16. Manoirs te boek

(Vervolg van Maandag 14 juli)
Het boek:
Michel Lecureur, Manoirs du Pays de Caux, Ed. Charles Corlet 1992 Z.I.route de Vire, 14110 Conche-sur-Noireau, pag 79:
"Le Manoir du Quesnay. Près de l'église de Bernières, le manoir du Quesnay est entièrement à pans du bois. Peu d'écharpes obliques dans cette construction cauchoise typique, mais des colombes parallèles. Les obliques n'apparaissent qu'aux angles pour mieux lier les pignons aux façades. La solidité de l'ensemble est accrue par les croix de Saint-André sous les fenêtres de l'étage, ce qui peut laisser a penser que celles-ci sont d'origine. Au-dessus du rez-de-chaussée, les sommiers qui supportent l'encorbellement sont assez rapprochés les uns des autres de façon également a renforcer l'édifice" (foto 42B).

In het telefoonboek van Bernières vinden we alleen maar een Quesnot Jacques.

verder

(14/7-1997) 16.(vervolg) Le Quesnay bij Bacqueville (vervolg van 11/7-1997)
Maar vandaag een fietstocht door het Viennedal en Saanedal, maar nu naar het Zuiden. Langs Biville (waar Joke bekijks heeft) - St.Just (oude watermolen) - Val-de-Saane - Varvannes - St.Vaast - Beaumont (oude waterput) en door het Viennedal terug. Vlak voor Bacqueville fietsen we vanuit St.Mards weer door het "lege" Quesney met het hoge huis in de verte (foto 38).
Maar een paar honderd meter voor het kruispunt van drie dagen geleden zien we een karrespoor links naar beneden. Aan het eind daarvan wat kleinere huizen of schuren en het eindigt bij een groot boeren bedrijf. Dat moet het zijn, maar we zien niemand. We hadden ook steeds in de hoogte gezocht, maar dit ligt in een dalletje in de beschutting van een hoge beboste helling (foto 39). We keren. Weer langs de hoge bomenwallen, waar de grond tussen de wortels is weggespoeld (foto 40).

Vorige pagina

Volgende pagina