Terug naar home page.

Geschreven door: Berthie Hamelers-Hulst

5. Necum.
Mathijs Heuls en zijn Anna Maria gaan in de Catharinastraat wonen. Ze zullen wel heel verliefd zijn geweest, want hun gezin groeit gestaag.
Rond 1850 trekken ze echter met hun 6 kinderen de Maas over naar het Jekerdal even buiten de vesting Maastricht.
"Die ijseren stadt", waar menig veldheer zijn tanden op stuk gebeten heeft, is dan nog volledig ommuurd.
Zij vestigen zich aan de Kanderstraat in Biesland gemeente Oud Vroenhoven...en hun gezin blijft groeien...
In 1853 sterft vader Laurent in Eysden en 5 jaren later sterft pa Pinckaers, die dan nog steeds burgemeester van Eysden is.
Mathijs Huls, die een pachtcontract heeft met de eigenaren van hoeve Necum, blijft pachter op deze hoeve als de Belgische pachtheren in 1866 de hoeve verkopen aan het Burgerlijk Armbestuur te Maastricht.
Zijn zonen groeien op als knecht binnen het boerenbedrijf, behalve zoon Sjaak, die liever veearts wil worden. Hij gaat naar Leuven om te studeren.
Bij zijn loting voor militaire dienst stelt hij een nummerverwisselaar die op 6 mei 1879 wordt ingelijfd bij het 2e regiment veldartillerie. Op 16 november 1882 wordt deze remplacant echter als deserteur afgevoerd.
Sjaak maakt zijn studie niet af...
Werd hij misschien teveel geplaagd door zijn broers die hun knechtenwerk met de bezigheden van "meneer de student" vergeleken...? Hoe dan ook, Sjaak Hulst komt terug naar Biesland om net als de anderen op de boerderij te werken. Inmiddels zijn al verschillende oudere broers en zusters getrouwd en hebben, met of zonder de hulp van vader Mathijs, hun eigen bestaan opgebouwd. De oudste dochter Alijdis had nog 'n kloosterpoging ondernomen, maar was tenslotte toch bezweken voor de charmes van Mathijs Haagmans. Hun kleinzoon wordt later pastoor in de buurt van Parijs.

Terug naar hoofdstukken index familiekroniek: "van Hons tot Hulst".