Notities | Bron Netty Baas: Kees was ongehuwd en leed een zwervend bestaan. Hij gaf zich uit voor een gestrande zeeman, bedelde en zong zeemansliederen in Amsterdam. In de winter had hij het schijnbaar wat moeilijk. Zo tegen het einde van het jaar bezocht hij zijn broer Piet in den Ilp. Piet was op 31 januari jarig. Kees was er en werd in de kleren gestoken. Zo tegen het voorjaar vertrok hij weer. Volgens Willem de Boer, de zoon van Pieter ( de Kuitzak), viel er geen goed garen met hem te spinnen. Tijdens zijn verblijf moest hij mee helpen met het boerenwerk. Zo was hij op een dag aan het werk in het Ilperveld, toen er vissers naar hem toe kwamen met de mededeling dat er een paard van Piet in de sloot zat. Zijn antwoord luidde: Laat maar zitten dan eten we voorlopig paardenvlees. Aldus Pieter de Boer. | |