klock daer het minste niet mede is gehindert en tot huijdigen deesen dage toe is gaende van resonantie als andersints, al soowel als met de aude canie hadde gedaen ende hebben verschijde meesters besien offer cans waer om een nieuwe cani inde voorschreven klock te maken, maer niemant heeft het werck sigh selve derven onderwenden dan alleen de voorschrevene meester de Roij. Oock vans gelijcke vier oirren die aende Sint Oeden klock on stucken waeren loffelijck gemacht al ofte niet on stucke waere geweest ende daer mede weer luijdende als van te vooren is geweest.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 134 Jan Wellens als man ende momboir van Elisabeth van de Sande sijne tegenwoordige huijsvrouwe, Lambert van de Sande, susters ende broeders die welcke verclaerde machtigh te maken soo als sij sijn doende bij deesen de heer Philip van Delden, omme ten behoeve van de comparanten met de ledige hant te verheffen ende tot sterfman te laten stellen den persoon van Lambert van de Sande, wegens seckere hoijbeempt gelegen ter plaetse inden Diependael.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 136 Soo heeft de heer Hermen Cramers in gerechte verpachting uijtgegeven aen Emont Jan Emonts een huijs, hof, schuer met de camp teul, weij als hoijlant in sulker grote ende voegen soo ende gelijck de weduwe Antoni Huijbers voor deese in eijgendom heeft gehadt. Gestaen ende gelegen ter plaatse in den Goijendonck. Borgen zijn: Willem Willems en Raijmaker ende Jan Jan Emonts.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 140 Taxatie van de naergelatene goederen dewelcke Claes Goorts metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke voorschreven Claes op den achtsten april seventien hondert en vijftien binnen de heerlijckheijt van Sint Mighielsgestel sonder wettige geboorte naer te laten deeser werelt is comen te overlijden. O.a. het derde part in een huijs ende hof, gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse in de Eversche. Neffens erfve de eene sijde de kijnderen Cornelis van de Hage, de ander sijde de gemeente. Jan Goorts een der erfgenaem.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 147 Soo sullen de erfgenamen Goort van Dinter te weete met name Peeter Goort van Dinter, Hans Goort van Dinter, Jan Lenders van de Loo als man ende momboir van Jenneke Goorts van Dinter sijne huijsvrouw, Ariaentie Goorts van Dinter weduwe van wijle Hand. Frans Rovers, Evert Peeter Evers als man ende momboir van Cathalijn Goorts van Dinter ende die voorschreven Peeter Goorts van Dinter als momboir van de twee onmundige kijnderen van wijle Goort Goorts van Dinter inwoonder alhier ende Lijsebth Blommeaerts als in huwelijk gehadt hebbende Jan Goorts van Dinter als moeder over haer minderjarigh kint verwekt bij wijle den voorschreven Jan van Dinter inwoondersse der stadt 's-Hertogenbosch, teullandt vercoopen. Vercocht aen Jan Lambers van der Heijde.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 156 Verklaring door Peeter Molemakers president ende Peeter van Gestel medicine doctor schepenen deesen vrijheijt, beneffens Lambertus van de Sande curigijn alhier. Dewelcke hebben gevisiteert het doode lichaam van Jacomijn dochtere Willem Jacobs out omtrent twee en een half jaer. Het welck in eenen sloot bij de huijsinge van de heer Hendrick Molemakers president alhier verdroncken was en hebben bevonden dat het doode lichaam vant voornoemde kint van Willem Jacobs ten minste egeene quetseure en hadde dan verdroncken te sijn geweest.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 157 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Lijsbeth Lambert Jan Thomas metter doot ontruijmpt ende achter gelaten heeft ende is die voorschreven Lijsbeth sonder wettige geboorte naer te laten in april 1715 binnnen den dorpe van Woensel deser werelt comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 161 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke juffrouw van Bree als in huwelijck gehadt hebbende de heer Jacobus Minten metter doot ontruimpt ende naergelaten heeft, sonder wettige geboorte naer te laten binnen de stadt 's-Hertogenbosch is comen te overlijden. O.a. een huijs, hof met het teullant daer aen gelegen ter plaetse Vressel. Neffens erve de eene sijde Ariaen Olislagers, de andere sijde de gemeente.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 165 Jan van der Loo de jongste, Jenneke ende Marie van de Loo sijne susters, die welcke verclaerde met malkanderen aengegaen te hebben een contract soo als hiernaer is volgende als dat hij Jan van de Loo sal betalen aan de heer Hermen Cramers de somme van vier en sestich gulden wegens achtestel der ververpondingen. Aen de weduwe G, Stans Molemakers 36 gulden wegens intrest. Aen van Ente tot Eijnthoven 30 gulden wegens intrest. Aen Deckers ten Bosch 28 gulden wegens intrest. Aen Goort Teunis Cauwebergh 22 gulden 6 stuijvers 4 penningen.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 167 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Jenneke van Tartwijck weduwe van wijlen Handrick Lambert Kempts metter doot ontruijmt ende achter gelaten heeft ende is die voorschreven Jenneke sonder wettige geboorte binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode op den tiende meij 1715 comen te overlijden. O.a. de hellichte van huijs ende hof, gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse in de Aude Vrijheijt aende Mercktvelde, de eene sij Willem Cranen, de ander sijde het gemene lant. Item alsnog een huijs daer neffen aen gelegen, neffens erve het huijsken van gemene lant.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 171 Jacop Hendrick Goorts van Dinter, Hendrick Janse van Herentum als man ende momboir van Jenneke Hendrick Goorts van Dinter ende Dielis Gijsbert Cronenburgh als man ende momboir van Mari Hendrick Goorts van Dinter susters ende broeders alle kinderen ende erfgenamen van wijlen Hendrick Goorts van Dinter verweckt bij deselve en bij wijle Cathalijn Gerit Dielen sijne gewesene huijsvrouwe, die welcke verclaarde met malcanderen aengegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvigheijt van haeren ouders erfelijck aengecomen. Aen Hendrick Janse van Hirtum ende Dielis Gijs Cronenburgh sijne swager o.a. een huijs, schuer, schop en hof met het teul als groeslant daer aen gelegen ter plaetse in de Donderdonck. Neffens erfve de eene sijde de heer Lariveere, de andere sijde de gemeijnte, de eene eijnde de weduwe Gerit Stans Molemakers, de ander eijnde Mathijs Walraven cum sius.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 176 Akte over de tiende van Schijndel, (daar is een groot meningverschil over ontstaan), competerende de Faculitijt van Loven. Genoemde personen: Jacobus Hombergh, Jan Kemps, Ariaen Coppens ende Hendrick van Roosmale inwoonder deesen vrijheijt. Huijbert van Mensel. Faes van Gemert, Peeter van Hamont. N. van Kessel sijnde een timmerman off cuijper van sijne ambach ende eene hasemont hebbende
Inventaris 171 jaar 1715 folio 181 Soo sullen de erfgenamen van wijlen Lijssebeth Lambert Jan Tomans vercoopen de helft in vijf parceelen teullant. Kooper is Wouter Aert Otters.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 188 Soo sullen de erfgenamen van wijle Jenneke Dircx van Tartwijck vercoopen een stuck soo teul als groeslant. Kooper Jan Jansse Kemps tot behoeft van Ariaan Coppens sijne schoonsoon ende Johannis van Herentum de Jonge.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 195 Peeter Molemakers president ende Peeter van Gestel schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode, verclaeren dat op den 3e augustus seventien hondert en vijftien alhier binnen de vrijheijt is comen te overlijden Meester Gijsbert Webster in sijn leven schoolmeester alhier. Gevende sij deponente rede van welwetenheijt als dat sij het doode lichaem van Gijsbert Webster doot op sijn bed hebben sien leggen ende den tweede deponent verclaert nog verder dat hij in sijn sieckte hem als doctor heeft geassisteert.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 197 Jan Jansse van de Loo, die welcke sich selve heeft gestelt als borge principael voorde weduwe Jan Habrake sijne schoonmoeder ende dat voor de verachter staende verpondinge aende heer Hermen Cramers verschult over het jaer seventien hondert dartien ende veertien, wegens de hoef daer de weduwe voorschreven op gewoont heeft ende toe behoorende de erfgenamen van wijle den heer Johan Charel de Jeger, in sijn leve woonende op Lochtenburch.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 198 Taxatie van de naer gelatene goederen, die welcke Willem Jan Teunis metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft. Welcke Willem Jan Teunis op den vijfden julij 1715 binnen de vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naer te laten deeser werelt is comen te overlijden. Mechgel Willem Jan Teunis een der erfegnaem
Inventaris 171 jaar 1715 folio 202 Soo heeft Willem van Weerdt meester leijdekker tot 's-Hertogenbosch, voor een vierde part, ende sich selve fort ende sterck makende voorde heer Charro als in huwelijk hebbende juffrouw Henderina van der Horst, die is toebehoorende de andere drie resterende parten. In gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Jan Handrick Vogels eene hoeve soo van teul, huijs, weij als hoijlant, soo ende gelijck de selve pachter tegenwoordich van de voorschreven verhuerders in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Nenssel. Den verpachter neemt aen eene nieuwe schouw te laten maken in de huijsinge ende dat binnen een jaer.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 206 Peeter Molemakers president en Rogier van Deursen schepenen der vrijheijt, beneffens de heer Peeterus van Gestel medicine doctor ende Lambertus van de Sande suresijn bijde inwoonderen alhier. Die welcke hebben gevisiteert het doode lichaem van Willem soone Wouter Jooste van Erp out omtrent veertien jaer ende bevonden dat door eenen val uijt eenen notenboom de blaes in het lijf was gebarsten, oock een questeur was hebbende in sijnen buijck, dat niet dodelijck was, maer het bersten van de blaes heeft de doot doen veroorsaecken.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 207 Soo heeft de heer Johan Gerart Knops grondt meijer des lants Thoirn, in name en ten behoeve van de heer Rombout van de Velde sijne swager inwoonder ende borger der stat Mechelen, die vooschreve heer Knops sig selve daer voor fort ende sterck makende, heeft in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Anneke Rombout Aert Gielen weduwe wijle Jan Tijsse van Breugel in presentie van Ruth Ruth Rijckers haere swager, Peeter Janse van Breugel ende Anneke Jansse van Breugel haere kijnderen die de leveringe mede hebben genomen te voldoen een schoon ende wel gelegen hoeve, bestaende in huijs, teul, weij als hoijlant soo ende gelijck de voornoemde weduwe tegenwoordig in haer gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse op den Hout.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 211 Hendrik Jansse Verhoeve inwoonder tot Son, ende Martien Jansse de Cort inwoonder alhier, momboire van de drie onmundige kijnderen van wijle Peeter Janssen Verhoeve,verweckt deselve ende bij wijlen Margriet Janssen de Cort.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 212 Jan Jansse van Weerdt als man ende momboir van Marteijntjen Janssen inwoonder tot Liempt ende Ariaen Jansse van de Ven inwoonder tot Hoogstrate die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te hebben een erfscheijding ende deijling van de goederen soo als Jan van Weert tegenwoordich in tochte is besittende van Ariaen Jansse van de Ven voorschreven haer bij versterf van haer ouders als haere broer saliger erfelijck aen gecomen. Aen o.a. Ariaen Janssen van de Ven een huijs, hof met het teullant daer aen gelegen, soo groot ende clijn als hetselve gelegen is ter plaetse Liempt genaempt het Duijfhuijs, neffens erfve de eene sijde Wemmer Dircx, de andere sijde Lambert Martens, de een eijnde Jan Sijne schoolmeester aldaer, de ander eijnt de gemijnte. Verder nog genoems: Willem Jan ende Jusijn kinderen van de voorschreven Jan Janse van Weert verweckt bij Jusijn Janse van Meurs sijne gewesene huijsvrouw.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 216 Cornelis de Poorter out omtrent vijftig jaer ende Ferdinand Leefdael out seventien jaeren, loffwaerdige persoonen ende inwoonderen alhier. Diewelcke verclaerde ter instantie van Johan van Neerven burger der stat 's-Hertogenbosch, alsdat sij comparanten hebben sijn geweest ten huijse van Antoni Wilbers, mede inwoonder alhier onder den hoeck van Eerdt, ende dat sij Antoni hebben hooren seggen dat hij sijne pachtinge der goederen alwaer hij is opwoonende betaelt heeft ende nog ten huijdigen dagen is betalende aen Anthoni ende Cornelis van Breugel woonende ten Bosch ende aen Ariaen Donckers woonende tot Vechel.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 218 Jan Claes Vos out vier en tachtig jaeren, lofwaerdighe persoon. Die welcke tuijght ende verclaert ten versoecke van Jan Martens Sanders bijde inwoonderen alhier. Als dat Huijbert Sanders in sijn leven een inwoonder tot Breugel heeft geweest, die welcke heeft gehadt drie vrouwe, bij de eerste heeft hij gehadt heer Willem Sanders. Bij de tweede heeft hij gehadt Jan ende Peeter Sanders, Jan Sanders is getrouwt geweest met Marie Martens ende daer bij verweckt twee soone met name Marten ende Jan Sanders, Marten Sanders is getrouwt geweest met Marie Franssen der Kijnderen ende heeft daer bij verweckt vijff kinderen met name Joost, Jan, Cathalijn, Jenneke ende Lijsbeth gevende hij deponente redenene van wel wetenheijt als dat hij bijde selve van jonghs af op gekent ende daer bij verkeert heeft gehadt.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 219 Alsoo Jan de Vroom ende Dielis de Roij met meer andere te samen sijn geldende, jaerlijcx eene pacht van twalff gulden tien stuijvers aende erfgenamen van de heer Jacob Polen ten Bosch, gaende uijt de huijsinge daer hij de Vroom in is woonende, als uijt het lant daer de Roij op heeft getimmert ende tegenwoordich op is woonende, als mede uijt een koijweijde gelegen inde Neulse weijde.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 221 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Lijsbeth Jan Peeter Martens metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke Lijsbeth op den 20e october 1715 sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Sint Oedenrodeis comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 223 Taxatie waarbij geen naam is ingevuld, maar die binnen den Bosch is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 225 Egidius van Heessel die welcke verclaerde volmachtich te maken Johannes Gerardus van Heessel sijne broeder, omme uijt sijn naem, naer Hilverenbeeck te gaen ende aldaer te ontfangen sijn aenpart ofte gedeelte in een capitael van vijf duijsent gulden, staende tot laste van Hilverenbeeck. Achter gelaten bij wijle jufrouw Jacomina Clara Rijsbosch.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 226 Soo heeft Adriaan Coppens ende Lijsebeth Nijnens sijne tegenwoordige huijsvrouw in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Jan Janse Kluijtmans, een huijs ende hof. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inde Aude Vrijheijt, soo ende gelijck de verpachter dat tegenwoordich in haer gebruijck sijn hebbende.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 228 Akte over het collecteeren der hooren ende besaijde mergen, mitsgaders het slach, biere, wijnen ende brandewijnen.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 233 Testament van Gerardt Jan Gerits ende Margriet Janse van Peer sijne tegenwoordige huijsvrouw. Genoemde persoon: Jenneke Gerit Jan Gerits sijne dochter, tegenwoordich getrouwt sijnde met Peeter Hendricx van Gerwen. Lijsbeth Gerits Jan Gerits sijne dochter getrouwt met Jan Verdusse. In de marge staat: niet gepaseert om redende dat de testateur al buijten sijn kennis was.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 236 Nieuw testament van Gerart Jan Gerarts siek te bedde leggende.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 240 Taxatie van de naargelatene goederen die welcke Maria Handricx van der Velde metter doot ontruijmpt ende naergelaten heeft. Ende is die voorschreven Maria sonder wettige geboorte naer te laten binne dese vrijheijt Sint Oedenrode op den elfden november is comen te overlijden. O.a. een huijs ende hof met het lant daer bij, gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Ollant. Neffens erfe de eene sij de gemeijnte, de ander sijde de weduwe G. Stans Molemakers. In de marge staat: deze neffenstaende taxatie is niet gepasseert om redene dat het goet het taxatiegelt nog collaterael niet weerdig en is, dus memerie geroyeert.
Inventaris 171 jaar 1715 folio 244 Hendrick van de Keer, Wilbert van de Keer ende Dirck van Hoof als man ende momboir van Maria van de Keer, suster ende broeders. Alle kinderen ende erfgenamen van Frans van de Keer verweckt bij de selve ende bij wijle Cathalijn Adriaan Sittert sijne gewesen huijsvrouwe. Die welcke verclaerde met malcanderen aangegaen te hebben eene erfscheijdinge ende deijlinge van goedere hen luijden mits doode en aflijvigheijt van haere ouders erffelijck aen gecomen. Aen Hendrick van de Keer een huijske met den hof daer aen. Gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Eerschot, neffens erve de eene sijde Cornelis Handrik Jans de andere sijde eene kerckpat, deene eijnde de kerckhof de andere eijnde de gemeijne straet. Aen Wilbert van de Keer, een huijs ende hof eertijts de plaets toebehoort hebbende Steven Antonisse. Neffens erve de eene sijde Jan Willems van de Ven, de ander sijde Dirck Janse van Hooft. De eene eijnde eene gemijne voetpat, de andere eijnde de gemijne straat. Hier jaerlijcx te blijven vergelden eene gulden aen de Eerschotse kerck. Aen Dirk van Hoof een stuck teullant, genaempt de huijs plaets, de eene sijde de kindere Jan Goort Vogels, de andere sijde het huijs en hof van Wilbert van de Keer, de eene eijnde kerckpat ende ander eijnde de gemeijne straat.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 248 Hendrick Cornelisse van den Oever ende Jan Marten Sanders inwoonderen alhier. Momboiren van de vijf onmundige kijnderen van wijlen Frans Teunisse der Kijnderen verweckt bij de selve ende bij wijle Marie Cornelisse van den Oever sijne gweesene huijsvrouw.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 249 Soo sal Hendrick Cornelisse van den Oever ende Jan Marten Sanders als momboire van de vijf onmundige kijnderen van wijle Frans Teunisse der Kijnderen verweckt bij de selve mede bij wijle Marie Cornelisse van den Oever sijne geweesene huijsvrouwe, openbaarlijck ende voor alle man verhueren een huijs, hof, teul, weij ende hoijlant, soo ende gelijck den onmundige van haer eijge in gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Vressel. Gepacht door Jan van Roij. Borgen zijn: Willem Willems den Raijmakers ende Jan van Roij den Oude sijne borge.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 254 Soo heeft Aert Aertse Habraken in gerechte verpachinge uijtgegeven aen Peeter Gerit Olislagers een erf, bestaende in huijs, hof, schuer, teul, weijland ende hoijlant, soo ende gelijck Jan Teunisse van Roij dat tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaaatse Nenssel. Borge is Hendrik Willems sijne schoonvader.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 259 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Cathalijn Willem Habraken metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke Cathalijn sonder wettige geboorte naer te laten in januarij 1716 binnnen Feurmont is comen te overlijden. O.a. een derde part in een huijs, hof met het teullant daer aengelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inden Veurste Bosch. Nefens erve de eene sijde Jan van Hirtum de jonge, de ander sijde Henderien Teunisse Vervoort. Jan Dircx een der erfgenaemen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 264 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Pruijn Willem Peeters de jonge metter doot ontruijmpt ende naergelaten heeft. Welcke Pruijn sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Sint Oedenrode is comen te overlijden. O.a. een slecht huijs ende hof, gelegen binnen Sint Oedenrode ter plaetse inde Lichtendonk. Neffens erve de eene sijde Hendrik van de Laer cumsius, de andere sijde de kijnderen Jan Willems. Jan Janse Verdussen een der erfgenaemen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 268 Johan van Hirtum de jonge, die welcke heeft ten versoecke vant hooft oficie getuijght, alsdat op den 29e november 1715 binnen de vrijheijt snachts veur aen sijn huijs een gath is gebrocken geweest door de muer, alwaer sijne winckel is staende ende doen uijtgehaeld als volght: eerstelijck een stuck met twee lappe tierentijn, witte ende roije bay, witte en bruijne karsaij, item twee lappe bruijn stof, iten twee lappe striepe, verschijde paer kousen, soo man als vrouw neusdoecke, wante, hantschoen met noch meer andere clijnckheden.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 269 Testament van Claes Jan Willem Cluijtmans. Soo maakt hij testateur aen Jan Dirck Jan Tijsse Versantvoort sijne neef die tegenwoordich bij hem in huijs is woonende, alle sijne haeffelijcke erfhaeffelijcke ende erffelijcke goederen, hoedanich die genoempt off waer de selve mochte gelegen sijn.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 271 alsoo questie ende verschille soude hebben connen comen te gerijsen over seeckere erffenisse, achtergelaten bij Jan Willem Cluijtmans verwekt bij den selven ende bij wijlen Cathalijn Aert Jan Aerts Vervoort sijne gewesene huijsvrouwe ende tot desen huijdigen dagen onder sigh heeft gehadt ende beseten Claes Jan Willem Cluijtmans des voorschreven soone. Soo is door toedoen van goede manieren deese questie ende verschille geaccodeert ende compareert Marten Peeter Marten, man ende momboir van Willemken Jan Cluijtmans, Willem Aerts van Doremalen man ende momboir van Cathalijn dochter Oijken Cluijtmans ende Dingena dochtere des voorschreven Oijcken Cluijtmans etc.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 273 Soo heeft de heer Dederick Adolphus van Bonickhuijse heere van Walbeeck ende Twiststeede in gerechte verpachtinge uijt gegeve aen Antoni van Liempt, eene hoeve bestaende in huijsinge weijen, hoij als teullant, gemijnlijck genoempt de Vuchtse Hoef, gestaen ende gelegen onder de prochie van Vucht. In sulcken groote ende voegen soo ende gelijck als Cornelis van Giesberge tegenwoordich in zijn gebruijck is hebbende. Borge Pauwels Janse van Liempt inwoonder tot Vucht en Dirck van Zeeland inwoonder tot Oisterwijck.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 279 Testament van Jooste van Erp ende Marie Janse Crane sijne tegenwoordige huijsvrouwe.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 282 Soo sullen de kinderen ende erfgenamen van wijlen saliger de heer Lowies Walterie openbaerlijck ende voor alle man vercoopen de helft in een schoon ende wel gelegen omwater casteel met de helft van de neerhuijsinge ende den halve hof met de helft van twee dreve ende de helft van een drieske achter de scheur gelegen. Genaempt gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse De Bocht. Soo reserveren sij heere vercoopere de helft van voorschreven Casteel, neerhuijs, hof als dreeven met de helft vant drieske aen haer te mogen houden ofte wel andermael vercoopen. Den cooper sal voorschreven half kasteel ende neerhuijsinge, dreven met de helft vant driesken aen veerden nu te pinxten eerst comende in desen jaere seventien hondert en sestien ende ingeval soo daer de heer Adriaen Kerckhof ofte Peeter Janse van Erp noch eenige jaere huere verder mochte hebben die sal den cooper profitereere ende de huere moeten gedogen. Verkocht aan Jacobus Minten, inwoonder der stadt 's-Hertogenbosch.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 289 Rogier van Deursen ende Jan Willem Kemps inwoonder alhier. Momboir van de drie onmundige kijnderen van wijlen Jan Willems de Jongh verwekt bij de selve ende bij Jenneke Jacobs sijne geweesene huijsvrouwe.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 290 Jan Janse Verdusse, Catharina Janse Verdusse, Claes Janse van Boxtel als man ende momboir van Anne Marie Janse Verdusse sijne huijsvrouwe, Jan van Panhuijsen als in huwelijck hebbende Marie Janse Verdusse sijne tegenwoordige huijsvrouwe, Jan Peeter Jans man ende momboir van Willemijna Janse Verdusse sijne huijsvrouwe. Gesusters en broeder kijnderen van wijlen Jan Verdussen verweckt de selve ende bij wijle Marie Willem Peeters de Jongh sijne gewesene huijsvrouwe. Rogier van Deursen ende Jan Willem Kemps als momboire van de drie onmundige kinderen van wijle Jan Willems de Jongh verweckt de selve ende bij Jenneke Jacobs sijne gewesene huijsvrouwe. Die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen aen gecomen bij versterf van Pruijn Willems de Jongh haer moetje erffelijck aengecomen. O.a. aen Jan Jansse van der Dussen cumsius, een huijs ende hof neffens erve de een sijde juffrouw Schaets, de ander sijde ende eene eijnde den onmundighe voorschreven, de andere eijnde de gemijnte, item nog een scheurken staende opt goet van den onmundige 't geene binnen een jaer geruijmpt sal moeten werden van de plaets en soo't goet eerder vercogt werden soo salt voorschreven huijske voor de vest geruijmpt moeten worden. O.a. aen Rogier van Deursen ende Jan Willem Kemps als momboiren van de onmundige, een stuck teullant ter plaetse de Lichtendonk. Item soo is tot vereffing deser deijlinge geconditioneert ende sprooke dat den onmundige noch sal hebben de helft in de huijsinge met de gront daer de huijsinge op is staende met de pothagie die daer bij sijnde, waer van de ander hellighte der huijsinge ende gront den minderjarige was competerende. Gestaen ende gelegen ter plaetse als voor, neffens erve vant geheel huijs, de eene sijde ende eene eijnde de gemijnte, de andere sijde ende ander eijnde den onmindige haer eijgen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 295 Jan Janse van de Loo, Jenneke ende Cathalijn sijn susters, Sijmen Ariaans van Rulo man ende momboir van Anneke van de Loo. Alle kinderen ende erfgenamen van wijlen Jan van de Loo den ouden, verweckt de selve ende bij wijle Jenneke Jan Jooste vaan Erp sijne gewesene huijsvrouwe. Die welcke verclaerde net malcanderen aengegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvicheijt van haere ouders erffelijck aengecomen. Aen Jan Jans van de Loo ende Sijmen Ariaens van Rulo, een huijs ende schuer, schop met eem acker gelegen. Soo groot ende clijn als het selve gelegen is binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse opt Schoor, neffens erve de eene sijde Peeter van Erp met meer andere, de andere sijde de heer Cannarts met de gerechtigheijt inde Sonse heijde om met een schup twee dagen daer inne te mogen torve.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 299 Jenneke ende Catharina van de Loo gesusters, geassisteert met Johannis Gerardus van Heessel tot haeren vercooren momboir in dese, Sijmen Ariaens van Rulo man ende momboir van Anneke van de Loo, alle kinderen ende erfgenamen van wijlen An van de Loo den ouden verweckt des selve ende bij wijle Jenneke Jan Jooste van Erp sijne geweese huijsvrouwe. Die welcke verclaerde over te geven aen Jan Janse van de Loo haeren broeder, alle haere haeffelijcke als erffhaeffelijcke meubelen met de schaer die tegenwoordich te velden is staende ende stervende hij haere ouders sijn achtergelaten.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 301 Hendrick Jan Teunisse van Eert gebroeders, die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvigheijt van haere ouders erffelijck aengecomen. O.a. Hendrick Teunisse van Eerdt, een vierde part in een huijs met acht lopens lant daer aen gelegen waer van de drie andere deele sijn toe comende Jan Spierinx gelegen tot Vechgel. Aen Jan Teunis van Eerdt te deel gevalle een huijs ende hof, gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Eerdt. Neffens erve de eene sijde Huijbert Segers, de andere sijden de gemeente.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 309 Wouter Joose van Erp ende Jan van den Baers inwoonder tot Liempt, als momboire van de vier onmundige kijndere van wijlen Jan Claes Hooftmans verweckt de selve bij Catharien Cranen sijne geweesene huijsvrouwe ende Hendrick van Roosmalen als man ende momboir van Jennneke Janse Hooftmans sijne tegenwoordige huijsvrouwe. Die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden bij versterf van Claes Hoofmans ende Anneke Fransse van Lieshout haeren grootvader ende grootmoeder erffelijk aengecomen, soo als sij sijde ende verclaerde.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 315 Staet ende inventaris van de naergelatene ende metter doot ontruijmt bij Lijsebeth Tonisse van Gemert ende in huwelijk gehadt hebbende Rogier van Deursen ende als nu bijden voornoemde van Deursen als langhslevende naerden lant rechten in tochte blijft besitten, in de goederen. O.a. eerstelijk tot haeren lijfe een gouwen ringh met een steentie daer in, een silvere beugeltes, een paer silvere gespen, eene silvere haerpin, een en veertich hemden, vier twintich kornette mutsen, negen en dartich slaep koovels, twee witte veurschoijen met drie blauwe, twee seije kovels, drie en dertich en een half paer slaeplaken, twee witte gordije die veur de glaes hangen, een silvere kom, twee silvere lepels.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 324 Uijt den inventaris hier vooren vermelt, soo heeft Jan Tonisse van Gemert hier van ontvangen ende geprofiteert soo als hij selfs verclaerde ende dat uijt hande van Rogier van Deursen, o.a. een swarte tabbert met ee swarte rock ofte wel gesegt schort, eenen roijen rock, een stick lijff ende slaep lijffken etc. Volght wat dat Marie van Gemert huijsvrouwe van Tonie van Eijck ontvangen heeft soo als sij verclaerde, een swarte tabbert ende schort, een roije rock, een slaeplijffken, twee stoffe veurschoij met een blauwe etc. Volght het geene wat dat Corstiaen Tonissen van Gemert heeft ontfangen soo als sij verclaarde uijt den inventaris gemaeckt bij Rogier van Deursen. O.a. een bruijne tabbert met een schort, seven hemde, vier cornet mutsen, twee hant moukens, een swarte kovel etc.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 327 Taxatie van de naer gelatene goedere die welcke de heer Casteren metter doot ontruijmt ende naergelaten heeft. Welcke voorschreve heer Casteren sonder wettige geboorte naer te laten binnen de stat 's-Hertogenbosch is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 328 Jan Evert Peeters, Jenneke Evert Peeters geassisteert met Jan Handrick Vogels, tot haeren vercooren momboir in desen ende Jacob Rijnders als in huwelijk hebbende Christijn Evert Peeters, susters ende broeders. Die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te hebben een erfschijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvigheijt van Ever Peeters ende Jenneke Janse van Delft haere ouders erffelijck aen gecomen soo als sij seijde ende verclaerde. O.a. aen Jacob Rijnders, de helft in een huijs ende hof waer vande andere helft is competerende de weduwe Willem Kemps gelegen binnen deser vrijheijt ter plaetse Spreeuwelaer, de eene sijde ende bijde de eijnde P. Gerit Diele, de andere sijde de gemijnte.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 333 Soo heeft Jan Peeter Maes in geregte verpagtinge uijtgegeven aen Gijsbert Aert Sleurs, een huijs, hof, schuer, schop, backhuijs ende schaepskoij mitsgaders teul, hoij ende weijlanden in groote ende voegen soo ende gelijck Jan van Roij dat tegenwoordig in sijn gebruijck is hebbende. Gelegen binnen Sint Oedenrode ter plaetse Neijnsel.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 336 Taxatie van de naergelatene goederen, die welcke juffrouw Elisabet van Kerckhof metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft. Welcke voorschreven juffrouw Kerckhof sonder wettige geboorte naar te laten op den achtiende meij 1716 binnen de vrijheijd Oirschot is begraven. O.a. een derde part in het omwatert huijs met den hof ende een driesken daer besijden aengelegen met de dreve daer bij gehorende. Gelegen binnen deser vrijheijt omtrent de aude vrijheijt neffens erve de eene sijde de heer Vissers, de andere sijde de erfgename van Lijsebeth voorschreven. Memorie dese goederen voorschreven sijn belast dat de heer Ariaen Kerkhof het casteel met den hof sal mogen bewoonen, soo lang als hij leeft ende nog jaerlijx trecke voor een pensioen sestigh gulden.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 340 Taxatie van de naergelatene goederen die welke Cathalijn de Leuw metter doot ontruimpt ende naergelaten heeft, Welcke voorschreven Cathelijn sonder wettige geboorte naer te laten binnen de stadt 's-Hertogenbosch is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 342 Testament van Huijbert Segers. Genoemde personen: Jan Lambert Teunisse van Erp, die tegenwoordich bij hem in huijs is woonende aen hem alle haefelijcke ende erfhaefelijcke goederen die hij testateur sal achter laten. Lijsebth Segers. Ariaen Segers ende Cathalijn Segers, sijn testateur susters en broeder.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 345 Aenbesteding het collecteeren der hooftgelden, klijne specie ende quotisatie over deeser vrijheijt Sint Oedenrode.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 346 Soo sullen de vier meeder jarige kijnderen van wijle Evert Gijsbert, met name Lambert, Peeter, Alegonda ende Lijsebeth Evert Gijsbers, susters ende broeders verweckt de selve ende bij wijle (naam is niet ingevuld) sijne geweesene huijsvrouw, vercoopen een stuck teullant.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 352 Lambert van de Sande surigijn alhier, Ariaentje van de Sande geassisteert met Willem Jacops tot haeren vercooren momboir in deesen. Jan Wellens als man ende momboir van Elisabeth van de Sande sijne tegenwoordige huijsvrouw. Susters ende broeders kijnderen van wijlen Johan van de Sande in sijn leve practisijn alhier, verweckt de selve ende bij wijle Elisabeth Lambert Kemps sijne geweesene huijsvrouwe. Die welcke verclaerde met malcander aen gegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van goederen hen luijden mits doode ende aflijvigheijt van haere ouders als moetje erffelijck aengecomen. O.a. aen Jan Wellens een huijs met den hof daer agter aen gelegen, soo groot ende cleijn als het selve gelegen is binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aen de Mertvelde, neffens erfve de eene sijde een steegh, de andere sijde de weduwe Gerit Stans Molemakers met meer ander. Aen Ariaentje van de Sande, o.a. een huijs ende schop met den hof daer agter aen gelegen , soo groot ende clijn als het selve gelegen is binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode, ter plaetse omtrent het Mertvelt, de eene sijde de weduwe G. Stans Molemakers, de andere sijde de weduwe Denis Gijsbers van Lieshout. Aen Lambert van de Sande surigijn alhier o.a. een huijs ende hof gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse op den Dijck soo groot ende clijn als hetselve gelegen is neffens erfve de eene sijde ende een eijnde de erfgenamen van wijlen de heer Michgiel Antoni de Jeger, de andere sijde Hendrick van Onsius. Iten nog een hof gelegen op den Dijck, de eene sijde Hendrick van den Brant, de andere sijde ende eene eijnde de gemeente.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 361 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Jan Habraken metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heeft. Welcke Jan Habraken sonder wettige geboorte naer te laten op den sestiende junij seventien hondert en sestien binne de stat van 's-Hertogenbosch is begraven. O.a. een sevende part in een derde part ende een vijfde part in een derde part in een huijs ende hof met het teullant daer aen gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode, ter plaetse in den Veurste Bosch. De eene sijde Jan van Heertum, de jonge, de ander sijde Henderien Teunisse Vervoort. Francis Smits een der erfgenamen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 366 Soo heeft de weduwe Gerit Dircx van Rijsinge in geregte verpagtinge uijtgegeven aen Jan Janse van Kuijck, een huijs, hof, hoij ende weijlant. Gestaen ende gelegen binnen der vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Ollant. In sulcke groote en voegen soo als hij pagter van haer tegenwoordgh al in sijn gebruijck is hebbende.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 369 Soo sal Johannes van Beugen vercoopen een hoijbeemptje, gelegen ter plaetse Vressel genaempt Vinckel.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 373 Soo heeft de heer Hermens Kramers in gerechte verpachting uijt gegeven aen Jacob van Putte een hoef bestaende in huijs, scheur, schop, hof, teul, weij ende hoijland, soo ende gelijck de heer Hermen Cramers die bij coop vant gemeene lant heeft vercregen. Gestaan ende gelegen binnen den dorpe van Gerwe. Borge zijn: Peeter Janse inwoonder binnen den dorpe van Nederwetten ende Peeter Handricx inwoonder binnen den dorpe van Mierlo.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 376 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Huijbert Seger Driesse metter doot ontruimpt ende naergelaten heeft. Ende is die Huijbert sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Sint Oedenrode is comen te overlijden. O.a. een huijs, hof met teul als groeslant daer aen gelegen binne deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Eert op de Cuijlen. Neffens erfve de eene sijde Teunis van Eerdt, de andere sijde de gemijne straet. Jan Lambers Teunisse een der erfgenamen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 380 Staat ende inventaris van de naer gelaten goederen achter gelaten ende metter doot ontruijmpt bij de heer Johannis Martens van den Bergh, in sijn leven Rooms Priester binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Eerdt. Is voor een derde part naer geinventariseert als volght. Soo is bij blinde loote des gecommitteerde des heere oficier voor een derde part te deel gevalle Dielis Martens van den Bergh, vader ende momboir van de twee onmundige kijnderen verweckt de selve ende bij wijlen Marie Claesse Voets sijne geweesene huijsvrouwe, beneffens Emert Claesse Voets sijne gevoeghde momboir in deese. O.a. ses witte dasse, vier hantmoukens, twee en twintich pelle servetten, een pelle ende twee trille tafellakens, vier witte slaep mutsen, vijf befkens, eene hoet, een swarte mantel, een quaij lessenaer, twee schilderije, doos met een blecke bus, eene quade koffij ketel, een ledicant met twee gordijnen die veur in de kamer is staende. Volght wat dat Claes Hendricx van der Heijden als vader ende momboir van de vier onmundige kijnderen verwekt de selve ende bij wijle Lijsebeth dochtere Gerit van den Bergh ende met sijne mede gevoeghde momboir Gerit Jacobs van den Bergh voort negende part te deel gevallen. O.a. een spaense leere ende matte stoel, eene spiegel met een vergulde lijst etc.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 386 Juffrouw Johanna Catharina van Gestel weduwe wijle van de heer Godefridus Verbeeck, inwoonderse binnen den dorpe van Aerle geassisteert met Johannis Nicolaes Verbeeck haere meederjarige soon, die welcke bekene ontfangen te hebben uijt hande van de heer Hermen Cramers de somme van drie hondert gulden.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 388 Jan Janse Verdusse man ende momboir van Lijsbeth Gerits van de Weteringh, Peeter Handricx van Gerwen, man ende momboir van Lijsebeth Gerits van de Wetering ende Heijke Jan Handrix weduwe wijlen Dries Gijsbers, geassisteert met Peeter Janse van Erp tot haere vercooren momboir in deesen. Die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van goederen haer bij versterf van haere vrouwe ouders ende het voorschreven Heijltjen van haere man saliger erffelijck aengecomen.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 392 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Teunis Martens van de Hage metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft, welcke Teunis sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Sint Oedenrode in november 1716 is comen te overlijden. O.a. de helft in een huijs ende hof, soo groot ende clijn als het selve gelegen is binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode, ter plaetse in de Eversche. Neffens erfve de eene sijde Hendrick Brock, de andere sijde Hendrik Sleurs. Peeter Marten van der Hage een der erfgenaem.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 397 Antoni ende Peeter gebroederen, Johannis Evers van Heessel man ende momboir van Mechtelt dochtere Lambert Peeters van de Laeck haere suster, Hendrick ende Frans gebroederen meerderjaerige kijnderen van wijlen Jan Lambers van de Laek, verwekt bij den selve ende bij wijle Peternella dochter Willem Franse der Kijnderen. Alle kinderen ende kintskinderen van wijle Lambert Peeters van de Laeck verwekt bij den selve ende bij wijlen Heijlken Ruth Hansen van Herentum, sijne gewesene huijsvrouwe, die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erfscheijding ende deijling van de goederen hen luijden bij versterf soo als voorschreven staat van henne ouders ende grootvader erffelijck aengecomen. Aen Tonie Lambers van de Laeck o.a. een huijs ende hof, groot een half lopens, gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Eerschot, neffens erve de eene sijde de gemijne straet, de andere sijde Mechtelt weduwe Peeter Kilsdonck, de eene eijnde 't Capittel, de andere eijnde Rogier van Deursen. Item nogh een huijs ende hof groot een half lopens ter plaetse voorschreven, neffens erfve de eene sijde de kinderen Jan Vogels, de ander sijde de weduwe Pauwels de Wever, de eene eijnde de gemijne straat, de andere eijnde 't Capittel. Aen Johannis Evers van Heessel, Hendrick ende Frans Jans van de Laeck gebroederen, het sesde part in een huijs ende hof ter plaetse den Bosch, neffens erve de eene sijde ende eene eijnde de gemijnte, de andere sijde ende andere eijnde de kinderen Handrick Rutte.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 403 Jenneke Jansse van de Sande weduwe wijlen Ariaan Dielisse van Hoorn inwoondersse des dorps van Vechel out omtrent ses en veertigh a seven en veertigh jaeren. Dewelcke ter instantie van Francis Claessen van Stiphout inwoonder des dorps van Neunen heeft verclaert, waerachtig te wesen dat de kinderen van Gerit Jaspers woonende onder dese vrijheijt hebben aengeslagen ende geadieert den geheele boedel ende naerlatenschap van Jacob sone Dirck Hensse tot Vechel over eenige jaeren overleden ende haer genoegsaem als erfgenamen hebben gedragen. Ja dat meer is heeft hooren segge van haeren man saliger, dat in sijn leven geseght soude hebben tegens eene der voornoemde kinderen van Gerit Jaspers voorschreven, met name Maria deses ofte diergelijcke woorden in substantie, Mari weet gij wel dat daer gelt leght gegraven onder soo een plavuijs ofte steen 't geene Jacob Dirck Henssen bij sijn leven aen haer man saliger soude bekent gemaeckt hebben. Waerop de voorschreven Marie Gerit Jaspers soude gerepliceert hebben, spreeckt daer niet van. Gevende redenen van wel wetenheijt vant geene voorschreven, als hebbende sij deponent bij den voornoemde Jacob Dirck Hensen in een huijs ende onder een dack gewoont tot den sterfdagh ende uere toe. Heeft de voornoemde deponente den meer genoemde Jacob selfs sien ende helpen verkennende daer verders heeft gesien dat naer doot van voornoemde Jacob Dirck Hensen de kindere van Gerit Jaspers den geheele boedel ende naerlatenschap als voorseijt is hebben aen geslagen ende verbraght, sonder aenvaerdinge van imant anders kant.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 405 Jan Kemps out president, Antoni van Laeck out schepen, lofwaerdige persoonen bijde hebbende haere competente ouderdom ende inwoondere alhier. Die welcke hebben ten versoecke van Johan Willem Munts, inwoonder tot Schijndel, verclaert dat juffrouw Willemina Battem huijsvrouwe van de heer Muns voorschreven, sijnde de suster van Catharina Battem in haer leven sijnde de moeder van Ermgardina Proeningh, te weten van die overledene dochter sijnde Jacob Willem Proeningh den innosente broeder van Ermgardina Proeningh. Gevende sij deponente redene van welwetenheijt, alsoo sij bijde selve van jongh af aen daer bij hebben verkeert ende alhier binnen deser voorschreven vrijheijt voor dese hebben gewoont.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 406 Gerard de Jongh subsetuet eijckmeester over de meijerij van 's-Hertogenbosch. Geëijckt zijn de brouwketels en kuijpen van: Peeter Molemakers, welcke ketel was houdende sestien en een half ton ende kuijp achtien tonnen. De ketel van Jan Kemps tusschen de sestien a seventien tonnen, egter niet precies te connen seggen vermits tusschen dopstaende houtwerck aent cooper leeckte ende de cuijp negentien tonnen. De ketel van Jan Wouter Filipse Smits, dartien tonnen ende de cuijp vijftien tonnen en drij quart. De ketel van Marie Kerckhof weduwe wijle Cornelis van Oever tien tonnen drie quart, de cuijp twalf tonne drie quart.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 408 Schepenen ende regenten der vrijheijt Sint Oedenrode, mitsgaders Johan Kemps out president, verclaeren dat inden voorgaande oorloge met Vranckrijck op veele bijsonder tijde ende jaeren, meenig mael sijn besocht geweest met allerhande troupen, soo van deesen staat als van de Engelsche ende Duijtsen aft ende naert leger vande staat in Brabant marcherende, dat de boven geschreven regenten wel selfs oock haere voorsaten aende geleijdens van die troupen, besonder aende vreemde natien, soo om goede ordere te houden, als omdat dickwils midden in haere graen wilde campere en om henne tijt soude vercorte, wel presenten ofte recognitie genootsaeckt sijn geweest te doen etc.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 410 Soo heeft de heer Johannis Hiacinthus van Cannaert in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Corstiaen Goijers van de Ven, eene hoeve bestaende in huijsinge, schuer, schop, hoij, weijde ende teullant, soo ende gelijck hij pachter dat tegenwoordigh in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse opt Varenhout.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 414 Soo sal Rogier van Deurse ende Jan Willem Kemps als momboiren van de drij onmundige kijnderen van wijle Jan Willems de Jongh verwekt de selve ende bij Jenneke Jacob Sijne geweesene huijsvrouwe. Sij sullen verpachten, o.a. een huijs ende hof met vier lopen lant daer aengelegen. Gelegen ter plaetse in den Lightendonck. Gepacht door Jan Peeter Janse.
Inventaris 171 jaar 1716 folio 419 Taxatie van de naergelaten goederen die welcke Peeter Lambers van de Laeck metter doot ontruijmpt ende naergelaten heeft. Welcke voorschreven van de Laeck op den vijfden november seventien hondert seventien sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Sint Oedenrode is comen te overlijden. Ook genoemd Antonie van de Laeck een der erfgenaem.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 421 Soo sal den geauthoriseerde des heeren officier ende schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode, naer voorgaende veijlinge verpaghten de groote ende clijne vrijheijts wagen. Den paghters sullen o.a. gehouden sijn alle maendage met de wage ende sijne toebehoorte te compareeren onder het Raethuijs alhier van tien uer af tot twee a drij uren toe des naer middaghs ofte soo als hem pagter dat bij den heere officier ende schepenen sal werden geordonneert, om alsoo de lieden aldaer te gerieven voor den gewoonlijcke salaris. Item den paghter sal gehouden sijn selfs te wegen of imant anders die de schepenen aengenaem sal sijn ende daer bij eedt sweeren van getrouwigheijt, voor aller hij de wagen sal mogen aanveerden etc.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 427 Staat ende inventaris van de naergelaten goederen achter gelaten ende metter doot ontruimpt bij Cornelis Janse van de Brugge in huwelijck gehadt hebbende Deriske Lambert Evers van den Dungen ende als nu bijde Deriske als langhs levende in tochte blijft besitten in de goederen. O.a. Twalf stoele, twalf lepels, eene koeketel, twee koetsen, kijnder dinge van ider wat, ses dassen, eenen goijen block met vijf deuren, eenen weckstoel met wat gereetschap ende leeste, eenen snijback, een veurpan met een struijfpan, een strijckeijseren ende schael met gewicht, een bijl ende vogels koijken, een roer, een loijkuijp met een kalck kuijp.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 430 Soo heeft de heer Johan Carel de Jeger in gereghte verpaghtinge uijtgegeven aen Aert Cornelisse de Kroon een wel gelegen hoef, bestaende in huijs, schuer, schop, teul, hoij ende weijlant, soo ende gelijck Jan Kuijpers die tegenwoordigh in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen den dorpe van Helvoirt, ter plaetse aan den Santkant.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 433 Soo heeft Cornelis van Duppen als in huwelijk hebbende Marie Tomis Peeter Jan Tijsse, Marten Hurcx als man ende momboir van Anneke Tomis Peeter Jan Tijsse, Peeter Tomis Jan Tijsse ende Peeter Handricx ende mede haer selve fort ende sterck mackende voor Tomis Hendricx van Gerwe ende Cathalijn Hendricx van Gerwe, hebben in geregte verpaghtinge uijtgegeven aen Pauwels Jansse, een huijs, hof, schuer, schop, teul, weij ende hoijlanden, in sulcke groote ende voegen gelijck Seger Peeters dat tegenwoordig in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen ter plaetse Vressel op Ostaijen.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 437 Soo heeft de weduwe Peeter Handrix van den Oever, beneffens haere meerder jarige soone in gereghte verpagtinge uijtgegeven aen Peeter Cornelisse de Gruijter, een huijs, scheur, schop, hof teul, weij, ende hoijlant, soo ende gelijck de voorschreven weduwe van haer eijge in gebruijck is hebbende gestaen ende gelegen binnne de vrijheijd Sint Oedenrode ter plaatse aende Eerschotse kerck. Borg is Antoni Lambers van de Laeck
Inventaris 171 jaar 1717 folio 440 Testament van Meghel Jan Teunisse. Genoemde personen: Jan Aerts Vervoort. Aen Willemijn Hendrick Heesackers die tegenwoordich bij haer in huijs is woonend, voor hare getrouw diensten aen haer bewese en noch sal comen te beweijsen, het bed daer sij testateturice tegenwoordich op is leggende, met een paer hooft kussens, een paer van de beste slaeplakens, item de koets daer sij in is leggende. Universele erfgenamen haere naest vrinden. In de zijmarge de namen van: Luijcas Claasse en de weduwe Jan Hense Vervoort.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 443 Testament van juffrouw Geeruijt van Schoonhoven, siek te bedde leggende. Genoemde personen: Peeter Molemakers woont in haer huijs. Antoni Molemakers. Haere dochter Adriana Catharina van Heessel.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 446 Jan Handrick Vogels ende Jan Jan Vogels haer fort en sterck makende voor Jenneke Handrick Vogels ende voor Goort ende Lijsebet Jan Vogels ende Martien Janse de Cort hen mede fort en sterck makende voor Aert Jan Gielens, ende voor het onmundige kint Van Adriaen Gerit Peeters. Zij hebben in geregte verpachtinge uijtgegeven aen Rut Rut Rijkers, een huijs, scheur, schop, hof, teul, weij ende hoijlant, soo ende gelijck als Goort Hulse dat tegenwoordig in sijn gebruijck is hebbende. Uijtgenomen eenen acker genaemt de Streep gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetsse op de Sloef.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 448 Publiek en voor alle man bestellen het collecteeren de hooren en besaijde mergen, mitsgaders het slach, biere, wijne ende brandewijnen. Bestelt door Johannis Schoonhoven.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 453 Lambert van der Sande schurizijn alhier, vercoopt een hof gelegen binen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse omtrent den water coorenmolen, soo groot ende clijn als het selve gelegen is neffens erfve de eene sijde Hendrick van den Brant, de ander sijde ende eene eijnde de gemeente, de ander einde de heer vercoper. Verkocht aan Jan Jansse Kermps heijheer ende Jan Peeters Verhoeve, idem voor de helft.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 458 Willem Geenhove, slants deurwaerder, die welcke verclaerde bij dese te neme in arrest ende in handen te stellen van de hoogh overigheijt, alsoo geene meubileen goederen gevonden sijn, de vaste goederen competerende de weduwe Luijcas Habraken omme aen te verhale eene somme van vijf en dertich gulden ascht stuijvers twalf penningen, wegens een restant pacht penningen den novale tiende over Son de anno 1712 veschult.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 459 Willem Geene slants deurwaerder, die welcke verclaerde in arrest ende in handen te stellen van de hoogh overichijt, alsoo geene meubeleeren goederen connen gevonden sijn, de vaste goederen competerende de kinderen ende erfgename Peeter Janse de Roij.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 460 Claes Jan Goorts inwoonder deser vrijheijt voorschreven, die welcke verclaerde over te geven aen en ten behoeve van juffrouw Ida de Haes weduwe van wijlen de heer Cornelis Schats allen sijne haeffelijcke als erffelijcke goederen bestaende in vier koijen, twee peerden, hoogh ende leegh kar, ploegh, eeght, tob, stant, koijketel.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 461 Testament van Antoni Janse van Herenthum ende Denisse Lambers van Dongen, laetse weduwe Cornelis van de Brugge sijne tegenwoordige huijsvrouwe. Genoemd indeze akte: het goet gelegen op Creijtenburg.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 464 Soo sal Willem Jan Aerts, Hendrick Timmermans als man ende momboir van Maijcke Jan Aerts Jan Ariaens van Roij, Jan Ariaens slagter, Sijmen Lambers als man ende momboir van Grietje Jan Aerts van Roij ende Dielis van Os als man ende momboir van Marie Ariaen Willems alle erfgenamen van wijlen Meggel Jan Teunisse vercoopen voor alle man een stuk teullant.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 470 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Meggelt Jan Teunisse metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft ende die voorschreven Megtelt sonder wettige geboorte naer te laten binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode op den tiende februarij seventien hondert en seventien deser werelt is comen te overlijden. Willem Jan Aarts eender erfgenaem.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 473 Marie Lambert Rutte weduwe wijle Jan Janse Habraken, die welcke verclaerde de toght af te gaen tot behoef van alle haere kijndere van seeckere koijweijde, gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaaatse in den Hulst.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 474 Juffrouw Johanna Adriana Donder meerderjarige dogter wijlen de heer Adriaen Donder bij juffrouw Maria Morgan in eghte verwekt, inwoondersse deser vrijheijt. Dewelcke verclaerde in alle deelen te ratificeren, ende approbeeren soo danige vercoopinge en overgifte van soodanige huijsinge en hoving, staende op de nieuwe beuren binnen Leeuweerden, als sij comparant aen vrouw Lucia Barbara van Burmania douariere de Thilau vercoght en in eigendom overgedragen heeft. Verder genoemd: Joh. Vegilin van Claerbergen, rentmeester der geestelijke goederen van Kempenlant.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 477 Peeter Molemakers president ende Willem der Kijnderen schepenen, beneffens de heer Petrus van Gestel, medicine doctor ende Lambert van de Sande curigijn, beijde inwoondere alhier. Die welcke hebben gevisiteert het dood lighaem van Lijsebet Goorts, out omtrent de seventigh jaere, de welcke in de Dommel omtrent de Wofswinckelse molen verdroncken was. Ende hebben bevonden dat het doode lighaam van de voornoemde Lijsbett ten minsten egeen quetsueren hadde dan verdroncken alle sonde argh ofte list.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 478 Verklaring door de schepene van Sint Oedenrode, over de Bodem van Elde, bestaende onder der Baronije van Boxtel, Sint Miggiels gestel, Schijndel en Sint Oedenrode.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 479 Taxatie van naer gelatene goederen de welcke de heer Johan van Wamel metter doot geruijmpt ende naer gelaten heeft ende is die voorschreven heere van Wamel sonder wettige geboorte naer te laten binnen de vrijheijt Oirschot op den ses en twintigste februarij seventien hondert en seventien dese werelt is comen te overlijden. O.a. een huijs, hof ende driessen, den bovenhof sijnde omwatert. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Rijsinge onder Ollant. Item alnog een huijs, schuer ende hoft, gelegen binnen de vrijheijt, ter plaetse in den Vorstenbosch, neffen erfve de eene sijde de weduwe Dries Gijsbers, de andere sijde de kinderen Claes Coppens.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 485 So heeft Cristina Peeters van Breugel in geregte verpagtinge uijt gegeven aen Hendrik Jan Corste een huijske ende agterhuijsken, hof, teul, hoij ende weijland, soo ende gelijk Pauwels Jansse dat tegenwoordig in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Vressel.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 487 Testament van Jan Gerit Diele ende Gertruij Jan Adels sijne huijsvrouw. Genoemde personen: Anneke haere jonghste dochter tegenwoordich in huwelijk hebbende Ariaen Janse van Roij. Marie haere outste dochter getrouwt sijnde met Gijsbert Aert Sleurs.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 491 Taxatie van de naergelatene goederen, dewelcke Lijsbet Goorts metter doot geruijmpt ende naer gelaten heeft ende is die voorschreven Lijsebet Goorts sonder wettige geboorte naer te laten. Binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode in meert 1717 deser werelt is comen te overlijden.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 494 Gerart Habraken als man ende momboir van Marie Janse van de Loo ende Geritje Jan Willem Kemps weduwe wijle Hendrik Gerits Vervoort geassisteert met Jan Handrick Vervoort haere soon tot haere vercooren momboir in desen die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erfscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvig van haere ouders erffelijk aen gecomen soo als sij sijden ende verclaerde. Aen Gerart Habraken als man ende momboir van Maria Janse van de Loo, een huijs met de helft vant lant daer aen gelegen op Varenhout. Neffens erve aende eene sijde Lambert van Dinter, de ander zijde den heere van Walbeeck, de weduwe Henrik Vervoort, de andere eijnde de gemeente.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 497 Jan Jan Wouters ende Cornelis Daendels, inwoonderen alhier die welcke hebben den eedt gedaen als momboire van drie onmundige kijndere van Willem Peeter Dielisse inwoonderen tot Vechel verwekt deselve ende bij wijle Marie Gerit Dircx sijne geweesene huijsvrouwe.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 498 Soo sal Claes de Kort inwoonder tot Boxtel, Geronimus de Cort inwoonder tot Veggel, Isack Geenhoven man ende momboir van Isabella de Kort inwoonder ende schoolmeester tot Esch, haer selve mede fort ende sterck makende voor Sara de Kort haere absente suster. Sij sullen openbaerlijck ende voor alleman vercoopen een stuck teullant. Verkocht aan Peeter Teulings.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 503 Maria van Kerckhof weduwe Cornelis van den Oever woonende binnen dese vrijheijt en de heer Johannes Baptista van Audenhoven soone van wijle Clara van de Kerkhoff, woonende binnen de vrijheijt Oirschot als erfgenaam van wijlen meester Johan van Kerckhof, respectieve henne vader, grootvader was. De welcke inden edele mogende raede van Brabant taxatie van costen becomen hebbende, van soodanige procedeure als den voornoemde henne vader, beneffens Lowies Walterie ende der selver erffgenaemen, genootsaeckt sijn geweest etc. Verder nog genoemde personen in deze akte: Joannes Donder rentmeester van de geestelijke goederen. Pieter Roscam. Heribertus van Audenhove henne swager ende vader.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 505 Compareerde voor ons schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode onder genoempt Isack Aucoop slants deurwaerder, in arrest genomen hebbende volgens authorisatie van de heer Herman Cremers, waer nemende het Comptoir van de heer Tengnagel ende Martinus des Tombe, rentmeester der geestelijcke goederen alsmede waer nemende het comptoir van de heer Wentholt, ontfanger van de verpondinge des quartier van Peellant. Alle soo danige goederen als Peeter Coppens gewesene molenaer op den Wettens Molen, hier tot Sint Oedenrode ter plaetse op de Coeveringh in sijn eijgendom is hebbende, volgende hant ligtinge bij voorschreven Peeter Coppens gedaen op den twintigsten april ten behoeve van voorschreven rentmeester en ontfanger en alle verdere geintresseerdens.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 506 Isack Aucoop slants deurwaerder, de welcke verclaerde in arrest te nemen een parceel teullant gecomen van de erffgenamen Molemakers tot Wortel gelegen aende Ollantse Capelle.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 507 Op den vijfde meij seventien hondert en seventien is den gecommiteerde des heere officier ende twee schepenen beneffens den secretaris versogt geweest door Hendrik Goorts om een huijske gelegen omtrent de Nensselse Cappel, bewoont bij den voorschreven Hendrik Goorts, te visiteren hoedanigh dat het voorschreven huijske ende agterhuijs in staet en vervalle is en bevonde als volgt. Soo is bevonde dat het selve huijske als agterhuijs niet kan bewoont werden off oock niet kan gerepareert werden, maer moet het selve eerst afgebrooken worden ende wederom op en nieuw opgetimmert sijn voor en al dat sij in het selve sullen comen woonen.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 508 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Hendrik Hendrix van der Schoot metter doot geruijmpt ende naer gelaten heeft ende is die voorschreven van der Schoot sonder wettige geboorte naer te laten binnen de heerlijck Liempt op den sevende april 1717 is begraven. Marie Huijberts als erfgenaeme van den overledene.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 512 Schepenen deser vrijheijt Sint Oedenrode hebben de selve vervoegt bij den persoon van Aert soone Jan Arts Campen gequest sijnde om hem te examineeren wie het selve hem gedaen heeft. In de marge staat: verclaerde den gequetsen dat Lambert soone Sijmen Teunisse hetselve hem gedaen heeft.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 513 Jan Peeter Tiebosch out seventien Jaeren den eersten deponent. Jan Janse Vervoort out seventien jaeren tweede deponent. Joost Lambert van Dinter out negen en twintig jaere derde deponent. Martinus Janse Janse van der Heijde out twintigh jaere vierde deponent. Jan Aerts Camp out ses en veertigh jaere vijfde deponent. Hendrik Janse van Heertum out een en dartigh jaere sesde deponent, inwoonderen alhier. Die welcke hebben verclaert dat den eerste deponent is geweest ten huijse van Hendrik van Herentum, als doen gesien te hebben dat Sijmen Teunisse een mes inde handt heeft gehadt in de huijsinge van Hendrik van Herentum ende onder de schouw aldaer in de huijsinge stont Jan Janse Vervoort ende alsoo doen Sijmen sijn hant heeft op sien heffen als doen Jan Janse Vervoort daer mede door sijn aangesigt heeft sien snijden sonder eenige woorde te voore gehoort te hebben. Oock heeft den eerste deponent ter dier tijt gesien dat Lambert soone Sijme Teunisse met den rock ofte slip heeft gehadt Aert soone Jan Janse Kampen, ende als doen met sijn mesch heeft naer hem sien steecken.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 517 Testament van Deriske Peeter Dirckse. Genoemde personen: Marie Peeter Dircx haere sster weduwe van wijlen Goort Jacobs van der Velde.
Inventaris 171 jaar 1717 folio 520 De Heer Pieter Molemakers, de kinderen van Cornelis Bossers als oock van Johan Kemps verwekt de selve ende bij wijle Elisabeth van Heessel te weten de heer Anselmus Bossers, Hendrik van Hooff man ende momboir van Dingena Bosser, juffrouw Conelia Bossers weduwe Johan Verstij ende de heer Johan van Heessel verwekt bij Maria van de Kerckhoff, te weeten de heer Johannis Gerardus van Heessel ende de Egidius van Heessel, de heer Johannis de Louwere man ende momboir van Jacoba van Heessel ende juffrouw Bella van Heessel als mondelinghe lasthebbende van de heer Hendrik de Louwere haere man soo sij verclaerde, Catharina van Heessel weduwe wijlen de heer ende meester Johan Leijten ende de heer ende meester Antonie Molemakers, advocaat ende licentiaet in beijde regt. Die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben een erffscheijjdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende afflijvigheijt van haare vader als grootvader respectievelijck aengecomen soo als sij seijde ende verclaerde. Aen Pieter Molemakers o.a. een huijs ende hoff, stallinge met het brouwhuijs, gestaen ende gelegen ter plaetse omtrent de Mercktvelde, neffens erve de eene sijde Jan Kemps, de andere sijde Wouter Flipse Smits cumsius. Item de scheur ende turfschop gelegen ter plaetse voorschreven, de een sijde Antonie van Deursen, de andere sijde Jan Wellens, Item eem hof gelegen op den Dijk, neffens erve de eene sijde de kinderen Johan van Heessel, de ander sijde Hend. van de Brant. Item het lant ende huijsplaets bij malcanderen gelegen binnen de vrijheit ter plaetse aen de heijde, neffes erve de eene sijde ende een eijnde de gemeijnte. Aen die kinderen van Cornelis Bossers ende Johan Kemps verwekt bij deselve ende bij wijle Elisabet van Heessel o.a. een huijs ende hoff gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaets aende Mertvelde, neffens erve de eene sijde het Neulstraatje, de andere sijde Ariaentje van de Sande. Item de huijseplaets met de streepkens lant ende hoijvelt daar agter aengelegen met geregtigheijt inde Sonse heijde om te mogen torven, gelegen inde Lockstraat, neffens erve de eene sijde, de weduwe Jan Gielens ende eene eijnde de gemeijne straet. Aen de heer Johan van Heessel o.a. een huijs ende hoff gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse omtrent Mertvelde, neffen erve de eene sijde Lambert Hand. Rovers. Item een huijs ende hoff gestaen ende gelegen ter plaetse op den Dijk, neffens erve de eene sijde Peeter Molemakers, de andere sijde de heer Knops ende staet te weten dat Marieke Jan de Leeuwe haer leven lanck geduerende ende verders niet sal gebruijken de groot camer in het selve huijs. Aen Catharina van Heessel weduwe wijle de heer ende meester Johan Leijten o.a. een erve gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Ollant, tegenwoordich gebruijckt werdende bij Marten Peeters. Aen Antonie Molemakers o.a. een erve gecomen van Wouter Gijsbers, gestaen ende gelegen ter plaetse Houtum tegenwoordige gebruijckt werdende bij Cornelis Jan Wouters. Nog genoemdde heer Gerart Stans Molemakers ende Geertruij van Schoonhoven.
Oud Rechterlijk Archief Sint Oedenrode Inventaris 172 periode 10 juni 1717 - 14 mei 1721
Inventaris 172 jaar 1717 folio 1 Taxatie van de naer gelatene goederen die welck Megtildus de Louwere metter doot ontruijmpt ende naergelaten heeft, ende is die voorschreven Megtildus de Louwere sonder wettige geboorte naer te laten binnen de stat Weert op den tweeden meij seventhien hondert en seventien comen te overlijden.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 4 Soo sal Govert Kras woonende tot Heusden man ende momboir van Maria van Gestel, vercoopen een parceul teulland genaempt de Braeck. Kooper Johannis van Schoonhoven.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 10 Jan Tijsse van der Brugge inwoonder tot Vught ende Goort Lambert Evers inwoonder alhier die welke hebben gedaen den eedt als momboiren over het onmundigh kint van Cornelis van de Brugge, verwekt bij den selve ende bij wijle Deris Lambert Evers van den Dungen sijne gewesene huijsvrouw.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 11 Soo sullen de erffgenaemen van Johan van Heessel voor tweederde ende de erffgenaemen off kinderen van Gerit Stans Molemakers voort resterende derde, publiek ende voor alle man vercoopen de erffsecretarije der Vrijheijt Sint Oedenrode ende van Veggel hen van hunne ouders aengecomen. Kooper van de erffsecretarije van Veggel is de heer Gijsbert de Jongh, secretaris van Schijndel, die verclaart hetzelve gedaan te hebben tot behoef van heer Gerart de Jongh secretaris tot Erp. Verkoop van Sint Oedenrode is opgehouden.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 17 De Heer Anselmus Bossers, Hendrik van Hooff man momboir van Dingena Bossers, Cornelia Bossers weduwe Jan Verstijn ende Lambert Kemps geassisteert met Jan Kemps als sijnen vader ende voogt, die welcke verclaarde met malcander aan gegaen te hebben, een erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende afflijvigheijt van haeren grootvader ende grootmoeder erffelijck aengecomen soo als sij seijde ende verclaerde. O.a. aan Anselmus Bossers o.a. een huijs ende hoff gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse aen de Mertvelde, neffens erve de eene sijde het Neulstraatje de ander sijde Ariaantje van de Sande. O.a. aan Lambert Kemps een schaer koijweijde in den Neul, item de huijsplaats met de Streepkens lant ende hoijvelt daer agter aen gelegen met de geregtigheijt in de Sonse heijde om te mogen torven. Gelegen in de Lockstraat.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 23 Huwelijkse voorwaarde van Antoni Janse van Heretum weduwenaer van wijle Deriske Lambert Evers van den Dungen ende Marie Ariaen Gombers (Gommers) jongedochter beijde inwoonder alhier binne deese vrijheijt.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 27 Wij Peeter Molemakers president ende Peeter van Gestel medecine doctor schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode verclaren waaragtigh te wesen als dat juffrouw Johanna Adriana Donder nogh int leven en woonagtigh is alhier binnen deser voorschreven vrijheijt.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 27 De heer Anselmus Bossers, Hendrik van Hove man ende momboir van Dingena Bossers, Cornelia Bossers weduwe Jan Verstijnen geassisteert met Peeter Goorts van Dinter tot haere vercooren momboir in dese ende Lambert Kemps geassisteert met de heer Peeter Molemakers tot sijnen vercooren momboir in dese. Die welcke verclaerde volmagtigh te maken soo als sij sijn doende bij ende vermits desen Johan Kemps henne vader ende stiefvader om inden name ende van henne twegen sich selve te vervoegen naer 's Bosch om aldaer voor heere schepenen van 's Bosch met ende beneffens de kinderen van heer Gerit Stans Molemakers endede erffgename van Johan van Heessel, ende aldaer met de gewoonlijcke ende behoorlijcke solemitijten opt te dragen ende over te geven aan en ten behoeve van de heer Gerart de Jongh, secretaris van de dorpe van Erp etc, de erfsecretarije van den dorpe van Veghel hun constituante van de selve secretarijen te ontgoeden te ontvesten ende te onterve ende de opgemelte heer Gerart de Jongh als cooper van dien daer van te goeden te vesten ende te erve etc.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 29 Verclaring dat den persoon van Aert Willems der Kijnderen is een inwoonder ende mede van de principaelste geerffde deser voorschreven vrijheijt, gevende redenen van wel wetenheijt dat verscheijde veste soo van landerije huijsinge weijden ende beemden alhier te secreatrije gepassert ende aen hem der Kijnderen opgedragen.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 29 Akte over de erfsecretarie van Veghel. Genoemde namen: De heer Peeter Molemakers diewelcke verclaerde volmagtigh te maken de heer ende meester Antonie Molemakers sijn broeder. De erfgenamen van Johan van Heessel. De heer Gerart de Jongh.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 31 Peeter van Gestel medicine docter heeft gevisiteert beneffens meester Lambert van de Sande curigijn alhier, het doode lichaem van Jan Schellekens, dat alhier binnen deeser vrijheijt inde huijsinge van Rogier van Deursen lach. Bevonden sijnde dat de oorsaeck des doodt een verpletteringh van den Thorax, tgeene gecomen soude weesen doort vallen van een boom.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 32 Testamente van Matijs Tijsse Versantvoort sieck te bedde leggende nochtans sijn verstant ende memorie wel machtigh sijnde. Genoemde personen Pieternel Tijsse Versantvoort sijne suster daar hij testateur tegenwoordigh bij in huijs woonende.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 35 Testamente van Jenneke Ariaan Pauwels sieck te bedde leggende. Genoemde personen: Lijsbeth Pauwels Rijckers als in huwelijk hebbende Aelbert Lambers inwoonder aent Eerdt, aan haar een huijske, hoff met het teullant ende groes daer aen gelegen. Neffens erfve de eene sijde de heer Musch, de andere sijde Lambert Hendrix van de Ven, de eene eijnde de gemijnte, de andere eijnde de kijnderen Ansem Martens. Verder nog genoemd: Pauwels Ariaen Pauwels haere testatrice broeder, woonende binnen destadt Shertogenbosch int mannen gasthuijs aldaer.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 38 Wouter Rijnders man ende momboir van Jenneke Peeter Jan Maes sijne tegenswoordige huijsvrouwe, Johannis Bebbers inwoondere tot Boxtel als man ende momboir van Ariaan Peeter Jan Maes sijne huijsvrouwe, Carel Bielens woonende tot S' Bosch als man ende momboir van Maijken Peeter Jan Maes, sijnen huijsvrouwe. Meggel ende Maria Peeter Jan Maes geassisteert met Hendrik Cornelisse de Gruijter tot haare vercooren momboir in desen. Alle kinderen ende erfgenamen van wijlen Peeter Jan Maes verwekt bij de selve ende bij wijle Cathalijn Ariaan Dircx sijn geweesene huijsvrouwe, die welcke verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van goederen hen luijden mits doodt ende afflijvigheijt van henne voorschreven ouders erffelijk aengecomen.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 45 Taxatie van de naergelaten goederen die welcke Jenneke Willem Hendrik Luijcas metterdoot ontruijmpt ende naergelaten heeft. Welcke voorschreven Jenneke in september 1717 binnen Leuven sonder wettige geboorte naer te laten is comen te overlijden.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 47 Gerrit de Raeff deurwaerder, den welcke verclaerde in arrest te stellen, de helft in eene hoeve genaamt Varrenhout gelegen onder dese voorschreve vrijheijt. Ook genoemd Dirck Adolff van Boninghuijse heere van Walbeeck etc.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 48 Gerrit de Raeff deurwaerder, den welcke verclaerde in arrest te stellen, de helft in het huijs genaempt Logtenborgh met de ap en dependentie van dien gelegen binnen dese voorschreve vrijheijt. Ook genoemd Dirck Adolff van Boninghuijse heere van Walbeeck etc.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 49 Testament van Frans Jan Wouters Verhage ende Ariaentie Andriesse de Leuw sijnen tegenwoordige huijsvrouwe. Soo maken sij testateuren malcanderen den langst levende van hender beijde heer ende meester van alle haere goederen.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 52 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Matijs Tijsse Versantvoort metter doot ontruijmpt ende naergelaten heeft ende is die voorschreven Versantvoort op den 30 september binnen deser vrijheijt sonder wettige geboorte naer te alten comen te overlijden. Verder genoemd: Pieternella Tijsse versantvoort eender erffgenaemen.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 55 Soo heeft Willem Cranen in gereghte verpachting uijt gegeve aan Hendrik Janse van Herentum, een huijs ende hoff, in die groote ende voegen als Hendrick van Roosmalen tegenswoordig in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse in de Aude Vrijheijt genaamt De Valk.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 57 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Elisabeth Jan Hens Vogels weduwe wijlen Jan Hendrix metter doot geruijmpt ende naer gelaten heeft ende is die voorschreven Elisabet Jan Hens Vogels op den 22 october 1717 binnen de vrijheijt sonder wettige geboorte naer te is comen te overlijden. Jan Jan Hens Vogels eender erffgenamen.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 59 Peter van Gestel beneffens Lambertus van der Sande churigijn alhier hebben op den 13e december 1717 gevisiteert het doode lighaem van het kint van Peeter Handrix geboortigh ende woonagtig binnen dese vrijheijt dat aen haer huijs in eene kuijl verdroncken lagg, en bevonden dat het doode lighaem ten minste egeen quetsuere en had.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 60 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Jenneke Ariaen Pauwels metter doot ontruimpt ende aghter gelaten heeft ende is die voorschreven Jenneke op den 17 november binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naerte laten dese werelt comen te overlijden. O.a. een huijs en hof, met het teulland ende groeslant daer aengelegen. Soo groot ende clijn als het selve gelegen is binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Eert, neffens erve de eene sijde de heer Musch, deander sijde Lambert Handricx van de Ven.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 62 Jan Jan Wouters ende Cornelis Daendels momboire van de drie onmundige kinderen van Willem Peeter Dielisse verwekt de selve ende bij wijle Maria Gerit Dircx van Rijsinge sijne geweesene huiijsvrouwe. Dircx Gerit van Rijsingen, Tomas Gerit Dircx van Rijsingen ende Joost Brock, als man ende momboir van Marie Gerit Dircx van Rijsinge. Die welcke verclaerde met malcander aan gegaen te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende afflijvigheijt van haere ouders erffelijk aengecomen. O.a. een stuk groeslant genaampt de Streep, eene sijde Jan Gerits van de Mosselaer, de andere sijde Antonie Molemakers, de eene eijnde de Hoolstraet de andere eijnde Peeter Handrik Denis. Aan o.a.Dirck Gerit Dircx van Rijsingen o.a. een huijs, hoff ende een dries daer aen, gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Ollant, neffens erve rontom de gemeijnte. Aan Joost Janse Brock o.a. een huijs ende hoff metter lant, gelegen ter plaetse Ollant, de eene sijde Lambert Frans Rovers, de ander sijde ende eene eijnde Gijsbert de Bie, de andere eijnde de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 68 Soo sal Herbertus Smits inwoonder tot Oisterwijk als man ende momboir van Cornelia Bossers sijne tegenwoordige huijsvrouw, vercoopen een hoijveltje genaamt den Sorten camp ter plaatse omtrent den Hulst,. Een hoijveltje ter plaatse in den Ligtendonk. Beijden gekocht door Peeter Molemakers.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 73 Soo heeft Willem van Schram in geregte verpagtinge uijtgegeven aan Jan Martens, een huijs, scheur, teul, hoij ende weijlanden, soo ende gelijk den pagter dat tegenwoordig in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aende Bobbenagelse Brug.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 76 Soo heeft Antonie Molemakers in verpagting uijt gegeven aen Joris van Beelsen, een huijs, scheur, stallinge ende hoff, gelegen ter plaatse aende Merckt velde. Den pagter reserveert den bovenste solder tot sijn gebruijk. Den pagter sal oock sorge moeten dragen dat op geen van de bove kamers er sal werden gedanst. Borgen Johannis Gerardus van Heessel ende Lambertus van de Sanden.
Inventaris 172 jaar 1717 folio 78 Soo heeft Lambertus Habraken inwoonder alhier in verpagtinge uijt gegeven aen Willem Jan Peeters woonende tot Schijndel, een huijs, schuer, schop, weij ende teullanden soo ende gelijk Jan Handrick Heijmans dat tegenwoordig van den voornoemde Lambert Habraken in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen ter plaatse Houtum. Borgen: Lambert Dirk Schoenmakers ende Dirck Willem sijne soone.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 80 Jan Eijmers van Groenendael geswoore schutter en onder vorster tot Veggel en Willem sijnen soone out omtrent twintich jaren, die welcke ter instantie van Gijsbertus Gualtherie stadhouder, hebben verclaert dat hij eerste deponent op den 6e janauri 1718 in bewaring heeft genomen beneffens den voorschreven sijne soone, seeckere carre en paert daer oplagen vier half tonnen of vaten die den vorster van Veggel hadde gearresteert en op sijnen stal gebracht. Dat savonts omtrent ses of seven uren ten huijse en inde keuken van de vorster voornoemt sijn gecomen Claes Donckers, Johannis Smolders ende Geraert Roeloffs van Kilsdonck en Lambert Aert Donckers. Dat den voornoemde Claes Donckers tegen hem deponent, sijnde op de plaets, sijde wijst mij den sleutel van de poort waer op hij deponent sijde ick hebbe hem niet etc.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 85 Soo heeft Hendrick Willems van de Laer als mede mondelingh lasthebbende van Matijs sijne broeder, in geregte verpachtinge uijt gegeven aen Willem Jan Teunisse een huijs, schuer, hof ende backhuijs mitsgaders teul, weij ende hoijlandt, soo ende gelijck Cornelis Aerts dat tegenwoordich van de verhuerders in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Houtum.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 89 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Jacobus Olislagers metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft welcke voorschreven Jacobus sonder wettige geboorte naer te laten op den 21e augustus 1717 binnen Amsterdam is comen te overlijden volgens een memorie. O.a. een achtste part in een huijske, hof met eenich moeslant daer aengelegen, binnen deessen vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse omtrent de Aude Vrijheijt, neffens erve de eene sijde Peeter Molemakers met sijn Steegtje, de andere sijde Peter Teulincx.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 92 Soo heeft de heer Jacobus Minten burger ende coopman der stadt 's-Hertogenbosch in gerechte verpachtinge uijt gegeven aen Lambert Dircx van Boxtel een schoon ende wel gelegen hoef, bestaende in huijsinge, schuer, schop, hof, teul, weij ende hoijlant. Soo ende gelijck Dielis Croonenburch tegenswoordich van den voorschreven heer Minte in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse omtrent Sweensberge.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 97 Soo heeft de heer Dederick Adolphus van Boninghuijsen heere van Walbeek ende Twistede in verpachtinge uijt gegeve aen Jan Jansse van der Pas, een schoon ende wel gelegen hoef. Bestaende in huijsinge, schuer, schop etc. soo als gelijck Peeter Vermeer tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen den dorpe van Haeren.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 102 Soo heeft den heer Johan Carel de Jeger heere van Eckart als mede last ende procuratie hebbende van sijne absente susters ende broeders, in gerechte verpachtinge uijt gegeven aan Tomas Gerit Dircx van Rijsinge eene schoone ende wel gelege hoef genaamt de Aenvrense hoeve, gestaen ende gelegen tot Oirschot onder den hertganck van Hedel. Soo ende gelijck nu Cornelis Janse Beeckmans in sijn gebruijck is hebbende.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 107 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Cathalijn van de Weteringe metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft, ende is voorschreven Catalijn van de Weteringe op den 24 januari 1718 binnen de baronie van Boxtel begraven. Peeter Adriaen van Hal, een der erffgenaem.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 110 Staat ende inventaris van de erffmeubelen die welcke Teunis Corsten van Heeswijk ende Cathalijn Peeter Brock te samen hebben toe behoort ende die voorschreven Cathalijn Peeter Brok is comen te overlijden des selffs weduwnaar wederom getrouwt sijn met Oecke Jan Peeter. O.a. een bede hoofft peuling, een vier cante tafelaken, de koets inde keucken, een vlas hekel, een kist.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 111 Catrien Cranen geassisteert met Hendrik van Roosmalen haeren schoonsoone haere vercoren momboir in desen, en bekende vergenoegt ende voldaen te wesen van soodanige coop penninge als sijn spruijtende ter saeke van het vercofte goet staende ende gelegen alhier tot Houtum onder Ollant, haer comparanten aengecomen in haeren weduwelijcken staet van haer vader zaligher.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 112 Joost Marten Sanders ende Jan Jan Willems Luijcas, momboire van het onmondig kijnt van Willem Jan Luijcas verwekt bij de selve ende bij wijle Jenneke Marten Sanders sijne gewesene huijsvrouwe.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 113 Soo heeft Rogier van Deurse als schriftelijk last hebbende van Jan van Wolffswinckel in geregte verpagtinge uijtgeven aen Tonie Teunisse, een erve bestaende in huijsinge, scheur, schop met de weij en teul ende hoijlant, soo ende gelijk Jan Dielisse tegenwoordig in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binne deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Vressel.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 116 Joost Marten Sanders ter eenre Johannis ende Peeter van de Loo met Gerart Habraken als man ende momboir van Marie van de Loo sijn tegenwoordige huijsvrouwe ter ander sijde. Die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te hebben eene scheijding ende deijling van de goederen hen luijden mits doode ende aff lijvigheijt van haere ouders erffelijk aengecomen soo als sij seijde ende verclaerde. O.a. aan Johannis van de Loo cumsuis een huijs met den uijtganck ende dries daer aen gelegen, binnen dese vrijheijt ter plaetse Nenssel, neffens erve de eene sijde de gemeente, de ander sijde Jan Sanders cumsuis. De eene eijnde de rivier de Dommel, de andere eijnde Joost Sanders mede condivident. Aen Joost Marten Sanders o.a. een scheur ende perstal gelegen ter plaetse Vressel.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 122 Soo heeft Joost Marten Sander ende Jan Willem Jan Luijcas als momboire van het onmundigh kint Willem Jan Luijcas beneffens Marten Willem Jan Luijcas die hem selve fort ende sterck makende is voor Marie ende Jenneke meerderjarige susters, in geregte verpachtinge uijt gegeven aen Jan Jansse haere swager een huijs ende schuer met den hof daer aengelegen hoij, weij ende teullant. Soo ende gelijck als de meerderjarige tegenwoordich in haer gebruijck sijn hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aen de Nenssel Bruch. Borgen: Jan Martens Sanders ende Jan van de Loo den Oude.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 126 Testament van Beatrix Janssen van Doorsluijsen sieck te bedde leggende, nochtans haer verstandt ende memorie wel machtich sijnde. Erfgenaam Marie Lourens Crijnen haere nateurlijcke susters dochter.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 128 Soo sal Lambert Evers van den Dungen ende Jan Tijsse van der Brugge als beedigde momboire van het onmundig kijnt van Cornelis van der Brugge verwekt bij den selve ende bij wijle Deris Lambert Evers van den Dunge sijne geweesene huijsvrouw verpagten o.a. een huijs ende hoff gestaen ende gelegen omtrent de Eerschotse kerck. Verpagt aan de weduwe Jan Peeters. Borgen: Willem Cluijtams ende Aert van de Mosselaer. Een stuck teullant genaamt de Meeracker gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse omtrent het Catalijne lant. Pagter Hendrik Sleurs. Borgen: Gerit Sleurs woonende tot Liempt ende Aert Sleurs.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 133 Soo sal Jan Jan Wouters ende Cornelis Daendels als momboiren van de drie onmundige kinderen van Willem Peeter Dielisse verwekt de selve ende bij wijle Marie Gerit Dircx van Rijsinge sijne geweesene huijsvrouwe verpagten teul ende groeslant.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 139 Soo heeft Hendrick Jacobs van Eijnthoven woonende tot Sint Miggielsgestel in verpagting uijt gegeven aen Hendrik Cornelisse Vervoort inwoonder alhier, een huijs, hoff, scheur, schop, teul, hoij ende weijlanden gestaan ende gelegen ter plaetse Kremsel, in die groote ende voege soo ende gelijk de weduwe Jan Teunisse in haer gebruijk is hebbende.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 142 Taxatie van de naergelatene goederen die welcke Marie Sijmons van Dooren metter doot onruimpt heeft en is die voorschreven Marie opden sestiende meert 1718 sonder wettige geboorte naer te laten binnen den dorpe van Veggel is comen te overlijden.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 144 Huwelijkse voorwaerde tusschen Teunis Dircx van Boxtel ter eenre ende Maijke weduwe Lambert Jan Willems geassisteert met Johannes Schoonhoven secretaris ter andere sijde, te kennen gevende dat sij van intentie sijn metten anderen de huijshouding te coninueeren haer leven lank geduerende.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 147 Jan Jan Willem Luijcas weduwnaer van Hendrien Habraken sijne gewesene gewesene huijsvrouwe, die welcke verclaerde te togt aff te gaan tot behoef van sijne twee meerderjarige kinderen van een derde part in een huijs ende hof met het lant daer aen gelegen, soo groot ende clijn als het selve gelegen is ter plaetse aent Broek, neffens erve de eene sijde Jan van Herentum, de ander sijde de kinderen van Teunis de Cuijper, de eene eijnde de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 149 President, schepenen ende regerende tien mannen der dorpen van Sint Oedenrode, verclaeren ende certificeeren bij desen dat Jacobus soone van Hendrik Homberg ondervorster ampt nu den tijt van veertien jaeren eerlijk en getrouwelijk heeft bedient tot volcomen genoegen der regenten en ingesetene. Wijders verclaerende dat den voorschreven sijnen vader Hendrik Homberg als ondervorster elff jaeren en nu als vorster omtrent de een en dartig jaeren deser vrijheijt heeft bedient in alle trou en eerlijkheijt. Dog dat vermits de hooge jaere en swakheijt van de voornoemde vorster den voorschreven onder vorster sijn soone nu eenige tijt herwaarts het vorster amt heeft waer genomen. Eijndelijk verclaerende dat den voorschreven ondervorster is bequaem om het voorschreven vorster ampt te bedienen. Biddende ende versoekende Haar Hoog Mogende Mijn Heeren de Staten Generael deser Vereenigde Nederlanden, den selven Jacobus Homberg tot behoudenis van Vrou en kinderen met het voorschreve vorster ampt over onse vrijheijt gelieven te benificeeren voor behoudens, dat bij desselfs vader sijn leven gedeurende het clijne tractemenet daer toe staende werde genoote.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 151 Schepenen verclaren ten versoecke van Tomas Gerit Dircx van Rijsinge als dat de voorschreve is geboortig van dese vrijheijt dat zij van Rijsinge van jongsaf hebben gekent ende alhier binnen deser vrijheijt sig selve heeft opgehouden. Uijtgenomen dat den requirant nu eenige jaeren tot Oirschot als elders heeft gewoont. Welcke van Rijsinge tot Oirschot is comen te trouwen.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 152 Jan Hendricx van de Loo is geboortig van dese vrijheijt, sijnde van goede en eerlijcke ouders.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 153 Peeter van Gestel medesine doctor beneffens Lambertus van der Sande surigijn, die welcke hebben gevisiteert het doode ligahame van Matijs soone Jacob Tijsse van der Hage out omtrent de ses jaere, ende bevonde dat het kint egeene quetsuere hadde dan verdronke. Hetwelk inde rivier de Dommel geschiet is geweest.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 154 Soo heefft Jan ende Peeter Cluijtmans gebroederen woonende tot 's-Hertogenbosch in geregte verpagting uijt gegeven aen Hendrik Kluijtmans, een huijs, hoff, backhuijs, hoij, weij ende teullant. In sulcken groote ende voegen soo ende gelijk hij Hendrik voorschreven dat van haer tegenwoordig in sijn gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen der vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse inden Vorstenbosch.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 157 Taxatie van de naargelatene goederen die welcke Jan Ariaan Cluijtmans metter doot ontruijmpt ende naer gelaten heefft, ende is die voorschreven Cluijtmans op den sevende junij 1718 binnen de vrijheijt Sint Oedenrode deser werelt gepasseert. O.a. een derde part in huijs, hoff met het teullant daer aengelegen, soo groot ende clijn als hetselve gelegen is binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse inden Vorstenbos. Neffens erve de eene sijde Aert van Rijsinge de andere sijde Peeternel Tijsse Versantvoort met meer andere. Item nog een agtiende part in huijs ende hoff met het lant daer agter aengelegen, gelegen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Eerschot. Neffens erve de eene sijde de heer ende meester Antonie Molemakers, de andere sijde Wouter Smits cumsuis. Peeter Cluijtmans een der erffgenamen
Inventaris 172 jaar 1718 folio 163 Schepenen verclaren dat Mattijs van Soest vendrig vant gewesene regiment van de heer brigadier Caris alhier binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode woonagtig ende nog int leven is.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 164 Taxatie van de naergelatene goederen dewelcke Cristina Evert Peeters metter doot ontruimpt ende naergelaten heeft. O.a. de helfft in een huijs ende hof, gelegen ter plaatse in den Bos. Neffens erve de eene sijde ende beijde eijnde Peeter Gerit Diele de andere sijde de gemeente. Jan Evert Peeters een der erffgenaem.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 167 Soo sal vrouwe Anna Elisabet Graham althans huijsvrouw van de heer Helm Dwangel capiteijn van een compagnie voetknegten, ende tevoorens weduwe van de Heer Philip Adolph Baijart als eenige ende universael erffgenaem van de selve haeren overleden man en bij huwelijks voorwaerde tusschen haer ende voornoemde haeren jegenwoordige man, voor den notaris Johan Ceijsers en sekere getuijgen binnen s' Bosch gepasseert den 15 februarij des jaers 1701.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 173 Jan Rut Cluijtmans ende Marten Peeter Coolen als momboire van het onmundige kint van wijle Lendert Peeter Coolen ende bij wijle Meggel Jan Maes sijne gewesen huijsvrouw.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 175 Soo sal Jan Rut Cluijtmans ende Marten Peeter Coolen als momboire van het onmundige kint van wijle Lendert Peeter Coolen verwekt bij Meggel Jan Maes sijne gewesen huijsvrouw, verpagten een huijs ende hoff met het lant daar aen gelegen ter plaatse Rijsinge ende Lendert Peeters Martens van sijn eijge in gebruijck heeft gehadt. Pachter de weduwe Hendrik Philipse, verclaert het selve gedaen te hebben ten behoeve van Jacob Peeters van de Oever haeren schoonsoon.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 180 Wouter Joosten van Erp ende Jan van den Baers als momboire van de vier onmondige kinderen van wijlen Jan Claes Hooffmans verwekt bij Catrien Cranen sijne huijsvrouw. Die welcke verclaerde magtig te maken de heer en meester Versterre, procureur binnen de stat 's Hertogenbosch, omme uijt haere constituants namen te vervolgen, soo danig proces als sij constituanten in haere voorschreven qualiteit sijn genootsaekt te vervolgen op ende tegens Cornelis van Heeswijk.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 182 Soo sal Adriaen Donckers als onder rentmeester der Domijnen van Brabant over de vrijheijt Sint Oedenrode, openbaerlijck ende voor alle man aende minst aennemende sal bestelle een buijs aen de H. Eijck door ordre van schepenen op den Dobbeke weder penning tot laste vanden gebreeckige de hoogte van de plancke dartien duijm de lengte veertien voet ende de diepte anderhalve duijm dik, sonder vouw ende behoorlijk met eerts aente vulle vervolgens aen beijde kanten. Iten sullen de aennemer de selve buijs opde manier als boven moeten maeken binnen de tijt van drie weeken ofte bij naerlatigheijd van dien sal wederom tot lasten vanden gebreeckige aennemer werden bestelt ende soo wanneeer het gevisiteert is behoorlijk gevonde soo sal den aennemer te selve dage des visitatie sijn gelt connen crijgen. eerstelijk ende lestelijk soo wert de voorschreven buijs met behoorlijcke eertvulling ter beurde gebragt, gemeijnt bij Joost Cornelisse de Gruijter.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 183 Johan van Herentum als aengestelde heij heer deser vrijheijt Sint Oedenrode, mitsgaders Johan Kemps ende Hendrik van Hout als gesworens dese voorschreven vrijheijt, die welcke ter instantie ende reguisitie van den heer Baltasar Repelaer quartier schout van Peelant, hebben verclaert te weten hij eerste in ordine deponent dat hij in sijne voorschreve qualiteit op gisteren is gecomen smorgens omtrent agt uren op den Dijk alhier in geselschap van de voorschreve twee geswoorenen omme te visiteeren de carren die met torff uijt de heijde comen alwaer hem deponent bij de huijsing van den seeldraaijer is tegen gecomen Jan Wouters van Erp bij sig hebbende een peert en carre daer opgeladen was torff en derwijl hij deponent vermoede het te wesen groestroff die volgens de oude ceuren en ordonantien deser vrijheijt niet van de gemeente mag werde gesteecken off gehaelt etc.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 186 Vermelding van alleen twee namen die doorgestreept zijn: Dirck Brodde out omtrent vier en dartig jaere ende Lambert van Gestel out omtrent vijff en twintig jaere, beijde inwoonderen alhier.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 186 Testament van Cornelis van Duppe ende Marie Peeter Kusters sijne tegenwoordige huijsvrouwe die voorschreven Marie sieck te bedde leggende.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 189 Jacob Rijnders weduwnaar van Cristina Evert Peeters sijne gewesen huijsvrouwe, die welcke verclaerde de togte hem competerende inde parceelen der goederen afte gaen tot behoef van Jan Evert Peeters ende Marten Peeter Hurcx als in huwelijk hebbende Jenneke Evert Peeters sijne swager. De helft van huijs ende hoff, gelegen ter plaatse in den Bos, neffens erve de eene sijde ende beijde de eijnde Peeter Gerit Dielen.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 191 Jan Evert Peeters ende Marten Peeter Hurx als in huwelijk hebbende Jenneke Evert Peeters die welcke verclaerde met malcandere aengegaen te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende aflijvigheijt van Cristina Evert Peeters henne suster erffelijk aengecomen. Aan Jan Evert Peeters o.a. de helft in huijs ende hoff, gelegen ter plaatse in den Bosch, neffens erve de eene sijde ende beijde de eijnde Peeter Gerit Dielen, de ander seijde de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 194 Maria Evers van Heessel weduwe wijle Lambert Jan Spierincx, die welcke verclaerde de togt afte gaan tot behoef van haere drie meederjarige kinderen van een vierde part in huijs ende hof met het aengelegen lant, gelegen ter plaetse Eerschot, neffens erve de beijde sijde de heer Antonie Molemakers, de andere sijde Wouter van Erp, de eene eijnde de Valsteegde de ander eijnde de straet.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 195 Taxatie van de naer gelatene goederen die welcke Mardalena Jan Peeter Verwetering metter doot ontruimpt ende naer gelaten heeft en is die voorschreven Mardalena opden 3e juni 1718 sonder wettige geboorte naer te laten binnen den dorpe van Veghel deser werelt gepasseert.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 196 Testament van Jenneke Evert Roijackers siek te bedde leggende. Genoemde personen: haar suster Geneva Evert Roijackers. Evert Roijackers haeren vader. Marie Evert Roijackers huijsvrouwe van Hendrik Stercken. Vreijnske Roijackers huijsvrouw van Pieter Hogenhof haere suster. Dirk Roijackers haeren broeder. In de marge staat: dat de testatrice dit testament van geene waerde ende teniet te willen doen, off hetselve noijt waere gepasseert.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 201 Jacobus Homberg onder vorster, die welcke verclaerde uijt cragte van authorisatie aan hem gegeve van Jan Willem Kemps inwoonder alhier in arrest te nemen verschillende percelen.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 202 Jakobus van Homberg onder vorster alhier ende Marie des selffs huijsvrouw, die welcke ter instantie van de heer Baltasar Repelaer quartierschout van Peelant, hebben verclaert dat nu omtrent drie offe vijff weecken geleden den preciesen dag onbegrepen ten huijse van haer deponenten is gecomen Hendrik van Roosmalen, Jan Hooffmans sijnen swager ende Wouter van Erp oom van Hendrik van Roosmalen, dat den voornoemde Wouter van Erp een weijnig tijt in huijs geweest sijnde weder uijt den huijse is gegaen met Jan Hooffmans,latende aldaer den voorschreven Hendrik van Roosmalen. Wijders verclaerende dat den voorschreven Hendrik van Roosmalen als doen tegens haer deponenten sijde, soo het gelt, namentlijk negen gulde niet aenstonts daer en leijt wijsende met een naar het aenrigt, soo sal ik aenstonts Wouter van Erp ende Jan Hoofftmans ten needer schieten, dat een weijnig tijt daer naer weder in huijs sijn gecomen den voorschreven Wouter van Erp en Jan Hoofmans seggende tegens hem eerste deponent geefft hem namentlijk Hendrik van Roosmalen een rijxdaelder off drie ik sal het u laten corten off weder goet doen etc.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 204 De heer Jacob van de Velden dit Honselaer procureur, die welcke gerightelijck is geciteert ter instantie van de heer Balthasar Repelaer quartierschout van Pelandt, heeft verclaert dat op den jaergenechte is gecomen in sijne voornoemde qualiteijt als procureur opden Raedhuijse alhier alwaer mede quam Hendrik van Roosmalen die aldaer in gebanne vierschaer met den hoet op eenige harde off scherpen woorden voerde, waer op hij heere deponent tegen van Roosmalen seijde, vrint weet ge wel waer dat gij bent, doet ten minsten u hoet aff, want ge moet de heeren respect toe dragen off diergelijcke woorden twelck daer bij blijvende. Soo is den deponent gegaen naer het huijs vanden president Molemakers alwaer is gebleven tot savons omtrent negen ueren en willende als doen naer huijs gaen en comende omtrent de huijsinge van Joris van Bilse heeft daer vinden op straet staen Hendrik van Roosmalen voornoemt met een stock in de hant seggende tegens hem deponent gij hebt mijn vandaegh op raethuijs geaffronteert en daer wil ick nu revens aff hebben met een hem deponenten toecomende om te slaen, waer op hij deponent antwoorde afronteert mijn hier niet ick ben op s' Heere strate etc. Verder in deze akte nog vermelding van o.a.: de huijsvrouw van Joris van Bilsen. Hendrik van de Stroom. Corstiaen van den Brandt. De herberg van Jan van Heretum. De Valck.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 210 De heer Augustijnus van Beugen inwoonder alhier out omtrent ses en dartich jaeren, dewelcke ter instantie van de heer Balthasar Repelaer quartierschout van Peellant verclaert, dat nu omtrent drie jaeren geleden is gegaen savonts omtrent negen ueren op versoeck en in geselschap van Thijs Jacops van Santvoort naer het huijs ende herberg van Daniel vande Laeck en comende omtrent de Hambrugge is hem deponent aldaer tegemoet gecomen Hendrik van Roosmalen ende eene soldaet van de heer Collenel Leefdael dienende, genoempt Claes Suis die aenden deponent vraeghden waer wil je naer toe, waerop den deponent antwoorde naer den boode dat Hendrick van Roosmalen ende den voorschreven soldaet als doen beneffens den vooschreven deponent en Tijs Jacops van Santvoort samen sijn gegaen naer het huijs van Daniel van de Laack voorschreven, dat daer comende den deponent met de voorschreven persoonen saemen hebbende drincken vier cannen bier en willende hij deponent naer huijs gaen ende sijn gelagh betalende sijde Hendrick van Roosmalen tegens hem deponent, betaelt mijn gelagh oock of geeft was voor ons ten besten of diergelijcke woorden, waerop den deponent antwoorde daer toe ben niet in staet want ick ben een bedorven man, soude het anders noch wel doen, dat evenwel ende des niet tegenstaende hij deponent die goede woorden smeeckende, Hendrick van Roosmalen met een blooten deegen inde eene handt en een bajonet inde andere handt en een mes voor in sijn rock steeckende, allen welck geweer verborgen onder sijn clederen, uijthaelde, is aen gevallen ende hem deponenten met den deegen een steeck toebracht omtrent de keel, twelck den deponent siende en gevoelende. Verder ontstaat er een woordenwisselinge en een gevecht.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 214 Antonie van Vlijmen, inwoonder tot Best dewelke bekende ontfangen te hebben uijt handen van Jan Jorisse van Strijp eene somme van tien gulden, soo als voorschreven Antoni van Vlijme was competerende een sesde part van een pacht, achtergelaten bij Anneke Goijaarts, stervende binnen Liempt.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 215 Peeter Molemakers president ende Peeter van Gestel medicine doctor, schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode verclaren ten versoecke van Jacop Hendrik Goorts van Dinter alsdat den voorschreven Jacop is geboortich deesser vrijheit ende ten tijde dat hij altijt een eerlijk ende wel heeft gecompeteert ende gedragen, dat hij eenige tijt tot Oensel? gelegen onder Bommel heeft gewoont ende noch woonachtig is.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 216 De heer en meester Antoni Molemakers, Peeter Molemakers, Maria van Kerckhof weduwe wijle Johan van Heessel, Catharina van Heessel, Johannis Gerardus van Heessel, Egdius van Heessel, Herbert Smits als in huwelijck hebbende Cornelis Bossers, Hendrick van Hooft man ende momboir van Dinghna Bossers, Joahnnis de Lauwere als in huwelijck hebbende Jacoba Heessels, de heer Anshelmus Bossers ende Hendrick de Lauwere man ende momboir van Isabella van Heessel, zij hebben machtich gemaeckt Pauwels Loef procureur ten eijnde waer te nemen soodanige procedure als sij genootsaeckt sijn te sustineeren voor haer Edel Mogende den Rade van Brabant in 's-Gravenhage als gedaeghdens bij mandement van daeghsel ter eene op ende tegens Maria Kemps ter ander sijde.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 219 Verklaring door schepenen ten versoecke van Johannis Jansse Hooffmans jonghman ende dat hij is geboortich ende woonachtich alhier binnen deeser vrijheijt, dat sich selve altijt ende eerlijck ende wel gedragen ende gecompeteert heeft, zoals een eerlijck jonghman behoort te doen. Dat den selve sich selve soude gaen begeven naer de eene ofte ander stadt om sijn ambacht als kleermaker te gaen vervorderen, soo versoecke wij schepen aan alle haeren officie en justiciere die deesen verklaring werden vertoont den gemelte Jan Jansse Hoofmans voor een eerlijck jonghman te willen erkennen.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 221 Soo sal Wouter Jooste van Erp ende Jan van den Boers als momboire van Jan soone Jan Claes Hoofmans, vercoopen een stuck soo teul als groeslant gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse aent Broeck. Kooper Jacobus Hombergh ondervorster alhier.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 226 Soo sullen de erfgenamen van wijle de heer Gerit Stanse Molemakers in sijn leven secretaris alhier vercoopen een stuck teullant gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse omtrent de Eerschotse kerk, nevens erve de eene sijde de weduwe Jan Lambert Spierincx de andere sijde de heilige geest alhier, de eene eijnde eene gemijne wech, de andere eijnde meschwech. Kooper Jan Kemps out president alhier.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 231 Hendrik ende Frans Jan Lambers van de Laek gebroederen, Goort Gijsbers man ende momboir van Catalijn Teunis Teunisse sijne huijsvrouwe, Teunis Franse der Kijnderen, man ende momboir van Lijsbet Teunis Teunisse sijne huijsvrouwe, Jan Aert Sigmans man ende momboir van Deliaen Teunis Teunisse sijne huijsvrouwem die welcke verclaarde met malcanderen aengegaen te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits doode ende afflijvigheijt van henne ouders erffelijk aengenomen soo sij verclaerde. O.a. aen Goort Gijsbers ende Teunis Franse der Kijnderen in haere voorschreven qualitijt o.a. een huijs, scheur, schop ende hoff met het teullant daer aengelegen binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Nenssel, neffens erve de eene sijde Rogier van Deurse de ander sijde de gemeene straet.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 238 Jacobus Hombergh ondervorster alhier, die welcke verclaerde voor goet vast bondig ende van waerde te blijven wegen alle de actue ender pretensie voort vierde part der rente waer over Cornelis van Heeswijk actie compt te maken wegens een capitael van vier hondert gulden met de intrest ende oncosten daer omme geresen ende nog vuijt sullen comen te rijsen wegens den hoeff van Jan soone Jan Hooffmans, ter plaatse op de Sloeff.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 239 Martien de Cort regerend borgemeester deser vrijheijt, die welcke ter instantie van de heer Balthasar Repelaer quartierschout van Peelant, heeft verclaert dat op voorleden Rode kermis sijnde dijnsdag 23 augustus 1719 ten sijne huijse is gecomen Hendrik van Roosmalen, die onder veel woorde ende dreijgementen seijde wil iemant mijn een kan bier geven ik sal der aanstonts een overhoop steeken. Segende als doen verders tegen hem deponent ik sal den president Molemakers om dat hij die van de straet niet voor en staet ook overhoop steeken off doot schieten.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 241 Articulen omme ter instantie van den heer Balthasar Repelaer quartierschout van Peelant, ten overstaen van twee heeren schepenen te hooren getuijgen. Questie: dat er uit het huijs van Jurien de Leijdecker tot Rode, savons vlijs is gestolen. Verdachte is Hendrik van Roosmalen, op de straat tot Eersent heeft geroepen een huijs offte vijff in brand te steeken hij liep daar met een bloot mes in de hand roepende wie wilder vegten ofte drijgende imant daar mede doot te steecken. Hij zijn mes inde deur van de herberge van Wilbert van de Keer stak, seggende die dat mes aanraekt die moet tegen mij vegten off die sal ik de hals breecken rtc. etc. Genoemde personen: Cornelis Hend. Jans out 70 jaeren. De huijsvrouw van Juriaan Everwijn out 36 jaer. Lambert Rovers out 34 jaer. Wilbert van de Keer, de suster van Hend. van Roosmalen, Johannis van Hirtum. Hendrik Jan Claesse, Arnoldus der Cuijper. De kinderen van Heijlke weduwe Peeter van de Laack.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 249 Jan Antoon Essing sergant van het regiment van den Collonel Bercoffer, die welcke ter instantie van de heer Balthasar Repelaer verclaert dat op dijnsdag den 23 augustus 1718 sijne Rode kermis is geweest ten huijse ende inde herberge van Martien de Cort met en beneffens veele ander persoonen ende alwaer ook mede was Hendrik van Roosmalen, die na veele vloeken en sweeren onder andere woorden seijden mijn bannen off spannen ik weet den president sijn huijs evenwel off sal dat wel vinden off dier gelijcke woorden. Eijndigende hij deponent hier mede sijn waeragtige ende sonceere verclaeringe.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 251 Sjenno de huijsvrouw van Daniel van der Laek, Verclaert dat nu omtrent twee a drie jaeren geleden savons ten haeren huijse is gecomen Hendrik van Roosmalen, de heer Augustinus van Beugen, Mattijs Versantvoort en eenen seeckreren soldaet Claes genoemt samen eenige kannen bier drinckende en pratende, dat onder andere den voorschreven van Beugen en soldaet Italiaans sprake. Dat onder dat praten Hendrik van Roosmalen sijde tegens van Beugen hout op van praten en betaelt het gelag of dier gelijcke woorde, waerp den gemelte van Beugen hem omkeerden naer Hendrik van Roosmalen, en al laggende met een gaertje dat hij in sijne handen hadde den hoet raekte van Hendrik van Roosmalen, sonder dat sulx hem eenig quaet konden doen off uijt geen quaetheijt soo het haer toescheen wiert gedaen, dat niet tegenstaende Hendrik van Roosmalen aenstonts is op gesprongen en een degen die hij onder sijn rock hadde heeft uijt getrocke en daer mede geslagen gehouwen en gesteeken, soo danig dat daerdoor een steek heeft gecregen aen sijn keel. Dat den gemelte van Beugen tragtende op alderlij wijse de houwen slagen en steeke te ontcruijpende en te esjaperen het ook gebeurt is dat Mattijs Versantvoort tussen bijde willende gaen dat hij van Roosmalen den selve ook met den degen sloeg, dat de gemelte soldaet allen het selve siende onder andere seijde van Roosmalen hout op het is genoeg, waer op van Roosmalen hem wende naer den soldaet hem den degen op het lijff settende, dat den gemelte soldaet de deur is uijtgegaan en Hendrik van Roosmalen weder op van Beugen is aengevallen hem al weder houwende steeckende en slaende sonder dat die hem eenigsints weerde. Dat de deponent siende dat hij van Beugen gequets was en sterk bloede, den selve van Roosmalen heeft gebeeden op te houden seggende hij is gequest, dat als doen den gemelte soldaet met een degen in huijs is gecomen die inde scheede stack seggende tegens van Roosmalen comter uijt, waerop Hanrik van Roosmalen is uijtgegaan en heeft tegen den soldaet gevogten. Verclaerende wijders dat sij deponente de wonden van van Beugen willende aff wassen, den selve van Beugen al riep Claes doet dog geen quaet om mijnent wil, dat van Beugen doen hoorende haer vegten is uijt geloopen op straet met een besem stock (apparent om te scheijden) en heeft daer mede op die vegtende persoonen geslagen en Hendrik van Roosmalen op het hoofft getroffen. Dat Hendrik van Roosmalen hem omkerende en van Beugen weder in huijs retirerende hij den selve vervolgde en cort daer naer van Beugen hoorde roepen ik hebbe genoeg, dat sij deponente daer naer heeft gehoort dat van Beugen twee sneden hadde die met een mes soude gedaen wesen. Eijndigende sij deponente hier mede haere waeragtige ende sinceere verclaringe.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 254 Hendrik Sleurs out omtrent sestig jaeren, Johannis van Herentum out omtrent twee en veertig jaeren ende Jan Peeter Gerit Dielen out omtrent agt en dartig jaeren, dewelcke ter instantie van den heer Baltasar Repelaer hebben getuijgt ende verclaert, dat op den seventiende januarij 1716 den heer Jacob van der Velde dit Honselaer procureur, is gecomen int huijs van Johannes van Heertum voorschreven herberge alhier savonts omtrent de clocke vijff uren, alwaer onder ander was Hendrik van Roosmalen. Welcken heer procureur van de Velde met voornoemde van Roosmalen verscheijde woorden wisselende, sonder dat van eenige uijtroepingen bescheijdinge ofte provocatie in de plaetse den Neul offte opde Hoeffe agter de straten van Sint Oedenrode daer offte elders neijt offte oijt den meer gemelte procureur hebben hooren seggen spreeken ofte proviceerende.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 256 Joris van Beelse out omtrent ses en veertig jaeren, commis van den tol ende Alegonda vande Coevering out omtrent vier en veertigh jaeren desselfs huijsvrouw, gerigtelijk geciteert wesende door deser vrijheijt onder vorster Jacobus Homberg om der waerheijt getuijgenis te geven ter instantie ende requisitie van de heer Baltasar Repelaer. De zaak gaat over Hendrik van Roosmalen en de heer van de Velde.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 261 De Heer M. Koehoorn capiteijn ter diensten van desen staat ende vrouwe Johanna Minten desselfs gemalin, die welcke verclaerde volmagtig te maken Willem van Brongxthorst procureur. Omme hun belangen waar te nemen tegen Juffrouw Tosijn Hans Willem Postwijk ende de priorin van Maria Garde tot Reurmonde.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 262 Soo heeft de heer Hendrik Huijgens in geregte verpagtinge uijtgegeven aen Johannis Kerkhoff eene hoeve bestaende in huijs, scheur, schop, teul, hoij, heij ende weijlanden. In sulcker groote ende clijn als Lambert der Kinderen van hem heer verheurder in gebruijk heeft gehad ende nu tegenwoordig onbeteult liggende, gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse In den Hulst. Borgen zijn: Adriaen Kerkhof ende Lendert Jooste van den Hurk sijne vader ende borge.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 265 Doorgestreept Lambert Kemps naergelaten weduwnaer van Elisabet van Heessel.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 266 Jan Wouters van Erp, die welcke ter instantie van Baltasar Repelaers quartierschout van Pelant, heeft verclaert dat eenige weijnige dage naar Rode kermis Hendrik van Roosmalen in sijn huijs is gecomen, seggende Dirk van Erp heeft mij gesegt dat ik mijn stil moet houden, want de president Molemakers had eenen brieff geschreven aenden stathouder etc. Verder nog genoemde personen: Catrien van Gael vroe vrouw. Jan den Smit. Hijn ….?
Inventaris 172 jaar 1718 folio 268 Aenbesteding van eenige reparatie aent brugsken op den Nieuwen dijk, en een nieuwen pael aent hecke van de Nieuwendijk bij Daendel de Boij shuijs, als het hecken bijden hooge vonder ende de kerckvonder. Gemeijnt bij Jan Rut Cluijtmans.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 270 Gijsbert Jorissen van Strijp inwoonder alhier omtrent 34 jaer, den welcken ter instantie van Balthasar Repelaer quartierschout van Peellant verclaert, omtrent de maent januarij seventien hondert sestien savonts 't licht onsteecken sijnde ten sijne huijse is gecomen Hendrik van Roosmalen, den welcke hem deponent vraegde ofte hij deponent sijnen snaphaen in huijs hadde en of hij oock geladen was en hij de deselve wel aen hem leenen wilde, waer op hij deponent antwoorde van ja ende dat hij oock geladen was met een kogel, waerop hij Hendrik van Roosmalen seije dat is goet, want ick moet hem tavont eens gebruijcken, waer op hij Hendrik van Roosmalen den snaphaan onder de schou wegh vattende schielijck uijt den huijs liep ende dat daeghs daer aen gehoort ende verstaen hebbende dat Hendrik van Roosmalen den selve hadde willen gebruijken tegen de heer van de Velde. Hij deponent sijnen snaphaen wederom gehaelt heeft in eijgen persoon uijt het huijs van Hendrick van Roosmalen, om dat daer geen meerder of verder quaet mede soude cunnen uijtwercken ofte doen. Wijders verclarende hij deponent dat inde laetste Rode kermis weeck 1718 is geweest ten huijsse ende herberge van Martien de Cort alwaer mede was Hendrick van Roosmalen die onder andere vloecke sweere ende drijgemente sijde deese woorde in substantie ick sal den president Molemakers voorden cop schieten ende noch verder verclaerende gehoort te hebben dat Hendrik van Roosmalen omtrent die selfden tijt verschijde malen geseijt heeft ick sal den Barbera koninck (Aert Vervoort de koning van het Barbara gilde) voorden cop schieten ofte doodt schieten ofte doodt steecken waer ick hem maer krijgen can. Eijndelijk verclaerende hij deponent gesien te hebben dat Hendrick van Roosmalen omtrent veertien dage voor de evengenoemde Rooder kermis een sack pistool in sijn handt gehadt te hebben ende daer mede monsterende en aen alde werelt liet sien ende wederom in sijn sack van sijn broeck gestoocken heeft, ende welck pistool hij deponent oock inde kermis weeck van Hendrik van Roosmalen heeft geleent als op eenige bedelaers ofte haudieven die inde kermisse wel gewoon sijnde te comen in cas van gewelt ofte resistentie desnoots sijnde te connen gebruijcken ende waertoe hij deponent vande magistraet van de vrijheijt is aengestelt. Eijndigde hier mede sijne veclaeringe.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 273 Verklaringen omtrent Hendrik van Roosmalen op verzoek van de heer Balthasar Repelaer. Genoemde pesonen: Engel de huijsvrouw van Willem Willems Luijcas Mercx. Willem Vervoort. Hurck Jan Claesse. Johannis van Heretum. Jacobus Hombergh ondervorster. Martien de Kort. Aert Vervoort den koninck der Barbara gilt. Wilbert van de Keer. Cornelis Hendrick Jans.
Inventaris 172 jaar 1718 folio 279 Soo heeft Jan Aets van Herentum in verpachtinge uijtgegeven aen Jan Tijsse Versantvoort, een huijs, hof, schuer, schop en backhuijs met het teul, weij, als hoijlant daer aangehorende, in sulcke groote ende voegen als Peeter Marselisse dat tegenwoordich van voornoemde Jan Aert van Herentum in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetsse aende Nensselse brugh, uijtgenomen het Hoefke dat behout hij verhuerder voor sijn eijgen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 283 Soo heeft Francis de Kort in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Tonie Cornelisse van Aele (Arle) die de hueringe heeft aengenomen sijn erfe aende Eversche, bestaende in huijs, schuer, teul, weij ende hoijlant in sulker voegen als Jan Tijsse Versantvoort dat tegenwoordich in sijn gebruijck is hebbende.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 288 Testament van Jan van Herentum den oude ende Berbera Anthonisse Vermeulen sijne tegenwoordige huijsvrouwe. Genoemde personen: Nicolaes Janse van Herentum haere testateure soon tegenwoordigh uijt lant sijnde. Verder niet bij namen genoemde zijn broeders ende susters.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 291 Testament van Cathalijn Tijssen Versantvoort, Genoemde personen: haar susters en half susters o.a. Peeternella haere suster. De twee kinderen van Anneke Tijs Peeters Versantvoort verweckt bij Goort van Dinter. De vijf kinderen van Maria Tijs Peters Versantvoort verwekt bij Peeter van de Donk De twee kinderen Jenneke Tijs Peters Versantvoort verwekt bij Hendrik Vissers. De kinderen van Jenneke Gerits van der Hage verwekt en nog te verwecke bij Jan Denisse van Herentum. Jennemie Gerits Verhagen haere kinderen nog te verwecke bij Jan Toloffs tot Best.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 293 Miggiel de Gage deurwaerder, den welcke verclaerde in arrest te stellen in handen van de hoog overigheijt de goederen van Goort Jacobs van der Hage woonende alhier.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 294 Jan Rut Cluijtmans schepen alhier en
Daniel Raggel schoolmeester alhier, die welke sig selve hebben gestelt als
borge voor den persoon van Hendrik van den Hove.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 295 Hendrik van Hove woonende tot Gemert
alhier door Herbertus Smits sijne swager gerigtelijk gearresteert, sullen ten
geregtdag die wesen sal den 21 meert 1719 met haere respectieve huijsvrouwe
alhier ter secretarijen voor twee heere schepenen compareeren ten fine om te
sien of sij met den andere over henne wedersijtse pretensien connen liquideren
en accorderen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 296 Aert Tomas en Teunis Cornelisse de
Ruijter gebroeders ter eenre en Dirk Frense van Ceuringe als man ende momboir
van Jenneke Rutten sijn tegenwoordige huijsvrouw ter andere sijde. Die welcke
verclaerde met malcanderen aengegaen te hebben eene erffscheijdinge ende
deijlinge van de goederen hun luijden mits doode ende afflijvigheijt van
Willemke Tomasse de Ruijter hunnen moetje erffelijk aengecomen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 300 Dirk Jansse Sigmans woonende op de Vleut,
Jan Jansse van de Loo, als momboire over het onmondige kint van Peeter Jan
Sigmans, verwekt het selve ende bij wijle Marie Jan Kemps sijne gewesene
huijsvrouw.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 301 Soo heeft Jan Wellens als
schriftelijke last hebbende van de Heer Hendrik Walraven Gagie, heere van
Rijhove de Woestijne etc. in geregte verpagtinge uijtgegeven aen Peeter Seelen
een schoon ende wel gelegen hoeve gelegen op den Hout met de landerijen daerbij
behoorende, soo van huijsinge, hoff, scheur, stallinge, weijen, hoij ende
teulland. Soo groot ende clijn als deselve gelegen is, scheijdende met de
doorenhegge aldaer geplaetst, de bakkensacker, de Garsthof, de huijsplaats
eertijts gnaamt de Calverdries, soo groot ende clijn als tegenwoordig gelegen
is etc.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 305 Soo sal Jan Jansse van de Loo ende
Dirk Jan Sigmans als momboire vant onmondige kint ende meerderjarige kinderen
van wijlen Jan Peeter Sigmans verwekt bij den selve ende bij wijle Marie Jan
Kemps sijne gewesene huijsvrouwe, openbaerlijk ende voor alle man verpagten
eene erve bestaende in huijs, hoff, scheur, schop, teul, hoij ende weijlande in
dier groote ende voegen so ende gelijk de weduwe Peeter Jan Sigmans van haere
eijge in gebruijk heeft gehad. Gestaen ende gelegen binnen des vrijheijt Sint
Oedenrode ter plaatse op Verrehout. Gepagt door Francis Lambers van Dinter.
Borge Lambert Peeters van Dinter sijne vader ende Jacob Peeter Sigmans sijne
swager.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 310 Regeerders van Sint Oedenrode de welcke
een pariglijck ter requisite van de gesamentlijkcke erffgenamen van Johan van
Heessel ende kinderen van Gerit Stans Molemakers hebben verclaert dat zij
comparante opden tiende julij seventien hondert en seventien, tijde als de
represanten de erffelijckheijt der secretarije van Sint Oedenrode en Veghel ten
beure bragte, om voor alle man te vercoopen alhier binnen deser vrijheijt. Dat
de secretaris deser vrijheijt de conditie van dien int openbaar lesende en
onder andere den articulen van den volgende inhout, de kooper sal de
secretarije van Sint Oedenrode aen veerden den veertiende augustus in deesen
jaere 1717 ende de secretarije van Veghel aenstonts gereserveert aende heer
Nieckens den vijftiende april aenstaende nog een jaer heur, ende naar dat die gelesen
zijnde, door den heer advocaet Molemakers int publiecq aen Matijs Nieckens
bedienende de secretarije van Veghel voorschreven, aldaer mede present gevraegt
wiert is dat soo niet mijnheer Nieckens, dat daer op door hem Nieckens
geantwoort wiert, deese woorden in substantie, jaa mijnheer het is soo, dan is
mijn tijt nijt waer op hij requirante met de vercoopinge voort gingen gevende
sij deponenten voor welwetenheijt.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 312Testament van Jan Jan Ariaen Gerit Willems
ende Anneke Teunis Aerts sijne tegenwoordige huijsvrouw. Genoemde persoon: Jan
Gerits Verhage haere neef die tegenwoordich bij haer woonende.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 315 Michiel Samuel Rosendael coopman tot
's-Hertogenbosch die welcke verclaerde in te trecken soo danige autorisatie als
hij heeft gegeven schriftelijck ofte mondelingh aende heer Jacobus Noorbertus
van de Velde dit Honselaer procureur, om bij forme van regt te constringeeren?
de pesoonen van, Hendrick van Hooft en Donckers gtrouwt sijnde met de weduwe
Tomas Poorters drossart tot Gemert beijde inwoonendere tot Gemert ende
bedanckende de selve.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 316 Hendrik van de Wiel gebruijker der
goederen toe behoort hebbende de heer Jacobus Norbertus van de Velde Diet
Honselaer door den deurwaerder Aucoop. Compareerde mede Francis van de Stroom
gebruijker vant huijs genaamt De Wagenaer de pagt offte huer tot ter somme van
vijff en twintig gulden te betalen aen Jan de Vroom die welcke belooken paessen
in den jaere seventien hondert en twintig vervalle sal, gelovende den gemelte
comparant allen hetgeene voorschreven staet te sullen onder houden.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 317 Staet ende inventaris van de meubilen
als verdere roerende goederen soo als Aert Teunis Aerts gewoont hebbende binnen
dese vrijheijt Sint Oedenrode metter doot ontruimpt ende agter gelaten heeft
ende door Hendrik Cornelisse van den Oever, meede woonende binnen de voornoemde
vrijheijt is opgegeven de welckers huijsinge hij Aert Teunis Aerts is comen te
overlijden op den 5e october 1690. Eerstelijck een quaat bed met een
hoodpeuling. Iten nog twee kisten. Item nog eenig rog die hij van de Oever aen
de arme luijden heeft uijt gerijkt dog niet te weten hoeveel. Item nog een
teuneke kommeken, Item nog een coopere ketelke groot twee kannen, Item nog een
schooldoos. Item nog een quaij hack en ax. Item nog een koeij de welcke hij van
den Oever heeft vercogt voor dartien gulden. Item nog een stoel inde kerk gehad
ende nog niet wel te konnen seggen off hij hem gehad heeft offte niet. Item nog
in een van de bovenste kiste bevonde een perst boek. Item nog een out siel
boek. Item nog een meesterboek. Item nog heeft hij gehad kleeren soo goet ende
quaet als sij sijn geweest die hij van den Oever geeft gegeven en die geen die
hem gerecht hebben volgens quitantie. Item nog twee quade hemde maer heeft hij
van den Oever het doodts hemt tgeen daer Aert Teunis Aerts met is begraven van
sijn eijgen hemde aen gedaen. Item soo heeft hij vanden Oever nog ontfange van
de weduwe Willem Kemps de somme van agt en veertig die Aert Teunis Aerts aen de
voorschreven weduwe hadde geleent. Item nog het mauael afschrift boekjen van
Aert Teunis Aerts.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 320 Peeter van Gestel medicine doctor,
beneffens Lambertus van de Sande churigijn alhier ende hebben gevisiteert het
doode lighaam van het kint van Francis van de Stroom geboortig ende woonagtig
binnen de vrijheijt ende bevonde dat het voorschreven kint egeen quetsure hadde
dan verdronken.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 320 Peeter van Gestel medicine doctor,
beneffens Lambertus van de Sande churigijn alhier, hebben gevisiteert het doode
lichaem van het kint van Daendel van de Laek boode alhier binnen deser
vrijheijt voorschreven ende bevonde dat het voornoemde kint egeene quetsuere
hadde dan verdronken het welk inde rivier de Dommel omtrent de Hambrugge is
geschiet geweest.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 321 Aanbesteding van eenige reparatie als
nieuwe wercken aen de Nensselse brug als het clijn brugsken.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 325 Taxatie van de naergelatene goederen
de welcke de heer Francois Blotenburg in sijn leven Raet der Stat
's-Hertogenbosch binnen de vrijheijt Sint Oedenrode metter doot ontruijmpt ende
agtergelaten heeft ende is die voornoemde Blotenburg op den 9 junij 1719 sonder
wettige geboorte naer te laten binnen de stat 's-Hetogenbosch deser werelt
gepasseert. O.a. een huijs, hoff, scheur, esthuijs binnen de vrijheijt Sint
Oedenrode ter plaetse Ollant neffens erve de eene sijde de weduwe Huijgermans
de ander sijde de weduwe Jan Sijmons. Verder nog genoemde personen: de heer
Tengnagel. De Bonefanten. Cartina gulde ten bos. Cijns int boek vant capittel,
de heer van Helmond en aen de heer Lovens.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 330 Soo sal Jan van de Baers ende Wouter
Jooste van Erp als momboire van de twee onmondige kinderen wijle Jan Claes
Hooffmans verwekt bijde selve ende bij Catrien Crane sijne gewesene huijsvrouw,
verpagte een parceel hoijlant genaamt den Vogelsanxen beempt. Gepagt door Jan
Aerts van Herentum.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 334 Corstiaen Gielens van Lieshout ende
Wouter van Erp als momboire over het onmondige kint van Jan Willem van Lieshout
verwekt bij den selve ende bij wijle Judig Peeters sijne gewesene huijsvrouwe
Inventaris 172 jaar 1719 folio 335 Testament van Dirck Brodde ende
Cathalijn Peeter Luijcasse van Ham sijne tegenwoordige huijsvrouwe.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 337 Op den een en dartigste augustus
seventien hondert en negentien soo is de secretarije alhier gevisiteert door de
heer Niveen als commissaris vant zegel en de heer en meester Schagen als
viscael sijnde van slans advocaeten, dit is alhier dienende voor memorie ende
niets bevonde tgeen was tegen de ordonantie vant zegel.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 338 Peeter van Gestel medicine doctor en
Lambertus van de Sande curigijn alhier hebben gevisiteert het doode lighaem van
het kint van Goort Hulse out omtrent anderhalff jaer ende bevonden dat het
voornoemde kint egeene quetsuere hadde dan verdronken, hetwelk in eenen cuijl
omtrent haer huijsinge is geschiet.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 338 Compareerde Johan Kemps al hoewel tot
het navolgende niet geregtigd als sijnde sijn naem bij abuijs daer inne gestelt
Gerardus en Egidius van Heessel voorde erffregt, mitgaders Maria van de
Kerkhoff ter togte en bekenne ende verclaeren sij comparante alhier openlijk
dat Gerardus de Jong secretaris van Veghel, aen haeren handen heeft afgelost
voldaen en gequeten, eene capiatele somme van seven en twintig hondert gulde
cum intresse sijnde 't geene nog resterende was op een meerdere capitael van
vier duijsent gulde bijde selve de Jong ter saeke des coops van opgemelte
secreatrije
Inventaris 172 jaar 1719 folio 340 President ende schepenen van Sint
Oedenrode verclaeren dat Cornelis de Pooter gewesen sergant onder de compagnie
van den capitijn Mekon alhier wooagtig ende nog int leven is, dog dat deselve
niet wel te pas sijnde.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 341 Dirk, Ariaen, Lambert ende Berbera
gesuster en broeders, alle kinderen ende erffgenamen van wijle Matijs Dirx
Versantvoort, verwekt bij den selve ende bij wijle Maria Frans Rovers sijne
gewesene huijsvrouwe, die voorschreven Berbera geassisteert met Jan Frans
Rovers henne Oom tot haeren vercooren momboir in desen, die welcke verclaerde
met malcanderen aengegaen te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van de
goederen hen luijden mits doode ende afflijvigheijt van henne voorschreven
ouders. O.a. aan Dirk Matijsse Versantvoort, o.a een huijs, hoff met het teul als
groeslant daer aengelegen, gelegen ter plaetse Houtum, nevens erve de eene
sijde ende eene eijnde Juffrouw Deckers, de ander sijde Jan de Vroom, de ander
eijnde de gemeente. Aen Lamber Matijsse Versantvoort o.a. een huijs ende hoff
met het lant daer aengelegen genaempt het Campken en Heestervelt. Gelegen ter
plaetse Houtum, de eene sijde ende deene eijnde de kinderen Hendrick Denis, de
ander sijde ende andere eijnde Berbera Versantvoort. Aen Berbera Matijsse
Versantvoort o.a. een schuur met backhuijs met het aengelag, gelegen ter
plaatse Houtum, de eene sijde de kinderen Denis Jan Denisse, de ander sijde
Lambert Versantvoort.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 350 Taxatie van de naergelatene goederen
die welcke de heer graeff Lambertus van Berlo gewesene capiteijn van een
compagnie dragonders onder regiment van de Heer generael Top metter doot
ontruijmpt ende agter gelaten heeft, Welck voorschreven graeff van Berlo op den
eerste september 1719 binnen (niet ingevuld) sonder wettige geboorte naer te
laten is comen te overlijden. O.a. een huijs ende hoff, schop met het lant daer
aengelegen, soo groot ende clijn als het selve gelege is binnen deser vrijheijt
Sint Oedenrode ter plaatse Vressel op Wolffswinkel, de eene sijde de rivier de
Dommel, de andere sijde van der Putten cumsius. Item een coornmolen en volmolen
met sijn toebehoorte genaamt den Wolffswinkelse Molen, gelegen ter plaatse
voornoemt.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 353 Peeter van de Molemakers president
ende Rogier van Deursen schepenen van Sint Oedenrode verclaeren als dat Ariaen
van de Coevering, Joris van Beelse als in huwelijk gehad hebbende Hillegonda
vande Coevering ende Jan Janse van de Laek als in huwelijk gehad hebbende
Jenneke van de Coevering sijne gewesene huijsvrouw, daer in huwelijk verwekt
hebbende twee kinderen met name Jan ende Rogier alle kinderen ende kints
kinderen respectievelijk van wijle Rut van de Coevering, verwekt bij de selve
ende bij wijle Catalijn Cornelis Schevers sijne gewesene huijsvrouw ende alsoo
schepenen verstaen als dat Cornelia van de Coevering ook dogter van wijle
voorschreven Rut van de Coevering verwekt als voor, tot Dordregt in Hollant
sonder wettige geboorte naer te laten is comen te overlijden, waervan
voornoemde Ariaens van de Coevering ende Hillegonda van de Coevering eijge
suster ende broeder van sijn ende de voornoemde twee kinderen van Jan Janse van
de Laek verwekt al voor eijge susters kinderen van sijn soo als voorschreven
staet ende eenigste ende naeste erffgenamen van de voorschreven Cornelia van de
Coevering van sijn. Geven sij redenen van welwetenheijt ende daer van goede
kennnisse te hebben ende hij eerste in ordine deponent verclaert van jongs af
aen bij malcanderen te hebben verkeert ende deur aen deur gewoont te hebben.
Verdere in deze akte vermelding van: Cornelia Brouwers en Cornelia van de
Coevering hebben gedeijlt een kruijdeniers winkel.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 355 Hillegonda van de Coevering
tegenwoordig huijsvrouw van Joris van Beelse , Marie Willem Willems
tegenwoordige huijsvrouwe van Adriaen van de Coevering, die welcke verclaerde
magtig te maken haere voorschreven man, omme mede uijt haere constituante name
te gaen naer de stat Dordregt ende aldaer met eene seekere Cornelia Brouwers
alwaer Cornelia van de Coevering saliger cruijdeniers winkel mede gehouden
heeft, om met de voorschreven Cornelia Brouwers te reekene ende liquideren,
schiften te scheijde ende te deijlen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 356 Peeter Tonis van de Sant inwoonder der
dorpe van Schijndel als momboir beneffens Jan Janse van de Laak als vader ende
mede toe siende voogt over sijne twee minderjarige kinderen, verweckt bij den
selve ende bij wijle Jenneke van den Coevering sijne gewesene huijsvrouwe.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 357 Jan Denisse van Lieshout out omtrent
agt en twintig jaeren. Arnoldus Berinx out omtrent 19 jaeren en Gijsbert de
Poorter out omtrent 16 jaeren, dewelcke ter instantie van de heer Baltasar
Repelaer quartierschout van Peelant hebben verclaert, dat sij op verleden
tussen sondag en maendag snagts sijnde geweest den negen en twintigste october
deses jaers 1719, omtrent elff of twalff uren op haer toer, waekende dat geene
rundvee door dese gemeente soude werden gedreven, ook op andere vagebonden of
lantlopers die hier mogte passeren ende gecomen sijnde omtrent het huijs van
Jan van Herentum den Oude is haer naer comen lopen Hendrik van de Stroom met
een bloot mesch in de hant, roepende, staat, waer op sij deponent sijn blijve
staen, wanneer hij voorschreven Hendrik van de Stroom tegen haer deponente
sijde, bent gij lieden dat soo ik geweeten hadde ik sou u niet vervolgt hebben,
waer op sij deponente weder sijde blijft dan te rug en werpt het mesch van u
off steekt het op. Waerop Peeter Lendert Smits ene de vrouw vande selve van de
Stroom sijn toecomen ende den voorschreven van de Stroom het mesch hebben
ontweldigt waerop nogh eenige woorden resen tusschen de voorschreven
deponenten, en dat hij van de Stroom evenwel op haer toe quam dringen ende
tegens hem als wederom sijde, dat hij te rugh soude blijve want wij willen u
niet aen ons lijf hebben, dat des niet tegenstaende die voorschreven van de
Stroom op den eerste deponent is aengevallen, die daer op genootsaekt wierde
hem met sijn sabel af te weren en den voorschreven van de Stroom te slaen soo dat
den sabel uijt de hande van hem eerste deponent sprong. Waerop Hendrik van de
Stroom den eerste deponent verders is aen gevalle en bij het hoofft ende haire
vatte twelk de twee ander deponente siende hebben sij om haer cameraet den
eerste deponent te ontsetten genootsaekt gewesen met gewelt en slaen hen
Hendrik van de Stroom afweren, die daer op is weg geloopen. Ende verclaerde
wijders dat in wijnig tijts daer nae ter plaetse voorschreven beneffens haer is
comen gaan den gemelte Hendrik van de Stroom met een snaphaen inde hant, gaende
den wegh op naer Eerschot. Eijndigde hier mede haer sincere ende waeragtige
verclaeringe.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 359 Taxatie van de naer gelaten goederen
die welcke Jan Steven Jooste metterdoot ontruijmpt ende agtergelaten heeft ende
die voorschreven Jan Stevens in october 1719 sonder wettige geboorte naer te
laeten binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode is comen te overlijden. Peeter
Steven Joosten is een der erffgenaemen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 361 Jan Hendrik Vogels ende Jenneke
Hendrik Vogels gesuster ende broeder, alle kinderen ende erffgenamen van wijlen
Hendrik Vogels verwekt bij den selve ende bij wijle Lijsbet Corstiaan Goorts
sijne gewesene huijsvrouwe, die welcke verclaerde met malcanderen aen gegaen te
hebben een erffscheijding ende deijlinge van de goederen, hen luijden ten deele
mits dooode ende afflijvighheijt van Wouters Vogels gewesene pastoor van Boxtel
haer voorschreven vaders neeff erffelijck aengecomen ende ten deele
geconquesteert ende aen gecomen bij opdragte van Jan Luijcas Merx. Aen Jan
Hendrik Vogels o.a. een huijs, hoff, scheur en schop met lant daer aen, gelegen
ter plaetse Nenssel, de eene sijde ende eene eijnde de gemeijne straet, de
andere sijde de erffgenamen van de heer van der Horst cum sius, de ander eijnde
de rivier de Dommel.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 367 Willem de With deurwaerder, de welcke
verclaerde uijt cragte van seekere openene brieven offte mandement van arrest
en daaghsele met de clauasule van edicte sijnde van dato den seven twintigste
september 1719 van den selven raad geimpeteert bijden hoogh edele wel gebooren
heer Johan Joseph Baron de Bierens als in huwelijk hebbende mevrouw Johanna
Barbara gravinne van Berlo ende den hoogh edele wel gebooren heer Johan Godefridi
baron van Bedinkhoven als in huwelijk hebbende mevrouw Maria Albertina gravinne
van Berlo, ende te versoeke vande voornoemde, in presentie en ten overstaen van
Johan Kemps en Martien de Cort schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode en met
kennisse van den geauthoriseerde des heeren officier der vrijheijt voornoemt
van wegen de hoogh overigheijt in arrest te nemen en in der selver hoogh
overigheijts handen te stellen seekere water, cooren, oli ende vol molen
genaamt de Wolfswinkelse molen met sijn verder ap en dependentie van dien.
Mitsgaders een steenen huijsinge met scheur, schop, stallinge, hoff en
boomgaert met de landerijen en wijden daar aengehoorende. Gelegen binnen den
voornoemde vrijheijt op Wolffswinckel, soo en in voegen als den hoogh edele
heer Lambert grave van Berlo metter doot sijn ontruijmpt en naer gelaten, om
daer aen te verhalen den inhouden vant verschreve mandament met de costen hier
omme gedaen.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 369 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welcke Goort Lambers van Duijn metter doot ontruijmt ende agtergelaten
heeft. Welcke voorschreven van Duijn op den vierde november 1719 binnen Gemert
sonder wettige geboorte naer te laten is comen te overlijden.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 371 Soo heeft Wouter Joost van Erp in
geregte verpagtinge uijtgegeven aen Tonie Greve een huijs, hoff en lant daer
aengehoorende soo ende gelijk het Willem Jacobs van hem verheurder tegenwoordig
in gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint
Oedenrode ter plaatse omtrent de Eerschotse kerk.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 373 Soo sal Alexander Webster als
armmeester deser vrijheijt Sint Oedenrode voor alle man verpagten een huijs,
agterhuijs ende hoff met het teulland ende groes daer aen gelegen soo ende
gelijk de weduwe Jan Willem van Lieshout dat tegenwoordig in haer gebruijk is
hebbende. Gepacht door Jan van Panhuijse. Borgen zijn: Jan Verdusse ende Jan
Peeter de Cuijper sijne swager met Peeter Panhuijse de vader. Item een huijs
ende hoff met het teulland daer aen gelegen, soo ende gelijk Jan Lenders van de
Loo tegenwoordig in sijn gebruijk is hebbende. Gepacht door Jan Lenders van de
Loo Allen gelegen ter plaetse Ollant ende Houtum.
Inventaris 172 jaar 1719 folio Soo heeft Francis de Cort in geregte
verpagtinge uijt gegeve aen Gerart Janse van de Laek die de heuringe heeft
aengenomen, sijn erve aende Eversche. Bestaende in huijs, scheur, teul, weij
ende hoijlant in sulcke groote ende voegen als de weduwe Tonie Cornelisse dat
tegenwoordig in haer gebruijk is hebbende.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 389 Hendrik Janse Verhage, dewelcke
verclaerde van waerde te houden alsulke testamente ende uijterste wille als
voorden notaris Willem van den Hurk ende seekere getuigen binnen de stat
Eijndhoeven op den twintigste meert seventien hondert en veertien is
gepasseert. Uitgesondert dat de twalff hondert gulde staende tot laste van de
weduwe Herbert Smits molderin tot Ginneke dien hij bij het voerige testament
hadde gelegateert aende kinderen van Jan Janse Verhage, nu begeert dat de selve
twalff hondert gulden sullen comen inden gelijke boel in welke plaets hij als
nu maekt ende legateert. Genoemde personen: Maria Janse Vehage getrouwt met
Aert Rutte. De kinderen van Heijlke Jans Verhage verwekt bij Peeter Janse van
Tartwijk. De vier naer kinderen van de voorschreven Jan Verhagen sijne gewesene
broeder verwekt bij Maria Goorts. Lijsbet dogter Jan Jans Verhage. Joost Janse
van Erp. Jenneke weduwe Ariaen Gerits van Hooren.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 392 Rogier Vlijminx woonende tot Uden en
Hendrik Cornelis de Gruijter woonende alhier momboire over de twee onmondige
kinder van wijle Jacobus Vlijminx verwekt bijden selve ende bij wijle Marie
Cornelisse de Gruijter sijne gewesene huijsvrouwe.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 394 Taxatie van de naer gelaten goederen
die welcke Jenneke Hend. Vogels metter doot heeft ontruijmpt ende agtergelaten
welcke voorschreven Jenneke Vogels op den 30e november 1719 binnen
deser vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naer te laeten deser
werelt is comen te overlijden. Jan Hendrik Vogels eender erffgenamen
Inventaris 172 jaar 1719 folio 396 Jan Hendrik Verhoeve inwoonder tot
Cruijbeeck weduwnaer van Marie Eijmers van der Schoot sijne gewesene
huijsvrouwe, die welcke verclaerde aff te gaen de toght tot behoef van Jan
Bastiaens Verstegen sijne schoonsoon inwoonder binen den dorpe van Schijndel
van een huijs, hoft met het lant daer aengelegen, binnen den dorpe van
Schijndel, ter plaetse genaempt den Clijne Baers, de eene sijde de weduwe Jan
Eijmers van de Oetelaer, de ander sijde Teunis Handrick Claesse, de eene eijnde
de gemeene straet, de ander eijnde Marie Gijsbert Daendels.
Inventaris 172 jaar 1719 folio 398 Soo sal Rogier Vlijminx woonende tot
Uden ende Hendrick Cornelisse de Gruijter als momboire van de twee onmondige
kinderen van wijle Jacobs Vlijmincx verweckt bijden selve ende bij wijle Marie
Cornelis de Gruijter sijne gewesene huijsvrouwe. Openbaerlijck ende voor alle
man verpachten een camer met den halve hoff daer achter aen gelegen met noch
een clijn wijken, gelegen benefens den hof van Hendrick van Onsius met noch te
mogen leggen benefens den heeckel hoeck acht karre torf. Verpacht aan Jacobus
van Onsius, borgen sijn Jan Jacobs van van de Pale ende Hendrik van Onsius. Soo
ende gelijck Hendrick van Flaes dat tegenwoordich van de onmundige in sijn
gebruijk is hebbende. Item Noch de huijsinge met den halve hoft daer in is
woonende Jacobus van Onsius noch omtrent een lopense lant gelegen achter den
molen. Gestaen de voorschreven huijsinge binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode
ter plaatse omtrent de water, cooren molen. Gepacht door Jan Peeters Verhoeve,
borgen zijn Martien de Cort ende Johannes Kerckhof.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 404 Soo heeft Jacobus Hombergh onder
vorster alhier in gerechte verpagtige uijtgegeven aen Jan Ruth Rijkers een erf
bestaende in huijs, hof met het teullant daer aengehoorende. Soo ende gelijck
Jan Gerits de Cuijpers dat van Hombergh in gebruijck is hebben. Gelegen ter
plaetse aent Broeck.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 407 Soo heeft Johannis Evers van Heessel
in gerechte verpachtinge uijtgegeven aen Wouter Janse Kluijtmans, een huijs,
schuer, ende hof met het teullant achter het huijs gelegen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 411 Testament van Cornelis Handrick Janse
de Gruijter ende Ammerens Peeter van de Laeck sijne tegenwoordige huijsvrouwe.
Soo maecken sij testateuren malcanderen den langhs levende van hender beijde
heer ende meester van alle haeffelijcke goederen. Veerders institueerden sij
testateuren naer bijde haer doot haer overgebleven kijnderen tot haere
universeele erfgenamen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 413 Peeter Molemakers president ende de
heer Peester van Gestel medicine docter out schepenen alhier, verclaeren ter
instantie van de heer Dederick Adolfs van Bonnickhuijse heere van Walbeek ende
Twist stede in huwelijck hebbende mevrouw Maria Beatrix de Jeger, dat inde
maent van november off december van de jaere seventienhondert en elff op den
huijse van Lochtenburgh onder Roij gelegen tusschen de heer Megiel Antoni de
Jeger als momboir der onmundige kinderen van wijlen den heer Hendrick Carel van
Boussel verweckt bij wijlen vrouw Maria Catarina de Jeger ter eenre ende den
heere requirants vrouwe, als doen noch ongetrouwt sijnde ter andere sijde.
Verscheijde meubelen van huijsraet bijden heer Johan Carel de Jeger tot
Lochtenburch achtergelaten sijnde gescheijden ende gedeijlt. In de marge staat:
verclaerende verde dat op den 15e novenber 1711 op den huijse van
Lochtenburg publieck ende voor alle man sijn vercocht verschijde meubelen van
huijsraet, hoij etc.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 415 Jan Lambert Kemps regeerend schepen
alhier. Anna Kemps weduwe van wijlen Peeter van Audenhoven suster en broeder,
die welcke bekende ontfange te hebben uijt handen van Jan Ruth Cluijtmans in
qualiteijt als momboir van het onmundich kint van wijlen Lendert Peeter Coole
verwekt bijden selve ende bij wijle Meggel Jan Maes sijne geweesene huijsvrouwe
eene somme van vijftich gulden capitael met den verloope intrest van dien welck
voorschreven capitael van vijfftich gulden haer comparante moeder is aengecomen
bij coop van Goort Tomas Veecken.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 417 Lambert van der Sande surigijn ende Gerart
de Roij, die welcker ter instantie van Annemarie Hombergh jonge dochter hebben
verclaer dat sij omtrent inde maent van november int jaer seventienhondert
achtien savonds sijn geweest ten huijse van Willem de Poorter in sijn leven
herbergier alhier, beneffens Matijs Huijskens ende Annemarie Hombergh
requirante in deesen. Alwaer onder veel andere discoerse wierde gesproocken soo
van vrije als trouwe. Sij deponente gehoort ende gesien hebbende dat Matijs
Huijskens ende Annemarie voorschreven hen onderlingen tot den huwelijcken staat
hebben verbonden. Seggende den voornoemde Matijs Huijskens deese of
diergelijcke woorde, want gij mijn soo lief hebt als ik u heb, soo sal ick u
houwen, maer dat is geloge. Waer op sij requirante antwoorde, o ja. Waer opde vader
ende moeder vande requirante is gecomen ende hij Matijs Huijskens het selve
aende vader ende moeder affvragende ende seijde, geefde mijn u dochter niet,
waer op daer vader ende moeder is geantwoord, ja soon ende heeft den
voorschreven Matijs Huijskens daer op gelt uijt geworpen 't geene ten deele of
wel int geheel is verdronken geworden ende den voorschreven Matijs Huijskens
het aende moeder van de requirante toe brengen seggende a voes moeder ende
moeder repliceerende ende seggende danck u seer soon. Waer mede soo het scheen
dat de vader ende moeder genoechsaem met het huwelijk te vreden waeren.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 419 Soo heeft Johannis Schoonhoven als
mondelingh last hebbende van de heer Hermen Cramers in gerechte verpactinge
uijtgegeven aen Wilbert ende Aert Jan Peeters gebroeders een huijs, hof met het
teul, groes als hoijlant daer aengehoorende, soo ende gelijck Jan Wijnen dat
tegenwoordich van voornoemde heer Cramer in sijn gebruijck is hebbende. Gestaen
ende gelegen binnen deeser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetsse Vressel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 423 Staat ende inventaris van de agter
gelatene ende metter doot ontruimde meubilaire goederen van Peeternel Hendrikx
Peeters in huwelijk gehad hebbende Jan Ariaan Boermans, soo ende gelijk die
bijden selve Jan Boermans als langs levende volgens die lantregte in togte
werde beseten gelijk hier naer is volgende. O.a. twee veere tieke bedde aght
paer slaeplakens, een wolle deeken, twee linde bedden met kaff gevult, drie
linde deekens, ses linde sacken, een linde huijff, twee witte en een bonte
booter doeke, een kruij wagen met een eijsere spil, een blecke lanteere met
haere ligte, etc.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 428 Staat ende inventaris van de
meubilaire goederen agter gelatene ende metter doot ontruimd bij Cathelijn
Dielis Dircx in huwelijk gehad hebbende Hendrik Cornelissevan Dooremale, soo
ende gelijk die bijden selve van Doormalen als langs levende volgens die
lantregte in togte werde beseten gelijk hier naer is volgende. O.a. een veere
bed, een veere kusse, twee linden deekens, een linde bed met kaff gevult, een
tiere tije schort, een blauwe lakense rok, vier vrouwe hemde, seven slaep
kovels, een coopere veur bedpan, etc.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 432 Soo sullen de gelijcke erffgenamen van
wijlen Bastiaan de Poorter ende Aaltje van Hooff gewesene huijsvrouwe vercoopen
o.a. een hoijbeempt ter plaetse inde Lokstraat. Kooper Hendrik Kivits. Item een
parceel teullant ter plaetse Vressel. Kooper Martien van Kilsdonk president tot
Veggel. Gereserveert de huijsinge met schop als andersints die Peeter Hendrix
opt voorschreven teullant getimmert heeft, wanneer de voorchreven jaere van
heure geexipireert sijn, vant selve lant dat mogen afbreeken sonder eenig tegen
seggen van den cooper.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 438 Taxatie van de naergelatene goederen
die wele juffrouw Geertruij Krul huijsvrouw als sij leefde van de heer Aelbert
Dijkers binnen der vrijheijt Sint Oedenrode metter doot ontruijmpt ende
agtergelaten heeft, welke voorschreven juffrouw Krul in januarij 1720 binnen de
stat 's-Hertogenbosch sonder wettig geboorte naer te laten deser werelt is
comen te overlijden. O.a. een huijs, hoff, scheur met het lant daer aengelegen,
soo groot ende clijn hetselve gelegen is binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter
plaetse opde Coevering. Neffens erve de eene sijde de erffgenamen Matijs
Wouters de ander sijde voorschreven, de beijde de eijnde de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 440 Soo heeft Hendrik van Heertum in
geregte verpagtinge uijtgegeven aen Matijs Janse Cluijtmans, een huijs, hoff,
scheur, teul, hoij ende weijlanden in sulcker groote ende voegen als den
voorschreven van Herentum van sijn eijgen in gebruijk heeft gehad. Gestaen ende
gelegen ter plaetse Houtum. Borgen: Jan Emont Cluijtmans sijne vader ende Jan
Janse Cluijtmans sijne broeder.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 443 Soo heeft Rut Jansen van Heretum in
geregte verpagtinge uijtgegeven aen Jan Jansen een huijs hoff scheur, teul,
hoij ende weijlanden, soo in dier groote ende voegen gelijk den voorschreven
Rut van Herentum van sijn eijgen in gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen
binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaetse Vressel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 446 De heer Matijs Niekens, out secretaris
der dorpe van Veggel alhier, verclaert ter instantie van de heer Johan
Schoonhoven secretaris der vrijheijt Sint Oedenrode, dat hij deponent als
secretaris van den dorpe van Veggel de selve secretarije heeft bedient den tijt
van twalff agter een volgende jaeren. Akte over de Sint Oedenrode en Eerde. Ook
genoemd: Guilliam van Breugel, Marie van Doorn overleden tot Veghel, de
kinderen van Jan Meijsen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 450 Peeter Hendrix van de Logt out omtrent
33 jaeren ende Tijs Dirk Tijsse out omtrent ses en twintig jaeren. Aelbert Jan
Aelbers out tagentigh jaeren, Peeter Peeters van de Loght out omtrent agt en
seventigh jaeren out borgemeester ende verpondinghbeurder van de hoek van Eerde
ende Everse onder Rode. Aert Jan Willems out omtrent een ent seventig jaeren
out borgemeester en schepenen van Eert en Eversche onder Rode. Jan Claesse van
Jexschot out omtrent twee en seventig jaeren woonende tot Jexschot onder Eerde
ende out borgemeester ende geswoorene binnen dese vrijheijt. Rombout Gerit Jan
Sijmons out omtrent twee ent sestig jaeren out borgemeester ende franse
contribitue beurder van Eerde ende Eversche onder Rode ende tegenwoordighe
regerende schepen aldaer. Lijnneke Dirk Baltusse van de Rijt weduwe wijlen Rut
Claesse, out omtrent negen en sestig jaeren voor dese gewoont hebbende op het
goet van Dirk Baltusse van de Rijt haere vader daer laets opgewoont heefft. Jan
Meijssen onder Eerde ende nu onder Everse. Alle mannen en vrouw van geloof,
gerigtelijk gedaegvaert sijnde omme getuijgenisse der waerheijt te geven ter
instantie van Johan van Schoonhoven secretaris der opgemelte vrijheijt. Kwestie
over Eerde en Veghel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 455 Jacobus Bastiaens de Poorter. Cornelis
Bastiaens de Poorter gegaseerde sergant. Fredericus Masman, metselaer tot
Boxtel man ende momboir van Anna Bastiaens de Poorter. Hendrik Kivits woonende
tot Liempt man ende momboir van Catharina eenige dogter Jan Boons verwekt bij
den selve ende bij wijle Cathalijn Bastiaens de Poorter. Peeter de Bresser
momboir van de vier onmondige ende minderjarige kinderen van wijle Pieter
Bastiaens de Poorter in egte verwekt bij Cathalijn Corst de Bresser haer
voorschreven vier eerste comparants voor de selve onmondige ende momboir, mede
fort ende sterk makende ende Martien de Cort als bij heere schepenen der
vrijheijt Sint Oedenrode voornoemt aengestelde momboir over de twee onmondige
kinderen van wijle Willem de Poorter in egte verwekt bij Clara Gijsbers de
Roij, alle kinderen behouden kinderen ende kintskinderen van wijle Bastiaen de
Poorter ende Aeltje van Hooff als sij leefde egte lieden. Die voorschreven
Martien de Cort in sijn qualiteijt uijt kragte van appointement ende
authorisatie van de heere schepen, die welcke verclaerde magtig te maken, soo
als sij comparanten ider in haere opgemelte qualiteijt met sterk makinge als
voor, sijnde deselve ende mits desen Martien van Kilsdonk president schepen tot
Veggel ende Jacobus Homberg inwoonder der voorschreven vrijheijt haere swager
ende ooms respective omme te verkoopen alle sulcke goederen als bij Bastiaan de
Poorter en Aeltje zijn achtergelaten. O.a. een hoeve met d'huijsinge, scheur,
stallen ende ander timmeragien daer op staende genaamt Valkenbergh, gelegen
onder Gilse en Ginneke bijde stat Breda. Soo als haer constituante ende
geconstitueerdens voorouders is aengecomen vande Heer Anthonius Krok. En
goederen gelegen te Son als elders.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 459 Peeter Molemakers president ende Johan
Kemps schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode verclaeren waer ende waeragtig te
wesen als dat Jan Antoon Essing gegageert sergant van het regiment vanden
Collonel Berkoffer alhier woonagtig ende nog in leven is soo ons schepenen is
gebleeken. In de marge staat: ende dat den selve een deels door den groote
ouderdom en de van oordeels schepenen, hebbende en staan een gebreck aan sijn
lighaam te hebben, alwaar hij schoon jong niet in staat soude konnen sijn om
sijn gelt naar Hollant te konnen gaan halen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 459 De heer Johan Schoonhoven secretaris
deser vrijheijt. Peeter Molemakers president. Juffrouw Catharina van Heessel.
Juffrouw Maria van den Kerkhoff weduwe wijle Johan van Heessel, Johannis
Gerardus van Heessel. Egidius van Heessel ende Johannis de Lauwere man ende
momboir van Jacoba Heessels de laetse comparanten haer mede sigh fort ende
sterk makende de rato caverende mits desen voor de verdere absente erffgenamen
van wijlen de heer Gerart Stanse Molmakers in sijn leven secretaris der selver
vrijheijt en juffrouw Geertruij van Schoonheven als sij leefde egte lieden. Die
welcke verclaerde magtig te maken Paulus Loeff procureur hun saake waer te
nemen tegen de heer Gerart de Jong secretaris der dorpe van Veggel. Ook genoemd
Antonie Molemakers.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 461 Peeter Molemakers president. Catrina
van Heessel. Maria Kerkhof weduwe wijle Johan van Heessel. Johannis Gerardus
van Heessel. Egidius van Heessel ende Johannis de Lauwere man ende momboir van
Jacoba van Heessels haer comparanten mede fort ende sterk makende de rato
caveerende mits desen voor de verdere absente erffgenamen van de heer Gerart
Stanse Molemakers in sijn leven secretaris der opgemelte vrijheijt en juffrouw
Geertruij van Schoonhoven als sij leefde egtelieden. Ende verclaeren sij
comparanten magtig te maken de heer Johan Schoonhoven secretaris der
voorschreven vrijheijt, te sullen indenmeeren kosteloos en schadeloos houden
wegens soodanige proces als hij in qualiteit voornoemt is genootsaekt tegens de
heer Gerart de Jong secretaris den dorpe van Veggel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 463 Peeter en Lambert Evert Gijsse
gebroeders, Jan Evert Peeters man ende momboir van Alegonda Evert Gijsse en
Govert Tomasse man ende momboir van Lijsbet Evert Gijsse, alle kinderen ende
behouden kinderen van wijlen Evert Gijssen en Geertje Lambers van der Heijden
als sij leefde egte lieden. Die welcke verclaerden met malcanderen aengegaen te
hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van de goederen hen luijden mits
doode ende afflijvigheijt van henne voorschreven ouders erffelijk aengecomen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 467 Jan van Herentum den ouden, die welke
uijt cragte van testament ende meesterschap tussen hem van Heertum ende wijle
Berber Vermeulen sijne gewesene huijsvrouw, verclaert over te geven en te
transporteren aen Nicolaes van Herentum sijnen soon, de winkel met sijn
toebehoorten ende alles wat daer tegenwoordig in bevonden wort, mitsgaders de
meubelen van huijsraet, broot, bier, spek, boter, bedde, deekens, hooftkussen,
hoofpeluw, ende voorts generaelijk alles wat in sijne huijsinge en kelder daer
hij comparant als nu in is woonende, gestaen alhier op de Dijk wert bevonden,
ende dat hem comparant is toe behoorende, uijtgenomen alle het cooperwerk, tin
en alle het linden met het beste bed en twee paer slaeplakend, twee deekens,
twee kussens ende hooft peuluwe, dat hij comparant tot sijne behoeve gebruijkt
is en reserveerende ende dat voor de somme van twee hondert en vijfftig gulden.
Waer van hij Nicolaes van Herentum voorschreven van sal mogen inhouden vijfftig
gulden voor sijn uijtsetsel of huwelijksgoed soo als de andere susters ende
broeders in haere huwelijk tredene voor een uijtsetsel hebben gehadt en
genooten. In de marge staat: Jan van Heertum de oude welke opentlijk bekende en
verclaarde de twee hondert gulden voldaen en betaalt en te wesen van sijnen
soon Nicolaes van Heretum des sesde november 1729.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 469 De heer Huijgens die welcke verclaerde
volmagtig te maken de heer Christiaen Huijgens, schepen der Baronnie van
Boxtel. Omme uijt sijn naem sijn saake waer te nemen als eenige erffgenaem van
sijnen broeder Adriaen Huijgens in sijn leven secretaris der Baronie van
Boxtel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 471 Jennneke Sijmens van der Hage weduwe
wijle Ariaen Jacobs woonende tot Schijndel die welcke verclaarde de togte haer
competerende inde parcelen afte gaen tot behoef van Jacob, Gijsbert en Lijsbet
Ariaen Jacobs, broeders en suster.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 472 Testament van Jan Peeter Maes ende
Marieke Jan Willems van de Ven (Velde) egtelieden, die voorschreven Marieke
laetse weduwe van wijle Jan Gijsbert Driesse. Soo maken sij testateuren aen den
langst levende van hender beijde vijff hondert gulden. Verder genoemd: Adriaan
Kerkhof rooms priester.
Inventaris 172 jaar 1720 folio Soo heeft Hendrik van de Laar in geregte
verpagting uijt gegeven aen Willem Willems de Jonge, een huijs, hoff, teul,
weij ende hoijlanden, soo en in dier voegen als Jan Rut Rijkers van hem
verheurder in gebruijk is hebbende. Gestaen ende gelegen binnen deser vrijheijt
Sint Oedenrode ter plaetse inden Veurstenbosch. Borgen zijn: Willem Willems
sijn vader en Sijmen Peeter Dirx sijne oom.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 477 De heer Hendrik Huijgens woonende alhier,
die welcke verclaerde in qualitijt als eenige universeele erffgename van wijle
sijne broeder de heer Adriaen Huijgens, magtig te maken den heer Jan Roskam
procureur, omme waer te nemen soo danige proces als den den heer comparant
genootsaakt is tegens de schepenen regenten en vereder representanten van het
corpus van Boxtel.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 479 Peeter Molemakers president en Johan
Kemps schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode verclaeren dat Hans Wolff
gegaseerde sergiant vant regiment van den Collonel Berkoffer, compagnie majoor
lillia alhier binnen voorschreven vrijheijt woonagtig ende nog int leven is .
Inventaris 172 jaar 1720 folio 479 Jenneke Jan Habraken weduwe wijle
Lambert der Kinderen en Jenneke Willems der Kinderen weduwe wijle Ariaen Gerits
ider voor de helft in geregte verpagting uijtgeven aen Jan Lambers van de Laek
een huijs, hoff, scheur, schop en bakhuijs, teul, weij ende hoijland in sulke
groote ende voegen als het de voorschreven Jenneke Jan Habraken weduwe wijlen
Lambert der Kinderen tegenwoordig in haar gebruijk is hebbende. Gestaen ende
gelegen binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse op Villebraeke.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 482 Heijlke Martens van der Eerde out
omtrent twee a drie ent negentig jaere woonende aent Eerde onder Schijndel ende
geboortig aent Eert onder Sint Oedenrode, die welcke ter instantie van de heer
Schoonhoven verclaart dat gedeurende haare geheugenis ende alsoo van kintsbeen
af te weten, dat den secretaris van Sint Oedenrode mede het ampt als secretaris
over den hoek van Eert en Eversche sijnde eenen uijthoek van Sint Oedenrode
ende speciaal mede over den hoek van Crijtenborg onder Eert en Rode daar Dirk
Baltisse van de Rijt ende naer maels Jan Meijssem gewoont hebben en gestorven
sijn, soo ook tot Rode begrave.Verder verclaert sij o.a. dat de arme van Eerde
onder Rode noijt wert onderhouden of bij haaren jonge tijt is onderhouden
geweest door de arme kasse van Veggel, maar dat sij worden onderhouden door de
arme kasse van Rode, als den selver ingesetenen, gelijk sij deponenten daer van
ondervindinge heeft alsoo sij nu wel veertig jaere agter den anderen van den
arme kasse van Rode heeft genooten ende nog huijdigen dage genietende is van
den tegenwoordige regerende armmeester Alexander Webster voor soo veel de arme
kasse lijde kan, doch noijt genooten van den arme kasse van Veggel, ter
oorsaake dat sij is een inboorling van Eerde onder Rode.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 486 Johan Hendrik Bausele, als momboir
over sijn onmondige suster ende broeder, kinderen van wijle den heer Hendrik
Bousel verwekt bij den selve ende bij wijle vrouwe Maria Catharina de Jeger
sijne gewesene huijsvrouwe hem heere comparant overledene papa en mama.
Gelovende die voorschreven heer comparant de administratie wegens de onmondige
goederen gecomen uijt de boedel van den heer Johan Carel de Jeger wel ende
getrouwelijk gade te slaan, soo als een goede ende getrouwe momboirs schuldig
ende behoort te doen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 487 Peeter Molemakers president en Willem
der Kinderen schepenen, verclaren dat sij ten versoeke van de heer Gijsbertus
Waltheri stathouder van de de heer Baltasar Repelaer quartierschout van
Peelant, sig hebben gevoegt ten huijse van Tonie Jan Claasse herbergier alhier
binnen dese vrijheijt, alwaer gequets lag met eenen steek inden rugh en een
slag op het hooft den persoon van Gijsbert Janse Raijmakers woonende alhier,
ende den selve gevraagt sijnde wie hem den steek en slage heeft toe gebragt,
heeft den selven gequetsen daar op geantwoort en verclaart dat hij op gisteren
27 maeij 1720 des savonts omtrent halff negen ure is gecomen met en beneffens
Aalbert Soldaat woonende op de Santhoeff en passende alhier opde jagt, omtrent
de huijsinge van Hendrik Goorts op de gemeene straat aldaar, alwaar den
gequetsen wiert toe geroepen door sijn broer Lambert die voor hem gonk met Jan
sijnen broeder Aart Vervoort sijne swager en Willem Jooste van de Ven,
mitsgaders de molderin van Wolffswinkel, Gijsbert Gijsbert komt gouw se wagten
ons hier in en worden soo geslagen. Waar opden voorschreven gequetsten en den
gemelte Soldaat sijn toe gelopen om sijne broeders te ontsetten ent verder
geselschap dat daar bij was en comende op de straat omtrent de voorscheven
huijsinge van Hendrik Goorts, heeft den selven gequetsen een slag ontfangen op
sijn hooft waar op hij is toe gelopen naar een persoon bij hem onbekent die een
stok inde hant hadde en liet vallen, den selve stok oprapende om sijn leven
daar mede te verweren en is daar mede gegaan naar Aart en Peeter soone Jan
Tijsse en Claas Janse Campen, die de geene waare die hem de slag hadde
toegebragt, en nog met de stocke in haare hande stonde en aparent die geene
waare die sijne broeders en verder geselschap ook hadde opgewagt en geslagen om
haar te verdrijven ende te weren etc.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 490 Miggiel de Gage deurwaerder, den
welcke verclaerde ten laste van Dielis de Roij woonende alhier, te hebben
genomen in arrest alle de vaste en onroerende goederen van den voornoemde
Dielis de Roij.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 491 Gerit Raaff slands deurwaerder die
welcke verclaarde te nemen in arrest een huijs, hoft, scheur, schop en
aangelegen lant. Item een cooren, oli ende vel molen met sijn toebehoorten
genaamt den Wolffswinckelse molen etc. Soo als Lambert grave van Berlo in sijn
leven capiteijn van een compagnie dragonders ten dienste van desen staat metter
doot geruijmpt ende agter gelaten heeft.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 492 Dat Joost Hendrix van Onsius geboortig
ende woonagtig binnen deser voorschreven vrijheijt sijnde van goede ende
eerlijcke ouders, ende dat hij Joost sig selve altijt eerlijk ende wel heeft
gecomporteert sonder van hem ter contrarie gehoort gesien offte verstaan te
hebben, gevende de schepenen van Sint Oedenrode redene van welwetenheijt, Joost
van kintsbeen aff te hebben gekent. Soo versoeken wij der halve aen alle heere
officieren en justicieren vande landen waar hij mogt passeeren ofte verkeeren,
ende die dese onse attestatie mogte werden vertoont, aan denselve de behulpsame
hant te rijken, gelijk wij in sulcke gevallen des versogt sijnde aen alle en
een igelijke die met dusdanige attestatie voor ons mogte comen van gelijke
sullen verobligereert sijn om te doen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 493 De heer Arnoud Francois de Heusch,
heer van Sangerij als in huwelijk hebbende vrouwe Anna Maria Megtelt van Bausel
en de heer Johan Hendrik van Bausel. Soo voor sig selve en als voogt en momboir
over sijn minderjarige broeder en suster, die welke verclaaren magtig te maken
de heer Antonie Molemakers advocaat, om in haar constituants name met de heer
van Bonninghuijse heere van Walbeek als in huwelijk hebbende vrouwe Maria
Bratrix de Jeger, te informeren en sluijten staat en inventaris van de
nagelaten goederen van wijlen de heer Johan Carel de Jeger tot Lgtenburg.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 495 Taxatie van de naargelatene goederen
die welcke Jan Cauwenberg metter doot geruijmpt ende naargelaten heeft ende is
die voorschreven Cauweberg op den 11 meij 1720 sonder wettige descendenten naar
te laten deser werelt binnen de vrijheijt Sint Oedenrode is comen te
overlijden. Heijlke Willems der Kinderen weduwe van den voornoemde overleden
Jan Cauwenberg.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 499 Isak Aucoop deurwaarder, die welcke
verclaarde te nemen in arrest en te stellen in handen van de hoog overigheijt
de haaf en schaar staande op de hoeve van de heer van Wamel, gebruijkt wordende
bij Cornelis van de Oever.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 499 Soo sal Alexander Webster als
armmeester deser vrijheijt Sint Oedenrode van den jaare seventien hondert en
negentien Sint Marten ingegaan tot Sint Marten seventien hondert en twintig,
voor alle man verpagten de parceelen van landerijen gelegen in dese vrijheijt
ter plaatse Ollant. Soo ende gelijk de weduwe Jan Willems van Lieshout die te
samen tot een erff in haar gebruijk heeft gehad ende gelijk Jan van Panhuijse
ook te samen tot een erff voor alle man hadde gepagt. Eerstelijk de huijsplaats
met lant daar aangelegen met 't campken genaamt de Peggenhoef, gelegen ter
plaatse Ollant. Verpagt aan Wouter Pauwels. Borg is Wilbert Aart Vervoort.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 505 Hendrik Cornelisse van de Oever out
omtrent agt en vijftig jaare out armmeester. Teunis Cornelisse van den Oever
out omtrent vijff en vijfftig jaare out borgemeester van Nenssel en Vressel.
Dirk Peeters out vijff en vijftig jaare ende Joost Sanders out omtrent twee ent
seventig jaare out schepen in voorsegde hoeke. De welcke verclaarde ter
instantie van de heer Franchois Spoelberge als dat van alle oude tijde ende soo
verre haar deponente geheugenisse strekt den gebruijker van de hoeve
toebehorende den voorschreven heer Spoelberge, gelegen binnen dese vrijheijt
ter plaatse omtrent de Nensselse Capelle alwaar Jan Marten Sanders gebruijker van
is, geweegt is geweest met kar en peert, beesten ende ander varende gereedschap
naar seekere weijvelt genaamt weij coppel gelegen ter plaatse omtrent de
Nensselse brug ende gehoorende bij voorschreven hoeve, over seekere weijvelt
gelegen bij Voorschreven brug toe behoorende aan Jan Handrick Vogels ende
gecomen van Jan Mercx.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 507 Jan Willem Willems Rademakers en
inwoonder alhier en heeft ter instantie van Margriet Thomasse van Gemert weduwe
Luijcas Vorstenbosch waar ende waeragtig te wesen dat hij deponent omtrent
inden somer des jaars 1719, op orde en last van Rogier van Deursen inwoonder
alhier op de erve bij hem beseten werdende en gelegen in het bosch onder dese
vrijheijt heeft beslagen eene eijckenboom leggende inde voorschreven hoeve aan
en bijden werden aangemaant om van henne ontfang ende uijtgaaf reekening bewijs
en reliqua te doen te allen tijde daar toe berijt sullen wesen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 509 Willem Jan Aarts Habraken en Johannis
van de Loo, die welcke hebben gedaan den eedt als momboir van de drie onmondige
kinderen van wijle Gerart Lambert Habraken verwekt bij de selve ende bij Marie
van de Loo sijne gewesene huijsvrouw.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 510 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welcke Dirk Jan Sigmans binnen de vrijheijt Sint Oedenrode, metter doot
geruijmpt ende agtergelaten heeft ende is die voorschreven Sigmans opden tiende
augustus 1720 sonder wettige geboorte naar te laten binnen de dorpe van Best
begraven.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 511 Gerrit Raaff slands deurwaarder die
welcke verclaarde in arrest te stellen, huijs, hoff, scheur en aangelagh,
gelegen ter plaatse op de Coeveringe, soo als jufrouw Geertruij Krul voor deses
weduwe van de heer Christoffel Eijts, na dat hertrouwt met de heer Aalbertus
Dijkhof, luitenant.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 512 Soo heeft de heer Carel Dirk Munts,
cornet ten dienste van deser Vereenigde Nederlande, als mondelinge last
hebbende van juffrouw de weduwe van wijle de heer jonker Johan Willem Munts
sijne mama, soo hij alhier opentlijk verclaarde, in geregte verpagting
uijtgegeven aan Aart Gerits Vervoort eene schoone ende welgelege hoeve
bestaande in huijsinge, scheur, schaapskoij ende torff schop, teul, hoij ende
weijlanden. Soo ende gelijk Lambert Habraken in gebruijk heeft gehad. Gestaan
ende gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse opt Varenhout.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 515 Jan Antoon Essing gegageert sergiant
van het regiment vanden Collonel Berkoffer alhier woonagtig nog int leven is,
dog dat den selve door sijne siekte niet in staat en is sijn gagement naar
Hollant te komen gaan halen, soo de schepenen is gebleken.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 516 Taxatie van de naargelatene goederen
die welke Jan Willem Kemps metter doot geruijmpt ende binnen dese vrijheijt
Sint Oedenrode agter gelaten heeft, en is die voorschreven Kemps op den 12
augustus 1720 sonder wettige descendenten agter te laten binnen voorschreven
vrijheijt comen te overlijden. O.a. een vierde part in twee huijsinge als
hoofkens, aan malcander gelegen, binnen dese vrijhejt Sint Oedenrode ter
plaatse op den Heuvel, neffens erve de eene sijde de weduwe Claas Gielens, de
andere sijde de weduwe Adam van der Hage, de eene eijnde de straat, de andere
eijnde P. Tomasse Kuster. Leendert Willem Kemps een der erffgenaam.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 520 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welke de heer Gillis van Berckel in sijn leven raat der stat 's Bosch,
metterdoot binen de vrijheijt Sint Oedenrode ontruimpt ende agtergelaten heeft
ende is die voorschreven heer van Berkel op den 20 augustus 1720 sonder wettige
descendenten agter te laten binnen de stat 's Bosch is comen te overlijden.
O.a. de helligt in een huijs, scheur, bogart met de aangelegen lant soo groes
en teullant, gelegen binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse
Rijsinge. Neffens erve de gemeijne straat, de eene sijde met de ander sijde
eene gemeijne voet pat.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 523 Peeter Molemakers president en Jan
Kemps schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode, verclaaren dat de heer Martinus
des Tombe rentmeester van de geestelijke goederen des quatiers van Peelant en
Capittel van Sint Oedenrode, van jaar tot jaar gedurende sijne administratie
aan de armen gestelt deser vrijheijt heeft doen uijtdeelen, de geheele
incompsten van den armen gehoorende aan de Heilige Geest van Sint Oedenrode,
gelijk sulx te vooren ook door de Heer Rentmeester Frans van Heurn is geschied.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 524 Soo sal de heer Jacob van de Velde dit
Honselaar, als gelaste van de heer Melgior Staal, coopman in wijnen tot Den
Bosch, verheuringe o.a. eene huijsinge ende stallinge met sijn hoff daar achter
aangelegen tot het hoff heckentje toe. Gestaan ende gelegen alhier binnen deser
vrijheijt ter plaatse aant Merkvelde, deen sijde de heer advocaat Molemakers
ende andere sijde de weduwe Dens Gijsbers, streckende voor van de gemeijne
straat tot sijne hegge die den hoff van dander parceel lants separeert. Item
het aldaar agter liggende lant, streckende van de voorschreven hecke en hegge
van den hoff tot op de gemeijne kooijweijde de Neul, de eene sijde den gemelte
Heer Molemakers, de andere sijde Dielis de Roij. Huurder Jan Janse van de Hurk.
Borgen: Hendrik Meddegaals sijn schoonvade woonende tot Liempt.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 529 Peeter Molemakers president en Johan
Kemps schepenen der vrijheijt Sint Oedenrode verclaaren dat Hans Wolff
gegaseerde sergiant vant regiment van den Collonel Berkoffer, hier binnen
voorschreven vrijheijt woonagtig ende nog in leven is.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 529 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welcke Adriaan van de Berselaar binnen de vrijheijt Sint Oedenrode metter
doot ontruimpt ende agtergelaten heeft ende is die voorschreven van den Berselaar
opden 29 september 1720 binnen de Baronnije van Boxtel sonder wettige geboorte
naar te laten begraven.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 531, Jan Frans Rovers meester schoenmaker
out omtrent seventigh jaaren. Nikolaas van Herentum out omtrent vier en
seventig jaaren beijde inwoonderen dese vrijheijt. Die welke ten versoeke en
instantie vande erffgenamen Johannes van Heessel eenpariglijk hebben verclaart
als dat Jan Janse Kemps alhier binnen deser vrijheijt Sint Oedenrode het
meerderdeel van sijn leven heeft gewoont, ende sijn vaste woonplaats en
domisilium nu agter malcander welgehouden heeft (en nog hout) tussen de negen
en tien en een half jaar. Gevende sij deponenten voor redene van hender
welwetenheijt altoos binnen dese vrijheijt te hebben gewoont en digte nabeuren
te sijn geweest en alsoo vant geen voorschreven goede kennisse te hebben ende
wel voornamentlijk hij eerste deponent als dat den selve Jan Kemps naart
overlijden van sijn vader zaliger drie jaaren agter den anderen als
schoenmakers knegt bij hem gewerkt en daar na nog verscheijde jaaren, dog niet
stede vast. Als ook hij Kemps hem nu en dan eenige maanden buijten dese
vrijheijt begaff.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 533 Marie Willem Martens inwoonderse
alhier, staande ter goede naam en faam, die welcke ten versoeke en instantie
van de weduwe Peeter van de Laak mede inwoonderse alhier, heeft verclaart als
dat sij deponente wiens vader met name Willem Martens is een mee stander in de
navale tiende tot Sint Oedenrode met Teunis van Boxtel ende andere.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 534 Taxatie van de naar gelaten goederen
die welcke Christina Walraven binnen de vrijheijt Sint Oedenrode metter doot
geruijmpt ende agtergelaten heeft en is die voorschreven Cristina in 1720
sonder wettige descendenten naar te laten binnen de voorschreven vrijheijt is
comen te overlijden. Matijs Walraven een der erffgenamen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 539 Dielis de Roij out schepenen en
borgemeester deser voorschreven vrijheijt, out omtrent de vijff en sestig jaare.
Arnoldus Hops kuster alhier out omtrent de seventig jaare, negen en dartig
jaare kuster. Hendrik Homberg vorster alhier out omtrent de vijf en tagentig
jaare. Jacobus Homberg onder vorster alhier out omtrent drie en dartig jaare
ende de heer Jacobus Norbertus van de Velde dit Honselaar procureur der
voorschreven vrijheijd Schijndel en Veggel ende verdere plaatse des quartiere
van Peelant. Die welcke ter instantie van de Heer Johan Schoonhoven secretaris
des vrijheijt Sint Oedenrode ende met hem gevoegt de erffgename van Johan van
Heessel en Gerart Stanse Molemakers hebben getuijgt ende verclaart dat Eerde
sijnde voor een gedeelte eene uijthoek van Sint Oedenrode, bestaat ende gehoort
onder drie jurisdictie alte samen bekent onder den naam van Eerde waar van een
gedeelte legt ende behoort onder de jurisdictie van Sint Oedenrode en tweede
gedeelte onder Schijndel ende het derde gedeelte onder Veggel, dog alle te
samen benaampt met den generaalen naam van Eerde etc. Verder genoemd in deze
akte: Lambert Jan Lambers woonende tot Eerde onder Rode. Jan Meijsen wonende
tot Eerde op Creijtenborg onder Rode.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 543 Adam van Lieshout out omtrent seven en
sestig jaare. Dielis de Roij out omtrent vijff ent sestig jaaren. Peeter van
Heessel out omtrent agt en sestig jaaren alle woonende binnen de voornoemde
vrijheijt van Sint Oedenrode. Welcke ter instantie van de erffgenamen Johan van
Heessel ende Gerart Stanse Molemakers hebben verclaart dat sij deponenten wel
hebben gekent Jan Lambert Kemps ende Alphonsa van Heessel egte luijden de
laatse nog in leven sijnde. Verclaaren sij deponente verders dat gedurende den
tijt dat de voornoemde jan Lambert Kemps ende Alphonsa sijn huijsvrouw alhier
binnen dese vrijheijt hebben gewoont sijnde geweest van den trouwdag aff tot
den sterffdag van den voornoemde Kemps ende Alphonsa tot dier tijt sij geweest
in een florisante staat, als hebbende eerst den coophandel gedreven in lakenen
ende daar naar de voornaamste herberge gehouden binnen dese vrijheijt. Soodanig
dat wij niet anders hebben konnen oordeelen, off de selve waaren ter dier tijt
in een florisante gewenste staat ende uijtstek binnen de vrijheijt Sint
Oedenrode, daar alle voornaamste persoonen ende heere tot den sterffdag van
voornoemde Jan Kemps toe quaamen logeeren. Allegerende den eerste deponent voor
redene van welwetenheijt dat hij als meester cleermaker gedeurende het leven
van de voornoemde Kemps aldaar heeft gewerkt ende de cleeren gemaakt die boven
de ander nabeuren costelijk, soo van lakens als sijde waaren en nog voor de
weduwe ende de kinderen den rouw te hebben gemaakt, die mede soo goet was als
een eerlijk borger van fatsoen soude mogen hebben ende alsoo seer goede
kennisse van saake te hebben.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 545 Jacobus van Homberg ondervorster
alhier out drie en dartig jaare ende Geertruij van Herentum huijsvrouw van
Lambert Rovers out omtrent agt en dartig jaaren, beijde staande ter goeder naam
en faam en inwoonderen binnen dese vrijheijt. Die welcke ter instantie ende requisitie
van de erffgenamen Johan van de Sande, verclaart den eerste deponent als dat nu
over eenige jaaren geleden hem deponent door de deekens van Sint Catarina gilde
alhier is ter hant gestelt seker boekje of manuaal gehoorende aan de selve
gilde waarin ingeschreven stond de gelders aande voorschreven gilde om daar
mede te gaan manen ende de luijden die nog debet aan de selve gilde waaren te
doen betalen, ende ook wanneeer hij deponente deselve gelders ging manen,
verscheijden reijse is gebeurt dat de deekens van voorschreven gilde met hem
sijn gegaan ende naar dato van de maning het selve boekjen weder om aan handen
van de deekens van voorschreven gilde ter hant hebbe gestelt. Verclaarende de
tweede en laatste deponent als dat in dese jaare dog niet wel de preciese tijt
te hebben onthouden aan haar huijsinge is gecomen den eersten deponent ende
Aalbert Philipse als regeerende deeken van de voorschreven gilde ende haar
deponente gemaant wegens een gulde heeft sij deponente gevraagt aan den eerste
deponent waar aff dat dat quam off wie het had gemaakt. Hij eerste deponent
daarop het gemelte boekje heeft naar gesien, dat dien gulde ging uijt het huijs
daar sij deponente in is woonende ende want het redelijk is der waarheijt
getuijgenis te geven, soo hebben sij deponenten sulx des versogt sijnde niet
konnen weijgeren maar naar gedane prelecture daar bij gepersisteert. Actum den
sestiende november seventien hondert en twintig. Testes Jan Kemps en Alexander
Webster schepenen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 547 Joost Marten Sanders. Jan Martens
Sanders. Jan Lambers van der Heijden als in huwelijk hebbende Lijsbet Marten
Sanders. Frans Lambers. Jan Lambers. Nelis Lambers die welcke verclaarden den
boedel van Rut Janse van Herentum henne neven, latende den selve ten behoeve
van des selffs crediteuren ende wel te mogen lijden dat door heere officier en
schepenen over den desolate boedel wert gestelt een curatoir om de goederen te
vercopen.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 548 Taxatie van de agtergelatene goederen
die welcke de heer Hendrik Huijgens metter doot geruijmpt ende agter gelaten
heeft ende is die voorschreven heer op den 1e november 1720 binnen
de vrijheijt Sint Oedenrode sonder wettige geboorte naar te laten is comen te
overlijden. O.a. 't Bovenhuijs als neerhuijsinge ende hoff, soo groot ende
clijn als het selve gelegen is binnen de vrijheijt Sint Oedenrode in den Bos
ter plaatse in den Hulst, rontom in sijne gragte. Item eene huijsinge, scheur
en schop als bakhuijs met het teullant aan malcanderen gelegen ter plaatse
voorschreven. De eene sijde de rivier de Dommel, de andere sijde de gemeente
etc.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 551 Soo heeft Johannis Schoonhoven als
last hebbende van de eerwaarde heer Anselmus Bossers in geregte verpagtinge
uijtgegeven aan Gerit van Ansem eene huijsinge als hoff, soo Hendrik Homberg
dat laats in gebruijk heeft gehad gestaan ende gelegen binnen deses vrijheit
Sint Oedenrode ter plaatse omtrent de Merktvelde. Borgen zijn: Jan Hendrik
Rutte en Peeter Hendrik Rutte sijne oom en schoonvader.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 554 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welcke Wouter Philipe Smits binnen de vrijheijd Sint Oedenrode, metter doot
geruijmpt ende agtergelaten heeft ende is die voorschreven Smits op den 8e
november 1720 sonder wettige descendenten naar te laten deser werelt comen te
overlijden binnen opgemelte vrijheijt. O.a. twee parceelen teullant, gelegen
binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse op den Berg, de eene sijde de
heer van Eckart, de ander sijde Adriaan Jan van Roij.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 555 Ruth Hendrik Rutte en Hendrik Hendrix
van der Heijde als momboiren van de onmondige kinderen, dog haast tot haare
meerderjarigheijt gecomen sijnde met name Lambert en Jenneke kinderen van wijle
Jan Hendrik Rutte verwekt bij deselve ende bij wijle Lijsbet Lambert Rutte
sijne gewesene huijsvrouwe. Willem Jan Hendrik Rutte. Joseph Ansem als man ende
momboire van Marie Jan Hendrik Rutte. Cristien Jan Hendrik Rutte alle kinderen
en behouden kinderen van voorschreven Jan Hendrik Rutte verwekt als
voorschreven als voorschreven die welcke verclaarde met malcanderen aan gegaan
te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge vande goederen hen luijden
vermits doode en afflijvigheijt van henne voorschreven ouders erffelijk aangecomen.
Aan de momboiren in qualiteit als momboiren van wijlen Lambert Jan Hendrik
Rutte het groot huijs en esthuijs met het binne lant ende drie daar aan
gelegen, binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Eert, neffens erve de
eene sijde Hendrik Jan Ariaans, de erffgenamen Jan Gerits Verwetering, de ander
sijde de een eijnde Aart Jooste, de andere eijnde de gemeijne straat. Aan
Joseph Ansems o.a. het clijn huijsken met den gront daar het op staat, ende
sijne poterije ende geregtigheijt, gelegen binnen de vrijhejt Sint Oedenrode
ter plaatse int Eert, de een sijde ende eene eijnde de gemeene straat de ander
sijde Aart Jooste, de andere sijde Hendrik Jan Ariaans cumsius. Aan de
momboiren van Jenneke Jan Hendrik Rutte o.a. de scheur met den hoff daar sij op
staat, soo het is afgepaalt met de poterije ende sijne gerigtigheijt daarbij,
ter plaatse in de Eert.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 562 Marien Oppers wonende tot Veggel,
momboir van Wijnant Oppers mede woonende tot Veggel als vader ende mede toesiende
voogt over sijn onnoosele ende innosente dogter met name Lisbet verwekt bij
deselve ende bij wijle Angenees Tijs Wouters. Die welcke hebben gelooft dat sij
de goederen vande voorschreven innosente dogter haar aan gecomen van de weduwe
Lambert Jan Willems, wel ende getrouwelijke sullen gade slaan ende
adminstreeren.
Inventaris 172 jaar 1720 folio 563 Soo hebben Aart ende Hendrik Janse van
den Berselaar gebroedere als mondelinge last hebbende soo sij verclaarde van
Teuniske weduwe Jan Miggiel Aarts van den Berselaar henne moeder in geregte
verpagtinge uijtgegeven aan Hendrik Miggiels vande Ven woonende tot
Miggielsgestel, een huijs, hoff, scheur, est, boomgaart ende teullant daar aan
gehoorende. Soo ende gelijk het de voorschreven weduwe van eijge in gebruijk is
hebbende. Gestaan ende gelegen binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse
opt Berselaar.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 566 Verpagting van de groote ende clijne
vrijheijts wage. Verpagt aan Jan Berings.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 571 Taxatie van de naargelatene goederen
die welke Maijken Tijs Wouters laatse weduwe Lambert Jan Willems metter doot
binnen de vrijheijt Sint Oedenrode heeft geruijmpt ende agtergelaten. Welcke
Maijken in December 1721 sonder wettige descendenten naar te laten binnen de
opgemelte vrijheid is comen te overlijden. O.a. een derde part in huijs, hoff
met het binne velt, soo groot ende clijn als het selve gelegen is binnen deser
vrijheijt opde Coevering neffens erve de eene sijde Jacob Schovers ende dander
sijde de gemeene straat.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 576 Taxatie van de naergelatene goederen
die welcke Jacob Peeters Sigmans binnen de vrijheijt Sint Oedenrode metter doot
geruijmpt ende agtergelaten heeft en is die voorschreven Jacob op den 9
december 1720 binnen voorschreven vrijheijt sonder wettige descendenten agter
gelaten is comen te overlijden. O.a. en vijfde part in huijs hoff met eenig
teullant, gelegen binnen dese vrijheijt Sint Oedenrode ter plaaatse op
Varenhout. Neffens erve de eene sijde de kinderen Johan Charel de Jeger, de
andere sijde Lambert van Dinter met meer andere.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 578 Soo sal Johannes Schoonhoven
secretaris deser vrijheijt als last hebbende volgens seekere missive van
Dingena Bossers laats weduwe Hendrik van de Hove, openbaarlijk vercoopen een
paar hoijbeempden.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 584 Soo heeft Johannis de Vroom in geregte
verpagting uijtgegeven aan Hendrik van de Stroom eene huijsinge als hoff, soo
als Francis van de Stroom dat in gebruijk is hebbende. Gestaan ende gelegen
binnen de vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse int Cofferen. Den pagter sal
gehouden wesen int huijs boven de keuken moeten leggen, eenen nieuwen solder en
eenen nieuwe oven moeten leggen, mitsgaders den kelder moeten verdiepen omtrent
de drie trappen ende daar neffens een steene meurken van ses a seven voeten
lang moeten leggen ende sal den verpagter ook een raamken neffen de deur naar
Aalberde moeten laten maken. Jacobus Homberg is sijne borge.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 586 Soo sal Jacobus Vermeulen, aangestelde
curateur over den geabdonneerde goederen van wijle Rut Janse van Herentum voor
alle man publieckelijk ende voor alle man vercoopen o.a. een huijs, hoff met
den dries en lant daar aangelegen, de eene sijde de kinderen Jan van Roij,
dander sijde Jan Martens cumsius. Huurder is o.a. Jan van Boekel. Gekocht door
Peeter Tijsse van Breugel die verclaert dit ten behoeven van sijn moeder.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 597 Taxatie van de naar gelatene goederen
die welcke juffrouw Antonia Huijgens metter doot geruijmpt ende agtergelaten
heeft binnen de vrijheijt Sint Oedenrode. En is die voorschreven juffrouw
Huijgens sonder wettige descendenten naar te laten op den 30e
december 1721 binnen de stat Eijselstijn deser werelt gepasseert. O.a. een
sesde part int boven huijs als neerhuijsinge ende hoff, gelegen binnen de
vrijheijt Sint Oedenrode inden Bos ter plaatse in den Hulst, rontom in sijn
gragte. Item een sesde part in een huijsinge, scheur en schop als backhuijs met
het teullant aan malcanderen gelegen ter plaatse voorschreven, de eene sijde de
rivier den Dommel, dander sijde de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 600 Jan Janse van Hees woonende tot
Gemonde. Giel Hendrik Clomp wonende binnen dese vrijheijt opt Berselaar. Momboire
over de twee onmondige kinderen wijlen Giel Aarts van den Berselaar verwekt
bijden selve ende bij Teuntje Handrick Roelofts sijne gewesene huijsvrouw mede
woonende tot Berselaar.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 601 Staat ende inventaris van de mobilaire
goederen agtergelaten ende metter doot ontruijmpt bij Mardelena Willem Kemps in
huwelijk gehad hebbende Johannis van Herentum soo ende gelijk die bij den
selven van Herentum als langstlevende volgens den lantregte in togte werden
beseten. O.a. een houtere koets, een voertoon van den winkel, een houten tafel,
een haf dosijn houtere stoele, eenen eemer, een scherp bort een spinnewiel, een
repken, een asbak met askesie etc.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 604 Wouter Willem Wouters als momboir van
Mijntje onmondige dogter Jan van Heertum verwekt bij den selve ende bij wijle
Mardelena Willem Kemps sijne gewesene huijsvrouw en Willem van den Heijcant als
man ende momboir van Annemie dogter van den voorschreven van Herentum verwekt
als voor. Ende is die voorschreven inventaris den vorschreven Wouter Willem
Wouters in qualitijt als voor inden selve inventaris bij loote uijtgereijkt
ende te deel gevallen o.a. drie houtere stoele, drie slaaplakens, een koekpan,
een hangeijser, twee eerde teloire, een bloxken met twee deure etc. Sijnde die
voorschreven mobilaire goederen bijde voorschreven Mijntje alsoo haast tot haar
mondige jaare gecomen aangeveert om bij haar te werden gebruijkt.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 606 Taxatie van de naergelatene goederen
die welcke juffrouw Pieternella Verhofstad metter doot ontruijmpt ende naer
gelaten binnen de vrijheijt Sint Oedenrode, welcke voorschreven Pieternella op
den dartiende februarij 1721 sonder wettige geboorte naer te laten binnen de
heerlijckheijt Gemert is comen te overlijden. O.a. een derde part in huijs,
schuer, hof met het teullant ende driesse daer aengelegen ter plaetse Hotum,
een sijde de gemeente, de ander sijde de erfgename Aert Vervoort.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 607 Ariaan Gommers en Jan Gerits van de
Mosselaar die welcke hebben gedaan den eedt als momboir van de vier onmondige
kinderen wijlen Miggiel Gommers verwekt bijde selve ende bij wijle Marie Peeter
Aarts sijne gewesene huijsvrouw.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 612 Schepene van Sint Oedenrode verklaren
alsdat Hans Wolff gegaseerde sergiant vant regiment vande collonel Berkoffer,
compagnie majoir Lilliee alhier binnen de voorschreven vrijheijt woonagtig ende
nog int leven is, soo ons schepen is gebleeken.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 612 Staat ende inventaris vande naar
gelaten moblilaire goederen van wijle Miggiel Gommers en Maria Peter Aarts als
sij leefde egte lieden, soo als Ariaan Gommers ende Jan Gerits van de
Morsselaar als momboire van den onmondige kinderen van de voorschreven Miggiel
Gommers ende Marie Peeter Aarts comen op te geven ende inden sterfhuijse hebben
bevonde soo als volgt. O.a. twee koeijen, een kist, een tafel, een standt en
melkton, een koets, een melctob, een brooken etc. Jan Gerits van de Morsselaar
van de opgemelte twee koeijen, een koeij tot sijns behoeve sal mogen nemen,
mits dat hij Jan sal moeten onderhouden Josijn eender onmondige dogter vande
voorschreven Miggiel. Soo in cost, drank als klederen, siek als gesont, sonder
een duijt verders daar voor van iemand te mogen pretenderen. Welke conditie hij
Jan heeft geaccodeert.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 615 Wilbert Hendriks woont tot Erp, Jan
Peeters Jan Teunissen woonende tot Uden en Jan Jan Peeters woonende tot Erp man
ende momboir van Marie Peeter Jan Teunis, die welcke verclaarde met malcanderen
aangegaan te hebben eene erffscheijdinge ende deijlinge van goederen hen luijde
mits doode en afflijvigheijt van haare moeder erffelijk aangecomen. Aan Jan
Peeter Jan Teunis en Jan Jan Peeters o.a. een huijs en hoff met teullant daaraan
gelegen, gelegen inde Everse, de een sijde Corst Gielens, dander sijde Jan
Lamb. Kemps, de eene eijnde de gemeene straat, dander eijnde eene ackerpat.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 619 Joost Janse van Erp als vaderlijcke
voogt en Willem der Kinderen als mede toesiende voogt over de onmondige
kinderen van voorschreven Joost van Erp verwekt bij den selve en bij wijle
Marie Willems der Kinderen sijne gewesene huijsvrouw ende hebben gelooft dat
sij alle de goederen van den selve onmondige gecomen van Hendrik Janse Verhage
henne out Oom gtrouwelijcke sullen administreeren ende gade slaan.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 620 Willem Habraken en Jan der Kinderen
als momboiren over de ses onmondige kinderen van wijlen Lambert der Kinderen,
verwekt bij de selve ende bij Jenneke Habraken sijne gewesen huijsvrouwe ende
hebben gelooft dat sij alle de goederen van den selve onmondige gecomen van
Hendrik Verhage getrouwelijk sullen adminsteeren ende gade slaan.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 621 Taxatie van de naargelatene goederen
die welcke Hendrik Janse Verhagen binnen de vrijheijt Sint Oedenrode metter
doot heeft ontruimpt ende agter gelaten, ende is die voorschreven Verhage op
den 23 maert 1721 binnen voorschreven vrijheijt sonder wettige descendenten
naar te laten deser werelt gepasseert. O.a. een huijs en hoff met aangelag
gelegen binnen dese vrijheijt ter plaatse Rijsinge, rontom in de gemeente.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 627 Soo sal Wouter Janse van der Schoot
naargelaten wedunaar van Alen Dircx sijne eerste huijsvrouw vercoopen een
huijsken met seven lopense soo teul als groeslant daar aangelegen binnen dese
vrijheijt Sint Oedenrode ter plaatse Ollant, de ene sijde Ariaan Kerkhoff, de
ander sijde den Bodem of gemeente van Elde, een eijnde de weduwe Swolffs,
dander eijnde eene mestweg. Hieruit jaarlijx te blijven vergelden vijftien
gulden aan Geertruij en Margo de Raat. Gekocht door Jacobus Homberg.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 632 Taxatie van de naargelatene goederen die
welcke Jan Aarts Vervoort metter doot heeft ontruijmpt ende agtergelaten heeft
binnen de vrijheijt Sint Oedenrode, ende is die voorschreven Jan Vervoort op
den 25e meert 1721 sonder wettige descendenten naar te laten, binnen
de selve vrijheijt is comen te overlijden. Jenneke Aarts Vervoort als
erffgenaam.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 634 Testament van Jenneke Aarts Vervoort
jongedogter, dog tot eenen tamelijke ouderdom gecomen sijnde gesont van
lighaam. Genoemde personen: haar neef Willem zoone Gerit Vervoort. Haar nigt
Eijken dogter Cornelis van Doremalen. De wettige kinderen van wijlen haaren
broeder Aart Aarts Vervoort. De twee wettige kinderen van wijle Gerit Aarts
Vervoort ende de vier wettige kinderen van wijle Cornelis van Doremalen verwekt
bij Marie Gerits Vervoort.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 637 Migiel de Gage deurwaarder, dewelcke
verclaarde in arrest te nemen de vaste goederen van de heer procureur Jacobus
van de Velde binnen de vrijheijt.
Inventaris 172 jaar 1721 folio 638 Soo sal Wouter Janse van Erp en Jan
van den Baars als momboir der onmondige kinderen Jan Hooffmans verwekt bij den
selve ende bij Catrien Cranen sijne gewesene huijsvrouwe vercoopen een
hoijveltje genaamt den Vogelsanger beempt, gelegen binnen dese vrijheijt Sint
Oedenrode ter plaatse onder de straat off aude vrijheijt, deen sijde ende een
eijnde de Graaff van Tildonk, dander sijde de Heer van de Velde, dander eijnde
't Broek. Verkocht aan Cornelis van Duppen.