Bij verwijzing naar deze website in digitale of schriftelijke publicaties, graag een correcte bronvermelding: Willie Damen van de Mosselaer

De aktes zijn gescand te zien op  BHIC, scans Sint Oedenrode. (Noteer inventaris- en folionummer)

Oud Rechterlijk Archief Sint Oedenrode Inventaris 202 Minuten van procuratiën met inventaris 29 mei 1809-10 april 1810

Inventaris 202 folio 5 Catarina Andries van Nuenen, Cornelia Andries van Nuenen met Antonij van Boere, Antonetta Andries van Nuenen weduwe Johannes van Dijk, Elisabet Andries van Nuenen weduwe Jan van den Berk, Theodorus Sprengers en Johannes Andries van Nuenen alle zo hier als te Veghel, Nederwetten en Rhoon woonachtig, dewelke gezamenlijk verklaarde machtig te maken den heer Jan de Jong secretaris alhier, omme waar te nemen alle de goederen nagelaten bij Hendrina van den Dungen weduwe Johannis van Nuenen overleden te Nederwetten.

Inventaris 202 folio 9 Procuratie. Genoemde personen in deze akte: de Eerwaarde Heer Hendrik Pijnenburgh woonende te Sint Oedenrode en Arnoldus Peijnenburgh wonende te Hilvarenbeek.

Inventaris 202 folio 13 Laurens van de Rijt wonende te Veghel, als voogd, aangesteld 16 janarij 1793, over de ses minderjarige kinderen van Annemie van der Heijden, in echte verwekt bij wijlen Jacobus van Veghel, ten eijnde den nalatenschap van wijlen, Geertuij van der Heijden weduwe Francis van de Weijdeven gade te slaan.

Inventaris 202 folio 17 Willemijna Joost van der Heijden weduwe Adriaan van Dinter. Hendrina Janse van der Heijden weduwe Jan Hurkmans. Gerard van Oorschot gehuwd met Maria Janse van der Heijden. Jan, Antonij, Adriaen, Martinus, Janse van der Heijden, Nicolaas Joost van der Heijden gehuwd met Helena Jans van der Heijden. Johannis, Adriaan, Peter, Petronel, Hendrikus Vorstenbosch, Gerit van der Heijden gehuwd met Johanna Hendrikus Vorstenbosch. Johannis Willem van Bakel gehuwd met Anna Hendrikus Vorstenbosch, alle alhier als te Gestel woonachtig. Jan Janse van der Heijden en Dirck Dielis de Konings in kwaliteit als voogden over de minderjarige Barbara Hendrikus Vorstenbosch. Om magtig te maken de heer Jan de Jong, om alle de vaste goederen welke comparante ieder voor zoo veel hun aangaat en bij overlijden van Rut Janse van der Heijden zijn gemaakt en aanbestorven.

Inventaris 202 folio 21 Geetruij van Hirtum, Johannis van Erp, Jaspert de Rooij gehuwd met Clara van Erp, Godefridus Koppens gehuwd met Johanna Maria van Erp, alle kinderen in echte verwekt bij Adriaan van Erp en Elisabeth van Hirtum. Nicolaas Gijsbert van Hirtum zoo voor zich zelve als in kwaliteit met en benevens Cornelis Lindert Brand, als voogden over de minderjarige zoone in echte verwekt bij Christiaan Engels en Clazijna van Hirtum met namen Gijsbert, Antonij Leonardus van Hirtum zoo voor zich als in kwaliteit als voogd over zijne minderjarige broeder met name Godefridus. Elisabeth Leonardus van Hirtum meederjarige dochter ten deese geadsisteerd met haren voornoemde broeder Antonij van Hirtum, Jan van Hirtum, Gijsbert van Hirtum, Antonius van Hirtum en Maria van Hirtum, meerderjarige jonge dochter ten deze geadsisteerd met haaren voornoemde broeder Jan van Hirtum en Antonij van Vroenhove gehuwd met Clazijna van Hirtum alle kinderen in echte verwekt bij Jan van Hirtum en Maria Verhagen zoo alhier als te Zon, Eindhoven, Best en Hilvarenbeek woonachtig. Verklaarde machtig te maken de meede erfgenamen Johannis de Poorter en Cornelis Lindert Brands beide wonende alhier, omme in hun naam binnen deeze gemeente publick en voor alle man te verkoopen: een partij teulland onder Nijnsel, binnen de dorpe van Veghel ter plaatze genoemt De Doren hoek, aangekomen bij erffenisse van wijlen Petronella van Hirtum.

Inventaris 202 folio 25 Theodorus van Merckelbach, Wouter van Merckelbach, Jennemie van Merckebach wonende alhier. Gregorius van Merckelbach wonende te Veghel. Lucia van Merckelbach huisvrouw van Jan van Asten wonende te Sint Michiels-gestel. Mecheliena van Merckelbach huisvrouw van Hendrik van den Tillaar wonende op den Dunge. Helena van Merckelbach huisvrouw van Jan Hopman wonende te Orten. Petronella van Merkelbach huisvrouw van Johannis Gevers wonende te Schijndel. Nicolaas Jan Hendrik van Merckelbach wonende te Herpen. Anna Catharina van Merckelbach huisvrouw van Christiaan Schonenbergh wonende in Grave en laatste Margo van Merckelbach huisvrouw van Dielis Vogels wonende te Eersel. Verklarde magtig te maken Jan van Merckelbach wonende alhier om zich te begeven naar Tongeren voorheen lande van Luijk nu Fransch gebied en aldaar op te nemen zoodanige nalatenschap als bij wijlen Arnoldus van Merckelbach aldaar overleden gade te slaan

Oud Rechterlijk Archief Inventaris 201 Sint Oedenrode inventaris en vertichtingen 10 Augustus 1808 - 21 Juli 1810

Inventaris 201 folio 5 Inventaris van Hendrik Jan van den Oever bij overlijden van zijne huisvrouw Maria Michiel van Eerd en zijne zeven kinderen met name: Johannis, Helena, Martinus, Antonij, Lambertus, Adriaan en Michiel ten erfregte zijn nagelaten. O.a. een huis en schop gelegen binnen Sint Oedenrode nummer E 508, en een aantal percelen. Nog een huisje en hof numer 331 onder Veghel en een nummer 332 onder Veghel. Toeziende voogd Francis Michiel van Eerd en Peter Johannes Verhagen als bloedverwant. In de inventaris ook o.a. een klok, een ijzere sopketel, een blekke gieter, een lantaarn, zes tinnen schotels, zeventien tinne borden, een tinne bierkom, een jeneverkom, drie spinnewielen, een beslage hoogkar, een aardkar, ploeg en eegd etc. etc.

Inventaris 201 folio 13 Inventaris van Cornelus Gielis van der Heijde bij overlijden van zijn huisvrouw Catarina Dirk van Rijzinge en zijn kind Helena. O.a. een huis, hof en aangelag gelegen te Sint Oedenrode onder Bosch en Varrenhout, en een parceel teulland. Toeziende voogd is Dirk D. van Rijzinge en Marten Willem Vermeltfort als bloedverwant.

Inventaris 201 folio 17 Vertigting en bewijs van zodanige goederen als aan Hendrien Willem Teunisse bij overlijden van Goort Corn. van de Ven ter togte en haare vijf kinderen met name Antonij, Theodorus, Johanna, Elisabet en Cornelia ten erfrechte zijn nagelaten. O.a. een huis, hof, schop en aangelag geleegen binnen Sint Oedenrode onder de Heertgang Nijnsel en Vressel, en een aantal parceelen. Toeziend voogd is Thomas van de Ven en Willem Dirck Tonij Teunisse en Gort J, van de Ven als bloedverwanten.

Inventaris 201 folio 29 Inventaris van Johannes A. van de Loo van zoodanige goederen meubelen en inboedel als door het overlijden van Arnoldus van de Loo zijn nagelaten en ten sterfhuize bevonden. O.a. een huis, hof, en streepke geleegen binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheijd nummer 24 aan een zijde J. Sprengers, de andere zijde Joh. van de Loo. Twaalf servetten, drie slaapmutsen, twee zakdoeken, vier dassen, vijf paar kousen, drie hoede, drie pruijke, een paar gordijnen, een paar pantoffels, vier boeken etc. Timmergereedschap: een slijpsteen met stelling, trekzaag, vijf effers, tien bijtels en drie passers etc.

Inventaris 201 folio 35 Een enveloppe met daarop de namen: Gerard de Jongh zich fort en sterk makende voor Jan de Jongh, wonende Den Bosch als executeurs in den nalatenschap van wijlen Maria Brasser in leven weduwe van Johan de Jongh in leven predikant te Welle en Amerzoden. In de enveloppe de inventaris.

Inventaris 201 folio 73 Inventaris gemaakt en geformeerd bij Margareta J. van de Sande, de weduwe Marte Kluijtmans inwoonderesse alhier.

Inventaris 201 folio 89 Inventaris van zodanige goederen agtergelaten en met de dood onruimd bij Petronella Joh. van de Rijt deze in togte heeft bezeten, aan Hendrik de Bie en zijn kind Willem, tans in ondertrouw met Annemie Jan van der Heijden. O.a. een kaffe bed, een paar gordijnen, een koffijpot, twee tinnen schotele, een genever kom, een struijfpan, een blekke lantaarn, twee schuppen etc. etc.

Inventaris 201 folio 97 Vertichting van zoodanige goederen als Michiel van Asten bij overlijden van Theodora Joost van Zon ter togte en zijne vijf kinderen met name: Gerard, Joost, Maria, Antonet en Hendrika ten erfregte zijn nagelaten. O.a. een huis en een kamp. Toeziende voogd Jan van Zon en Willem van Zon en Peter Jan Sijmons als bloedverwanten.

Inventaris 201 folio 105 en 107 Vertichting en bewijs van zoodanige goederen als aan Gerard van Hoofd bij overlijden van Maria Thomas van Roosmalen ter togte en zijnen drie kinderen met namen Johanna, Thomas en Maria ten erfregte zijn nagelaten. O. a. een weefgetouw. Toeziende voogd is Dielis Thomas van Roosmalen en Tholof en Francis van Roosmalen als bloedverwanten.

Inventaris 201 folio 113 Peter Casper Huibers weduwnaar van Ida Lambert van Dinter, dewelke alvorens in zijn tweede huwelijk te treden met Jennemie Janse van Rooij, verklaart geene goederen te bezitten om aan zijn kinderen met name Lambert en Annemie eenige bewijs te doen.

Inventaris 201 folio 117 Een enveloppe met daarop de namen van: H. Verhagen en Adriaan Verhoeven als voogden over de kinderen van wijlen de weduwe Willem Habraken. Martinus Dirk Versantvoort gehuwd met Johanna Maria Willem Habraken. In de enveloppe een inventaris van dusdanige vaste goedere mitsgaders inboedel meubilaire en roerende goederen actiën schulden en credieten welke bij doode en overlijden van Wilhelmina Versantvoort weduwe Willem Habraken zijn koomen te devolveren aan Martinus Versantvoort gehuwd met Johanna Maria Habraken meerderjarige dogter, mitsgaders aan de vier minderjarige kinderen van Willem Habraken met name Antonij, Annamarie, Christien en Marrie. Opgerigt en gedaan maken door H. Verhagen en Adriaan Verhoeven in qualiteit als voogden en geassisteerd met voornoemde Martinus Versantvoort. O.a. een huijs, schuur, paardestal, schop, asch en bakhuijs met hof en aangelag, gelegen te Olland, belend aan eene zijde Dirk Versantvoort, de ander en eijnde de volgende goederen, het andere eijnde de gemeene straat. Item een huijs, schuur, schop en bakhuijs met hof en aangelag geleegen onder Olland, belend de eene zijde de heer Diert van Mellisant. Item een huijs, schuur, schop en bakhuijs met aangelegen dries of weijde en bogt, zijn hof en teulland geleegen op 't Hoogeind onder Olland, de een zijde Mathijs Habraken c.s. de ander de weduwe Dielis Vogels c.s het eene eijnd Willem van Eerd c.s. het andere de gemeene straat. Item eem huijs, schuur, schop, bakhuijs en varkensstal met hof en aangelag, gelegen onder den Hertgang Neijnzel en Vressel, de eene zijde weduwe Jan van den Heuvel, de andere zijde Aart van der Hagen, het een eijnde doctor Verhagen, het ande eijnde de straat. Verder in de inventaris o.a. 24 tinne borden, 18 schootelen, twee en veertig tinne eetlepels, een bierkan, een jagt geweer met weijzak, een pistool, een huijshorlogie, drie gerief tonne, een lessenaar, drie kleijne kerkstoele, een goud kruijs met een knop, den welke de overledene gezegt heeft, gebruijkt en gegeven te moeten werde aan het kind van de weduwe Swinkels, een gouden ring en een paar zilvere gespen, drie werkpaarden, en nog spek geslagt om te gebruijken etc. etc.

Inventaris 201 folio 141 Inventaris van zodanige goederen meubelen en inboedel agtergelaten en met de dood ontruimd bij Catharina van Vlokhoven die dezelve ter togte heeft gelaten en met de Adriaan Reval en zijn twee kinderen met name Josep en Johannis ten erfregte, alle welk goederen uitmakende voorschreven Adriaen Reval, thans getrouwt met Johanna Rheintjes O.a. een huis, hof en aangelag gelegen te Nijnsel en Vressel, aan een ziijde Will. Verschuijte dander zijde Hendrik C. van den Oever.

Inventaris 201 folio 149 Inventaris van zodanige goederen, meubilen en inboedel agtergelaten en met de dood ontruimd bij Hendrina H. Kluijtmans die deselve ter agter heeft gelaten aan Thomas Hendrik van Aarle en zijne vijf kinderen met name Dorothea, Johannes, Maria, Hendrikus en Hendrik ten erfregte, alle welke goederen uit monde van voorschreven Thomas van Aarle, althans in ondertrouw met Maria Jan van de Meerakker zijn opgegeven.

Oud Rechterlijk Archief Inventaris 200 Minuuten van deelingen met inventaris 20 October 1808 - 13 December 1810.

Inventaris 200 folio 3 Deeling tusschen Dirk van de Groenendaal, Cornelis van de Groenendaal, Hendrik van de Groenendaal, Heijacintus Vermeltfort als in huwelijk hebbende Annemie van de Groenedaal, Gerit van de Mosselaar, Maria van de Mosselaar meerderjarige jonge dogter ten deese geadsisteerd met Matt. van Kemenade, Dirk van de Mosselaar en laatstelijk Dirk van de Groenendaal en Martinus Gerit der Kinderen in qualiteit als testamentaire voogden over het minderjarige kind in echte verwekt bij Jan van de Mosselaar en Maria van de Groenendaal met name Geerdina, alle woonende alhier. Van alle zulke onroerende goederen als hun comparanten en condividenten door het overlijden van hun lieden vader en grootvader Aart van de Groenendaal zijn nagelaten. O.a. aan Gerit, Maria, Dirk en Geerdina van de Mosselaar een perceel nieuwe erve gelegen te Sint Oedenrode onder Olland 5 lopensen, aan een zijde de weduwe van der Kammen, dander zijde Jan C. van der Heijden. Een agste gedeelte in een hooijveld groot 1 lopense, aan een zijde de kinderen Willem van der Hagen, dander zijde Cornelis van de Groenendaal.

Inventaris 200 folio 11 Deeling van goederen, tusschen erve Marte Kluijtmans en Margaretha van der Sande weduwe Marte Hendrik Kluijtmans geadsisteerd met Evert van Casteren ter eenre en Willem, Jan, Hendrikus en Johannis Martense Kluijtmans alle woonende alhier ter andere zijde,

Inventaris 200 folio 19 Deeling tusschen de erve Johannis van Lieshout: Hendrik Johannes van Lieshout woonende te Veghel. Jan Johannes van Lieshout en Hendrik Aart der Kinderen gehuwd met Antonet Johannes van Lieshout wonende alhier. O.a. aan Hendrik, Jan en Johannes van Lieshout een huis, hof en aangelag nummer D 407.

Inventaris 200 folio 27 Deeling tusschen de erve Marte Hendrik Kluijtmans: Willem, Jan, Hendrikus en Johannes Marten Kluijtmans alle wonende alhier. O.a. aan Jan Hendrik en Johannes Marte Kluijtmans een huis, hof en aangelag geleegen te Sint Oedenrode onder Olland nummer B 210

Inventaris 200 folio 35 Deeling, Jan Willem Brox, Jan van Hombergh als in huwelijk met Maria Willem Brox, Diena Brox alle woonende alhier. Johannis Smits gehuwd met Adriana Brox woonende te Mierlo en Maria van de Ven weduwe van Pero Brox woonende te Breugel in qualiteit als moeder en voogdesse voor hare vijf kinderen met name, Pieter, Helena, Barbara, Wilhelmina en Arnoldus. Dewelke bekennen met elkander te heben aangegaan een deijling van de goederen, door het overlijden van hun vader en grootvader Willem Brox zijn nagelaten. O.a. aan Jan Willem Brox een huis, hof, schuur en stalling nummer A 90, aan een zijde Jan van Houtum, dander zijde Jan van de Meerakker.

Inventaris 200 folio 45 Deeling tusschen Clazijna H. Merks weduwe Matijs van Rooij en Hendrik Jan van den Oever woonende alhier.

Inventaris 200 folio 53 Deeling tusschen Jan Dirk van Giersbergen, Antonij van Casteren gehuwd met Adriana van Giersbergen, Godefridus Schellekens gehuwd met Anna Catharina van Giersbergen en Martinus van den Heuvel gehuwd met Hendrina van Giersbergen alle zoo alhier als te Boxtel woonachtig. Van alle onroerende goederen als door het overlijden van hun moeder zijn aangekomen. O.a. aan Jan Dirk van Giersbergen, een huis, schuur, hof en aangelag gelegen binnen Sint Oedenrode onder Bersselaar. Aan Antonij van Casteren een huis, hof en aangelag geleegen binnen den dorpe Boxtel ter plaatse genaamt Hoog Gemonde, aan een zijde Hendrik Timmermans, dander zijde Willem van den Berselaar.

Inventaris 200 folio 63 Godefridus Koppens woonende te Sint Oedenrode bekend schuldig te zijn aan de weduwe Gerardus Wijnen meede woonende alhier een som van vier en sestig gulden. 17 October 1810.

Inventaris 200 folio 67 Godefridus Koppens woonende te Sint Oedenrode bekend schuldig te zijn aan Jan van Houtum mede wonende alhier eene somme van twee en zestig gulden en negen stuijvers en twaalf penningen. 17 October 1810.

Inventaris 200 folio 71 Lambert Jan Versantvoort inwoonder alhier, verklaarde waar en waarachtig te zijn: dat in deszelvs woonhuijze staande binnen Sint Oedenrode onder Olland in den nagt tusschen 12e en 13e October 1810 is ingebroken etc.

Inventaris 200 folio 75 Verklaring door de scheepen van Sint Oedenrode en ten verzoeke van Jan Marijnen gerechtsbode alhier, dat denzelven in alle deele is staande voor een persoon van een goed en deugdzaam gedrag, en zijnen post als gerechtsboode binnen deese gemeente geduurende zes jaaren met alle beschijdenheid en ten genoegen heeft waargenomen. 3 September 1810.

Inventaris 200 folio 79 De scheepenen van Sint Oedenrode verklaaren ter instantie en requisitie van den hoogschout van Den Bosch dat Antonij Hendrik van den Langenberg gewoond hebbende te Gemonde jurisdictie van Sint Oedenrode, volgens veele gerugte niet is staande ter goed naam en faam 7 augustus 1810.

Inventaris 200 folio 83 Ten verzoeke van Jan van Kemenade, die heeft getaxeerd de goederen met den dood ontruijmt en nagelaten bij Francis van Heerentum.

Inventaris 200 folio 87 Verklaringen over verpondingen door Daniel van der Lith ‘s lands deurwaarder woonende te Zon. Genoemde personen: de weduwe Rogier van Boxtel. Maria van Dinther. Adriaan van Gerwen. Hendrik Aart der Kinderen. Johannes van Lieshout. Roelof Oppers. Van de kinderen Jan van der Wijde. 30 Julij 1810

Inventaris 200 folio 91 Johannes van Nuenen, Catarina van Nuenen en Elisabeth van Nuenen weduwe Jan van den Berk wonende te Veghel dewelke uit handen van Jan de Jong secretaris van Sint Oedenrode ontvangen hebben de somma van een honderd en dertien guldens. 11 Augustus 1810.

Inventaris 200 folio 95 Hendrina van Penninx huisvrouw van Jaspert van den Dungen inwoonderen alhier heeft voor de opregte waarheid verklaart waar te zijn: dat zij op den 15e mei laast lede alleenig in huis zijnde, bij haar gekomen zijn en wel cira twaalf uure de middag twee manspersonen welke aan haar zijde dat zij fressen moesten hebben, waarop zij voor ieder een boterham gemaakt heeft. Dat als toen een van die personen den snaphaan vatte die aan 't bed stond en vroeg of zij geen mansvolk hier kort bij of in 't huis had, waarop zij zijde van ja ik zal die gaan roepen, waarop zij beide persoonen zijn uit het huis gegaan en den snaphaan hebben meede genomen, neemende den weg naar Veghel.

Inventaris 200 folio 99 Hendrik Antonij der Kinderen woonende alhier, denwelke verklaard aan zijnen zwager Paulus Habraken woonende te Ekart schuldig te zijn de somma van een hondert twee en negentig gulden. 26 julij 1810.

Inventaris 200 folio 103 Hendrikus Jacobus van Veghel, Johannis Jacobus van Veghel, Hendrik Piet van den Heuvel als in huwelijk gehad hebbende Hendrina Jacobus van Veghel en dat als vader en voogd over zijne minderjarige kinderen. Johannis Gerit Vervoort gehuwd met Johanna Jacobus van Veghel en laastelijk Willemijna Jacobus van Veghel, alle zoo te Veghel als Lieshout woonagtig. Zij hebben een schikking aangegaan met Lourens van de Rijt als voogd over de ses minderjarige kinderen van Annemie van der Heide weduwe Jacobus van Veghel. Den 3e van de lentemaand 1810.

Inventaris 200 folio 107 Willemijn Joost van der Heijden weduwe Adriaan van Dinter. Hendriena Jansze van der Heiden weduwe Jacobus Hurkmans. Gerard van Oorschot als in huwelijk hebbende met Maria Janse van der Heiden, Jan, Antonij, Adriaan, Martinus Janse van der Heiden. Johannis, Adriaan, Peter en Peternel Hendrikus Vorstenbosch. Gerit van den Heuvel als in huwelijk met Johanna Hendrik Vorstenbosch. Johannis Will van Bakel als in huwelijk met Anna Hendrikus Vorstenbosch alle zoo alhier als te Gestel woonagtig. Jan Janze van der Heiden en Dirk Dielis de Konings als voogden over Barbra Hendrik Vorstenbosch. Dewelke bekennen ontvangen te hebben uit publieke verkoop van vaste goederen, nagelaten bij Rut Janze van der Heiden de somma van een duizend drie hondert en vijf guldens. Den tweede van sprokkelmaand 1810.

Oud Rechterlijk Archief Inventaris 199 Minuten van allerhande acten met inventaris 6 Juli 1808 - 17 October 1810.

Inventaris 199 1808 folio 5 Commisie van de Kwartiersvergadering voor Gosuinus Hermanus van Nouhuijs en Nicolaas Teulings

Inventaris 199 1808 folio 9 Attestatie van goed gedrag voor Johanna Cornelia Koppens oud 16 jaren

Inventaris 199 1808 folio 13 Attestatie van goed gedrag voor Jan Cornelis de Poorter

Inventaris 199 1808 folio 17 Attestatie van goed gedrag voor Louwerens van Duijnhoven woonende alhier

Inventaris 199 1808 folio 21 Schepen quitantie door Jan Peeter Heijcants als vader en voogd over zijne minderjarige zoon met naame Peeter, denwelke verklaarde uit handen van Jan Hendrik Rovers ontvangen te hebben een somma van twee hondert gulden.

Inventaris 199 1808 folio 25 Schepen quitantie: Thomas Klerkx in qualiteit als voogd over de twee minderjarige kinderen nagelaten bij Adriaan Kerkhof, dewelke verklaarde uit handen van Jan H. Rovers ontvangen te hebben twee hondert en vijftig guldens.

Inventaris 199 1808 folio 29 Schepen quitantie: Dirk van Rijzingen als in huwelijk hebbende Amarentia Adr. Kerkhof en Hendrina A. Kerkhoff, dewelke verklaarden uit handen van Jan Hendrik Rovers ontvangen te hebben eene somma van vijf hondert guldens.

Inventaris 199 1808 folio 33 Borgtogt voor Johanna Elisabet en Anna Louisa Schweitzer beide wonende alhier, dewelke verklaarde hun te stellen tot borgen voor Marte Bouwier, practiseerende advocaat in Den Bosch voor een somma van twee hondert en vijftig gulden. Welke door M. Bouwier aan haare nicht Maria Elisabeth Zijnen zal worden uitbetaald.

Inventaris 199 1808 folio 37 Verklaring door Elisabeth Dirks gezwore vroedvrouw dewelke verklaarde dat op den tweeden augustus 1808 zij is gekomen ten huize van de weduwe Aalbert de Weert en aldaar in barensnood gevonden heeft Clazijna dogter van Aalbert de Weert, welke aan haar na afvraging gedeclareerd heeft vader van het kind te zijn Lambert Hendrik Langenbergh, dewelke nog verclaarde die niet te kunnen trouwen, als zijnde hij getrouwd en zijn vrouw nog leevende.

Inventaris 199 1808 folio 41 Schepen quitantie: genoemde personen Jacobus Johannes Ernest notaris en procureur te Eindhoven. Carel Leonart Stefan Bose en vrouwe Alida Johannes Wilhelmina Gualtherie, Gerard de Jong.

Inventaris 199 1808 folio 45 Vonnis voor Ant. G. van der Heijden: Peter van de Laar gewoond hebbende te Liempde thans wonende alhier, declarant ter eenre op en jegens Aart Gerard van der Heijden mede woonende alhier gedeclareerd ter andere zijde. Vermelding van de Jonker de Jegers Hoeve

Inventaris 199 1808 folio 49 Overgaaf van besloten inventaris door Hendrik Verhagen en Adriaan Verhoeven in qualiteit als voogden over de minderjarige kinderen van wijlen de weduwe Willem Habraken. Martinius Dirk Versantvoort als in huwelijk met Johanna Maria Willem Habraken.

Inventaris 199 1808 folio 51 Hendrik Verhagen en Adriaan Verhoeven als voogden over de minderjarige kinderen van wijlen de weduwe Willem Habraken. Martinus Dirk Versantvoort als in huwelijk met Maria Willem Habraken dewelke hebben overhandigd, een met drie roode lakken, hierin gesloten den inventaris.

Inventaris 199 1808 folio 57 Attestatie voor Theodora Jan Kluijtmans huijsvrouw van Gerit. Constandt

Inventaris 199 1808 folio 61+69 Akte is niet compleet. Verklaringen ter requisitie van Peter van Erp, wonende onder den heertgang Bosch en Varenhout ter plaatse genaamd Het Schoor afkomstig van zijne vader Jan van Erp, dat hij altijt zoo ver hun comparanten kennelijk is, onafgebroken in rustige en vreedige positie geweest is, om benevens andere geregtigd, om in de heide van Zon te turven, gelijk ook de voorige bewoners van het huis van den requirant als Hendrikus Vervoort, Jan van de Laak, Jan van Rooij en Daniel Versantvoort geduurende de jaaren dat zij aldaar gewoond hebben. Verder nog de personen: Peter Peters de Poorter, Jan Thomasse van der Ven en Jan Adriaan Hurks.

Inventaris 199 1808 folio 69 Attestatie van goed gedrag voor W. Wins

Inventaris 199 1809 folio 73 Attestatie ter registratie van den substitut middelen te lande. Genoemde personen: Hendrina weduwe L Lathouwers wonende te Sint Oedenrode, oud ongeveer 60 jaren, zij heeft drie dochter. Twee dogters met name Willemijn en Johanna te Sint Oedenrode wonende en waar haar ander dogter met name Hendrina is weet zij niet. Geen van haar dogters woont bij Anthonij der Kinderen te Sint Oedenrode. Een van haar dochter heeft wel ongeveer vijf jaar geleden bij Antonius der Kinderen gewoont.

Inventaris 199 1809 folio 77 Acte van handligting voor Aart Gerard van der Heijden, wonende alhier, te kennen gevende dat hij comparant door misfortune en tegenspoed zoodanig is ten achteren geraakt, dat hij zich in de onmogelijkheid bevindt van zijne schuldens te voldoen.

Inventaris 199 1809 folio 81 Ontlastbrief: Andries Aarts en Jacobus Aarts bekend staande van goede naam en faam hebben overgelegd ieder hunne behoorlijke ontlastbrief van het gemeente bestuur van Lommel als meede een van hunner broer Steven Aarts.

Inventaris 199 1809 folio 82 Verklaring van goed gedrag voor Francis Louwerijs alhier binnen deeze gemeente zedert zes jaaren woonachtig

Inventaris 199 1809 folio 89 Borgtogt door Johannes Elisabeth Schweitzer en Anna Louisa Schweitzer beide woonende alhier. Dewelke verklaarden borg te staan voor Abraham Benedictus Zijnen.

Inventaris 199 1809 folio 97 Borgtogt door Pieter Olijslagers woonende alhier, voor Johannis Jacobus van der Hagen als ontvanger der onbeschreven middelen te Veghel.

Inventaris 199 1809 folio 105 Attestatie van Carolus Turenhout dienaar der justitie van den gehugte Gemond, verklaarde dat hij alhier in civiele gijseling overgebracht heeft Jan van den Bersselaar woonende alhier onder den gehugte Bersselaar, over en ter zake dat gemelde Jan van de Bersselaar omtrent zijne huizing tegenkwam en bij zig hebbende een bussele bessem rijs. Dat hij daarop gemelde Jan gearresteerd heeft, en vervolgens met stokslagen heeft moeten noodzaken meede na zijn huis te gaan etc. Ook genoemd zijn dochter Geertruida.

Inventaris 199 1809 folio 109 Acte van accoord door Jan Marijnen geregtsbode alhier. Verder genoemd Pieter van de Laar over de Jonker de Jeger Hoeve. Jonker Franciscus Charles baron van Sternefels, kapitein in dienst van zijnen majesteit den Koning van Pruissen. Aart Gerard van der Heijden.

Inventaris 199 1809 folio 117 Attestatie van goed gedrag voor Jan Ketelaars.

Inventaris 199 1809 folio 121 Attestate van goed gedrag voor Hendrik Johannes de Poorter zijnde een inboorling dezes dorps.

Inventaris 199 1809 folio 125 Attestatie voor Theodorus Cordewinders en Antonij Smulders beide woonende alhier van competente ouderdom en staande ter goede naam en faam dewelke ter intentie van Jacobus Cornelis van der Hagen verklaaren waarachtig te zijn dat zij beide in werk en dienst zijn van Jacobus Cornelis van der Hagen en alzoo dikwijls getuige zijn geweest dat den zoon van gemelde requirant met namen Cornelis zich dikwijld dronken drinkt, dermate dat hij in allen deele buijten staat is zijn werkzaamheden te kunnen verrigten en mitsdien in 't vervolg van hem niets anders te wagten is als schadelijke en nadeelige gevolgen.

Inventaris 199 1809 folio 129 Attestatie voor Luijcas Latijhouwers, Dirk Cornelis van Oorschot, Jan van de Laar. Kwestie over het turven in de heide van Zon ter registratie van Peter van Erp.

Inventaris 199 1809 folio 137 Acte van arrest door Jan Marijnen geregtsbode alhier. Genoemde personen: Pieter Johannis van de Laar. Franciscus Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne Majesteit den Koning van Pruijssen. Aart Gerard van der Heijden.

Inventaris 199 1809 folio 145 Borgtogt door Gerard de Jong voor Pieter Francois Bernard Wierts als gecrediteer voor den impost op den turf.

Inventaris 199 1809 folio 149 Acte van Arrest door Jan Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen. Aart Gerard van der Heijden.

Inventaris 199 1809 folio 157 Acte van Arrest voor Jan Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen. Aart Gerard van der Heijden.

Inventaris 199 1809 folio 165 Acceptatie: genoemde personen: Roelof van Nouhuijs en den Heere Gerard de Jong.

Inventaris 199 1809 folio 169 Attestatie voor Aart Marte van der Hagen inwoonder alhier, verklaarde niet te weten wie hem op de 27e van de zomermaand 1809 zijnde marktdag geslagen heeft, hij weet wel dat hij iemand heeft vastgehouden maar niet te weten wie hij was. Ook verklaarde Aart Joseph Habraken dat op den 28e van de zomermaand 1809 zijnde daags na den marktdag Lambert Janse van der Heijde tegen hem gezegt heeft dat Aart Marte van der Hagen daags te vooren hem vasthield en na hem twee tot drie maal te hebben gezegd laat mij los, hij hem twee tot driemaal met zijn stok over zijn schouder sloeg.

Inventaris 199 1809 folio 171 Herroeping van Huwelijksche voorwaarden door Cornelis van Kemenade en Petronella van de Leur echtelieden woonende te Schijndel, dewelke te kennen gevende op 15e december 1804 voor scheepen van Sint Oedenrode te hebben opgerigt huwelijkx voorwaarde.

Inventaris 199 1809 folio 175 Attestatie voor Johanna Johannis Tonies oud dertig jaren en Willem van Nuenen oud sestig jaar beiden wonende alhier, hebben verklaard dat op laastleede zondag zijnde den 20e van oogstmaand 1809 des voormiddag ten huize van de tweede comparant als bij hem inwonende gekoomen is Jan Joh. van Lieshout, den welke tegens haar comparante zijde dat zij een hoer en schelm was. Dat gemelde Jan van Lieshout haar comparante daarop aangreep en tegen de grond wierp, waarop hij haar vervolgens inde schoorsteen wilde optrekken en onder haar stoken. Dat na dat zij weder was opgestaan haar andermaal aangreep en buijten de deur wierp en als toen zijde nu ben ik baas. Dat hij daarop vervolgens de kast, flessen, glazen, schenkblok en tafel aan stukken geschopt en geslagen heeft. etc.

Inventaris 199 1809 folio 179 Attestatie voor Hendrik Adriaan der Kinderen oud dertig jaren en Cornelis Latijnhouwers oud twee en veertig jaaren. Johanna Bartel van den Berk oud zeven en dertig jaren. Johanna Peter van de Wiel oud drie en twintig jaaren wonende alhier staande ter goeden naam en faam. Zij verklaren dat op zondag den 20e van oogstmaand 1809 den eerste comparant te slapen liggende in zijn huis gekomen is Jan Johannis van Lieshout, hij comparant wakker wordende in zijn huis een groot gerucht hoorde dusdanig dat hij zich dadelijk in huis begaf en aldaar gemelde van de Lieshout gevonden heeft. Dewelke hem dadelijk aanvatte en bij den borst greep en vervolgens door het huis worstelde, hij comparant door genoemde van Lieshout werd gekrabt etc. Verder vermelding van Jan Latijnhouwers wonende alhier, met zijn broeder Willem en Willem Gerard der Kinderen wonende te Oirschot. Toen Jan Johannis van Lieshout uit de deur is gezet geroepen heeft: "dat hij zijn lijf en ziel aan den duivel gaf, als hij hem niet steken of schieten, waar hij hem ook ooit mogt ontmoeten".

Inventaris 199 1809 folio 183 Acte van arrest door Jan Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen. Aart Gerard van der Heijden.

Inventaris 199 1809 folio 191 Attestatie voor Goort Jooste van de Ven woonende alhier en van goede naam en faam. Dewelke verklaarde geweest te zijn den 2e van Sprokkelmaand 1809, gekomen is Jan Johannes van Lieshout, dat hij comparant in huis gekomen zijnde gemelde van Lieshout met hem comparantens vrouwe keijvende gevonden heeft etc.

Inventaris 199 1909 folio 195 Attestatie voor Cornelis Giele van der Heijden inwoonder alhier van competente ouderdom en staande ter goede naam en faam, dewelke heeft verklaard dat op den 10e en 11e van herftsmaand 1809, na gissing de klokke elf uur na de deur en venster geforceert te hebben in dezelve huizing staande onder den heertgang Bosch en Varrenhout in een kamp bij het gebroekte ingebroken zijn twee manspersonen, den eene ordentelijke lengte, aanhebbende een hoogblauwe rok, zwarte kouse, steile hoed en na gissing een horloge op zak. Den andere van een klijnder dog dikker postuur met een lange grijse baard, aanhebbende een slegte rok met differente lappe. Dat den laaste vermelde persoon hem comparant van den zolder getrokken te hebben, met een brandend hout geslagen en gestoke heeft etc. Voorts verklaart den comparant den persoon niet te kennen, maar vermeent geweest te zijn (voornaam in akte niet ingevuld) Maas en zijn twee zonen, waarvan den eenen bij hem te Balkom is woonende en de andere te Sint Oedenrode.

Inventaris 199 1809 folio 199 Attestatie voor Maria Jan de Muis huisvrouw van Goord Joost van de Ven van competente ouderdom en wonende alhier en Piet Lenards mede van competente ouderdom en alhier woonachtig. Dewelke verklaarde dat bij den 2e van de sprokkelmaand is gekomen Jan Johannis van Lieshout. Dat hij van Lieshout in huis komende dadelijk tegen haar is gaan kijven en een leven te maken, waarop haar man Goord J. van de Ven is binnen gekomen en hem kijvende vondt zeide: "waarom maakt gij zoo een leven? spreekt makandere met rede". Op welk gezegde gemelde van Lieshout opsprong en haar man Goord J. van de Ven met zijn vuist op het hart stiet, dat hij flauw op den grond nederviel. Dat daarop den tweeden comparant hunnen knegt gemelde van Lieshout tegen hield en verder het slaan belette, waarop gemelde van Lieshout andermael haar man aangreep en hem buiten de deur trok, dat de knopen van zijne borstrok sprongen.

Inventaris 199 1809 folio 203 Attestatie voor Cornelis van der Heijden inwoonde alhier van competente ouderdom en staande ter goede naam en faam. Dewelke heeft verklaard zich te begeven naar Berlicum ten einde den personen wiens voornaam hij vemeent Gerrit te zijn, doch zeker zijn van Maas is, die hij in voornoemde attestatie als vermeende bij hem ingebroken te zijn geweest te gaan bezichtigen etc.

Inventaris 199 1809 folio 207 Attestatie voor Allegonda van Heume van competente ouderdom en woonende alhier. Dewelke verklaarde dat omtrent vijf weken geleden ontstolen zijn zes schellingen en een hembd etc. Verder nog genoemd Willemijna Adriaan van den Brand.

Inventaris 199 1809 folio 211 Acte van Repetitie door de Heer Pieter Joan Bangemans te kennen gevende dat op 25e dezes maand te zijnen huize op den Hulst onder Sint Oedenrode is komen te overlijden zijne moeder Catarina Constantina Huijgens, weduwe van wijlen Willem Vincent Bangeman. En verklaarde hij zich niet als erfgenaam van zijne moeder te stellen noch zich als zoodanig te zullen gedragen

Inventaris 199 1809 folio 215 Lauwerens van Duijnhoven en Theodorus van Duuren beide woonende alhier van competente ouderdom en staande ter goede naam en faam. Dewelke verklaarde, en wel dat den eerst genoemde comparant op een zondag zonder den datum onthouden te hebben bij hem aan huis gekomen is Willem Verdussen dewelke in substantie tegen hem zeide, dat hij met hem comparant noch een eike te schellen had

Inventaris 199 1809 folio 219 Acte van arrest door J. Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen.

Inventaris 199 1809 folio 227 Acte van arrest door Daniel van Lith deurwaarder wonende te Zon. Dewelke verklaarde alhier te nemen en in arrest te stellen in handen van de hoge overheid den vaste en onroerende goederen gelegen binnen Sint Oedenrode. Verder genoemde personen: Hendrik Cornelis van Aarle. Arnoldus van Bree. Lambert J. Versantvoort. Jan van de Ven.

Inventaris 199 1809 folio 231 Acte van arrest door J. Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen. Aart Gerard van der Heijden

Inventaris 199 1809 folio 239 Acte van arrest door Jan Marijnen geregtsbode alhier uit kragte en autorisatie van Pieter Johannis van de Laar meede alhier woonachtig. Ook genoemd de heere Francois Charles Baron van Sternefels kapitein in dienst van zijne majesteit van Pruisen. Ook in deze acte de Jonker de Jeger hoeve.

Inventaris 199 1809 folio 247 Attestatie voor Jan Matijs Kluijtmans, Hendrik van den Boom, Jan Willem Brox, Frederik van Hombergh, Antonij Ferdinant van de Ven en Cornelis van den Oever alle inwonende alhier van competente ouderdom staande ter goede naam en faam. De eerstgenoemde komparant verklaart dat hij op zondag den 5e deeze des savonds circa negen uren ten huise van Hendrik van den Boom zijnde om een pintje bier te drinken, dat daarop te dier tijd in huis gekoomen is A. B. Zijnen bij zich hebbende Jan Mulder en Willem Wins. Dat hij comparant uit de kamer gaande om naar huis te gaan voor de buite deur werd tegen gehouden door gemelde bediende Jan Mulder trekkende een deegen uit de steek, dat daarop hij comparant weder terug sprong en in de kamer zijde daar staat iemand aan de deur en trekt een deegen en mogelijk wil hij mij of een ander doodsteken etc. Verder vermelding van Piet Kluijtmans

Inventaris 199 1809 folio 253 Borgtogt door Jan de Jong voor erve Rut Janse van der Heijden

Inventaris 199 1809 folio 257 Attest van goed gedrag voor Johan Hendrik van Noort gezwore klerk ter deezen secretarije en gequalificeerde tot de directie over de invordering der belasting op het recht van succesie, hij in alle opzigte is van een deugdzaam en onbesproken gedrag en zijnen ambten in alle deelen als een braaf en eerlijk onderdaan uitoeffend.

Inventaris 199 1809 folio 261 Acte van inspectie voor scheepen wegens een inbraak bij de weduwe Jan van den Heuvel

Inventaris 199 1809 folio 265 Verklaaring van de weduwe Jan van den Heuvel ter zake van inbraak. Dat bij haar den nacht van den negen en twintig deezes, de kelder raam en een patij steenen uit de muur van haare woonhuijzinge zijn uitgebroken, dat haar comparantens dienstmeijd smorgens in de kelder komende ontdekte dat de twee varkens welke kort te voore geslagt en in het sout in de kelder lagen gestolen waren, zonder echter te weten wie den dader of daders daarvan geweest waaren.

Inventaris 199 1810 folio 269 +271 Inge Spierings verklaart dat in de nacht tussen 25 en 26 van bloeimaand 1810 is ingebroken. Dat hij morgens om half drie uren wakker wordende de deuren van zijnen woning open vondt, en opstaande ontwaarde dat hem in die nacht ontstolen was: het grootste gedeelte zijnen en zijne huijsgezinte kleederen, voorts een goud kruis en knop, een boek met zilveren slot, veel koper en tin. Verklarende mede geenen de minste bedachtheid te hebben.

Inventaris 199 1810 folio 277 Hendrik Nicolaas Vervoort woonende alhier, verklaarde niet in staat te zijn bij acte van huurcedulle aan Gerard de Jong te voldoen.

Inventaris 199 1810 folio 281 Attest van goed gedrag voor Pero Verbruggen molenaar op den Wolfswinkelse molen gelegen binnen deze vrijheid Sint Oedenrode en zedert jaaren aldaar woonachtig.

Inventaris 199 1810 folio 285 Attestatie door Peter Verhoijsen molenaarsknegt bij den molenaar Pero Verbruggen wonende op den Wolfswinkelse molen binnen Sint Oedenrode. Francis van der Vranden molenmeester woonende te Zon. Hendrik van den Eijnde lakenvolder op gemelde molen. Francis van de Kerkhof lakenvoldersknegt aldaar. Jan Hendrik de Rooij boerenknegt en alzoo in huur bij den molenaar Pero Verbruggen. Willem Verschuijten boer, woonende alhier. Carolus Verwimp kleermakersknegt wonende te Breugel. Johannis Amot kleermakersknegt woonende te Breugel. Alle in competente ouderdom, dewelke ter requisitie van Pero Verbruggen molenaar op den water koornmolen te Wolfswinkel binnen Sint Oedenrode en woonende aldaar, verklaarden dat zij allen op den 21 december 1810 en wel des nadenmiddags omtrent zes en zeven uure in en omtrent den molen en molenhuizingen aldaar zijn werkzaam geweest. En aldaar zijn gekomen Jan Mulder dat hij na boven in den molen is gegaan en daar gevraagd heeft na het impostbiljet etc.

Inventaris 199 1810 folio 297 Acte van genoegdoening van straf door Johannes Jacobus Huijbers en zijne huisvrouw Hendrien Adriaan Heesakkers beide wonende alhier, dewelke verklaarde dat in de sprokkelmaand 1810 aan huijs gekomen is Johannes Jacobus van Boxtel meede wonende alhier en hem comparant kwam spreeken over het verruijlen van een kaar en daarover eenig verschil is ontstaan etc.

Inventaris 199 1810 folio 301 Johannes Heesakkers en Wouter van den Heuvel verklaare ten volle voldaan te zijn wegens de geleede schaade aan hun veroorzaakt door een husjar en een Eliet op den 26e deese. Dat zij comparante in allen deele genoegen nemen met de straffe welke aan gemelde husjaer en Eliet door den Heere Collonel zal worde opgelegd.

Inventaris 199 1810 folio 305 Attest voor Johannes Heesakkers en Wouter Piet van den Heuvel beide wonende alhier verklaarde dat bij den eerste comparant de klokken een uur gekomen is een hussaar bij hem geinkwartierd en vervolgens een zoo hij verneemt van het corps velites? Welke zijn paard aan de raam vast bond en in huis kwam, Dat daarop de eerstgenoemde hussaar zeide haale genever het welk hij komparant deede dat hij gemelde hussaar den genever uitgedronken hebbende en vervolgens hem komparant op de borst stiet. Dat hij komparant daarop zeide "gij moet mij niet stoten, ik en meenden dat wij goede cameraden waren, dat daarop de de gemelde Veliet tegen hem komparant zeide wat zoudt gij zeggen dat mijn cameraden een spitsboef was, en hem komparant dadelijk tegen den grond smeed en met den haren buiten de deur trok en hij komparant voortvlugtte. En verklaarde hij tweede komparant dat even naar het voorschreven voorgevallen bij hem gekomen zijn de hier voor vermelde hussaar en aan hem vraagde, waar is de spitsboef? waarop hij komparant zeide: dat weet ik niet, dat daarop de eerstgemelde hussaar de sabel trok en hem komparant een houw op de regte hand toebragt, dat daarop de ... Veliet ins gelijk de sabel trok en hem komparant een steek op de linkerborst gaf, dat daarop hij komparant met zijn zuster tot voorkoming van verder ongelukken toesprongen en gemelde hussar de sabel ontweldigtde, waarop de husaren zonder sabel zijn heengegaan.

Inventaris 199 1810 folio 309 Hendrik Jacobus van Veghel. Johannis Jacobus van Veghel en Hendrik Piet van den Heuvel als een huwelijk gehad hebbende Hendrina Jacobus van Veghel als vader en voogd over zijne minderjarige kinderen. Johannes Gerit Vervoort als in huwelijk met Johanna Jacoba van Veghel en laastelijk Willemina Jacobus van Veghel, alle zoo te Veghel als Lieshout woonachtig. Zij hebben een minnelijke schikking aangegaan met Louwrens van de Rijt.

Inventaris 199 1810 folio 317 Acte van consent om te trouwen door Adriaan van de Laar woonende alhier, te kennen gevende dat zijnen zoon Cornelis Adriaan van de Laar voornemende is zich binnen den dorpe Boxtel in den huwelijk staat te begeven met Maria Gijsbers van Oers.

Inventaris 199 1810 folio 321 Acte van consent om te trouwen. Catarina Olijslagers weduwe wijlen Hendrikus van der Dussen wonende alhier, te kennen gevende dat haar zoon Dielis van der Dussen voornemens is zich binnen Antwerpen in den huwelijkse staat te begeven met Maria Elisabet Bruls.

Inventaris 199 1810 folio 325 Willemijn Joost van der Heijden weduwe Adriaan van Dinter. Hendriena Jansse van der Heijden weduwe Jacobus Hurkmans. Gerard van Oorschot als in huwelijk met Maria Jansse van der Heijden. Jan, Antonij, Adriaan, Martinus Jansse van der Heijden. Johannis, Adriaan, Peter en Peternel Hendrik Vorstenbosch. Gerit van den Heuvel als in huwelijk met Johanna Hendrik Vorsenbosch. Johannis Will van Bakel als in huwelijk met Anna Hendrik Vorstenbosch, alle zo alhier als te Gestel woonachtig. Jan Janse van der Heijden en Dirk Dielis de Konings als voogden over de minderjarige Barbera Hendrik Vorstenbosch. Dewelke verklaarde ontvangen te hebben de opbrengst van de publieke verkoop van de vaste goederen nagelaten bij Rut Janse van der Heijden.

Oud Rechterlijk Archief Sint Oedenrode Inventaris 198 Periode 7 februari 1807 - 28 Juni 1808

Inventaris 198 jaar Bijlage: 25 februari 1808 Compareerde voor mij Carel Storm van 's Gravensande notaris binnen Den Bosch voor Vrouw Maria Keuchenius weduwe den heere Johannis van den Burch woonende alhier. De welke verklaarde te constitueeren de toonder der grosse of kopij dezes, om te compareeren voor schepene van Sint Oedenrode en aldaar ten kosten van den heer Francois Martinus Daumerie in naame van de vrouwe comparante als houderesse van een obligatie groot duizend guldens door voornoemde heer en vrouwe Elisabeth Gualtherie echte lieden en den heer Johan de Cassemajor erf griffier te Sint Oedenrode, ten behoeve van de vrouwe comparante af te zien van zodanig reëel recht op zodanige vaste goederen als nu onlangs en wel in deze maand februarij uit den boedel en nalatenschap van wijlen Willem Jan Gualtherie zijn verkocht.

Bijlage: 6 augustus 1808 Christiaan Coppens en Johannes Josephus van Osch, maken kennlijk dat voor ons verschenen is de heer Carel Storm van 's Gravensande notaris, als last en procuratie hebbende van juffrouw Petronella van den Heuvel volgens acte van den vijfden december 1700 agt en negentig, voor den notaris Josephus Henricus Coppenrath en getuigen te Munster. Van een obligatie groot in capitaal drie duizend guldens, gelooft door den heeren Antonie van Hanswijk en Willem Pieter van Hanswijk. Details: huis en erve gelegen in de Den Bosch Hintermerstraat C 85, een zijde de heer Bonebacker de ander zijde de heer Onsenoort, strekkende voor van de straat achterwaarts tot aan de Dieze. Een koetshuis en stallinge in de Nieuwstraat C 60 en 61, aan een zijde de Dieze, aan de andere zijde van Zuijlen, strekkende voor van de straat agterwaards tot op erve van Brands gasthuijs. Welke huizinge, koetshuis en stallinge competerende de gezamelijke erfgenamen van wijlen vrouwe Johanna Maria Catharina Klijssel, weduwe Johan van Hanswijk. Verkocht aan Daniel Antonius Lightenvelt koopman.

Inventaris 198 1807 folio 1 Verklaaring van Nicolaas van Erp oud omtrent 48 jaren, Johannis van Erp oud omtrent 71 jaren beide wonende te Liempde, Hendrik An. der Kinderen oud omtrent negen en dertig jaren woonende alhier, dewelke ter instantie en ter requisitie van Willem Gualtherie, Johannis van Weert, Johannis Korsten, Peeter van de Meerakker, A. van de Meerakkers, Adriaan An. Raaijmakers, Antonij Sanders, Jan Jente, Johannes Will. van der Hagen, Jan van Heeswijk, Martinus Jan Huijbers, de weduwe Johannis der Kinderen, Willem van Eerd, Peeter van Dincten, Jan L. van der Heijden en Adriaan van de Ven alle woonende alhier. Kwestie over het schutten van beesten. Verder nog genoemd Dirk Kuijpers woonende binnen Sint Oedenrode in de Sort. Gijsbert van Oorschot.

Inventaris 198 1807 folio 6 Verklaaring van Mariane van Weert weduwe Willem Stevens woonende alhier, ter requisitie van Willem Jan Gualtherie, Johannis van Weert, Peeter van de Meerakker, Aard van de Meerakker, Adriaan van de Meerakker, Antonie Sanders, Johannis Willem van der Hagen en Jan Jente, Jan van Heeswijk, Martinus Jan Huijberts, de weduwe Johannis der Kinderen, Willem van Eerd, Peeter van Dincten, Jan L. van der Heijden en Adriaan van de Ven, alle wonende alhier. Kwestie over her ruimen van hout en de breedte van een pad liggende voor haar huizing op den pad na de Roomsche Kerk lopende, en welk pad zij sustineerende haar erve te zijn.

Inventaris 198 1807 folio 10 Verklaaring van Johannis Korsten, Matteus Rijkers en Gijsbert And. Raaijmakers alle woonende alhier van competente ouderdom ter requisitie van Willem Jan Gualtherie, Johannis van Weert, Peeter van de Meerakker, Aard van de Meerakker, Adriaan Raaijmakers, Antonij Sanders, Johannis Willem van der Hagen, Jan Jente, Jan van Heeswijk, Martinus Jan Huijbers, de weduwe Johannis der Kinderen, Willem van Eerd, Piet van Dincten, Jan L. van der Heijden en Adriaan W. van de Ven, alle woonende alhier. Zij allen hebben verklaard dat en wel den eerste in ordine genoemde comparant heeft vergroot zijne stallinge bij zijne huizingen staande binnen Sint Oedenrode onder den Heertgang Bosch en Varrenhout, en ten dien einde eenige voeten op zijn erf was uitgesprongen.

Inventaris 198 1807 folio 18 Verklaaring van Gijsbert W. van Heeswijk, Jan Jente, Dirk Gerard van Houtum, Adriaen P. van de Meerakker en Gerard Christ van der Heijden alle inwoonderen alhier, dewelke ter instantie en requisitie van Willem Jan Gualtherie, Johannis van Weert, Johannes Korsten, Peeter van de Meerakker, Adriaan Raaijmakers, Antonie Sanders, Johannis Will. van der Hagen, Jan van Heeswijk, Martinus Jan Huijbers, de weduwe Johannis der Kinderen, Willem van Eerd, Piet van Dinckten, Jan L. van der Heijden en Adriaen van de Ven. Betreffende het afbreeken van de Bobbenagelse brug en het hout gedeeltelijk in de Dommel laten drijven, niet tegenstaande dezelve brug aldaer van over menschen geheugenisse heeft gelegen. De schout civiel heeft de brug doen afbreken omdat eenige particuliere wilde vervoeren eenige aaken met haud, welke door die brug niet passeere konde. Ingezetenen moeten nu een omweg maken van anderhalf uur.

Inventaris 198 1807 folio 29 Procutarie van de heer Carel Leonard Stephanus Bose en vrouwe Alida Johanna Wilhelmina Gualtherie echtelieden woonende te Valkenswaard. Te kennen gevende dat der zelver schoonvader en vader de heer Willem Jan Gualtherie woonende alhier zig in eene zorgelijke staat bevind en uit hoovde van deszelve hogen ouderdom zeer waarschijndelijk van deese wereld zal komen te schijden. Zij machtigen Gerard de Jong woonende alhier om hun zaken waar te nemen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 33 Inventaris van Maria Michiel Appeldoorn weduwe Adriaan van Rooij en hun kinderen Willemijna, Maria, Barbara, Johanna en Willem. Zij huwt Goort Lamberts van den Dungen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 42 Inventaris van Regina Fursch weduwe Jacobus Babilion en hun kinderen Helena en Jacobus Antoinus. Zij huwt met Bartel van den Brand.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 45 Acte van Consent van Gerard Overkamp voor zijn zoon Hendrik om te huwelijken in Den Haag met Adriana Moolenberg.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 46 Acte van Cautie van de heer meester G. de Jong om een huis te mogen afbreken, staande te Vressel nummer 126 en 122. Hem comparant op heede van de erve van de weduwe Gerard van Luinen bij transport alhier aangekomen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 48 Acte van Cautie van de heer J. H. A. von Schmidt auf Altenstad woonende alhier. Voornemens zijnde om deszelve huizinge stallinge en verder getimmerte staande binnen Sint Oedenrode onder den Heertgang Olland en Hotum nummer 92 af te mogen afbreeken. Hem comparant aangekomen bij transport van Jan Johannis van Schijndel.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 50 Inventaris van Gosiunus Hermanus Nouhuijs en Gerrit Hendrik Dolleman in qualiteit als excuteur van den boedel van Willem Jan Gualtherie. O.a. de onverdeelde helft in de heerlijkheid Rixtel met de daarbij aangelege huize, molen, landerijen, zo en gelijk deselve bij den testateur in gemeenschap met zijne broeder de heer M. J. Gualtherie zijn bezeten. Item de hoef genaamt de Klijne Laar. Item een hoef onder Olland en Houtum ter plaatse Rijzinge. Item een woonhuijs gelegen alhier onder de oude vrijheid aan de straat met daar achter gelegen tuijnen en landerijen. Item een klijn huis daar neevens met deszelvs hoff. Item een huis en erve gelegen alhier op de Koevering. Item een huis en landerijen gelegen alhier onder Olland en Houtum. Item de erflijkheid of secretarije van Sin Oedenrode mitsgaaders van het stokhouders ambt en van de Griffie van de Laatbank alhier. O.a. een wettige obligatie ten lasten van Thomas Slits c.s. te Beek en Donk groot een duizend gulde ten interesse á vijf gulden procento dato 3e december 1789. In de inventaris o.a. een hoed het goud galon, een zwart verslete broek, een zilvere cachet in een zwart doosje, zijnde het wapen van den overleedene, een dito zonder doosje met een onbekend wapen. Verder vermelding van obligatie, schulden etc.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 67 Verklaaring van Jacobus van der Hagen woonende alhier, zijnde van competente ouderdom en staande ter goede naam en faam, dewelke ter instantie van Aart Gerard van der Heijden heeft verklaard, dat op 20 mei 1806 aan zijn comparante huis des voorden middag hij bezig was koffij te drinken, te zamen zijn geweest den requirant met en benevens Pieter van de Laar thans meede woonende alhier. Met elkander verschillende gesprekken hebben gehad over het verlaten van de hoeve bij denzelve Piet van de Laar gekogt en toen nog bewoond door den requirant.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 70 Borgtogt voor den heere Pieter Francois Bernard Wierts door de heer en meester Gerard de Jong om te moeren.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 72 Verklaaring van Hermanis van de Ven ter requisitie van Johannis Van Weert, Johannis Korsten, Peeter van de Meerakker, Aart van de Meerakker, Adriaan Raaijmakers, Antonij Sanders, Johannis Willem van der Hagen, Jan van Heeswijk, Martinus Jan Huijbers, de weduwe Johannis der Kinderen, Willem van Eerd, Piet van Dinther, Jan Lambert van der Heijden en Adriaan van de Ven. Verklaren dat de schout civiel in de maand october 1805 een brug leggende over de rivier de Dommel genaamt de Bobenagelse Brug, en het hout daarvan gedeelte in de rivier heeft doen werpen en laten wegdrijven, niet tegenstaande dezelve brug aldaar van over menschen geheug heeft gelegen. Dat door het afbreeken van die brug, veele ingezetene van hunne landerijen zijn afgesneeden. Etc.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 75 Acte van cautie voor Jan Cornelis van de Laar wonende alhier, te kennen gevende, dat bij transport van Hendrik Bolsius hij eigenaar geworden is van een huijsplaats en van eenige parceelen gelegen binnen Sint Oedenrode onder Bosch en Varenhout genaamt Vreeburg afgebroken zijnde.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 77 Attestatie van goed gedrag van H. F. de la Bruijere oud 75 jaar. Hij heeft drie jaar de fransche taal onderwezen in de gemeente.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 78 Attestatie van goed gedrag van Maria Augustina Lemmens, dat dezelve alhier zedert eenige jaren het naaij en breij en als mede de fransche taal heeft onderwezen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 79 Borgtogt van Pieter Francois Bernart Wierts door meester Gerard de Jong, betrefende den impost op den turf.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 81 Verklaaring van Peeter Jan Sijmons en Peter Janse van Erp, beijde wonende alhier. Dat de ingezeetene van Bosch en Varenhout, Nijnsel en Vressel, seedert onheuglijke tijden het regt hebben om in den Zonsche Heijde te torven. Dat zij ook altoos vrij en onbelemmerd op den wal lopende van den schoorsteen van de weduwe Sijmon van der Velde tot aan den schoorsteen van Lambert van de Ven hebben geturfd.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 83 Verklaring betreft arresteere van een kar en paard. Johannes van Houtum, Martinus Peter van Erp en Lambert Adriaan Hurks, dat zij hebben gezien dat de schout van Zon de kar en paard van Theodorus van den Hurk na Zon heeft gevoerd.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 85 Acte van cautie voor Jan Leendert der Kinderen, te kennen gevende voornemens te zijn om deszelve huijzinge, stallinge en verder getimmerte staande binnen Sint Oedenrode onder Bosch en Varrenhout nummer 69 te mogen afbreken.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 87 Verklaaring van Peeter Jan Sijmons en Peter Janse van Erp, dat hun comparanten zeer wel bekend is dat sij seedert onheuglijke tijden het regt hebben om in den Zonsche Heijde te torven. Dat sij betalen het zogenaamd schupgeld zijnde meestal twee stuijvers aan de burgemeester van Zon, dat zij ook altoos vrij en onbelemmerd op den wal lopende van den schoorsteen van de weduwe Sijmon van der Velde tot aan den schoorsteen van Lambert van de Ven hebben geturfd.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 89 Verklaaring van Marten Peeter van Erp, Lambert Adriaan Hurks en. Ter requistie van het gemeente bestuur van Sint Oedenrode, betreft het turve in de Zonse Heijde.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 91 Commisie na de Quartiers vergadering voor Antonij van de Rijt en Johannes Kerkhof om hun te begeven na Helmond.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 93 Acte van schouwen van het dode lichaam van Hendrik Aarts, hangende met zijn hals in een eijke wis, tegen een wal en een bussele alhier te Vressel. Hij heeft zich verhangen. Hendrik Aarts was knegt bij Hendrikus der Kinderen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 95 Attestatie tot het obtineere van Port d' Armes voor Hend. Verhagen.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 96 Attestatie tot het obtineere van Port d' Armes voor J. H. A. von Schmidt auf Altenstad.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 97 Attestatie tot het obtineere van Port d' Armes voor Pieter Francois Bernard Wierts.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 98 Attestatie tot het obtineere van Port d' Armes voor Michiel Wierts.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 99 Verklaaring van Jan van Hirtum, Gijsbert van Hirtum, J. H. A. von Schmidt auf Altenstad. Dat J. H. A.von Schmidt auf Altenstad zig bevonden heeft ten huijze en herberge van Jan de Poorter alhier, dat de personen Verhoekx genaamd en van Driel zo beschonken zijnde en scheldende waren, en dat niemand zou kunnen beweeren dat er nog een geus een ordentelijke man was. En dat prins Willem den vijfde in de hel lag te branden.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 102 Certificaat tot het obtineere van Port d' Armes voor den heere meester Gerard de Jong.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 103 Certificaat tot het obtineere van Port d' Armes voor J. de Jong.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 104 Certificaat tot het obtineere van Port d' Armes voor J. H. A. von Schmidt auf Altenstadt junior.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 105 Certificaat tot het obtineere van Port d' Armes voor J. H. van Noort.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 106 Certificaat tot het obtineere van Port d' Armes voor Lamb. Rovers.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 107 Verklaaring van Peter Jan Sijmons, Luijcas Latijnhouwers, Willem van de Laar, Peeter J, van Erp, Dirk van Oorschot, Jan Adr. van Hurkx, Martinus Peeter van Erp en Lambert Adr. Hurkx, ter requisitie van het gemeente bestuur van Sint Oedenrode omtrent het turven in de Sonse Heijde en het arresteere van de het paard en kar van Theodorus van den Hurk.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 110 Verklaaring van Wilhelmus Corstiaan van Rooij, knegt van Theodorus van den Hurk ter requisitie van het gemeente bestuur van Sint Oedenrode omtrent het arresteere van kar en paard door den schout van Zon.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 113 Verklaaring van Joost van Geffen, Willem de Laat en Aart de Waal alle wonende in Boemelreweert, ter requisitie van de schout civiel betreffende een gestole een donker bruijn merry paard. Dat voornoemde personen gekomen zijn op de markt gehouden den 6e october te Sint Oedenrode en aldaar zijn gestolen paard gevonden heeft, twelk te koop gebragt wierd door zekere persoon zig noemende Willem van Exhout woonende te Uden.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 116 Verklaaring van Hendrik Zeeger van Aarle, inwoonder alhier van competente ouderdom. Dat hij vier of vijf jaren geleden met zijn kar en paard van Sint Oedenrode was gereden na Uden, dat hij op den dijk na Uden heeft ontmoet Willem van Exhout welke bij hem had een paard en kar welk paard hij terstond te koop aanbood en door Hendrik Zeger van Aarle werd gekocht. Dat hij comparant met dat paard in Veghel komende en wel aan het huis van Jan Oppers om aldaar een glas bier te drinken hetzelve paard aanstonds door Jan Oppers geeijgend wierd, zeggende dat het zijn paard was, het welk hem uit zijn eigen wei ontvreemd was.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 118 Acte van affectie door de Here Gerard Hendrik Dolleman, secretaris van Zon en Breugel en Gosiuwinus Hermanus van Nouhuijs in qualiteit als executeur in den boedel van den heer Willem Jan Gualtherie. Genoemde personen: zijn dogter Alida Johanna Wilhelmina gehuwd met Carel Leonard Stephan van Bose.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 121 Deling tussen de kinderen van Joost Goort van Dinter wonende te Veghel. Hendrik van Engeland gehuwd met Jenneke Goort van Dinter. Goederen van hun vader Goort van Dinter. O.a. aan Hendrik van Engeland een huis, hof en aangelag gelegen onder Bosch en Varenhout, aan een zijde en beijde eijndens de kinderen Jan van Baar, de andere zijde de weduwe J. van de Meerakker.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 124 Certificaat voor Pero Verbruggen molenaar op den koorn, olie en volmolen staande op de rivier de Dommel genaant Wolfswinkelse molen, dienende voor de verpondinge.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 125 Compareerde de heer Hendrik Verhagen med. doctor en Piet Johannes van de Laar dewelke verklaarde hun zelve te stellen tot borgen en schuldenaren voor en ten behoeve van het gemeente bestuur van Sint Oedenrode voor alle zodanige verschulde procedures gelden als in zake der hangende proceduure tussen den tweede genoemde comparant en Aert Ger. van der Heijden.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 127 Ter requisitie van Johanna Dielis van Hoorn weduwe wijlen Gerardus van Hoorn, eigenares en gebruikster van den wind koornmolen staande binnen Sint Oedenrode aan den heertgang Eerd en Everse.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 128 Ter requisitie van Antonius Verhagen weduwe wijlen Nicolaas Kock eigenares en gebruijkster van een water koorn en olijmolen staande op de rivier de Dommel binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 129 Acte over het limietrecht van den kasteele de Bocht nu Dommelrode. Tusschen Nicolaes Teulings en Rijnier van den Boom als opper provisoren van de arme goederen en Gerard de Jong eigenaar van kasteel de Bocht.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 131 Inventaris: Johannis Boudewijns weduwnaar van Willemijna Dirk de Leest. Jan Rijkers en Anthonij Verhagen beide woonende te Veghel in qualiteit als bij testamente van Dirk de Leest voor den Notaris Jan Willem van Nouhuijs en getuigen op den 24e september 1807 binnen Sint Oedenrode gepasseerd aangestelde voogden over het minderjarig kind van Johannis Boudewijns in echte verwekt bij zijnen voorschreven overleden huisvrouw, en wel van zodanige goederen meubelen en inboedel als door gemelde Dirk Rut de Leest aan zijn minderjarige klein dogter met name Jennemie. Eerstelijk een huis en hof in Veghel ter plaatse Sontveld, aan een zijde Gerrit Vervoort, dander zijde Nicolaas Rut de Leest, deen eijnde de gemeente dander eijnde Johannis Dirk de Wit. Item een huis, hof gelegen binnen Sint Oedenrode onder den Heertgang Eerd en Everse ter plaatse genaamt Crijtenburg gelegen is, aan een zijde Antonij J. Verhagen, d' ander zijde Jan Sleurs, d'een eijnde Kuijpers, dander eijnde de gemeente van Veghel.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 142 Ter requisitie van Johan Hendrik van Noort. Hij wil zig zelve stellen tot borge voor Jennemie Johannis Boudewijns en Jan Rijkers. Laastgenoemde hebben een schuld wegens succesie van de nalatenschap van Dirk Rut de Leest overleeden te Sint Oedenrode.

Inventaris 198 jaar 1807 folio 144 Deling tussen Johannis van Erp, Jasper de Rooij als in huwelijk met Clara van Erp. Johannis de Poorter als in huwelijk met Anna Maria van Erp en Godefridus Koppens als in huwelijk met Johanna van Erp, alle zoo alhier als tot Best onder Oorschot woonachtig. De goederen zijn aangekomen van hun ouders. O.a aan Jasper de Rooij een huis en hof gelegen alhier onder de Oude Vrijheid aan het Marktveld, aan een zijde Jan de Rooij, de andere zijde H. Verhagen. O.a. cijns aan het boek van Helmond. Aan Johannis van Erp o.a. een huis en hof gelegen te Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid aan het Marktveld aan een zijde Jan de Rooij de andere zijde de Pastorij huizinge. O.a. cijns aan het boek van Helmond.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 155 Erfdeeling tussen Jacobus van Boxtel. Francis van Boxtel, Dirk Lammers gehuwd met Jennmie van Boxtel woonende alhier. Goederen aangekomen van hun broer Rogier van Boxtel. O.a. aan Dik Lammers de helft in een huizinge en hof geleegen onder Olland en Houthum nummer 94. Aan Jacobus van Boxtel de helfte in een huijzinge, stalling, schaapskooij en schuur geleegen te Sint Oedenrode onder Olland en Houtum nummer 95.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 162 Verzoek om getuigschrift door Jacobus van der Poll, circa 41 jaar, dat hij zeedert 17 jaaren als sub stitut schoolmeester onder den gehuchte Olland binnen Sint Oedenrode heeft waargenomen. Dat hij verzoeker geduurende dien tijd voor zijne aanhoudende werkzaamheeden een aller soberts bestaan als zijnde hem alleen een somme van zeventig gulden jaarlijkx toegekend genoten heeft. Dat hij verzoeker niet tegenstaande dien post met zoo veel zorg en ijver en tevreedenheid tot genoegen van alle de ingezeetenen heeft waargenomen, en wel zoo dat hij in allen opzigte verdiend uit dat onvoldoende bestaan in een beeter over te gaan etc.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 164 Verklaaring door Stephanus Perquin, oud 42 jaaren wonende te Sint Oedenrode. Vermelding van de gaarder van Sint Oedenrode A. B. Zijnen. Over het aangeven van vee.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 168 Verklaring over het aangeven van o.a. varkens door verschillende inwoners van Sint Oedenrode o.a. 1 Dirk Versantvoort, 60 jaar . 2 Hend. A. Klerck, 29 jaer. 3 Peete Stevens, 52 jaar. 4 Lam. Olijslagers, 62 jaar. 5 Ant. van de Rijt, 52 jaar. 6 Johannis der Kinderen, 45 jaar. 7 Jan van der Heijden, 55 jaar. 8 Willem Verdussen, 27 jaar. 9 Dirk Kluijtmans, 64 jaar. 10 Hend, A. der Kinderen, 39 jaar. 11 Cor, van der Rijt, 38 jaar. 12 Corn. Verhagen, 30 jaar. 13 Hendrik J. van Hirtum, 27 jaar. 14 Jan van Hirtum, 68 jaar. 15 Matt. Rijkers, 44 jaar. 16 Aert van de Meerakker, 29 jaar. 17 Aart der Kinderen, 37jaar. 18 Peeter H. Rovers, 47 jaar, allen woonende te Sint Oedenrode. En hun middelen van bestaan zijn nr. 8 timmerman, nr. 12 verver en glazenmaker, nr. 13 en 14 slagter en vleeshouwers, en de overige allen bouwlieden.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 172 Inventaris: Jan de Rooij weduwnaar van Christina van Lieshout en hun kinderen Leonardus, Martinus, Catarina Willemijn en Petronella. Hij huwt Johanna van Houtum.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 180 Inventaris: Piet van Rooij weduwnaar van Jennemie van de Meerakker en hun kinderen Aart, Johanna, Thomas, Annemie en Hendrina. Hij huwt met Cornelia Jan van Aarle.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 186 Verklaaring door 1 Willem Brox oud 62 jaar, boterkoper. 2 Jan van Homberg oud 26 jaar, logementhouder. 3 Johannes de Poorter oud 47 jaar, timmerman. 4 Willem de Poorter oud 45 jaar, smit. 5 Willem van der Schoot oud 62 jaar, klompmaker. 6 Lambert van Hrtum oud 50 jaar schoenmaker en 7 Martinus van der Heijde oud 52 jaar, bouwman. Zij zijn geweest ten huize van Willem Brox met Nicolaas van Weert en dat daar was Stefanus Perquin . Akte gaat verder over een beest dat verdwenen is en Stefanus is uitgescholden.

Inventaris 198 jaar 1808folio 192 Johanna Elisabet Schweitser en Anna Louwisa Schweitser meerderjaarige onbehuwde woonende alhier, ten deesen geadsisteerd met de heer Johannes Peterus van Maenen. Dewelke verklaarden zich borg te stellen voor eene somme van drie hondert gulden, welke door haare neev A. B. Zijnen Wartel uit handen van de heer Marten Bowier zijn ontvangen

Inventaris 198 jaar 1808 folio 194 Kwestie over een obligatie. Vrouwe Maria Keuchenius weduwe van den heer Johannis van den Burch wonende alhier. Verder genoemde personen: de heere Francois Josephus Marinus d' Aumerie gehuwd met Elisabeth Gualtherie. Johan de Cassemajor. Willem Jan Gualtherie erf griffier en erfsecretaris te Sint Oedenrode

Inventaris 198 jaar 1808 folio 198 Antonia Coppens weduwe Hendrik van Hoorn, te kennen gevende dat haare dogter Johanna H. van Hoorn voornemens is haar binnen Antwerpen in den huwelijkse staat te begeeven met Martinus uit den Willigen.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 199 Bevestiging dat Jan Antonij van Woerkom uitoeffende met zijne drie zoonen met naame Jacobus, Pieter en Matteus het messe fabriek en woonende alhier.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 200 Verklaring over proceskosten: genoemde personen: Aart Gerard van der Heijden. Pieter van de Laar. Jacobus van der Hagen.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 202 Peter van Tienen wonende binnen Sint Oedenrode onder den gehugte Eerde. Hij verkoopt aan Antonij J. Verhagen woonende te Veghel, eene huizinge en hof nummer 51 staande en leggende te Eerde, aan een zijde de pastorij huijzing dander zijde Leendert Nieuwenhuize.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 207 Kwestie over het innen van geld als collecteur van de verpondinge, beede en gemene middelen. Genoemde persoon Willem Jacobus van der Hagen

Inventaris 198 jaar 1808 folio 211 Genoemde personen: Felix de Barleus. Vincent Ferdinand Joseph Richald eigenaar van Pironbeuf departement Lourthe gehuwd met Julie de Barleus. Othon? Delecourt gehuwd met Constance de Barleus wonende te Ghlin. Dewelke als enige erfgenamen van haare vader en schoonvader Andre de Barleus, verklaren ontvangen te hebben uit handen van Gerard de Jong de somma van drie duisend, drie honderd guldens, alles ter voldoening van een obligatie, aan de heer Charles Baron de Bose en vrouwe Johanna Wilhelmina Gualtherie aan de heer Andre de Barleus, en vernieuwd op Felix Barleus. En verklaren sij comparanten alle de voorzijde schuldbekentenissen uit dien hoovde te vernietegen, dood te doen en gemelde heer C. van Bose voor alles te quiteren gelijk zij doende zijn bij dese, als zijnde met de door gemelde Gerard de Jong betaalde gelden allen pretensien van wegens ons comparanten afgedaen en bij betaald.

Inventaris 198 jaar 1808 214 Erfdeling tussen Frederik en Jan van Homberg beide woonende alhier. Godefridus van Homberg wonende Deurne, mitsgaaders de heer Johannes Smits woonende te Mierlo en Arnoldus de Veth? woonende te Helmond de beide laatstgenoemde in qualiteit als voogden over de minderjarige Hendrina van Homberg. Goederen zijn hun aangekomen door het overlijden van hun vader. Aan Frederik van Homberg o.a. eene brouwerij, woonhuijzinge, stal, hof en dries nummer A 57, aan een zijde den kerkpad, dander zijde een straatje, wordende de bomen op den dries staande gereseveerd. Item een huisje met vier woningen en hof nummer A 58, aan een zijde Johan van Erp, dander zijde het voornoemde huis. Aan Jan van Homberg o.a. een huijs, stallinge en hof nummer 111, aan een zijde de heer Hendrik Verhagen, dander zijde Jan van Dijk. Item een huijs, schuur en hof nummer 105, aan een zijde Matt van Kemenade, dandere zijde 't Neulstraat. Item eem huisje en hof nummer 104, aan een zijde 't Neulstraatje. Aan Hendrina van Homberg o.a. een huis, schop, hof en aangelag nummer 14, aan een zijde de gemeente, dander zijde Peeter Kluijtmans c.s.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 227 Attestatie voor Willem Rovers met zijne huijsvrouw Johanna Hendrika Hoppenbrouwers en hunne drie kinderen met name Cornelis, Hendrikus en Adriaan, seedert een en een halv jaar ter deeser woonplaatse woonachtigen, en zijn zoo verre ons bekend is, staande ter goede naam en faam.

Inventaris 198 jaar 1808 228 Erfdeling tussen Johanna Francis Vorstenbosch weduwe van Willem van de Laar togteresse. Rut Janse Kluijtmans gehuwd met Francijna Willem van de Laar. Cornelis Willem van de Laar. Jan Goorts Raaijmakers, zoo voor zich alsmeede in qualiteit als voogd over zijne minderjarige broeders en zusters met namen: Antonij, Mattijs, Maria en Willemijn Goorts Raaijmakers, alle wonende alhier. De goederen zijn hun aangekomen bij transport van Magdalena Mathijs van de Laar in 5 october 1791. Aan Johanna Francis Vorstenbosch weduwe Willem van de Laar o.a. de helft van een huis, hof en aangelag, gelegen onder Olland, aen erve rontom de gemeente. Aan Rut Janse Kluijtmans, Cornelis Will. van de Laar en de kinderen Goort Raaijmakers met name Jan, Antonij, Mattijs, Maria en Willemijn, o.a. de helvt in een huis, schuur, paardestal, hof en aangelag, gelegen te Sint Oedenrode onder Olland en Houtum, aen een zijde Jan van de Westelaake, dander zijde Ad van de Laar.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 240 Deeling tussen Johanna Francis Vorstenbosch weduwe van Willem van de Laar togteresse. Rut Janse Kluijtmans gehuwd met Francijna Willem van de Laar. Cornelis Willem van de Laar. Jan Goorts Raaijmakers, zoo voor zich alsmeede in qualiteit als voogd over zijne minderjarige broeders en zusters met namen: Antonij, Mattijs, Maria en Willemijn Goorts Raaijmakers, alle wonende alhier. Aan Cornelis Will. van de Laar, een huis, schuur, paardestal, hof en aangelag gelegen te Olland en Houtum aan een zijde Jan van de Westelake, dander zijde Adriaen van de Laar.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 249 Johan Hendrik Adolf von Schmidt auf Altenstadt woonende alhier in qualiteit als vader en voogd over zijne vier minderjarige kinderen met name Johan Otto, Johan Hendrik Adolf, Johan Carel Frederik en Johan Bertholomeus Eduart in echte verwekt bij zijne overleedene vrouw Johanna Judith Gualtherie. Hij machtigd Gerard de Jong om gronden te verkopen.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 252 Attestatie Maria Elisabeth Ernest woonende alhier. Dat dezelve is weduwe en erfgenaam van Gerard Overkamp geweesen schoolonderwijzer in den gehuchte de Eerde binnen Sint Oedenrode.

Inventaris 198 jaar 1808 folio 253 Attestatie voor Jan Willem Soes, geboortig van Stalburg doch zedert lange jaren alhier woonachtig en Pieter Soes zijn zoon geboortig alhier dat zij beiden zijn van een onbesproken gedrag

 

Oud Rechterlijk Archief Inventaris 197, 6 december1803 - 19 januari 1807

Bijlage: Staat en inventaris van zodanige goederen, meubilen en inboedel agtergelaten en met de dood ontruijmd bij Willem Raaijmakers, agtergelaten aan Maria Johanna van Rijzinge en haare agt kinderen met name Johannis, Martinus, Petronella, Jacob, Peter, Christiaan, Cornelia en Adriaantje. Zij huwt Hendrik van Deursen.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 1 Koopcontract tussen Petrus van Hombergh als vader en voogd over zijn vier minderjarige kinderen met naame Frederik,( oud omtrent 24 jaren, oudste en reeds gehuwde zoon) Jan, Godefried en Hendriena in echte verwekt bij wijlen zijne huijsvrouw Helena van den Boome. Zij hebben verkocht aan Hendrik Johannes van Genugten ter andere zijde allen wonende alhier, eene erve bestaande in huijzingen, stallinge, schuure, hof, teulland en houtwasch gelegen te Sint Oedenrode onder Nijnsel en Vressel, aan erve met bijde zijde Willem van de Laar, d'een eijnde de rivier de Dommel, dander eijnde de gemeene straat.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 7 Commissie tot verponding der gemeene middelen.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 8 Inventaris door Rut Janse Kluijtmans als voogd over 5 minderjarige kinderen genaamd Jan, Antonij, Maria, Mattijs en Willemijna, kinderen van Maria Willems van de Laer en Goord Janse Raaijmakers. O.a. een derde gedeelte in een huis etc. in Bosch en Varrenhout genaamt de Bus.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 11 Nicolaas Teuling schepen, Thieleman Sprengers en Anthonij Hendrik van de Rijt schepen en Bejamin Ana de Jong subs. secr. hebben ter requisitie van Pieter Johannes van de Laar wonende tot Liempde, die op den zevende november publiecq gekogt heeft, de hoeve lands genaamt Jonker Jegers hoeve, gelegen alhier in Bosch en Varrenhout, bewoner is Aard Gerards van der Heijden, toebehoort hebbende aan de heer Frentz Carel Baron van Sternefels, en namens dien ter voornoemde woonplaatse en tijde verkogt op gisteren den twaalfde december des voordemiddags, geassisteert met den gewone landmeter J. H. Neiszen, en in bijzijn van gemelde Pieter Joh. van de Laar zich begeven op gemelde hoeve lands, ten eijnde geregtelijke opneminge en belijdinge te doen van zodanige groese.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 14 Commissie na de quartiersvergadering.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 16 Inspectie van kasteele of huijzinge Logtenburg. Gekocht door Gerard de Jong wonende alhier, voortgekomen van den Heere Frentz Carel Baron Sternefels. Inspectie gedaan in het bijwezen van Roelof van de Lo meester timmerman en Rijnier van de Boom meester metselaer, het gebouw is in slechte staat. Vermelding van o.a. dat de boven daken, zoo van de groote als daaraan zijnde zijhuizinge vergankelijk en versleten zijn. De loode goot tussen de twee groote daken niet waterdigt zijn. Verscheide openingen of dakvenstertjes zonder vensters en anderen wederom ganselijk verslete sijn bevonden, dat door voormelde defecten de gansche bovenzoldering voor het grootste gedeelte in zoodanige staat is, dat er gansch een nieuwe zoldering benodigd is. Dat in de eerste en tweede verdiepingen, verscheiden defecten doorgaansch aan de raam kosijnen, deuren en deurgebinten sijn, als mede dat die raamen sijn zonder blinden of eenige sluijtinge, ook reparatien aan schoorstenen. Dat op de bovenkamer agter de schoorsteen van de keuken tot voorkomen van verdere nadelen het gansche houte beschot, bedsteden etc. behoren uitgebroken en weggeruijmd te worden. Dat de buijten muuren rontom de groote en zijde huijzinge, zoo door de zware uitzakkingen, scheuringen en versleten fundamenten in die staat zijn dat dezelve tot voorkoming van instorting of geheele overzakking doorgaansch voor een groot gedeelte moeten afgebroke, opgetrokke en vernieuwd worden. Dat in de beneden zijkamer de plankenvloer en ribben vergaan zijn. Dat de vloeren, zoo van de voorhuijzinge, keuken, agter huijzinge en geut in die staat zijn, dat dezelve nieuwe plavuijsen eissen, als mede nieuwe fournuijsen, Dat de behangsel van de beneden voor en agter kamers als vergaan en versleten zijn. Dat het gansche huijs zoo binnen als buijten opnieuw behoord opgeverwt te worden. Dat de getrasseerde kelder onbruikbaar is door het uitkomend water, veroorzaakt door de gesprongen vloer en lekkage in de zijmuuren en trap. Dat de privaten als vallende in de af te breken muuren, moeten veranderd worden. Aan de neerhuijzinge is bevonden o.a. dat de agtermuur voor een groot gedeelte is opgereten en uitgezet. Dat het dak op verscheide plaatsen pannen mankeert. Dat in de voormuur, de staldeuren als los in haare gehengen hangende. Dat ingevolge brandschouw een ashok bij de respectieve huijsinge vereijscht word. Dat de hekkens in de voor als achter dreeve versleten zijnde en moeten worden vernieuwd, gelijk ook het brugje in de agter dreeve als sijnde bijna weggespoeld.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 22 Inventaris door Jan Bastiaan de Poorter als vader en voogd over zijn minderjarig kind met naame Dorothea in echte bedde verwekt bij wijlen zijne huijsvrouw Willemijna van Mulkom. O.a. een derde in een huijzinge met hof staande en gelegen op het Marktveld, binnen Sint Oedenrode. Verder o.a. een kopere coffijpot, een dosijn tinne borden, twee waterpotten, een tinne theeblad, een toonbank met zijn toebehoren, een eetenskastje, twee schilderijen, een dosijn delfse borden, een spiegel,

Inventaris 197 jaar 1804 folio 26 Inventaris: Jan Arnoldus, Tomas en Goord Cornelisse van de Ven. Johannes Willems van Rooij gehuwd met Jennemie Cornelis van de Ven. Jan Willems van de Ven gehuwd met Elisabeth Cornelia van de Ven. Joost Aart van Breugel gehuwd met Maria Cornelis van de Ven, kinderen Martinus en Johanna. Lambert Adriaen Hurkx gehuwd met Ardiena van Breugel. Goederen van hun vader, schoonvader en grootvader Cornelis Janssen van de Ven. Huis, schuur, hof gelegen onder Vressel, aan erve met een sijde de gemeente, dander zijde de kinderen Jan van Nunen, het een eijnde Gerardus van Luinen, dander eijnde Jan Vervoort.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 38 Acte van Admissie als procureur voor deze gerechte op Roelof van Nouhuijs, door het gemeente bestuur en dingbanke deese vrijheid Sint Oedenrode, hoofdplaatse van Peelland.

Inventaris 197 jaar 1803 folio 40 Acte van aanstelling als vorster of gerechtsbode op Jan Marijnen.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 42 Inventaris: Ida, Elisabeth, Johannis en Johanna minderjarige kinderen van Allegonda van Doremalen en Hendrik Willems van Hirtum.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 45 Inventaris gemaakt door Reijnier Verhoeven en Aard Gerard van der Heijden in qualiteit als voogden over de twee minderjarige kinderen Johanna en Jan nagelaten bij wijlen Paulus Vogels. O.a. twee derde gedeeltens onbedeeld in een huis, hof etc. gelegen alhier in de oude vrijheid bij de Roomsche kerk.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 47 Attestatie van goed gedrag voor Franciscus Ignatius Vosch van Avesaet, medicine doctor van 1797 tot 1804 in Sint Oedenrode gewoond.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 48 Attestatie van goed gedrag voor Johannis Willem van Bakel hebbende ongeveer een jaar binnen deese gemeente woonachtig geweest.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 49 Deling tussen Jan Cornelis van de Ven wonende Oerle. Joost van Breugel gehuwd met Maria Cornelis van de Ven en hun kinderen Martinus en Johanna. Lambert Adriaen Hurkx gehuwd met Ardiena van Breugel. Johannis Willem van Rooij gehuwd met Jennemie Cornelis van de Ven. Jan Willems van de Ven gehuwd met Elisabeth Cornelis van de Ven wonende Breugel. Arnoldus Tomas en Goord Cornelis van de Ven. Goederen van hun vader Cornelis van de Ven. Aan Tomas Cornelis van de Ven o.a. eene huizinge met de helvte in een schop gelegen te Sint Oedenrode onder Vressel.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 61 Inventaris: Johannes Peter van den Dungen wedunaar van Jennemie Willem van Boxtel en hun kinderen: Hendrik, Gerardiena, Johanna en Meghelina. Hij huwt met Annemie Hendrik Kluijtmans weduwe van Gerit Verschuijten. O.a. een huisje onder Bosch en Varrenhout, een zijde Machiel van Asten, d' andere zijde en bijde eijnde de gemeente.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 66 Inspectie kastele Dommelrode, gekocht door de eijgenaar Gerard de Jong. Voortgekomen van vrouwe Jayke van Kuffeler weduwe van F. H. van Tiesenhausen. Insepctie door Roelof van de Loo timmerman, Adriaan van Wijk leijendekker en Martinus van de Boom metselaar. Het gebouw is in zeer slechte staat.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 69 Johanna Petrus van de Mosselaar weduwe van Tomas van Heumen, heeft op 15 februarij 1804 gebaart en ter wereld gebracht een dogter, dezelfde dag gedoopt en de naam Geertuijda ontvangen, zij verklaart niet te weten wie de vader is. (Bij de doop wordt het kind ingeschreven als Geertruijda dochter van Jan in het Veld en Johanna van de Mosselaer.)

Inventaris 197 jaar 1804 folio 70+72 Inbraak met geweld bij Johanna Inge Spierings in haar woning zijnde een bakhuis, toebehorende Hendrikus Inge Spierings. Aan haar woning zijn gekomen twee manspersonen, dat eene van die zijnde lang van postuur, hebbende aan een vaalagtige rok en een hooge ronde hoed op het hoofd en hees spreekende.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 73 Verklaring ter requisitie van de schout civiel door Cornelia Jansse van Aarle weduwe Aart Olijslagers. Hendrikus W. Kluijtmans. Goord Cornelis van de Ven en Johannis Jan van den Dungen allen binnen Sint Oedenrode woonagtig en van competente ouderdom. De eerste comparant is wonende als dienstmaagd bij den tweede comparant.Verklaring omtrent een emmer en een grote koeijketel welke zouden gestolen zijn. Den derde comparant verklaart dat hij omtrent de aangehaalde tijd van de vermissing van den emmer ten huijze van de eerste en tweede comparant van de vrouw van Hendrikus Gerit van den Oever wonende alhier onder Vressel gekogt heeft een emmer. De vierde comparant verklaarde dat morgens met de dageraad zig bevonden heeft bij of omtrent de Moerputten onder Vressel om te vissen, dat op die tijd aldaar drie manspersoonen den weg nemende na Breugel, waaronder er eene was die een grote koeijketel op zijn hoofd droeg.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 76 Acte van een inbraak ten huijse van Hendrik Wout. Timmermans op Bersselaar. Er is gestolen 13 a 14 vaten aardappelen.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 77 Verklaring ter requisitie van den schout civiel door Gijsbert van Hirtum en Gijsbert Marijnen bijde alhier woonachtig en van competente ouderdom. Dewelke verklaarde dat sij gesamenlijk sich naar Liempde hebben begeven, om aldaar bij daar wonende Evert van de Laer Rund te gaan kopen. Vervolgens zijn zij gegaan naar de woning van van Vleuten wonende bij of omtrent de Roomsche kerk, vervolgens naer Nicolaas van Hare. Voorts zijn zij gegaan naar de huisinge van Jan van de Laer, en daarna naar Sint Oedenrode zijn gegaan. Dat zij onderweg een bassende hond zijn tegengekomen en die van sijn lijf heeft geweerd zonder slag of stoot toe te brengen. Dat daarop zijn gevolgd twee jonge menschen bij haar onbekend, bijde gekleed in het blauw, de eene op zijn boers en de andere op burgelijke wijze, verder is er toen een gevecht ontstaan etc. Een van de personen die de slachtoffers geholpen heeft, zou gehuwd zijn met een dogter van van Rund.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 80 Verklaring ter requisitie van den schout civiel door scheepenen van het voeren der schouwe. De schouwe gekomen zijn voor de huizinge van Tomas de Rooij wonende alhier in Eerschot dat aldaar geordonneerd wierd de hoogte voor desselfs huijzinge in een laagte daarbij te brengen en elkander te helpen. Dat daarop gemelde Tomas de Roij zeijde, dat het daar altijt goede weg was, en wel zoo dat de paarden uit den slegte weg komende aldaar altoos rusten. Verder is er een woordenwisseling ontstaan.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 82 Deeling tussen Maria Aart van de Nieuwenhuijsen, meerderjarige onbehuwde dogter ten ten deese behoorlijk geassisteerd met Dirk van de Rijt en Hendrikus Johannis van der Vleuten gehuwd met Berbera Aart van de Nieuwenhuijsen, allen wonende alhier. Huis, stal, hof, etc. op d' Everse op Den Coevering. O.a. aan Maria Aart van de Nieuwenhuize de somma van vier hondert guldens. O.a. aan Hendrikus Johannis van der Vleuten een huizinge, stallinge, hof gelegen te Sint Oedenrode in d' Eversse op den Coevering, aan een zijde Andries Kluijtmans verders de gemeente. In de zijmarge staat: Leendert van de Nieuwehuize, Catharina Spierings weduwe wijle Gijsbert van de Nieuwenhujze bijde woonende te Vechel. Hendrik van de Nieuwenhuijze woonende te Erp en Dirk van de Nieuwenhuizen woonende alhier, alle erfgenamen van wijlen Maria Aart van de Nieuwenhuize, dewelke verklaren de somma in deese nevenstaande lote groot vier honderd gulden ten laste van Hendrik van de Vleuten als in huwelijk hebbende Barbara van de Nieuwenhuize daarvan voldaan te zijn 14 november 1805.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 86 Declaratoir van het gemeente bestuur ten verzoeke van en voor Benjamin Anna de Jong.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 87 Commisie voor Jan Steijvers schout civiel en Thieleman Sprengers, om zich te begeven na de quartiers vergadering tegens 9 julij 1804 te Helmond.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 88 Verklaring van Peter Olijslagers en Johan van der Hagen, alhier woonagtig van competente ouderdom, ter requisitie van Aart Gerrit van der Heijden. Verklaring omtrent de Jonker de Jeger Hoeve, gelegen onder Varrenhout.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 90 Acte van surrogatie van Martinus Janse van der Heijden, dewelke exhibeerde zeekere acte van voogdij door Adriana Kerkhof weduwe Andries Raaijmakers voor schepenen van Sint Oedenrode op den zevende april 1790 gepasseert, waarbij gemelde Adriana Kerkhof weduwe Andries Raaijmakers tot voogde te nomineren en aan te stellen den comparant en benevens Gijsbert Jansse Raaijmakers en wel over Berbera, Johanna en Maria in echte verwekt bij hem comparant en deszelvs overledene huijsvrouw Maria Raaijmakers. Ook genoemd als voogd Hendrik Adriaansse Kerkhof wonende alhier.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 92 Luijcas Latijnhouwers als in huwelijk met Jenneke van Erp woonende alhier, 29 december 1787 met de overige erfgenaamen van wijlen deszelvs vrouwe vader en moeder Jan van Erp en Mechel van Hoorn. Verklaring dat in de deling van Peter van Erp abusievelijk was begroot.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 95 Verklaring over de novale clamp onder Vressel, beginnende van het fontijntje en strekkende tot aan de schutsboom van Breugel, gelijk de grote tiend van outs geloope heeft, ter hoogte van de Mosbulten Genoemde personen: Jan van den Else en Gijsbert Hendrik van Oorschot.Willem van Bakel.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 97 Verklaring ter requisitie van den Schout Civiel door Marte Hendrik Kluijtmans woonende alhier, dewelke verklaart dat hij op den twintigste september zig na Vechel begeeven heeft, om aldaar de Marktdag bij te wonen. Dat hij de marktdag bijgewoonde hebbende zig omtrent de klokke vijf uuren zijn terug komst naar Sint Oedenrode aangevangen heeft, hij is toen vergezeld door Piet Dincten, Lambert en Hendrikus Jan Wouter van der Heijden, alle te paard zittende zonder eenige questie te hebben gehad, zijn aangekomen bij Willem Rut Klujtmans wonende op de Koevering, alwaar Piet van Dincten genever en de overige comparanten bier gedronken hebben. Dat zij voorts sig van daar gezamenlijk hebbe begeeven naar haare wooninge te Olland onder Sint Oedenrode, en onderweg pratende over de huur van een dienstmeid, en wel op de hoogte van den camp van Mevrouw Kien, gans onverwachts oneindigheid ontstond en Piet van Dincten, Marte Kluijtmans heeft geslagen met een stok. Later heeft Piet van Dincten vergiffenis gevraagd, dat is hem ook gegeven.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 101 Deeling tussen Frederik Bekkers wonende alhier en Gijsbert Jan Vorstenbosch gehuwd met Johanna Aalbert van Casteren wonende tot Schijndel. Goederen zijn afkomstig van Peter Vrinds. O.a. aan Gijsbert Jansse Vorstenbosch de helvte van een huisinge, schop met een hof, gelegen binnen Sint Oedenrode onder De Oude Vrijheid, aan erve met een zijde Johannis van Bakel, dandere zijde Hendriena Verhagen, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde den armen van Sint Oedenrode. En is geconditioneert dat den eerstgenoemde condivident de vermelde huijsinge, schop en hof zonder eenige huure daar voor verschuld te worden zal gebruiken, te weten de hof tot half maart en de huijzinge tot Paaschen 1805. Verder is er een schuldbrief ten behoeve van Peter Vriends en ten laste van Hendrik Antonij der Kinderen, groot twee honderd gulden.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 105 Pieter van Homberg en Nicolaas Teulings beide wonende alhier ter requisitie van Peter van de Laar, wonende te Liempde. Over het bijwonen van de principale verkooping van de hoeve genaamt Jonker de Jeger Hoeve. Waarbij de requirant bij de finale verkooping koper is gebleven. Verder ook genoemd Aart Gerrit van der Heijden woonende op de voorschreven hoeve.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 107 Verklaring van Antonie en Hendrik Verhagen medicine docter beide wonende alhier, ter requistie van Peter van de Laar, wonende te Liempde, jegens Aart Gerrit van der Heijden woonende alhier. Verklaring dat de requirant gekogt hebbende de hoeve genaamd Jonker Jegers hoeve onder Sint Oedenrode.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 110 Verklaaring van Pieter Schellen en Evert van Casteren ter requisitie van Peter van de Laar. Jegens Aart Gerit van der Heijden, woonende alhier. De acte gaat over de Jonker de Jeger Hoeve.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 112 Verklaaring van Johannis van de Loo wonende alhier ter requisitie van Peter van de Laar, woonende te Liempde, jegens Aart Gerrit van der Heijden woonende alhier. Dat Johannis van de Loo in de maand augustus 1803 en wel in de Rooijse kermis week gekoomen is ten huijze van Leender Cornelis Brands herbegier en meede woonende alhier en aldaar gevonde heeft Thieleman Sprengers en Nicolaas Teulings, met wien hij in discours over het overlijden van Mevrouw van Boninghausen raakte, dat vervolgens iemand van hun zijde, dat het ongelukkig was dat Aart Gerrit van der Heijden niet gehuurd had, waarop Johannis Jacobus van der Hagen, die daar mede present was, zijde men kan niet zeggen, of het aan Peter Olijslagers, dan wel aan van der Heijden heeft gemaqueert dat hij niet gehuurt en heeft. Dat hij comparant, voor of kort na de verkooping gekoome is ten huijze van Willem Brox almeede hier woonachtig en aldaar gevonden heeft Aard Gerard van der Heijden, bewoonder van de hoeve door de requirant gekogt, dat hij aan van der Heijden met zulke of dergelijke woorden gezegd heeft, het spijt mij, dat gij niet gehuurd hebt, waar op van der Heijden zijde, dat is nu niet anders.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 115 Verklaaring van Gijsbert der Kinderen ter requisitie voor Peter van de Laar. Acte gaat over de Jonker de Jeger Hoeve. Genoemde personen: Johannes Jacobus van der Hagen. Aart Gerrit van der Heijden. Hendrikus Jansse Kluijtmans.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 117 Commissie na de verpagting der gemeene middelen ingaande 1 januarij 1805. Thieleman Sprengers gaat naar den Bosch.

Inventaris 197 jaar 1804 folio 118 Attestatie van Thieleman Sprengers ter requisitie van Peter van de Laar. Verklaring over de Jonker de Jeger Hoeve. Genoemde personen: Johannes Jacobus van der Hagen. Aart Gerrit van der Heijden.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 120 Inventaris: Hendrik van den Boom weduwnaar van Elisabeth Doers en hun twee kinderen Jan Cornelis en Rijnier. Hij huwt met Maria Christina van Lijssel. O.a. een huijsinge en hof gelegen binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid, aan een zijde Adriaan van de Ven, dander zijde Willem Jan Gualtherie, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde de Heuvel. Een parceel teuland gelegen ter plaatse op den Berg. Een koeijschaar gelegen ter plaatse voorschreven in de Neul. Een heijkamp groot tien lopense gelegen alhier genaamt Knodsenburg. Verder in de inventaris o.a. een behangsel voor een ledikant, twee bedde behangsel, drie en twintig slaaplakens, ses tavellakens, vier paer glasgordijnen, drie koffijketels, twee tavelbellen, een mermiet met deksel, zeeven tinne schotelen, twee assietten, een kandelaer, twaelf ordinaire lepels, een vouweijser, drie balanssen, een kaarse snuijter, twee houte hamers met eijsere banden, een schietlood, een horologie, een jagtgeweer, een weijzak, kruijthoorn, zestien stoelen, een schenkblok, twee toonbanken, een spinnewiel, een blaasbalk, een clarinet, een blekke suijkerbus, een salaed emmer, ses chocolade koppen, vijf thee koppens en schoteltjens, twaelf wijnglasen, drie spiegels, zeventien vrouwe mutsen, agt dito ondermutsen, een paar handschoenen, ses slaapmutsen, twee paar vrouwe kousen, een schoudermantel, een paar goude oorbellen en ringen, een goud hart met knop en slot aan den hals, drie goude ringen met een silveren beugeltas, een dito keting waaraan een schaar, een dito snuijfdoos, een eau de loraine doosje, een boek met silvere slooden en beslag, een paar silvere schoengespen, een paar broekgespen. Aan het eijnde van de akte staat: niet gepasseert.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 129 Inventaris van zodanige goederen, agtergelaten en metter dood ontruimpt bij Elisabeth Doers, die deselve ter togte heeft gelaten aan Hendrik van den Boom en zijne twee kinderen met name Jan Cornelis en Rijnier ten erfrechte alle welke goederen uit monde van voorschreven Hendrik van den Boom, altans in ondertrouw met Maria Christina van Lijssel zijn opgegeven. O.a. een huijsinge, hof gelegen binnen Sint Oedenrode onder de oude vrijheijd, aan een zijde Adriaen van de Ven, dander zijde Willem Jan Gualtherie, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde de Heuvel etc zie akte 120.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 140 Acte van procuratie op C. C. Stumph, door Maria Engels weduwe Hendrik Antonie ter Beek wonende alhier. Zij zijn gehuwd 28 januarij 1804 voor den gerichten te Aalen. Ook is sprake van een testament van wijlen Louwrens ter Beek en behuwd moeder Willemina van der Horst den 23 Maij 1789 te Sint Oedenrode gepasseert. Verder genoemde personen: Jan van der Horst te Maarssen. De twee kinderen van wijlen Antje van der Horst en Barend Boeying. Hendrik Anthonius ter Beek.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 144 Interrogatorien beantwoord door Peter Olijslagers oud sestig jaaren wonende te Sint Oedenrode, ter requisitie van Peter van de Laer, wonende te Liempde, jegens Aart Gerard van der Heijden wonende alhier

Inventaris 197 jaar 1805 folio 150 Declaratoir van Jan Peeter Heijkants weduwnaar van Maria Adriaan Kerkhof, alvoorens in zijn tweede huwelijk te treden met Annemie Jan van de Nieuwenhuise, hij verklaart geene goederen te bezitten om aan zijn kind met naame Peter te geven.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 151 Verklaaring van Johannis Pennings woonachtig te Best en deszelvs dogter Johanna Pennings dewelke ter instantie van Johannis Peter van den Hurk hebben verklaard, dat op den eerste januarij savonds ten klokke omtrent agt uure ten huijse van den eerste comparant zich bevonden heeft Lambert van Engeland. Tussen de voorschreven genoemde Johannis Peter van den Hurk en Lambert van Engeland is iets voorgevallen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 153 Rijnier van Boom, woonende alhier, houder van zekere obligatie groot een hondert guldens ten laste van Joost van Steensel als opnemer en Maria der Kinderen weduwe Lambert van Dinter als borger.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 154 Acte van belijding ter requisitie van Jan van Woerkom woonende alhier in een huisje met een smis, geleegen alhier onder de Oude Vrijheid, toebehorende aan Lammert Zeeger van Aarle, ten eijnde over de huisinge en smis met assumtie van Rijnier van den Boom, meester metselaar, inspectie en vervolgens gerechtelijke belijdinge. Het huis is in een slechte staat bevonde. O.a. dat het dak van de woonhuijsinge over het geheel in die staat is, dat het zelve ganschelijk van nieuw strooij en houtwerk behoort vernieuwd te worden. Dat de voor en zijde muur, oost en zuijdwaerts zoo aan vensters, deur, glaswerk, teenen en wande dermate is verslete en bouwvallig dat het voorgenoemde geheel gehoorde vernieuwd te worden. Dat de schoorsteen tot voorkomingen van ongelukken behoorde voorzien te worden. Alnog is aan het werkhuijs en smis bevonde dat het dak mitsgaders de wand ronsomme behoorlijk dak en wanddigt gemaakt te worden.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 156 Declaratoir van goed gedrag voor Carolus Eijkemans, meester schoenmaker. Laaste gewoond hebben alhier, nu metter woon zig begeeven naar de stad Den Bosch.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 157 Inventaris geformeert bij Pieter Hendrik van de Rijt. Jennemie van de Rijt weduwe van Jan van Genugten, Martinus Willemsse Kluijtmans als vader en voogd over zijn minderjarige dochter Jennemie verwekt bij Anna Maria van de Rijt. Johannis Martinusse Kluijtmans. Martinus Willemsse van de Laer gehuwd met Catalijna Kluijtmans. Martinus Gerit der Kinderen gehuwd met Meghelina Kluijtmans. Antonij, Cornelis en Adriaan van de Rijt. Lambert Kemps gehuwd met Amerentia van de Rijt. Matijs Janse van den Heuvel gehuwd met Adriana van de Rijt. Catalijna van de Rijt en laatstelijk Jan van de Laer, als testamentaire voogd over Helena van de Rijt. De goederen zijn hun aangekomen van wijlen hun vader en grootvader Hendrik van de Rijt als in huwelijk gehad hebbende Johanna Adriaans van Rijsingen. O.a. een onbedeelt agste part in een huijsinge, schuur, stallinge, teullanden en groese, gelegen onder den heertgang Everse binnen Sint Oedenrode. Item de helft in een huisinge, hof en groese, gelegen onder den Oude Vrijheid.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 164 Deling tussen Pieter Hendrikx van de Rijt. Jennemie van de Rijt weduwe Jan van Genugten. Martinus Willem Kluijtmans als vader en voogd over Jennemie in echte verwekt bij Anna Maria van de Rijt. Johannis Martinusse Kluijtmans. Martinus Willemsse van de Laer gehuwd met Catalijna Kluijtmans. Martinus Gerit der Kinderen gehuwd met Meghelina Kluijtmans, alle kinderen en kindskinderen van wijlen Hendrik Adriaensse van de Rijt en Amarentia de Gruijter. Antonij Hendrik van de Rijt. Cornelis Hendrik van de Rijt. Adriaan Hendrik van de Rijt. Lambert Dirk Kemps als in huwelijk hebbende Amerentia van de Rijt. Matijs Janse van den Heuvel als in huwelijk met Adriana van de Rijt. Catalijna Hendrik van de Rijt meerderjarig onbehuwde dogter, en laastelijk Jan van de Laer als testamentaire voogd over Helena van de Rijt minderjarige onbehuwde dogter, alle zoo binnen Sint Oedenrode als te Oorschot onder Best woonachtig. Alle kinderen van wijlen Hendrik Adriaensse van de Rijt en Johanna Adriaensse van Rijsingen. O.a. aan Pieter Hendrik van de Rijt. Jennemie van de Rijt weduwe Jan van Genugten. Jennemie Martinus Kluijtmans minderjarige onbehuwde dogter. Johannis Martinusse Kluijtmans. Catalijna Kluijtmans in huwelijk met Martinus Willem van de Laer en laastelijk Meghelina Kluijtmans in huwelijk met Martinus Gerit der Kinderen. De vier laastgenoemde als vervangende haer overlede moeder Anna Maria van de Rijt in leeven huijsvrouw van Martinus Kluijtmans. O.a. een onbedeeld agste part in een huijsinge, schure, stallinge, teulanden en groese, gelegen onder de hertgang Everse. Item de helfte in een huisinge, hof, gelegen alhier in de Oude Vrijheid. Aan Antonij Hendrik van der Rijt wonende alhier o.a. ses stokken levende en ses diti doode bijen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 177 Acte van belijding ter requisitie van Gerard de Jong, omtrent de gekapte eijke boome op de Logtenburg, (daar wonende is Gerard de Jong) en die publiecq zijn verkocht. Dat is gebleeke dat alle die verkogte boomen uitgenomen de koop nummer 14 bij de ophaalbrug omgedaan, en grotendeels op deszelvs grond alzoo toentertijd leggende waaren.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 178 Inventaris gemaakt en geformeerd bij Peter Rovers in qualiteit als vader en voogd over zijn vier kinderen in echte verwekt bij wijlen sijne overleden huijsvrouw Johanna Aart van der Steen. Goederen aangekomen der minderjarige van hunne grootvader Aart van de Steen. O.a. een veere bed met hoofdpeuluw, een dito kaffe met hoofdpeuluw, een huijf, twee boterdoeken, een coffijpot, een struijfpan zijnde eijser, een hoogkar met twee zijborden, een aardkar, een ploeg, een strijkeijser, een ren met vijf deuren, een broodrenneken met twee deuren, drie spinnewielen, drie houtere en een bieze stoel, een paardskrib, een paardsreep, een gareel, zaal en ligt, een eijsere halster

Inventaris 197 jaar 1805 folio 185 Visitatie verdronken lichaam van Antonij Goort Wijdeven, bezig zijnde schapen te wassen in een ven genaamt De Putten, hij is daar gaan zwemmen en verdronken.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 187 Inventaris: Johanna Aart van der Steen gehuwd met Peter Hendrik Rovers en hun kinderen Johanna, Martinus, Cornelis en Annemie. Hij huwt met Barbara Adriaan Habraken.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 191 Verklaaring van Johannes van Doremalen en Martinus den Scheper, beide van competente ouderdom en staande ter goeder naam en faam, wonende tot Best. Dewelke ter instantie van Johannis Peter van den Hurk verklaren waar en waarachtig te zijn, en wel den eerstgenoemde comparant, dat hij in den afgelopen winter gezien heeft dat Johannis van de Laarschot mede tot Best onder Oirschot woonagtig, aldaer uit de gemeentens boomen de takken kapten en dat Johannis van den Morsselaer wonende te Best daar present was. Den tweede genoemde comparant dat hij Johannis van de Morsselaer en Martinus van Mierlo, die takken bij elkander heeft zien doen, en derzelve aan sijn huijs heeft zien leggen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 193 Inventaris: Lamert Antonij van Hoof en Martinus Lambert van der Heijden als testamentaire voogden over de minderjarige kinderen nagelaten bij Hendrina Lambers van der Heijden en Denis Verwetering echtelieden. O.a. een huijsinge schop en hof, aan een zijde Rut van Hinteld, dander zijde Johannis Lambert van de Ven, de een eijnde de weduwe Blakenbroek, dander eijnde de gemeente straat.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 201 Commisie voor Thieleman Sprengers en Johannis Kerkhof om zich te begeven naar de Quartiersvergadering in Helmond.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 202 Attestatie bij recollecte door Peter Olijslagers en Johannis Jac. van der Hagen bijde woonende alhier, van competente ouderdom verklaren ter requisitie van Aart Gerrit van der Heijden meede wonende alhier, dat Peter Olijslagers als rentmeester van Vrouwe Barones van Sternenfels weduwe van Baron Cornelis Franciscus van Bonninghauzen aan Aart Gerrit van der Heijden, in de maand september agtien hondert en twee heeft verhuurt eene hoeve met aanhorige landerijen genaamt Jonker de Jeegershoeve, geleegen alhier onder Varrenhout en dat voor den tijd van twaalf jaaren met zes te schijden. Dat ook verzocht is om de huurcedule te beschrijven, gelijk hij ook twee eensluijdende huurcedule, voor iedere huurcedule geschreven heeft gehad, en zulx wel ruim een halv jaar voor het overlijden van Vrouwe Baronesse Maria Anna van Sternefels weduwe van Baron Cornelis Franc. van Bonninghausen, welke huurcedule door de Heer Francis Carel van Sternefels Capitein in Koninklijke Pruisische dienst en universeelen erfgenaam van voornoemde vrouwe, op een geweldige wijze ten zijnen huijze zijn ontnomen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 206 Jacobus van der Hagen senior woonende alhier dewelke als last en procuratie hebbende van zijne zuster Hendrina van der Hagen, verleeden binnen Antwerpen 23 november 1793, verklaard uit handen van Johannis van Vroenhoven in huwelijk met Willemijna van Erp, Peter, Arnoldus en Johanna van Erp, Willem van Eerd en Jan Janse van de Nieuwenhuize als bij de wet aangestelde voogden over de twee minderjarige kinderen van wijlen Adriaan van Erp en Maria Lambert Habraken met naame Dirk en Martinus ontvangen te hebben de somma van twee hondert en vijftig gulden. Spruijtende deese schuld voort uit den wettige obligatie voor scheepenen van Sint Oedenrode op 16 januarij 1792 door Maria Lambert Habraken weduwe van Adriaan van Erp als principale schuldenaren en Lambert Habraken als borg, ten behoeve van Jan van Aarle gepasseerd en nader door Cornelia der Kinderen weduwe en boedelhoudster van Jan van Aarle voor scheepen op een februarij 1796 aan en ten behoeve van gemelde Hendrina van der Hagen getransporteerd. Alzo van den gansche inhoude van dien voldaan te zijn.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 208 Verklaaring over het turven in de Zonse Heide, door Hendrik Claasse Vervoort oud omtrent twee en vijftig jaaren. Peter van de Laak oud omtrent twee en veertig jaare. Peter Peters de Poorter oud omtrent een en veertig jaare. Jan Thomasse van de Ven oud omtrent veertig jaare. Willem van de Laar oud omtrent negen en zestig jaare. Willem Goort van de Ven oud ruim vier en zeventig jaare, alle lieden van eer en inwoonderen alhier. Zij wonen alle in de buurt van het huis van Peter Janse van Erp geleegen binnen deese Vrijheid onder Bosch en Varrenhout op het Schoor. Willem van de Laar verklaart dat hij twee en veertig jaaren woonachtig is geweest op de Sloef.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 213 Deling tussen Jan Peter van der Heijden. Hendrik Jan de Rooij als in huwelijk met Maria Peter van der Heijden en laastelijk Jan Willem Steevens als in huwelijk gehad hebbende Barbara Peter van der Heijden als vader en voogd over zijne vier minderjarige kinderen met naame Willem, Maria, Francis en Willemijna in dat huwelijk verwekt, alsmeede Martinus Janse van der Heijden voogd over de voorzijde minderjarige. O.a.aan Hendrik Jan de Rooij als in huwelijk hebbende Maria Peter van der Heijden o.a. een huijs, hof en aangelag onder Nijnsel en Vressel, aan erve met een zijde de gemeene straat, dander zijde de Heer Gage, een eijnde Martinus van der Heijden, dander eijnde Jan van Dinter. Aan Willem, Maria, Francis en Willemijna Jan Steevens o.a. een huijs, hof en aangelag met Jan Tijssens streepke aan het hofveldje, geleegen onder Bosch en Varrenhout, aan erve met een zijde Jan Hendrik, dander zijde de weduwe Thomas van de Meerakker, deen eijnde de heer G. de Jong, dander eijnde Joh. Kerkhof.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 220 Deling tussen Martinus Janse van der Heijden en Gijsbert Andriesse Raaijmakers gehuwd met Barbara Jansse van der Heijden beiden inwoonderen alhier. Goederen hun aangekomen als bij overlijden van hun moeder Johanna Jan Teulings zijn nagelaten.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 224+229 Antonij Peter de Scheeper van competente ouderdom staande ter goede naam en faam en woonende te Best onder Oorschot den welke ter instantie van Johannis Peeter van den Hurk verklaard dat hij op een en twingsten december 1800 en vier gezien heeft, dat Johannis Jan van de Mosselaar bezig zijnde een paal van de slagboom, toebehoorende aan de weduwe Jan Verhoeve uit den grond te haale en vervolgens hem met den paal na zijn huijs of wooning heeft zien dragen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 225+227+228+229 Kwestie omtrent het tiende van den camp genaamt Heijman Camp. Peter Jan Sijmons oud omtrent twee en zeeventig jaare. Gijsbert Hendrik van Oorschot oud omtrent sestig jaaren. Joost Goord van de Ven oud omtrent drie en vijftig jaaren, allen inwoonderen alhier. Elke ter requisitie van Aart Hendrik van Mierlo meede alhier woonachtig, pagter der noviale tiende binnen Sint Oedenrode over Vressel. Verder genoemde personen: Hendrik Cornelis van den Oever en Jan Johannis van Rooij, Thomas Sanders en Dirk van Verel ?.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 230 Inventaris gemaakt en geformeert bij Antonij Dirk van de Rijt. Jan van de Laar gehuwd met Johanna Dirk van de Rijt woonende alhier. Antonij van de Sande wonende Nederwetten en Johannis Gerit der Kinderen woonende alhier, voogden over de minderjarige zoone in echte verwekt bij Maria van Genugten en wijlen Cornelis van de Rijt, met naame Cornelis. De goederen zijn hun nagelaten door hun vader en grootvader Dirk van de Rijt. O.a. een huis, hof en aangelag, aan een zijde de heer van Roosmalen c.s. dander zijde Antonij van de Rijt. Item een hoeve met aanhorende teul, weilanden en heijvelden aan elkander geleegen genaamt De Heerendonk. Perceelsnamen o.a. den dijk, seijtert, verloren kost, den hoek, de kromstreepe, de leege kamp, de strik, van der kamps camp, de polsdijk, de muijlbeemd, de koeveringde camp, smitsakker, de hel onder Vechel en de jonckers beemd,

Inventaris 197 jaar 1805 folio 237+243 Procuratie door Jan Tinnebroek als in huwelijk hebbende Willemijna Versantvoort wonende te Oirschot Willem Lamberts Versantvoort. Lambert Lamberts Versantvoort. Peter Lambert Versantvoort. Martinus Lambert Versantvoort en laastelijk Catarina Lamberts Versantvoort alle wonende te Liempde, Verder genoemde personen: Martinus Willem van der Heijden. Johannis van den Biggelaer. Pieter Andries van Gerwen en Adriaan van der Kant. Verder ook een stuk teulland agter het Rode Leeuwke gelegen.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 245 Borg voor Johannis Wouter van Rooij meester wever, laatst alhier gewoond hij gaat naar het Fransch Keizerrijk.

Inventaris 197 jaar 1805v folio 246 Inventaris: Maria Godefridus van de Aaker gehuwd met Jan Marijne en hun kinderen Johanna Godefrida en Maria Clara. Hij huwt met Helena Maria Louwers.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 252 Deling tussen Johannis Heesakkers en Hendrik van der Vleuten beiden wonende alhier. Goederen zijn hun aangekomen bij transport van Thomas Matt. van der Schoot 4 september 1802.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 256 Kwestie over het turven in de Zonse Heide. Genoemde personen: Luijcas Latijnhouwers 60 jaar. Jan Adriaan Hurk 34 jaar. Goord van de Wijdeven 25 jaar. Jan Peter Hurkx 44 jaar. Willem van Aarle 36 jaar. Peter Janse van Erp alle luijden van eer en inwoonderen alhier. Goort Couwenbergh scheepen te Zon. Verder dat het huis van Peter van Erp is staande tegen de Schoorse Hoeve en de Heijde. De hoeve toebehoorende de kinderen van wijlen J. van Baar. Verder nog Jan Jan Kluijtmans.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 261 Deling tussen Jan van de Laar gehuwd met Johanna D. van de Rijt. Antonie D. van de Rijt woonende alhier. Antonij van de Sande woonende te Nederwetten en Johannis G. der Kinderen meede woonende alhier. De twee laastgenoemden voogden over Cornelis in echte verwekt bij Maria van Genugten en wijlen Cornelis van de Rijt. O.a. aan Antonij Dirk van de Rijt een huis, hof, en aangelegen teulland, geleegen onder Everse, aan een zijde de verkrijger en andere, dander zijde Johannis van Zon c.s. deen zijde de kindere Willem van der Hagen, dander eijnde de gemeene straat. Aan Cornelis Cornelisse van de Rijt o.a. een Hoeve genaamt de Heerendonk gelegen onder de dorpe Nederwetten.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 274 Deling tussen Johannis Willemssen van der Hagen voor zig en Antonij Dirk van de Rijt mitsgaders Johannis Jacobusse van der Hagen, de twee laastgenoemde voogden over Willem en Maria kinderen van Johanna Willemssen Stevens en Willem van der Hagen allen wonende alhier.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 282 Deling tussen Pieter Hendrikx van de Rijt. Jennemie van de Rijt weduwe van Jan van Genugten, geassisteerd met haar zoon Dirk J. van Genugten. Martinus Willemsse Kluijtmans als vader en voogd over zijn minderjarige dogter Jennemie, in echte verwekt bij wijlen Anna Maria van de Rijt. Johannis Martinusse Kluijtmans. Martinus Willemsse van de Laer gehuwd met Catalijna Kluijtmans. Martinus Geritse der Kinderen gehuwd met Mechelina Kluijtmans alle wonende alhier. Goederen zijn gekomen van wijlen haare vader en grootvader, als mede bij deling tussen haare halven broeders, zusters etc. op den 20 maij 1805. O.a. aan Pieter Hendrikse van de Rijt, een erve bestaande in een huijsing, schuure stallinge met aangelegen teul en groeslanden, als het aangekogte van de gemeente, gelegen binnen Sint Oedenrode onder Eversen, met een zijden Thomas van Aerle c.s. dander zijde Antonij van Rijsingen, bijde eijnders de gemeene straat. Aan Jennemie Hendrikse van de Rijt weduwe van wijlen Jan van Genugten ter erftogte en haere kinderen, o.a. een hoeve lands genaamt de Ekense hoeve gelegen onder den heertgang Everse, aan erve met een sijde de heer Martinus J. van Roosmalen, dander zijde Peter van de Rijt, deen eijnde een akkerweg, dander eijnde de gemeene straat. Aan Jennemie Martinusse Kluijtmans minderjarige onbehuwde dogter. Johannis Martinusse Kluijtmans. Catalijna Kluijtmans in huwelijk met Martinus Willemse van de Laer en laastelijk Meghelina Kluijtmans in huwelijk met Martinus Gerit der Kinderen, o.a. een huijsinge hof en blijkveld, gelegen onder de Oude Vrijheid in Eerschot, aan een zijde de weduwe Verdussen, dander zijde de verkrijgers, deen eijnde de Dommel, dander eijnde de gemeene weg. Item de helfte onbedeeld in een huijsinge, hof en dries, vast aan het vorig parceel gelegen, groot een lopense gelegen in manieren en ter plaatse voorschreven, aan een zijde Martinus W. Kluijtmans c.s.dander zijde, deen eijnde den weg, dander eijnde de Dommel.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 296 Kwestie over het turven in de Zonse Heide. Genoemde personen: Willem Versantvoort oud omtrent 64 jaar. Dirk C. van Oorschot oud omtrent sestig jaar. Peeter Jan Sijmons oud omtrent een en seventig jaar. Jan van de Laar oud omtrent dertig jaar, alle lieden van eer en inwoonderen alhier. Peter Janse van Erp meede wonende alhier.

Inventaris 197 jaar 1805 folio 300 Deling tussen Willem en Johannes Gerits der Kinderen beijde wonende alhier.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 309 Attestatie: Alzo Johan Hendrik van Noort heeft verzogt dat wij hem gelieve te voorzien van een attest op zigtens zijn zeedelijk gedragen teven omtrent de waarneming van zijn post als gezwore klerk ter secretarije alhier. Hij is zeedert september in den jaare 1804 alhier woonachtig.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 311 Attestatie voor Theodorus van Ginkel dat denzelve voor zo verre ons bekend is van een onbesproken goed deugdzaam en zeedelijk gedrag en staande ter goeder naam en faam.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 312 Attestatie voor Peter Willem Vorsenbosch, dat denzelve voor zo verre ons bekend is van een onbesproken gedrag en staande ter goeder naam en faam.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 313 Kwestie over het betalen van een som geld. Genoemde personen: Peter van de Laar woonende te Liempde en Aart Gerard van der Heijden woonende alhier.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 314 Het gemeente bestuur, verklaart dat Jacobus van de Poll oud omtrent veertig jaaren, dat hij zedert zestien jaaren den schooldienst als substitut schoolmeester onder den gehugte Olland heeft waargenomen. Dat hij geduurende dien tijd voor zijne aanhoudende werkzaamheeden een aller soberts bestaan, als zijnde hem alleen een somma van zeeventig gulden jaarlijkx toegekend, genote heeft. Dat hij niettegenstaande dier post met zo veel zorgen, ijver en tevredenheid tot genoege van alle de ingezeetenen heeft waargenomen en wel zo dat hij in alle opzigte verdiend, dat onvoldoende bestaan over te geven. Zulx zijn dan de reedenen, als bovendien ten vollen van zijn zeedelijk, deugdzaam in de ommegang menschlievende en medegaande gedrag overtuigd, dat wij den verzoeker dit ons welmeenend getuijgschrift niet wille of kunnen wijgeren, maar in tegendeel hem aan alle hoogst geconstitueerde maeten aanbeveelen, ten eijnde dien braven en in zijn post deskundige, na een zo langduurige geringe belooning, met het een of ander voordeeliger en bepaalder employ na verdiensten werde gebenificeert. Voorts geven wij aan den verzoeker de vrijheid om van deese verklaaring gebruik te maken waar hij zal goed vinden.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 316 Peeter Olijslagers woonende alhier, dewelke verklaarden zich tot borg te stellen voor Johannis Jacobus van der Hagen als ontvanger of gaarde over den dorpe van Veghel

Inventaris 197 jaar 1806 folio 318 Deling tussen Lambert Janse Versantvoort woonende te Sint Oedenrode. Johanna Maria van Rooij weduwe van Johannes Paaijens wonende te Boxtel. O.a. aan Lambert Janse Versantvoort een huizinge, hof, gelegen onder Olland. Aan een zijde Jan Janse van der Heijden, dander zijde en eijnde de verkrijger, deen eijnde de onmondige kinderen van Nicolaas Goort van der Heijden.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 323 Deling tussen Antonij Vuijsters gehuwd met Agnees van de Meerendonk en Maria van den Oetelaar, bijde wonende alhier. De goederen zijn hun aangekomen door het overlijden van Antonij van den Oetelaar en Christina van de Meerendonk. O.a. aan Antonij Vuijsters gehuwd met Agnes van de Meerendonk. Een huizinge en hof gelegen onder Besselaar, aan een zijde de verkrijgster van het tweede lot, dander zijde en een eijnde de kinderen Wouter van de Bersselaar, dander eijnde Jan Corn. Schellekens.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 326 Aart Gerrit van der Heijden verklaarde zich merkelijk bezwaard te vinden met zodanig vonnis, als scheepenen van Sint Oedenrode op den 26 april 1800 en zes hebben geweesen in zake van hem comparant als gerequireerde en eischer contra Peter van de Laar.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 327+330+332 Kwestie over een biljet nodig voor het malen van graan. Martinus Hendrik Kluijtmans inwoonder alhier, denwelke verklaart dat op maandag vijf meij aan zijne zoons Hendrikus en Johannis heeft gelast een zak rogge tot beesten voeder klaar te maken en te brengen na den Wolfswinkelse molen, bemalen te wordende door Pero Verbruggen. Verder compareerden Jan Verhagen en Willem van Eerd bijde inwoonderen alhier. Verder vermelding van: Johannis van Gerwen woonende mede alhier. Reijnier van den Boom. Mathijs van Alphen karknegt.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 335 Attestatie van goed gedrag van Hendrik van de Broek. Seedert januarij deeses zijn verblijf alhier gehouden heeft.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 336 Nicolaas Teulings en Michiel Wierts scheepenen, mitagaders J. N. van Noort gezwore klerk ter secretarijevan Sint Oedenrode verklaare door Hendrik Bolsius gaarder der onbeschreeve middelen over deze plaats, verzogt zijnde om met hem ende deurwaarder Antonij Smits begeeve te hebben ten huijze van Jan Marijnen vorster alhier, dat aan hun is vertoont een zak met rood lak toegemaakt, welk gemelde clerge verklaarde te zijn het zelve cachet waarmede hij den zak eenige tijd te voren verzegeld had. Dat het cachet is gebrooke en den zak is opengemaakt. Dat het daar in zijnde graan uit dien zak in een tweede zak is overgestort en nadien weder in den voorige zak herstort etc.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 338 Attestatie van goed gedrag van Hend. Jonkers.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 339 Attestatie van goed gedrag van Peter Willem Vorstenbosch, ten eijnde zich te kunnen begeeven na Ardenne fransch keiserlijk gebied om aldaar tot voorkoming van nadeelige gevolgen veroorzaakt door een beet, zo men verondersteld van en rasende hond de nodige behoedmiddelen te gebruijken of aan te wenden. Zo is het dat wij in des suppliant droevige omstandigheeden willen tegemoed koomen. Verklaaren dat hij is ingezetene van de Bataafsche Republiek en zo verre ons bekend van een eerlijk en goed gedrag verzoekende voorts alle en een eijgelijke gemelde Peeter Willem Vorstenbosch lang vijf voet, ses a zeeven duijm, hoogbruijn haar, blaauwe oogen, spitse neus en rond van aangezigt, vrij en onverhindert te laten, en hem op zijne rijze alle behulpzaamheid te bewijzen

Inventaris 197 jaar 1806 folio 341 Verklaring van Barbara Jan van de Laak huijsvrouw van Martinus van den Biggelaer ter requisitie van de Schout Civiel, dat zij ter kantoore van den gaarde der onbeschreven middelen Hendrik Bolsius om aldaar een halve zak rogge te verimposten, dat zij door gemelde gaarder is binnen gelaten, en hij toen de deur van het kantoor toesloot en haar vervolgens op een zeer onbetamelijke wijze aanvatte etc.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 343 Verklaring van Jan Dirk van Houtum en Antonij van der Heijde ter requisitie van de Schout Civiel. Kwestie over een zak rogge van Jan Willem Teunisse, ongeschikt voor de bakkerij. ook genoemd de herberg de Roest. Verder genoemde personen: Hendrik Bolsius en Clercke Smits. Arnoldus Reedemans en Theodora van Pinxteren woonende alhier

Inventaris 197 jaar 1806 folio 347 Inspectie van de hoeve genaamt Jonker Jeegers Hoeve, geleegen alhier onder Bosch en Varrenhout toebehoorende Pieter van de Laar woonende alhier, gekocht hebbende van den Heere Franc Carel Baron van Sternefels. De hoeve is erg in verval. Verder genoemde personen: Piet van Dincten stroodekker. H. van den Boom meester metselaar en Johannis de Poorter meester timmerman. Vermelding o.a. van het strooien dak en wel de schild zuijdwaerds van de woonhuijzinge, het zoldervenster zuijdwaards los is hangende en gedeeltelijk versleete, benevens de wand aan de oostzijde boven den zolder en de goot in de woonhuijzinge welke hier alle vernieuwinge nodig hebbe. Het dak van den koijstal zuijd en noordwaards verscheijde soorte van gebreeke zijn etc.etc.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 351 Verklaring van vrouw J. E. van Kuffeler weduwe Tiesenhausen en ter requisitie van Christiaan Teben ter Ville, Elikje ter Ville, Anna Catharina ter Ville en Geertruij Engelina ter Ville wonende te Zutphen. Kwestie over een acte die op 16 mei 1759 te Bredevoort zoude zijn gepasseert. Genoemde personen: wijlen Frederik Hendrik van Tiesenhausen.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 353 Commissie na de quartiers vergadering voor Antonij van den Rijt, om zig na Helmond te begeven.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 354 Jan Geurts bruijdegom, geboore te Roermonde en Willemijn Ad. van den Brand bruid gebooren alhier. De bruijdegom heeft van zijn geboorteplaats geene ontlastbrief kunnen bekomen. Adriaen van den Brand inwoonder alhier verklaart borg voor hem te staan.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 356 Inventaris: Adriaentje H. van de Rijt gehuwd met Matijs van den Heuvel, en hun kinderen Johannis, Maria en Hendrik. Hij huwt Jenneke van den Donk. O.a. eene huizinge stallinge, schuur, hof, en aangelag, geleegen alhier binnen Sint Oedenrode aan een zijde en eijnde de gemeente, dander zijde Antonius van de Rijt c.s.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 364 Gerechtelijk opschrijving ter requisitie van Aarts van der Heijden van de landerijen van Jonker Jegers Hoeve geleegen alhier onder Bosch en Varrenhout, bewoont bij den eigenaar Peeter van de Laar.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 369 Tauxatie van de te velde staande granen op de Hoeve genaamt Jonker de Jegers Hoeve, ter requisitie van Aart van der Heijde.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 376 Verklaaring van Hendrik van den Broek en Cornelis Louwerens Brands beijde inwoonderen alhier. Dewelke ter requisitie van Pero Verbruggen, molenaar op den Wolfswinkelsen Molen, gelegen binnen Sint Oedenrode onder Nijnsel. Kwestie over een zakje van Marten Kluijtmans, dat in arrest genomen is door den gaarder Hendrik Bolsius. Verder genoemd de herberge van Hendrik van den Boom woonende alhier. De clercq Smits.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 382 Procuratie van het gemeente bestuur Voor E. C. Aeijelts woonende in Den Hage omme ten behoeve van de gemeente van Sint Oedenrode in te vorderen, alle zodanige pretencien voortgesproten uit leverantien van hooij, haver, rations, vlees en brood. Alsmeede gedane karrevrachten gepresteerd ten dienste van fransche gemarcheerd hebbende troupes in de afgelope jaare 1805 en deesen jaare 1806.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 384 Verklaring van Johannes Jan van Gerwen inwoonder alhier ter requisitie van het Hoog Officie. Dat hij meestentijds als arbeijder in dienst is bij den scheepen Rijnier van den Boom alhier. Het gaat verder over een toegebonden zak die in de kamer van Reijnier van de Boom is gezet.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 386 Antonij Jan Vogels, Jan van den Elsen en Jan de Louwre alle inwoonderen alhier van competenten ouderdom. Dewelke verklaaren: de eerste comparant, dat hij niet kunnen leesen of schrijven van het briefjen hem bij deese vertoond staande ten zijnen naame, en zijnde een declaratoir voor 3/4 zak beesten voeder etc.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 389 Deling tussen de kinderen Gijsbertsen Vervoort wonende alhier. Lambert Rovers als in huwelijk met Willemijna Gijsbertsen Vervoort wonende te Sint Michielsgestel. Johanna Gijsbertsen Vervoort meerderjarige onbehuuwde dogter, geadsisteert ten deeze met Antonij van de Meerakker wonende alhier. Willem van de Tillaer in huwelijk met Jenneke Vervoort wonende te Sint Michielsgestel.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 396+ 411 Inventaris geformeerd bij de weduwe Elisabet van de Molengraaf gehuwd geweest met Jan van Lieshout en hun kinderen: Elisabeth, Johannis, Catarina, Petronella en Annamaria. Zij huwt met Martinus van Kemenade. O.a. een huizinge, schuur en stalling gelegen binnen den dorpe Woensel genaamt Houtheuvel. Aen een zijde Ant. Spoorenberg, dander zijde en eijnde Peeter van de Gevel.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 412 Deling tussen Jan Goort van de Ven. Joost Goort van de Ven.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 416 Joost Jan Tonies wonende Best. Dirk Gerit Franken gehuwd met Johanna Jan Tonies. Peter Jan van de Ven gehuwd met Hendrina Jan Tonies. Goederen van Jan Hendrik Tonies. O.a. aan Dirk Gerrit Franken de helft in een huizingen zijnde het voorste gedeelte tot op het vierde gebind, gelegen onder Vressel, aan een zijde Ant. Verschuijten, dander zijde Joh. Janssen, deen eijnde Willem Verschuijten. Aan Peeter Jan van de Ven o.a. de andere helft in eene huijzinge, zijnde het achterste gedeelte tot op het vierde gebinte onder Vressel.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 428 Inventaris gemaakt door Martinus Tonies en Lambert Sanders, als voogden over de minderjarige kinderen nagelaten bij Gerit Tonies gehuwd met Johanna Sanders.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 436 Hendrikus Scheutjes oud omtrent drie en vijftig jaren woonende te Liempde en Lambert van der Schoot oud omtrent ses en dertig jaren woonende alhier, van de jeugd af aan bij de huishouding van wijlen Heere Bangeman en vrouwe. Dewelke bij deese ter instantie van vrouwe Catharina Constantina Huijgens weduwe wijlen den heer Willem Vincent Bangeman verklaard hebben, Willem Vincent Bangeman zeer wel hebben gekend en zeer wel te weten dat hij en zijn echtgenote niet meer als vijf kinderen heeft nagelaten met name Petronella Wilhelmina, Pieter Johan Christiaan, Diederik Emerens Johan, Anna Jacoba en Johanna Andrisette Dorothea welke laaste alhier woonachtig en nog ongetrouwd is.

Inventaris 197 jaar 1806 folio 438 Jan Fransen inwoonder alhier, van competente ouderdom, denwelke verklaarde dat omtrent de huijzing van Jan Marijnen genaamt den Paradijs Boom, gevonden heeft Willem van der Dussen, welke aldaar met iemand zonder te weten met wien vegtende was. Compareerde meede Hendrik van den Broek woonende alhier, dewelke verklaarde dat hij ten huijze van Jan Marijnen zijnde, gehoord heeft dat Willem van der Dussen verschillen had met Jan Marijnen

Inventaris 197 jaar 1806 folio 440 Inspectie van de Jonker de Jeeger Hoeve. Pieter van de Laar gekogt hebbende de Hoeve genaamt Jonker Jeegers Hoeve voortgekomen van den Heere Francois Carel Baron van Sternefels, gelegen onder den Heertgang Bosch en Varrenhout. Verder genoemde personen: Piet van Dincten strodekker. Hendrik van den Boom meester metselaar. Johannis de Poorter meester timmerman

Inventaris 197 jaar 1807 folio 446 Willem P. Raaijmakers gehuwd met Maria Adriaan van Rijzingen en hun agt kinderen: Johannis, Martinus, Petronella, Jacob, Peter, Christiaan, Cornelia en Adriaantje. Zij huwt met Hendrik van Deursen.

Inventaris 197 jaar 1807 folio 448 Hendrik van Deursen weduwnaar van Theodora Jan van Hooff en hun kinderen: Johanna, Helena, Jan, Johannis en Lambertus. Hij huwt met Maria Adriaan van Rijzingen. Hij verklaart geene goederen hoegenaamd te besitten om aan zijn kinderen daarvan eenige bewijs te doen.

Inventaris 197 jaar 1807 folio 449 Attestatie voor Johan Hendrik Adolf von Schmidt auf Altenstadt wonende alhier.

Rechterlijk Archief Sint Oedenrode Inventaris 196, 21 maart 1801 - 7 november 1803

Inventaris 196 jaar 1801 folio 1 Commissie na een quartiersvergadering.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 2 Deling tussen Johannes Willems der Kinderen gehuwd met Goordiena Sanders. Adriaen Andriesse Raaijmakers gehuwd met Berbera Willem Sanders. Antonie Willem Sanders. O.a. aan Antonij Willemse Sanders eene huijsinge, stallinge en verdere getimmerte, gelegen binnen Sint Oedenrode onder Bosch en Varrenhout gelegen aan een sijde de gemeene straat, dander zijde de riviere De Dommel, deen eijnde W. J. Gualtherie, dander eijnde Adriaan Andriesse Raaijmakers.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 10 Hendrik van Alvorst en Rijnier Stockum thans regeerende armmeesteren der stad Meegen ter eenre en Jan Hendrik Raaijmakers ter ander sijde betreffende de huurcedulle. Dat door Sebastiaen van Duuren en Guurt Nagelmakers op den 26 augustus 1799 binnen Sint Oedenrode publiecq was verhuurt geworde eene schone hoeve met aanhorige landerijen genaamt De Groote Hoeve der Armen van Meegen, welke Jan Hendrik Raaijmakers toen gehuurt te hebben.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 12 Hendrik van Alvorst en Rijnier Stockum thans regeerende armmeesteren der stad Meegen ter eenre en Peter Hendrik Rovers ter ander sijde betreffende de huurcedulle. Dat door Sebastiaen van Duuren en Guurt Nagelmakers op den 26 augustus 1799 binnen Sint Oedenrode publiecq was verhuurt geworde eene hoeve bestaande in huizinge, stallinge, bakhuijs, schuur en aangelegen landerijen genaamt De Klijne Hoeve der Armen van Meegen, welke Peter Hendrik Rovers toen gehuurt te hebben.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 15 Procuratie van Josephus Hendrikus Baaijens meerderjarige jongman wonende tot Venrooij landen van Kessel. Dewelke verklaard magtig te maken Johannis Jacobus van der Hagen wonende alhier, ten fine van opdragt, verkoop en nadering. O.a. een huisinge en hof, gelegen binnen Oirschot onder Best, hem aangekomen bij delinge tussen sijne broeder en suster en wel aan Johannis van Mierlo wonende tot Best, bij den laastgenoemde in huere gweest. Verder nog in deze akte: Wilhelmus Baaijens. Jasper de Rooij. De Vleutse molen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 18 Deijling tusschen Catarina Olyslagers weduwe van Hendrikus Verdussen, ten deese geassisteerd met haar zoonen Willem Verdussen en Pieter Verdussen beijde wonende alhier. O.a. schiftinge en deijlinge van een huijsinge en twee hovens, haar eerste comparants overleedene man en den tweede comparant aangekomen bij succesie van haar ouders. O.a. aan Catarina Olijslagers weduwe van Hendrikus Verdussen ter togte en haar vijf kinderen bij voorsijde haare man verwekt, de helvte van de huijzinge zijnde het voorste gedeelte na de zijde van de gemeene straat, scheidende op de middelmuur, welke in alles met het volgende loth gemeen blijft. Item het agterste gedeelte van de schop schijdende op den middelbalk, welke ingelijkx gemeen blijft. Item den pad lopende langs de hegge van den hof naast de sijde van Martinus Kluijtmans na den gemeene kerkpad. Item den hof gelege over de kerkpad nevens de kerkhof. Alles gelegen onder Sint Oedenrode onder Eerschot aan een zijde Martinus W. Kluijtmans, dande zijde Antonij van Erp, deen eijnde de gemeene straat. Veertien stuijvers pagt aan het geestelijk comptoir van Peelland. Aan Pieter Verdussen wonende alhier, o.a. de helvte van de huijsinge zijnde het agterste gedeelte, na de sijde van den hof, schijdende op de middelmuur, welke na alles met het vorig loth gemeen blijft, mitsgaders den hof, uitgenomen de pad, zoals die bij het vorig loth is aanbedeelt daaraangelegen. Aan erve met een sijde Antonij van Erp, dander zijde den pad het vorig loth aanbedeelt, deen eijnde de kerkpad, dander eijnde het vorig loth of middelmuur. Item het voorste gedeelte op de middelbalk, welke meede gemeen blijft. Zeeven stuijvers chijns aan het geestelijk comptoir van Peelland. Sullen sij condividenten gehouden weesen elkandere door het hekken tussen de huijsinge en de schop gelijk van ouds te wegen, welke hekken in onderhoud tussen de twee loten gemeen blijft.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 22 Commissie na quartiers vergaderings.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 23 Deijling tussen Paulus Lambert Habraken wonende Ekart. Hendrik Antonijs der Kinderen gehuwd met Maria Lambert Habraken wonende alhier. Aan Hendrik Antonij der Kinderen als in huwelijk hebbende Maria Lamberts Habraken wonende alhier, o.a. een huisinge, stallinge, hof en aangelege groese, gelege te Sint Oedenrode onder Nijnsel, aan een sijde Hendrik Vogels, dander sijde en bijde eijnde den verkrijger. Belast jaarlijkx met agt koppelen hoender, welke met twee guldens betaalt worden aan de hoeven Ten Bollick.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 31 Procuratie door Willemijna Adriaensse Kerkhof, meerderjarig onbehuuwde dogter ten deese geadsisteerd met Joh. Jac. van der Hagen, dewelke verklaard magtig te maken Jan Petersen Heijkants haare zwager wonende alhier, om voor haar te verkopen o.a. een vijfde in een erve bestaande in en huijsinge, gelegen binnen Sint Oedenrode onder Olland op Rijsingen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 33 Decleration van Lambert Aart, laast weduwnaar van Catarina Jan van Son en hun kinderen Jan en Ardiena. Hij huwt Johanna Johannes Coolen. Hij verklaart hoegenaamd geene goederen te besitten.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 34 Deijling tussen Tomas Matijsse van der Schoot wonende alhier. Jan Mulders gehuwd met Meghelina van der Schoot wonende Erp. Servaas Markgraaff gehuwd met Elisabeth Matijs van der Schoot wonende Eerde onder Veghel. Aan Tomas Matijsse van der Schoot, o.a. een huijsinge, gelege te Sint Oedenrode in de Eversen gelegen, aan erve met een sijde Jan Verschuijten en Antonij van Rijsingen, verder de gemeente.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 38 Attestatie Diefstal met aanranding aan Petronella Nicolaasse van der Heijden, laast weduwe van Daandel van der Steen wonende in Eerde op de Kuilen, oud omtrent vijftig jaaren. Gedaan soo haar voorkwam door zeekere persoon van Woerkom wonende te Sint Oedenrode. Verder genoemde personen: Aart Nicolaasse van der Heijden, haar broeder, wonende in den naast gelegen huisingen. Dielis Ketelaers en Aard van Dinter bijden nabueren.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 44 Verklaring van Aart van der Heijden, Dielis Ketelaars en Aart van Dinter. De twee eerste comparanten wonende in de Eerde onder Sint Oedenrode en de derde comparant wonende in de Eerde onder Veghel. De welke den eerste verklaarde dat in tussen den nagt van den 7 en 8 l.l. aan sijne huijsinge sijn suster Petronella van der Heijden, weduwe Daandel van der Steen, digt bij hem woonagtig, dat sij hulp roepende en hij haar de deure heeft ingelaten. Dat hij vervolgens het ligt aangestoke te hebben, gezien heeft dat sijn suster niets dan haar hembd aan hadde en haar handen kruijselings gebonden waeren. Dat tegelijkertijd daarop ingekomen sijn Dielis Ketelaars en Aard van Dinter. Sij verklaarde dat sij in den nagt hulp hoorde roepen, sijn opgestaan, haare deuren uijtgegaan en ten huise van den eerste comparante zijn gekomen. Petronella verklaarde dat er een manspersoon in haar huijs gekoomen sijnde van haare goederen berooft heeft en vervolgens haare handen gebonden had.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 47 Attestatie van scheepenen ter instantie van het Hoog officie, inhoudende inspectie van den inbraak aan de huijzinge van de weduwe van der Steen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 48 Commissie op scheepenen na Helmond omtrent den ijkmeester.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 50 Acte van approbatie door Dirk van de Laer, Hendrk van de Laer en Adriaen Verhoeven, dewelke bij deese ter geruststelling voor haare vader Adriaen van de Laar verklaaren dat de gedaane publieque verkoop van eijkeboomen op 7 januarij 1801, binnen Sint Oedenrode op de Hoeve de Laar bij gemelde haare vader in togte bezete. Dat het verkregen capitaal groot vijf hondert guldens sal dienen tot aflossingen aan de Heer H. Pijnenburg verschult

Inventaris 196 jaar 1801 folio 52 Procuratie van Hendriena en Willemijna Adriaensse Kerkhof, meerdejarige onbehuuwde dogteren ten deese geadsisteerd met Peter Janse van de Laak, Jan Kerkhof en Tomas Klerkx voogden over Adriaen en Amerentia Kerkhof. Dewelke bekennen magtig te maken Jan Peterse Heijkants wonende alhier, tot het doen van opdragte ter Secretarije van Oorschot, om een gedeelte hooijland, gelegen binnen Oorschot te transporteren aan Tomas Willemsse van de Ven.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 54 Staat en Inventaris van goederen agtergelaten en metter dood ontruijmd bij Christina Versantvoort ter togte gelaten aan Adriaen van de Laer en haer 7 kinderen. Hij huwt met Maria Mart van der Hagen. O.a. een huijsinge, stallinge en verder getimmerte met aangelegen teul en groeslanden genaamt De Laar gelegen onder Nijnsel, aan een zijde W. J. Gualtherie, het een eijnde de rivier De Dommel, verders de gemeente. Item een huisinge, hof aangelegen teul en groeslanden als het zelve binnen deese vrijheid onder den heertgang Nijnsel ter plaatse genaamt De Spank, met een sijde Dirk Versantvoort, dander zijde den Hensenbeemd. Item een huijsplaats, hof en aangelag, gelegen als voor op de Spank aen erve met een sijde en een eijnde de gemeente.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 72 Commissie op scheepenen na de quartiers vergadering.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 73 Acte van Separatie. Hendrikus Willem Kluijtmans wonende alhier als aangestelde curator over Pieter Kluijtmans gehuwd met Anna Maria Vogels. Dewelke verklaren dat de huwelijke twisten en oneindigheeden tussen voornoemde huwelijkx lieden, zoo vere waeren gereesen dat te zamen woninge derselven, voortaan tussen deselve niet langer konden plaats hebben, dat dien ten gevolge tussen hun was beraamt, eene separatie of scheiding van tavel, bed, bijwoning en goederen. Ook genoemd het kind door hun in huwelijk verwekt met name Willemijna, welk kind bij sijne moeder zal blijven woonen en haar volgen, mitsdien de last van opvoeding voor haar reekening zal blijven

Inventaris 196 jaar 1801 folio 78 Acte van gestanddoening door Tomas Cornelis van Aarle wonende alhier. Dewelke ter voldoening aan de authorisatie, op de requeste van Jan Peter de Poorter c.s. bij scheepen van Sint Oedenrode op den 14e julij l.l. verleent. Bekent en verklaard beijde te sijn, omme wanneer den inventaris van de goederen nagelaten bij Willemijna L. van de Nieuwenhuijsen, weduwe Peter de Poorter, wettig zal zijn getauxeerd en tot gelden gebragt etc.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 80 Acte van Tauxatie van alle zodanige goederen als op den inventaris ter requisitie van Jan Peter de Poorter c.s. geformeert bij Tomas Cornelis van Aarle. Nagelaten bij Willemijn L. van de Nieuwenhuijsen, weduwe Peter de Poorter

Inventaris 196 jaar 1801 folio 87 Toestemming tot huwelijk door Gerard Overkamp wonende alhier, voor zijn zoon Antonij Matijs Overkamp met Geertruij Koops in Den Haag.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 88 Inventaris van Tomas Dirk van de Molengraft, weduwnaar van Jennemie Francis der Kinderen, en zijn kind Willemijn, alvorens te huwen met Gerardiena van Son.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 97 Attestatie van F.J. Vos medicine docter en Hendrik van Geldrop dorps chirurg, van het dode lichaam van Willem Steevens. Ongeluk in het luihuis van de Eerschotse Toren, omtrent halftwaalf door het vallen van een zwaar hout dat naar boven getakelt werd "sijn hersenen verpletterd". Verder genoemde personen: Peter van der Heijden beneffens Willem Verdussen timmermansknegt en wonende bij Nicolaas van Weert.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 99 Staat en inventaris van meubilen en inboedel van Pieter Peter Kluijtmans en Anna Maria Vogels. Gemaakt en geformeerd door Hendrik Willem Kluijtmans en Hendrik Vogels als administrateuren.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 106 Commissie tot verpagting der Gemeene Middelen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 108 Deiling tussen Dirk Lamers gehuwd met Maria van Boxtel. Francis van Boxtel. Jacobus van Boxtel en Rogier van Boxtel allen wonende alhier. Van goederen aangekomen door het overlijden van Jan Markelbach.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 114 Deeling tussen Jan en Willem van Nunen. Johannes van Lieshout gehuwd met Josijna van Nunen. Joost Goord van de Ven gehuwd met Maria van Nunen. Margaretha van Nunen. Johannes van Genugten gehuwd met Hendriena Tonies. Antonij Johannes Tonies. Johanna Tonies meerderjarige onbehuwde dogter ten deese meede geassisteerd met Nicolaas Kock. Andries Kluijtmans in qualiteit als testamentaire voogd over Martinus en Maria minderjarige kinderen van Johannes Tonies. Goederen van Peter van Nunen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 123 Acte van Arrest door Arnoldus Booms deurwaarder in loco op de goederen van de kinderen Willem Sanders, sijnde Geerdina, Berbera, Maria, Wilhelmina en Antonij.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 125 Acte van ontslag door Arnoldus Booms deurwaarder in loco van de in arrest zijnde goederen van de kinderen Willem Sanders.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 126 Procuratie van Berbera van der Heijden weduwe Hendrik de Gruijter, geassisteerd met Cornelis Laurens Brands. Dewelke verklaaren magtig te maken haar zwager Johannes Geritse der Kinderen wonende alhier, om haar goederen te verhuren.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 128 Gijsbert Raaijmakers gehuwd met Paulina Francis der Kinderen en hun kinderen Frans en Hendrik. Zij huwt Jan Jente.

Inventaris 196 jaar 1801 folio Acte van guarand door Paulina der Kinderen weduwe Gijsbert Raaijmakers en Jan Jente aan haare kinderen.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 139 Staat en Inventaris door Mejuffrouw Dorothea Winnefrida Huijgens ter requisitie zoo zij verklaarde van de Heeren van Rijswijk en B. van Homrigh benoemde executeuren in den nagelaten boedel van wijlen Francina D'anglade. Begraven Sint Oedenrode 22 juli 1801. O.a.veel goud, zilver en diamanten. Boeken o.a. bijbels. Satijres de Regnier, Spiegel der Sijbillen. Catechisme de Heidelberg. Histoire de la reformation des pais bas 3 deelen. Fables de la Fontaine. Lettres de Madame la marquise de Pompadour. De nieuwe Amsterdamse apotheek etc.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 156 Deling tussen Adriaen Heesakkkers gehuwd met Maria Huijbert Jan Goorts. Willem Jan Arnoldus van der Heijden gehuwd met Helena Gijsbert van de Biggelaer. Martinus Gijsbert van den Biggelaer. Aan Willem Jan Arnoldus van der Heijden o.a. een huisinge, hof en aangelegen teuland en groese genaamt de Vitselstek, gelegen onder Eversen, aan erve met een zijde Hendrik van de Rijt, verder de gemeente. Aan Martinus van den Biggelaer, een huijsinge, tarvschop, bakoven en hof, gelegen onder Everse aan erve met een zijde en eijnde Dirk van de Rijt, dander zijde Johannes van Son, dander eijnde de gemeene weg.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 164 Acte van afzien van een gedane publieque koop van vaste goederen door Antonij Rovers, als aan de conditien niet hebbende kunne voldoen. Verder genoemde personen: Jan en Peter Rovers. Hendrikus van de Weijdeven.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 167 Taxatie, visitatie van de huijsinge genaamt De Drie Klokken, staande binnen deese plaatse onder de Oude Vrijheit, hem requirant Jan Jansse Markelbagh aangekomen 21 november 1801 van Lambert van Ginkel. De woning is in een zeer slechte staat.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 168 Toestemming gevraagd om een huwelijk aan te gaat door Jan Braamberg voor zijn zoon Antonij Braamberg, hij wil te Amsterdam huwen met Catarina Carbonjer te Amsterdam.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 171 Procuratie van Hendrik van den Broek wonende alhier. Dewelke verklaarde magtig te maaken Gosiunus Hermanus van Nouhuijs. Verder genoemde persoon: Paulus Verbeeke wonende in den Bosch.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 172 Staat en inventaris door Jan van Son en Antonij Dirk van de Rijt, als voogden over Johannes en Cornelis van den Biggelaer, minderjarige kinderen van Anneke Jooste van Son weduwe van Gijsbert van den Biggelaer.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 176 Afstand van togte van meubilen en eijke hout door Johanna Franssen Vorstenbosch weduwe Willem van de Laer, geassisteert ten deese met Jan Chint Raaijmakers op haare kinderen. Om verkogt te worden aan haar kinderen en ten behoeve van Cornelis, Maria, Francijna en Catarina Willemsse van de Laer. Verder compareerde alnog Maria Willemsse van de Laer weduwe Goord Raaijmakers en haar vijf kinderen met naame Jan, Antonij, Matijs, Maria en Willemijna Goords Raaijmakers

Inventaris 196 jaar 1801 folio 178 Acte waerbij Paulus Verbeeke wonende Den Bosch, verklaart na alle aangewende devoiren geen cautie te kunnen stellen, ter voldoening aan het gerequireerde in zaake tussen hem en Hendrikus van de Broek, wonende te Sint Oedenrode. Verder nog in deze akte Adriaan van den Brand.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 180 Staat en inventaris door Jan Janse Kluijtmans en Hendrik Hendrik Kluijtmans als voogden over de drie minderjarige kinderen Adriana, Johannes en Christina, in egte verwekt bij wijlen Maria van den Eerde en Goord Janse Kluijtmans. O.a. een huijs en hof, groot 1 spint, oftewel soo groot en klijn als het zelve binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid in de straat gelegen is. Aan erve met een sijde Jan J. Kluijtmans, dander zijde Antonie van Hout, deen eijnde de gemeene straat dander eijnde het Klooster. Item een gedeelte van een huijsinge en hof gelegen als voor genaamt Het Klooster. Aan gekomen bij deling alhier, den eerste maij een duijsend agthonderd, tussen Goord Jan Kluijtmans en Joh, Klompers gepasseert. Belast met twee stuijvers en agt penningen chjns aan het boek van Helmond

Inventaris 196 jaar 1802 folio 188 Deling tussen Gerit van den Oever. Jan Janse Vervoort gehuwd met Ida van de Oever. Aan Gerit van den Oever o.a. een huijsingen, hof en aangelag, gelegen onder Vressel, aan erve met een sijde Johannes van Lieshout, dander zijde Jan van Breugel, deen eijnde de gemeene straat.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 193 Deling tussen Jan, Goord en Johannis Tomasse van de Ven. Arnoldus Booms als bij onderhandsche procuratie van Gerard Tomasse van de Ven. De goederen zijn hun aangekomen van hunne ouders. Aan Jan en Johannis Tomassen van de Ven o.a. een schuure gelegen onder Bosch en Varrenhout. Aan Goord en Gerard Tomasse van de Ven, o.a. met de gerechtigdheit van torven in de Sonse heijde, o.a. eene huijsinge, stalling, gelegen onder Bosch en Varenhout

Inventaris 196 jaar 1802 folio 199 Acte van consent door Gerard Overkamp aan sijne dogter Meghelina om te huwen met Johannis Roermeester in Den Haag.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 200 Attestatie voor Fredrik H. van Tiesenhausen gepensioneerd bij de Bat. Republiek.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 201 Dorothea Winnefrida Huijgens meerderjarige onbehuwde dogter van wijlen Christiaen Huijgens en Anna Theresia Johnston van Elphingston bijde alhier overleeden ten deese geassisteerd met Jan Matijsse Kluijtmans. Dewelke verklaard te transporteren, eijgendommen gelegen in het voormalige Belgien, nu Fransche Republiecq bij of omtrent de stad Antwerpen onder Meerhout en Vorst, toebehoort hebbende aan haar comparante grootvader Johannes Huijgens. Vervolgens in volle eijgendom over te geven de Heerlijkheid van Zeelhem, geleegen in de Fransche Republiecq departement van de Maase en voortspruijtende uit de nalatenschap wijlen Susanna van Wassenaer Ruevens gebore Huijgens in Den Haag overleden. Welke Heerlijkheid het laaste bezeten is geweest door wijlen Diderick Huijgens eijgen broeder van de comparante, en wel aan en ten behoeve van Christiaen Diderick Emerens Johan Bangeman Huijgens, Minister Plenipotentiaris van de Bataafsche Republiecq bij het hof van Denemarken.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 204 Goord Jacobusse Hulsen verkoopt aan Allegonda Versantvoort weduwe Peter van de Meerakker, geassisteerd met Matijs Adriaensse Versantvoort, allen wonende alhier, een huijsinge, stallinge aangelegen teul en groese, gelegen te Sint Oedenrode onder den heertgang Bosch en Varrenhout. Aan een zijde Lambert der Kinderen, dander zijde Gerard van Heertum, deen eijnde Johannes Kerkhof, dander eijnde de tweede genoemde comparant. Onder voorwaarde dat zij binnen den tijd van een jaar na dato deeses het daarop staande huijsje ten haare kosten te doen afbreeke, en een ander zoort gelijk bewoonbaar gefit en geleemd op deezer verkogte goederen, na genoegen van den eerst genoemde comparant te plaatsen met een half land daar aangelegen, welk huisje en land geduurende het leeven van de eerstgenoemde comparant ten eenre en desselvs huijsvrouw sonder eenige huure verschult te worden bij haar in gebruik sullen blijven, blijvende het onderhoud daar van ten laste van de tweede genoemde comparant ter andere sijde.

Inventaris 196 jaar 1801 folio 208 Staat en inventaris gemaakt en geformeerd bij Marten Hendrik Kluijtmans laats weduwnaar van Diena Oppers. Ter reguisitie van Peter van Dincten en Johannis Oppers als voogden over Helena Lamert en Hendrikus in echte verwekt bij van Jan van der Heijden en Diena Oppers.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 224 Staat en inventaris, achtergelaten en metter dood ontruijmd bij Helena van Sleeuwen, ter togte gelaten aan Antonij Heijmen van de Ven en haare vier kinderen met name Johannes, Peternel, Anna en Johanna. Hij huwt met Hendriena Jan Hurkx. O.a. een huijs en aangelag, gelegen binnen deese vrijheid onder den heertgang Everse op Krijtenburg. Aan beijde sijde den armen alhier, het een eijnde de gemeente.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 230 Acte van arrest door Arnoldus Booms vorster in loco. Dewelke uit cragte van authorisatie op hem door Dirk Hendrikx Kluijtmans, verklaart te neemen in arrest zoodanige haeffelijke, erffelijke en gereede goederen als de weduwe Hendrik van Hirtum is besittende.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 231 Inventaris gemaakt en geformeert bij Arnoldus Booms van alle zodanige haavelijke erffelijke en gereede goederen als de weduwe Hendrik van Hirtum is bezittende.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 237 Acte van buijten effect te stellen op alle de haafelijke erfelijke en gereede goederen van de weduwe Hendrik van Hirtum ingevolge authorisatie van Dirk Hendrik Kluijtmans.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 238 Willem Goords van de Ven, wonende alhier, tans gehuwd met Maria Lamberts Habraken. Dewelke verklaard volkomen kennisse te dragen van zodanige scheijdinge en deijlinge tussen sijne kinderen Adriaen Tomas en Maria, als meede van het koopcontract tussen hem en sijne twee kinderen Adriaen en Tomas van de Ven.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 241 Attestatie door Hendrik Verhagen en Franciscus Ignatius Vosch van Avesaat, beijde medicine doctoren en Hendrik van Geldrop dorpschirurgijn, allen wonende alhier. Dewelke verklaarde dat sij op heeden zevende junij deeses jaars 1800 en twee, haar begeven hebben onder den heertgang Olland binnen Sint Oedenrode aan het eijnde van de Oude Kampen op den Dijk lopende van hier na Schijndel en wel aan den tweede nieuw ingegraaven kamp toebehoorende aan Gerard de Jong. Dat sij omtrent tien treeden van een naast aangelegen kamp toebehoorende aan Francis van Boxtel in den droge sloot en in een zittende houdig tegens de kant van den slood met gedekte hoofd sonder eenige teekens of oorsaaken, gevonden hebbende het doode lichaam van Lambert van den Bogaard wonende Schijndel. Lambert van den Bogaard is de vorige dag opgebracht door een dragonder en onder het raadhuis gezet en door den diender van de justitie gisteravond den weg na Schijndel met enige stokslagen uitgelijt geworden.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 245 Attestatie van de gerechte oprigtens het lighaam van Leonardus van den Bogaart.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 247 Deling tussen Jan Hendrik Tonies wonende alhier en Peter Aarts wonende Breugel. O.a. aan Jan Hendrik Tonies, eene huijsinge, schop en bakhuijs, hof en aangelag, binnen Sint Oedenrode onder Vressel gelegen, schijdende op den halve weg lopende tussen dit parceel en de schuure welke het tweede loth word aanbedeelt, aen een zijde Johannis van Rooij en meer andere, dander zijde den verkrijger van het tweede loth, verders de gmeente.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 259 Staat en inventaris van de nagelaten boedel van wijlen Lambert van Ginkel, gemaakt door zijn zoon Theodorus van Ginkel.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 270 Attestatie van goed gedrag voor Johannis Ferdinand van de Ven, alhier gebooren en woonagtig is.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 271 Commissie na de quartiersvergadering.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 273 Procuratie van Berbera van Houtum, echte nagelaten dogter van wijlen Antonij van Houtum en Johanna van den Rijn, bijde alhier overleeden, nu huijsvrouw van Jan Kluijtmans Matijszoon, wonende alhier. Dewelke verklaarde magtig te maken haare broeder Johannis van Houtum Antoonzoon alhier woonachtig, omme namens haar waar te nemen, als meede erfgenaam zijnde, in de nalatenschap van haaren Oom Theodorus van den Rijn, overleden binnen de stad Haarlem, gehuwd met Maria Bon.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 276 Nadere ampliatie op den staat en inventarisatie van Marten Hendrik Kluijtmans ter requisitie van Peter van Dincten en Johanna Oppers als voogden, over de drie kinderen van wijlen Diena Oppers en Jan van der Heijden.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 281 Procuratie van Johanna Elisabeth en Anna Louisa Schweitzer, bijde meerderjarige onbehuuwden dogteren ten deese geassisteert met Roelof van Nouhuijs allen wonende alhier. Dewelke verklaaren magtig te maken Gerard de Jong, om publiecq en voor alle man te verkoopen haare aandeelen, aangekomen ingevolge testament van haare vader de Heer Benedictus Schweitser en sijne huijsvrouw Maria Zijnen, nu door overlijden van Gelijna Zijnen weduwe van Antonij van Ginkel haar zijn aangekomen na gedaene verkoop.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 283 Articulen en vraagpoincten, gedaan maaken en aan scheepenen van Sint Oedenrode overgegeven uit den naam en van wegen Paulus Verbeke, wonende te S' Bosch eijscher en aanlegger ten eenre. Op ende jegens Hendricus van den Broek wonende te Sint Oedenrode gedaagde ter andere sijde, omme daarop ter instantie en requisitie van hem Paulus Verbeeke onder eede te hooren Thieleman Sprengers en Nicolaas Kock oud omtrent drie en sestig jaaren, molenaar en alhier woonachtig. Verder vermelding in deze akte: de herberg van Cornelis Brands. Jan Mathijs Kluijtmans. Hendrikus van den Broek Hendrik Verhagen medicine doctor. Amandus Sprengers. Hendrien Matijsse Kluijtmans

Inventaris 196 jaar 1802 folio 290 Belijdinge ter requisitie van Francis van Boxtel en Francis Peter Kluijtmans bijde wonende alhier, ten eijnde te bezigtigen de voetpaden, hekkens, welke leijden na de landerijen de hoeve, omme daaruit te bewijsen dat gemelde toegangen niet behoorlijk afgemaakt en gevrijd sijn, en sijn vervolgens den president en scheepen door de requiranten gebragt ter plaatsen genaamt het Klooster in de Oude Vrijheit tussen de erve Johannes Klompers en de weduwe Antonij Spierings en vervolgens aangetoont het daaraanhangende hekken. En is vervolgens bevonden: dat het hekken niet behoorlijk is daargesteld als hebbende naast de zijde van de weduwe Antonij Spierings een opening, waardoor paarden en beesten gemakkelijk kunnen passeeren en alsoo de daar agter leggende landen kunnen benadeelen.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 292 Schade welke door de paarden van Francis van Boxtel, Francis Peter Kluijtmans en Dirk, ter plaatse genaamt de Hoeve gelegen binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 294 Gerrit Jansse van Doremalen, dorpsdienaar, schutter en gezwore der Vrijheid Sint Oedenrode. Dewelke verklaarde in de schutskooij alhier ter plaatse gebragt te hebben drie paarden toebehoorende, een aan Francis Peter Klujtmans, een aan Francis van Boxtel en een aan Dirk van de Nieuwenhuijsen. Ter plaatsen genoemt de Hoeve op het land toebehorende Adriaan van Erp.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 296 Thieleman Sprengers wonende alhier, welke ter requisitie van Paulus Verbeke, wonende in Den Bosch, verklaarde dat hij deponent present is geweest ten huijze en herberge van Cornelis Brands alhier, alwaer onder andere meede present waeren des comparants broeder Amandus Sprengers, Jan Matijsse Kluijtmans, Hendrik van den Broek, Hendrik Verhagen medicine doctor en Nicolaas Kock. Dat hij deponent aldaar gezien, gehoord en bijgewoond heeft, dat Jan Matijs Kluijtmans en Hendrik van de Broek in discours sijn geraakt en woordenwisseling heeft gehad over Hendrien Kluijtmans.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 298 Attestatie van Amandus Sprengers ter requisitie als voor. Zie folio 296

Inventaris 196 jaar 1802 folio 300 Attestatie van Jan Matijs Kluijtmans ter requisitie als voor. Zie folio 296

Inventaris 196 jaar 1802 folio 302 Attestatie van Hendrik van den Broek gehuwd met Maria Anna Brox wonende in de Oude Vrijheid, ter plaatse genaamt Den Heuvel. Dewelke verklaaren dat uit sijn lessenaer, staande in sijn slaapvertrek vermist was een somma van een hondert agt en tagtig gulden, vijf stuijvers en agt penningen, en een zilvere beugel met een binnen en buijten tas daar aan genaaijt, waarin eenig gelt, en uit zijn broek en buijs ook eenig gelt vermist is. Verder ook nog een fransch horloge met een witte porcelijne plaat, wijsende minuut, uren en dag, waarop onder andere staan de woorde "a tramalan", en een paar resette silvere gespen. Als verdachte een zeeker jong persoon genaamt Johannis (en dan staan er puntjes) kleermakersknegt en wonende tot Best, thans aldaer gearresteerd.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 307 Acte van inspectie in loco van huijsbraak aan de huijzingen bewoont bij Hendrikus van den Broek.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 309 Deling tussen Dirk Lamberts Versantvoort en Helena Raaijmakers weduwe van Peter Lamberts Versantvoort ten deeze geassisteerd met haar drie meerderjarige zoonen met naame Lambert, Martinus en Hendrikus Petersse Versantvoort. Deling van een hooibeemd genaamt Den Hensel onder Olland.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 313 Attestatie van goed gedrag voor Johannes Jansse de Poorter, wonende en borger alhier binnen deese vrijheid Sint Oedenrode. Dat hij zedert de revolutie, zoo wij geinformeerd zijn, veele aankomende jongelingen ten genoege van haare ouderen in het leeren en schrijven heeft geinstrueert.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 314 Acte van transport en cessie door Maria van Hoornbeek onbehuwde dogter ten deese geassisteerd met haare neeven Cornelis Brands bijde wonende alhier. Dewelke bij deese verklaarde verkogt te hebben aan Peter van de Munnikhof, meester smit en wonende tot Venrooij. Goederen gelegen tot Venrooij.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 316 Acte van toekenning van het volle Burgerrecht aan Johanna Elisabeth en Anna Louise Schweitzer. Dat zij zedert lange jaaren met haare overledene ouders alhier binnen de plaats gewoond hebben, en nog woonachtig sijn, en dat haar bijde uit dien hoofde haar volle burgerrecht is en word toegekend.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 317+ 326 Tauxatie van den inventaris van Marten Hendrik Kluijtmans weduwnaar van Diena Oppers mits ampliatie daar op dato 30 april en 13 julij 1802. De minderjarige kinderen nagelaten bij Jan Janse van der Heijden en Diena Oppers.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 328 Acte en accoorde la Bourgeoisie a Jeanne Elisabeth et Anna Louisa Schweitzer

Inventaris 196 jaar 1802 folio 329 Attestatie van Hendrik van den Broek en Maria Anna Brox zijn huijsvrouw ter requisitie van den drossard van Oorschot.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 331 Acte van Arrest door Arnoldus Booms vorster en deurwaerder in loco. Dewelke uit kragte van authorisatie van J. Jacot collecteur der verpondinge en Koningsbeede over deese vrijheid Sint Oedenrode, in arrest te stellen de goederen van Johannes Hendrikus Korsten, om daar aan te verhaale de veragterde verpondingen en beede.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 332 Acte van ontslag door Arnoldus Booms van de voorgeschreven goederen. Zie folio 166

Inventaris 196 jaar 1802 folio 333 Attestatie ter requisitie van Jean Francois Adrien gepensioneerd lieutenant bijde Bataavsche Republiecq, dat hij is stemgerechtigde burger, dat hij onder eede heeft verklaart onvermogend te sijn, omme van sijne eigen middelen te bestaan.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 334 Het gemeente bestuur van Sint Oedenrode, verklaart op den requeste aan Dirk Ente koster en schoolmeester van zijne posten en bedieninge als koster en schoolmeester ontslagen te sijn.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 335 Commisie van de Municipaliteit op haare medeleden en secretaris om te compareeren voor de commisie van politie, betreffende de geschillen over zeekere heijde tussen die van Schijndel en deeze gemeente.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 337 Procuratie van Roelof de Vroom names de Heer Pieter Dirk Santvoort geregtelijk is gedagvaard geworden, wegens het niet betalen van tien gulden erfvelijke rente. Ook wegens verscheijdene onbetaalde vijf jaaren aan de vorige eigenaresse A. C. de Stockmans etc. Verder genoemde personen in deze zaak: Johannis Janse de Vroom en Christina van Weert weduwe Adriaan van den Biggelaer.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 341 Acte van annullatie van zeekere verhuringe tussen Leendert van de Nieuwenhuijsen ter eenre en Laurens van de Rijt ter eenre en Tomas van Roosmalen ter andere zijde. O.a. een huijsinge en hof, gelegen in de Eerde onder Sint Oedenrode en Veghel. Verklaaren elkander van de verhuuringe en huuringe te niet te doen.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 343 Acte van overeenkomst gemeente Sint Oedenrode ter eenre en Godefridus Koppens, eijgenaar van den huijse Pas Bogaert ter andere sijde. Verklaaren met elkander overeengekomen te sijn en wel de eerstgenoemde ter eenre, omme aan den tweede genoemde ten andere zijde, voor altoos toe te staan den vrije weg van en na desselvs huijsinge, tuijnen en weijde na gemelde Pas Bogaert en wel over den weg komende van de Bogt over de Pas. Verklaart den tweede genoemde ten andere sijde voor die gunst en bewijsing aan den gemeente van Sint Oedenrode af te staan het recht van voorpoting rontom sijne huijsinge, tuijnen etc. van Pas Bogaart, en dus binnen den tijd van vier eerstkomende maanden alle zijne boomen staande op de Passe, als Luijkse Passe te ruijmen of te doen ruijmen

Inventaris 196 jaar 1802 folio 345 Qualificatie van de Municipaliteit op haare mede leden en secretaris, omme voor de commissie van Politie en economie uit departementaal bestuur van Brabant af te doen de geschillen betreft Roder Heijde.

Inventaris 196 jaar 1802 folio 347 Commissie tot de verpagting der gemene middelen.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 348 Het gemeentebestuur van Sint Oedenrode, declareert ten versoeke van Dirk Ente schoolmeester en koster binnen Sint Oedenrode, dat gemelde verzoeker dadelijk na desselvs aanstelling van het depart. bestuur van Brab. het schoolmeester en koster ambten heeft aanvaard, ook trouwelijk met alle ijver heeft waargenomen en blijft waernemen en hem alle lof toezwaaijen. En zal gemelde Dirk Ente van dit declaratoir kunnen en moge gebruik maaken, waar hij sal goedvinden.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 349 Staat en inventaris gemaakt en geformeert bij Adriaen en Francis van Eerd. Hendrikus Janse van den Oever gehuwd met Maria van Eerd. Joost Eijmert Verhagen gehuwd met Agnees van Eerd, alle kinderen en erfgenamen van wijlen haare vader Michiel van Eerd, mitsgaders van Adriaen Hendrikus van Boerdonk en Cornelis van Kemenade in qualiteit als wettige aangestelde voogden over de vijf minderjarige kinderen met naame Peternel, Matijs, Antonij, Antonetta en Reijnier in echte verwekt bij wijlen Michiel van Eerd en Catarina Vervoort.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 354 Attestatien door Hendrik Verhagen, medicine doctor Nicolaas Kock, Thieleman Sprengers, Amandus Sprengers en Nicolaas van Weert alle wonende alhier ter reguisitie van Hendrik van den Broek, gedaagde en verweerder contra Paulus Verbeke, eijscher en aanlegger. Verklaring ter instantie van Hendrik van den Broek, dat ten herberge van Cornelis Brands, waar ook present was Jan Matijs Kluijtmans en zijne zuster Hendriena Kluijtmans, zij wel gehoord hebben dat tusschen die persoonen kijvasie en scheldwoorden hebben plaats gehad.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 356 Deling tussen Marten Hendrik Kluijtmans, voor zig en Pieter van Dincten en Johanns Oppers voogden over Helena, Lamert en Hendrikus, kinderen van Diena Oppers en Jan van der Heijden.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 360 Toestemming voor huwelijk door Jan Braamberg wonende alhier voor zijn dogter Johanna Hendrika Braamberg om te huwen met Steeven Broekhem te Amsterdam.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 361 Decleration van Leendert van Son. Peter Jan Dirk Dielisse als in huwelijk hebbende Adriana Goord van der Heijden. Johanna Goord van der Heijden. Frederik Bekkers als in huwelijk hebbende Jennemie Goord van der Heijden. Zeger Goord van der Heijden. Goijart Luijcas Kuijpers als in huwelijk hebbende Maria Goord van der Heijden. Willem Versantvoort. Jan Lathouwers als in huwelijk hebbende Johanna Willem Versantvoort. Jan van der Aa als in huwelijk hebbende Peternel Willem Versantvoort. Antonij Sanders als in huwelijk hebbende Catarina Willem Versantvoort. Willem Verhoeven als in huwelijk hebbende Maria Willem Versantvoort. Martinus Willem Versantvoort. Antonij Willem Versantvoort. Dewelke ter requisitie van Regenten van het Roomsche Weeshuijs verklaaren dat den rogpagt alnog bij voorsijde weeshuijs ten register staande ten naame van Willem Versantvoort en Goord Hurcx etc.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 364 Procuratie van Elske Fabri weduwe Arnoldus Booms, in deese geassisteerd met Pieter van Hombergh bijde wonende alhier. Dewelke verklaarde magtig te maken haare zoon Peter Booms, wonende tot Aalst, omme o.a. alle des comparante goederen te administrere en te beheeren.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 366 Deling tussen Adriaen en Francis Michielse van Eerd. Joost Eijmert Verhagen gehuwd met Agnees van Eerd. Hendrik van den Oever gehuwd met Maria van Eerd, alle te samen voorkinderen van wijlen Michiel van Eerd en Helena Rijnder van den Bogaart ter eenre. Kornelis van Kemenade en Adriaan van Boerdonk in qualiteit als wettige aangestelde voogden over Peternel, Matijs, Antonij, Antonet en Rijnier Michielse van Eerd en Helena van Eerd meerderjarige onbehuwde dogter mede met voorsijde voogde geassisteerd, alle te samen nakinderen van wijlen Michiel van Eerd en Catarina JansseVervoort, ter andere sijde.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 371 Deling tussen Adriaen Michielse van Eerd. Hendrik Jansse van den Oever als in huwelijk hebbende Maria van Eerd. Francis Michielse van Eerd en laastelijk Joost Eijmert Verhagen als in huwelijk hebbende Agnees Michielse van Eerd. Aan Adriaen Michielsen van Eerd als in huwelijk hebbende Maria Michielse van Eerd wonende alhier. O.a. een huijsinge en hof, aangelege teul en groeslanden en houtwassen, gelegen binne Sint Oedenrode onder Eerde, aan een sijde Lambert van Hoof, dander zijde Joahnnis Baltusse van de Rijt, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde het volgende loth. In de mage de namen van: Johannis de Leest als in huwelijk hebbende Margriet Peeter van Cleef weduwe wijlen Adriaan Michiel van Eerd.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 383 Deling tussen Annemie Steevens weduwe van Tomas van de Meerakker en hun kinderen Antonij, Peter, Aart en Jan. Matijs Versantvoort gehuwd met Maria van de Meerakker. Peter Jansse van der Heijden weduwnaar van Maria Aart van de Meerakker, geassisteerd met sijne kinderen. Jan van der Heijden. Jan Steevens en Hendrik de Rooij. O.a. aan Peter Jan van der Heijden weduwe Maria Aart van de Meerakker wonende alhier, een huijs, hof en aangelag, gelegen binnen Sint Oedenrode onder den heertgang Bosch en Varrenhout. Aan een zijde Johannis Kerkhof, dander zijde Gerard de Jong, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde de verkrijgster van het vorig loth.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 389 Verklaaring door Jan Willem van Nouhuijs en Johannis van de Loo bijde inwoonderen alhier. Dewelke ter instantie van de heeren Gerit Steenhof en Leonardus Loofs bijde wonende te Amsterdam, verklaarden zeer wel gekend te hebben Femmetje Waldhuijsen laast weduwe van Hendrik Elsink, dewelke alhier veele jaaren heeft gewoont en overleden en begraven is den twaalfden januarij 1800 en drie. Dat zo verre zij weten dezelve bij haar overlijden niemand heeft nagelaten dan haaren zoon Willem Bussing, zonder dat er eenige andere kind, kinderen of descendenten van voor overledene kind of kinderen op haar overlijden in leven is, of zijn geweest.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 390 Deling tussen Lambert Olyslagers gehuwd met Willemijna der Kinderen. Goordina Sanders laatst weduwe van Johannes Willem der Kinderen, deling van het Rijsingenbeemdje.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 394 Acte van afdoening betreffende het 7e lid van het gesloten accoord verbaal omtrent de Roder heijde tussen Rode en Schijndel verv. in de extract resolutie van het depart. bestuur van Brab. 15 december 1802.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 397 Compareerde Maria Vermeulen weduwe en boedelhoudster van Johannis Blakenbroek ten deese geadsisteert met Roelof van Nouhuijs, te kennen gevende dat zij op den 19 december 1792 voor schepenen van Sint Oedenrode heeft gepasseert zeeker volmagt tot administrateur van haare goederen op Joh. Ant. Vermeulen en R. J. Vermeulen, dat zij niet gemagtigd waaren tot onderhandse verhuuring van haare goederen. Dat sij nochtans begeert die volmagt tans ook toe te kennen,

Inventaris 196 jaar 1803 folio 398 Compareerde Marten Hendrik Kluijtmans wonende alhier. Dewelke verklaarde dat op den 30 januarij 1798 geregtelijk waeren getauxeert en tot gelden gebragt, sodanige goederen, als aan hem door Maria van Eerd, weleer dessels huijsvrouw ter togte en haar bijder kinderen met naame Willem, Jan, Hendrikus en Johannis ter erfregte waaren gelaaten.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 400 Cassatie door Willem Jan, Hendrik en Johannes Martensse Kluijtmans alle wonende alhier.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 401 Antonij Francis van de Wiel en Johanna Joost Tomasse, dewelke versogte in ondertrouw opgenomen te worden, dat alsoo door commissarissen uit de bewijze van de wedersijdse ouders niet duidelijk bleek een genoegsaam consent. Zoo zijn gecompareert Hendrikus Geerts, wonende onder Sint Oedenrode en Hendrikus Schellekens wonende te Boxtel. Pieter van de Wiel wonende onder Schijndel en Johannis van de Wiel wonende onder Sint Oedenrode, dewelke twee eerstgenoemde comparanten verklaarden, dat door des bruijds vader Joost Goijaart Tomasse volkome consent om in het huwelijk te treeden met Antonij Francis van de Wiel gegeven was, gelijk de twee laastgenoemde comparanten verklaarde, dat gelijk consent door de weduwe Maria Francis van de Wiel aan haar zoon Antonij Francis van de Wiel, om in het huwelijk te treden met Johanna Joost Tomasse gegeven is.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 403 Scheepenen der Vrijheit Sint Oedenrode verklaaren bij deeze, dat wij ter requisitie van Hendrikus van de Vleuten en Johannis Heesakkers, ons begeven hebben na een kamp of stuk land gelegen binnen Sint Oedenrode onder den Heertgang Eversse, hare requiranten aangekomen bij opdragte alhier dato 4 september 1802 van Tomas Matijs van der Schoot omme daar belijdinge te doen over het daar in gestaan hebbende huisje, welk onlangs door den wind is omvergeworpen.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 405 Pieter van Hombergh, president schepen dezer vrijheid en in den jaare 1800 president van de Quartiere van Peelland. Dewelke ter requisitie van Johannis van der Hagen collecteur der Borgemeesterslasten, verklaarde dat hij uit hande van gemelde collecteur ontfangen heeft een somme geld, ten eijnde die aan den Rentmeester der Quartiers van Peelland J. van Heuven te voldoen.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 406 Commissie na de quartiers vergadering.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 408 Compareerde voor ons scheepenen der Vrijheid Sint Oedenrode ondergenoemt: 1 Johanna van Hoorn weduwe van Gerard van Hoorn. 2 Hendrikus Vleuten. 3 Berbera van de Nieuwenhuijsen, huijsvrouw van Hendrikus Vleuten. 4 Willem Rut Kluijtmans. 5 Francijn van der Vorst, huijsvrouw van Willem Rut Kluijtmans.6 Hendrikus van Hirtum, oud ca. 22 jaaren wonende alhier onder den gehugte Eerde en Eversse op den Koevering. Dewelke ter instantie van de Hoogschout der stad en Meijerije van Den Bosch verklaaren zeer wel te kennen den persoon, zig noemende Johannis van Hugten, geboore zoo verre sij menen te Lierop, en hebbende een geruijme tijd bij Willem Rut Kluijtmans in de kost geweest, en bij de andere comparanten zeker 3 a vier jaaren van tijd tot tijd verkeert. Johanna van Hoorn verklaarde dat Johannis van Hugten in haare huize is gekomen, vragende, is u dogter Mie getrouwd, waarop sij andwoorde Ja, het welk door hem weder beantwoord werd met dan zal ik het wel weten, en daarop is weg gegaan. Daarna is hij naar Hendrikus van de Vleuten huis gegaan met dezelfde vraag of Mie was getrouwd, waarop met ja werd geantwoord, waarop hij deerlijk begon te vloeken en zijde, ik zal haar leven ongelukkig maaken als ik kan, al stond de galg daer voor mij, ik ben mij leeve tog en moede, gij sult er binnen drie dagen van hooren. Later is hij weg gegaan neemende den weg na den handweijser, staende op den weg naar Lieshoud. Willem Rut Kluijtmans verklaarde, dat Johannis van Hugten aan zijn huijsinge is geweest en daar geen woordewisseling is geweest. Francijn van de Vorst verklaarde dat hij toen in haar huijs is gekomen en vroeg is Mie getrouwd, waarop zij antwoorde ja etc. Later is bij Johanna van Hoorn gekomen een zeeker persoon, versoekende een dropje, welke voorgaf van Breugel te komen en van de weg eenigzints afgedwaald te zijn. Zijnde gekleed in een ligte blauwe rok witachtige kousen, drie kante hoed en een reissak onder den arm. Dat weder gekomen is Johannes van Hugten, den daar sittende peroon brutaal vraagde, waar komt gij vandaan, wie zijt gij, en waar gaat gij naar toe, het welk zulx beantwoorde met te seggen, ik ben een paerde en koeijmeester en ga naar Schijndel. Daarop is Joannis van Hugten in het zij vertrek, alwaar de twee dogter van Johanna van Hoorn met naame Hendrien en Deliana van Hooren zig bevonden. Dat hun dier tijd door Joannis van Hugten gevraagd wierd, hebt gij niets van Mie gehoord, waarop Hendrien niet tegenstaande sij reeds bij gerugte vernomen hadde, dat de huijsinge, hetwelk haar suster Mie gehuwd met Jacobus de Groot, staande op het Brouwershuijs tot Vlierden zoude betrekken, afgebrand was, uit vreese dewijl Joannis van Hugten reeds daer meede betigd was, antwoorde met neen. Waer op Johannes van Hugten gemelde Hendrien toevoegde, ik heb de nieuwe hoeve de lugt in geholpen en het zal er niet bij blijven, ik kan u met u huijs af te stoken niet temmen, maar dat vierkant ding, wijsende met den vinger op den molen genaamt de Coeveringse molen en aan de eerstgenoemde comparant toe behoorende de lugt in helpen sal ik u temmen etc. Later verklaarde Johanna van Hoorn dat er een jong manspersoon te paard aan huijs gekomen is en aan haar suster Johanna Margriet Dielis van Hoorn overgaf twee beslooten brieven voor de weduwe Gerardus van Hoorn. Dat zij met haar suster de brieven toen geopend heeft en bevonde dat de selve opgevuld waren met bedreigingen indien sij geen geld aan den brenger meede gaven. Dat zij comparante toen aan dien jonge mans persoon gesegt heeft geen geld te kunnen meegeven, dat die jongeman daer op antwoorde dat de heer, die te Vugt bij Corstiaen van Nuene hem wagte, en uit Braband zijnde. Dat die jongman ziende dat geen geld meede konden krijgen toen verlegen is geworden en kort daer aan weder heen gerede is. De twee brieven zijn daarop aan de President Hombergh ter hand gestel.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 418 Articulen ter reguisitie van het hoog officie omtrent Jacobus Bal, woonende te Sint Oedenrode oud twee en zeventig jaren geboortig van Waalen bij Meghelen, molenaarsknegt. Verder genoemde personen: Zijne zoon Petrus Bal en Antonij Bal en dogter Maria Rosa Bal. J. H. van de Boer te Oosterwijck gewoond hebbende. Wijlen Joahnnis Bapitista van Dijk. Theidorus van Nuenen. Cornelis Lambert Timmermans. Notaris Mastenbroek. Notaris J. A. van den Bosch te Udenhout.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 425 Articulen ter reguisitie van het hoog officie omtrent Pieter Bal de zoon, oud veertig jaar en geboortig tot Oostmalle in Braband, thans wonende te Sint Oedenrode, zijnde molsnaarsknegt.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 431 Compareerde voor ons scheepenen der Vrijheit Sint Oedenrode, den heere Jan Arnoud Haefmans, inwoonde borger der stad Gueldres gelegen in de Fransche Republiek. Dewelke uijt krachte van volmacht, op hem comparant door den Heere Francois Charles Baron von Sternenfels, capitein in dienst van zijne majesteijt den Koning van Pruijsschen, verklaarde magtig te maken Meester Gerard de Jong secretaris te Sint Oedenrode, omme voor de Heer Francois Charles Baron van Sternenfels, erfgenaam van vrouwe Maria Anna Sternenfels weduwe van wijlen de Heere Cornelis Franciscus van Boninghausen alle de vaste goederen, binnen deeze plaatse als binnen den dorpe van Vugt, Liempde, Zon, Breugel en Schijndel gelegen, voor alleman te verkopen. Ook om schriftelijke of mondelinge opzegginge aan de huurders van huijzinge, landerijen, om die te verlaten, zij er huur contacten zijn etc.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 434 Attest van goed gedrag voor Conrad Kuijper en Peter Jan Daris, Fransch kostschoolhouders, dat zij gedurende den tijd van zes jaar binnen deeze plaats gwoond hebben.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 435 Staat en inventaris van alle de goederen, egeene uijtgescheiden, achtergelaten en metter dood ontruijmd bij Maria Lambert Habraken eertijds weduwe van Adriaan van Erp, dog nader hertrouwt met Willem Goords van de Ven, aan haare zeeven kinderen met naame Annemie, Willemijna, Peter, Aard, Johanna, Dirk en Martinus, alle in eerder huwelijk verwekt bij gemelde Adriaan van Erp. O.a. eene huijzinge, stallinge en aangelege land, zoo als hetzelve binnen Sint Oedenrode onder de Oude Vrijheid ter plaatse genaamt de Bogt gelege is aan erve met bijde zijde Willem van Erp, deen eijnde de gemeene straat, dander eijnde de Heer van Tiesenhausen. Item de helvte onbedeeld in een huijzinge en landerijen, groot in het geheel veertig lopense. Item in een parceel teullandgroot in het geheel ses lopense zoo groot en klijn als het zelve binnen Sint Oedenrode onder Bosch en Varrenhout gelege is, aan een zijde en een einde de kinderen Jan van Baar, dander zijde de erven van Mevrouw van Bonninghausen en de kinderen Rut Aarts.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 444 Commissie van Municip. na de quartiersvergadering.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 446 Compareerde Jacobus Dirkx van Boxtel wonende alhier. Dewelke verklaard magtig te maken Rogier Dirkx van Boxtel mede alhier woonagtig, omme te transporteeren en over te geeven aan Antonij Jan Hurkx wonende alhier, de helft in een parceel teulland.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 448 Acte van cautie voor Willem Jacobusse van der Hagen wonende alhier te Sint Oedenrode, aangenomen heeft het collecteren van slands beede. Borge zijn Peter Olijslagers en Willem Versantvoort.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 450 voor Willem Jacobusse van der Hagen, wonende alhier tot Sint Oedenrode, aangenomen heeft het collecteren van slands beede. Peter Olijslagers en Willems Versantvoort bijde wonende alhier, dewelke verklaarde hun te stellen als borgen.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 452 Staat en inventaris van goederen agtergelaten en met de dood ontruijmd bij Martinus Peter Symons, die dezelve ter togte heeft gelaten aan zijn huijsvrouw Johanna Dirkx van Oirschot en haar twee kinderen met naame Helena en Martinus. Zij huwt Dirk Peter Kuijpers.

Inventaris 196 jaar 1803 folio 459 Acte van gestandoening door Johanna weduwe M. Sijmons.